InstagramLiveRecensies

Pukkelpop 2022 (Festivaldag 2): Wispelturige mengelmoes

© CPU – Stijn Verbruggen

De tweede dag van Pukkelpop is eigenlijk nog altijd de eerste officiële festivaldag met alle podia open en een stuk meer volk op de weide. We zagen al snel wie de headliner van de dag was door het grote aantal T-shirts van Slipknot dat over de weide flaneerde. Gelukkig is er op Pukkelpop veel meer te zien dan enkel headliners en dus spreidden we onze vleugels over alle podia die het festival rijk is. Met een hele dag dreigende wolken, bleek het toch spannend of het ging regenen. En iets na negen vielen dan uiteindelijk toch enkele druppels. Het kon de sfeer weliswaar niet verpesten, want zoals steeds zagen we op het festival heel veel uitstekende acts en ook wat erbarmelijke shows. Het publiek was uitbundig, de bands dankbaar en de zon dus bijna altijd aanwezig.

Fleddy Melculy @ Main Stage

© CPU – Nathan Dobbelaere

Met Slipknot als headliner was het een logische keuze om Fleddy Melculy de Main Stage te laten openen. Onze nationale metaltrots had vlak voor (Sabbath Fleddy Sabbathen halverwege (And just niks for allde pandemie twee releases die nu alle aandacht opeisten. De volgende release is pas voor volgend jaar, maar om alle liveschade in te halen, wordt er toch uitgebreid getourd. Jeroen Camerlynck was, zoals gewoonlijk, de duivelse predikant tegen alles wat ook maar een beetje rook naar hypocrisie, onechtheid en BMW-rijders. Bij momenten leek hij ons toch een beetje geïrriteerd door de makke respons van het publiek, bijvoorbeeld toen hij ons niet meteen kon laten meezingen en verzuchtte: ‘Nooit iets van de eerste keer willen doen…’ Hier en daar waren er wel wat moshpits en bij “IK BEN KWAAD” ontstond er een kleine wall of death. Op dit ontiegelijk vroege uur stonden de Slipknot-fans al gereed om hun helden van dichtbij te kunnen zien. Fleddy Melculy was een fijne opwarmer voor het muzikale geweld dat nog komen zou, maar daar bleef het dan ook bij.

Fleddy Melculy speelt de komende maanden nog in CC De Biekorf in Lebbeke (23 september), in De Dreef in Vorselaar (14 oktober), in het Wilde Westen in Kortrijk (30 oktober) en op de Waregemse Metal Days (10 december).

Voetvolk: Into The Open @ Marquee

© CPU – Stijn Verbruggen

Ieder jaar weet Pukkelpop uit te pakken met unieke projecten die de Marquee mogen openen. Dit jaar was die eer weggelegd voor Voetvolk, het danscollectief van choreografe Lisbeth Gruwez dat samen met de band DENDERMONDE (Maarten Van Cauwenberghe, Elko Blijweert en Fred Heuvinck) een mix van krautrock en dans brengt, en zo een bezwerende show aflevert. Ondanks het feit dat de Marquee maar matig gevuld was op het vroege uur, bleek iedereen die er was zich wel volledig in te leven in het spektakel. Zo kregen we een geweldige show te zien waarbij vier dansers zich volledig uitleefden op het podium en op die manier repetitieve muzikale klanken probeerden te verwerken in enkele dansmoves. Een veertigtal minuten lang werd iedereen betoverd en keek het publiek verwonderd naar het spektakel dat zich op het podium afspeelde. Ook de drie muzikanten maakten deel uit van de performance en naar het einde toe werden ze zelfs een deel van de dans. Muzikaal kregen we voornamelijk instrumentale muziek te horen, met hier en daar wat oerkreten die voor zang konden doorgaan en op die manier was de hypnotische show ook compleet. Een uniek optreden dat je enkel maar op Pukkelpop kan verwachten.

Voetvolk vertoont Into The Open de komende maanden nog op Feeërieën in Brussel (25 augustus), in het OLT Rivierenhof in Antwerpen (10 september), in de Koninklijke Vlaamse Schouwburg in Brussel (30 september, 1 oktober) en in STUK in Leuven (20 oktober).

Goldband @ Main Stage

© CPU – Stijn Verbruggen

Er zijn weinig acts deze festivalzomer die zo ongelooflijk veel furore maken als de heren van Goldband. Het Nederlandse trio wist op Rock Werchter een enorm positieve indruk te maken, zelfs met de blessure van een van de zangers. De verwachtingen waren daarom hooggespannen bij de massa die zich al op de vroege vrijdagmiddag had verzameld voor de Main Stage om het Haagse trio aan het werk te zien. Aan de energie van zowel het publiek als van Goldband zelf was het echter niet te merken dat het nog zo vroeg was, want het was vanaf de aanvang van “De Wereld” al een heel erg groot feestje. Gedurende de hele set was het publiek helemaal mee met Milo, Karel en Boaz, ook tijdens een rustig lied zoals het lieve “Kinderwens”, dat eenvoudig een dooddoener zou kunnen zijn middenin zo’n explosieve set. Goldband toonde, samen met een minstens net zo sterke gitarist en drummer, podia zo groot als deze met gemak aan te kunnen. Het drietal is vocaal sterk, bijzonder charismatisch en blakend van zelfvertrouwen en bravoure. Er wordt vaak heel makkelijk een stempel met ‘headliner van de toekomst’ op bepaalde acts gedrukt, maar Goldband bewees dat dat voor hen absoluut geen understatement is. Wellicht kan dat al volgend jaar, want de mannen beloofden er in 2023 weer te zijn.

Goldband speelt dit najaar nog in de Ancienne Belgique in Brussel (3 november) en in De Roma in Antwerpen (24 november).

Hairbaby @ Club

© CPU – Stijn Verbruggen

Bekende Vlamingen die zich sporadisch bezighouden met muziekprojecten zijn doorgaans een vrij gemakkelijk doelwit om neer te sabelen. Van Otto-Jan Ham weten we echter wel dat hij een doorwinterde muziekfanaat is. Vandaar dat we best benieuwd waren naar Hairbaby: een uit de hand gelopen StuBru-grap die zich live met een zevenkoppige begeleidingsband een échte groep mag noemen. De titel van de ep Let’s See Where What If Gets Us klonk allerminst pretentieus en dat valt ook te zeggen over de muziek. De Amerikaans geïnspireerde slackerrock was in de Club even basic als plezant. Dat Otto-Jan Ham niet de beste zangstem heeft, namen we erbij, want de blazerssectie zorgde voor een niet al te lo-fi geluid. Desalniettemin siert het Otto-Jan Ham dat hij niet van ophouden weet. In zijn Jonny Polonsky-documentaire liet hij verstaan dat hij graag met zijn ‘idool’ op Pukkelpop had willen spelen. Polonsky zit wellicht ergens zwarte thee te slurpen, terwijl Ham nu zijn puberdroom waarmaakte. Al denken we wel dat deze liefdadigheidsactie maar één keer zal werken. Het was nu niet zo dat we stonden te kijken naar een groep die ambitieuze plannen heeft.

Hairbaby speelt de komende weken nog op Maanrock in Mechelen (27 augustus) en op de Bascuulfeesten in Moorsele (2 september).

S10 @ Dance Hall

© CPU – Nathan Dobbelaere

Deze editie van Pukkelpop wordt gekenmerkt door de aanwezigheid van een flink aantal Nederlanders op de affiche. Het is dus niet geheel verrassend dat ook S10, misschien wel een van de grootste sterren van het moment bij onze noorderburen, van de partij was in Kiewit. In een half afgeladen Dance Hall gaf de zangeres een show die eigenlijk een klein beetje persoonlijkheid miste. Dat betekent niet dat het slecht was: de set was erg strak geproduceerd en S10 was bijzonder goed bij stem, die vooral goed uit de verf kwam tijdens de liveversie van haar nieuwste single “Laat Me Los” en hits als “De Diepte” en “Adem Je In”. Ook bracht ze samen met Froukje een hele sterke vertolking van hun duet “Zonder Gezicht”, wat een zeer fijne verrassing was. Verder voelde de set een beetje aan als routine, wat ertoe leidde dat de aanwezigen in de Dance Hall wat verveeld leken. S10’s Pukkelpopdebuut was dus verre van slecht, maar miste simpelweg dat ene sprankje om ons volledig te overtuigen. Wellicht komt het door vermoeidheid, gezien het feit dat de zangeres een heel erg druk jaar heeft, maar een klein beetje teleurgesteld zijn we helaas wel. 

S10 staat op 6 oktober in Trix in Antwerpen.

Moments @ Backyard

© CPU – Stijn Verbruggen

‘Support your local scene’; het is een gezegde dat al langer meegaat dan Pukkelpop zelf. Op een boogscheut van Kiewit kwam Moments uit Tessenderlo de Backyard op z’n kop zetten. Tijdens het volledige optreden overheerste het nostalgische gevoel naar het oude Pukkelpop-podium The Shelter, waar metalcorebands thuishoorden. De melodieuze metalcore van Moments is in het genre niet vernieuwend, maar getuigt daarentegen van internationale kwaliteit. Als Moments namelijk een Amerikaanse band was, stond ze wellicht te schitteren op de Main Stage. De harde breakdowns en ruige gitaarlijnen vertaalden zich niet in bloedige moshpits of een eindeloze stroom aan crowdsurfers. Toch was de show allerminst saai, want de handjes gingen vlot de lucht in. Moments sloeg er bovendien in om de hele tent op zijn knieën te krijgen voor een kleinschalig ‘jumpdafuckup’-momentje. Vanaf dan was het nog dik tien minuten hard labeur uit het recent album Tidal Waves. Moments zal waarschijnlijk niet veel nieuwe zieltjes voor zich gewonnen hebben, maar mag welverdiend nagenieten van een strakke set op Pukkelpop.

Moments staat de komende weken nog op TESSLOO’S HEAVY NIGHT in Tessenderlo (27 augustus), op Rock Looi in Tessenderlo (3 september) en op Aresfest in Schaffen (24 september).

MEYY @ Lift

Dat Pukkelpop er niet vies van is om jonge Belgische talenten een podium te geven, wordt ook dit jaar hoog in het vaandel gedragen. Op de eerste echte festivaldag was de eer om de Lift te openen dan ook weggelegd voor Charlotte Meyntjens, beter bekend als MEYY. De Brusselse kan ondertussen een kamer behangen met alle etiketjes met daarop ‘veelbelovend’ die ze al op haar voorhoofd geplakt kreeg. Toch lijkt het sinds ze onze hoofdstad inruilde voor metropool Londen allemaal een tikkeltje sneller te gaan. Dat er effectief veel talent aanwezig is, bewees ze gisteren alvast met verve.

Door de vroege programmatie (alsook gelijktijdig met populaire namen als S10 en Glints) kon MEYY helaas niet op een al te talrijke opkomst rekenen. Dat liet de zangeres gelukkig niet aan haar hart komen, want ze voelde zich duidelijk in haar sas op het podium. Samen met een dj en synthspeler etaleerde ze al snel van bovenop een verhoogje haar krachtige stem. Doe daar nog eens bij dat de zangeres vlotjes bewoog over het podium en je kreeg al snel een zwoel en ietwat sensueel concert te zien. Dat het aanwezige publiek dus wel meeging in het verhaal dat ze wilde brengen, was dan ook alleen maar haar eigen verdienste. Het was vooral de sfeer die centraal stond, want MEYY maakt simpelweg geen meezingers, laat staan toegankelijke muziek. Dat ze daarentegen ons binnen de kortste meezoog in haar set getuigde wel van potentieel. Het is een select publiek dat kan opgaan in zwoele elektronische r&b, maar voor wie het kan smaken, was de Brusselse zeker een intrigerende ontdekking. De volgende stap is dus bij deze gezet.

Selah Sue @ Main Stage

© CPU – Stijn Verbruggen

De mentale gezondheid van Selah Sue leek voor de mainstream media de afgelopen weken interessanter te zijn dan haar muziek, maar daar valt op zich ook wel iets over te zeggen. Zo hing haar comebackplaat Persona – dat mag je toch wel zeggen na een albumloze periode van zeven jaar – nauw samen met de depressie en bijbehorende medicatie van de Leuvense. Dat Sanne Putseys in een Facebookpost nog maar eens open en bloot inging op het feit dat ze terug antidepressiva slikt, maakt haar eigenlijk alleen maar meer bewonderenswaardig als persoon. Op de Main Stage van Pukkelpop was het bijgevolg een mix van respect en muzikale kwaliteit die de hoofdrol speelde.

Dat er veel liefde was tussen Selah Sue, haar talrijke band en het publiek, werd al heel snel duidelijk. ‘Merci voor de afgelopen week’, zei de Leuvense, terwijl ze Pukkelpop kennis liet maken met alle facetten van haar stem. Gehuld in een witgeel pakje pakte ze iedereen meteen in met een mix van oud en nieuw. Waar ze nu eens neigde naar rappen op bijvoorbeeld “Try to Make Friends”, haalde ze dan weer stevig uit. Hitje “Raggamuffin” zat al redelijk vroeg in de set en daar werd zelfs, tot verbazing van Selah zelf, al op meegezongen. Daarna ging de voet even van het gaspedaal met “All the Way Down”, dat overigens barstte van de soul en emotie – een speciale vermelding voor gitarist Dries Hendrickx is hier zeker op zijn plaats. Toen Selah even later in een oranjerood pakje terugkeerde, ging het tempo weer de hoogte in met “Free Fall”. Dat het spelplezier er zo van afspatte, sloeg bijgevolg alsmaar meer over op het publiek. De handjes gingen op “Alone” dus ook vlot de lucht in, net als het niveau van wat er op het podium gebeurde. Op een klein uurtje ontpopte Selah Sue zich tot de perfecte festivalact om in het zonnetje naar te kijken. Ze bezorgde ons heel wat emoties, heel wat straffe nummers en bevestigde natuurlijk vooral het feit dat Sanne Putseys een van de strafste zangeressen van ons Belgenlandje is. “Peace of Mind”, dat is wat we allemaal willen, en we wensen het iedereen ook van harte toe.

Selah Sue staat de komende maanden nog in de Ancienne Belgique in Brussel (13 oktober) en in De Roma in Antwerpen (29 oktober).

Hollow Coves @ Club

Hollow Coves kwam helemaal van de andere kant van de planeet om Pukkelpop te voorzien van deuntjes. De Australiërs brachten fijne indiefolk mee naar de Club waarbij vooral een aanstekelijke sfeer in de kijker werd gezet. De band had een gezellige mix mee die varieerde van zachte liedjes waarbij je kon wegdromen zoals “Purple”, tot iets meer springerige uptempo indiefolk zoals “Moments”. Het publiek genoot er duidelijk met volle teugen van, waardoor we eigenlijk van begin tot eind veel enthousiasme zagen terugkeren, ondanks dat de tent maar voor de helft gevuld was. Met songs als “The Open Road” werden ze gek toen er een mondharmonica in het geheel werd gesmeten en bij “Anew” werd er zelfs een heuse sitdown georganiseerd. Je hoort het, indiefolk hoeft niet altijd extreem saai te zijn. Bij Hollow Coves stond vooral de sfeer en ambiance centraal en die was in de Club helemaal in orde. Dat het muzikaal dan ook nog eens fris klonk bij deze warme temperaturen, was een leuke meerwaarde. Toch kunnen we zeggen dat het allesbehalve een vernieuwende sound was die ze hier naar voor brachten, maar dat leek iedereen worst te wezen. Inclusief ons.

Sam De Nef @ Castello

Op het nippertje je Pukkelpop-debuut mogen vieren, voor Sam De Nef was het een droom die gisteren werkelijk werd. De singer-songwriter mocht St. Panther vervangen en bedankte met een subliem optreden. De jarenlange podiumervaring hielp hem natuurlijk om op zo’n korte tijd zich mentaal klaar te stomen voor Pukkelpop en zo zag je hem ook meermaals genieten van het moment. Het aanwezige publiek deed dat ook met volle teugen en liet zich geleidelijk aan meeslepen in de nostalgische en door weemoed doordrenkte klanken. De Nef vulde zijn setlist trouwens voornamelijk met nummers van zijn in oktober verschijnende debuutplaat Dawn/Dusk en dat klonk bij momenten echt meeslepend. Solo of met ijzersterke band, Sam De Nef bracht op Pukkelpop elk nummer met volledige overgave en lijkt helemaal klaar voor een stap hogerop.

MEROL @ Marquee

© CPU – Nathan Dobbelaere

Bij de jeugd stond MEROL al een tijdje bekend als ‘die van “Hou Je Bek en Bef Me” en “Lekker Met de Meiden”’, maar sinds haar deelname aan de immer populaire tv-quiz De Slimste Mens ter Wereld ging het allemaal een paar standjes sneller. Een debuutplaat drong zich op en met Troostprijs is Merel Baldé, zoals de zangeres door het leven gaat, uitgegroeid tot een icoon in de Lage Landen. De camping werd dus al iets vroeger dan gewoonlijk verlaten, want MEROL kon al genieten van een goedgevulde Marquee. En dat voor haar grootste show tot nu toe.

Dat de prijs van best geklede zangeres van de dag zonder fout toebehoorde aan de Nederlandse werd al snel duidelijk. Flarden van Britney Spears in “manic pixie dream girl” zweepten de Marquee op, “gemende signalen” en “Je Vais Vite (op de Campingdisco)” waren uitgemeten voorzetjes en “Hou Je Bek en Bef Me” de fantastische kopbal in de winkelhaak. MEROL bespeelde het publiek met een zekere cool en doorbrak daardoor taboes bij de vleet. Zo ging de les seksuele opvoeding verder met “foefsafari” en ook op “vol” zong iedereen uit volle borst mee. Oké, MEROL is zeker en vast een hype, maar de zangeres maakte die wel helemaal waar. Samen met haar driekoppige band bewees ze dat ze echt wel meer hitjes heeft dan de doorsnee festivalganger dacht, maar dat er zeker ook nog heel wat potentieel zit in die debuutplaat. “laatbloeier” kwam bijvoorbeeld heel lekker binnen en ook “bendronkenlaatme” ontaarde in een feestje. Dat MEROL tijdens die laatste ook nog de lovepit indook (lees: een gigantische groepsknuffel), zorgde uiteindelijk ook gewoon voor een plezant moment. Geen Troostprijs voor de Nederlandse op Pukkelpop dus, want als je binnen een paar weken vraagt wat menig tiener zich nog herinnert van het festival, dan is dat ongetwijfeld ‘“Lekker Met De Meiden” hard gaan’.

MEROL staat aanstaande vrijdag, 26 augustus in de Gare Maritime in Brussel (ihkv Boterhammen in de Stad, Ancienne Belgique) en op 27 november in de Ancienne Belgique in Brussel.

DoFlame @ Backyard

© CPU – Stijn Verbruggen

‘Think big, go hard, destroy’; dat is het mantra waarmee de Canadese band DoFlame naar Kiewit was afgezakt. Veel is er niet geweten over het project van Mateo Naranjo, maar met een eerste mixtape DoStroy maakte het in de underground toch wel al serieus wat lawaai. Het optreden in Hasselt was zelfs een van de eerste ooit en dat was er bij momenten wel aan te merken. De jonge gasten speelden dan wel met veel energie, maar lieten hier en daar wat steken vallen bij het bewerken van hun instrumenten. Hun enthousiasme kon gelukkig heel wat goedmaken evenals de onuitputtelijke Mateo Naranjo die vocaal behoorlijk wat in zijn mars heeft. Hier en daar werd er al eens een pit opengetrokken, een pintje in de lucht gegooid of vlijtig mee geheadbangd, wat duidelijke signalen waren dat het publiek mee was. Als hoogtepunt kwam uiteindelijk het voorlaatste nummer “In Your Face” uit de bus, waar het volledige potentieel van DoFlame het beste naar voor kwam. Na twintig minuten waren de nummers op, maar dat deerde niet, want DoFlame won in een ruk heel wat nieuwe zielen. En toonde dat hardcorepunk nog lang niet uitgeteld is!

Wesley Joseph @ Lift

De naam Wesley Joseph doet bij de meeste mensen ongetwijfeld geen belletje rinkelen, maar feit is wel dat de jonge Brit met zijn soulvolle, enigszins futuristische hiphop wel in het muzikale beloftenelftal meespeelt. ULTRAMARINE, waarop jeugdvriendin Jorja Smith ook te horen is, wist vorig jaar al indruk te maken, en nu mag hij dat in de Lift proberen. Het klonk live echter niet zo boeiend als die plaat: het was namelijk een behoorlijk saai optreden dat Wesley Joseph ons voorschotelde. Wellicht waren het de zenuwen, wellicht een gebrek aan ervaring (zo was het zijn eerste keer op Belgisch terrein), maar de rapper miste de energie en het charisma om ons echt helemaal mee te krijgen. Heel sfeervol was het, op een pit ergens aan het begin van de set na, dus niet in de Lift. Een lichtpuntje was wel het fijne “Patience” (zonder Jorja nu), maar verder was dit niet echt iets om naar huis over te schrijven. Zonde dat deze Wesley Joseph live niet zo goed uit de verf komt als op zijn platen, en we hopen dat het een kwestie van tijd en oefening is voor het beter wordt.

Skepta @ Main Stage

© CPU – Stijn Verbruggen

Om half vier stond er een echte grimeveteraan op de Main Stage van Pukkelpop: Skepta. De Grime MC uit Londen maakte zich in 2016 in zijn thuisland haast onsterfelijk met zijn album Konnichiwa, dat niet voor niets een van de beduidendste Britse albums van het afgelopen decennium wordt genoemd. Geen wonder dus dat er zich een hele meute aan het hoofdpodium verzamelde en zin had in wat onvervalste UK Grime van de bovenste plank. Dat Skepta er ook nog eens zin in leek te hebben, zorgde ervoor dat de wei al snel in rep en roer stond. Waar de set bij de rapper in het verleden wel al eens durfde in een zakken, kon hij ons deze keer wel bij de les houden. Daarvoor haalde hij onder meer zijn kameraad Frisco uit de coulissen om de begindagen van BBK (het collectief waar hij begon) nog eens boven te halen. De hits passeerden vanzelfsprekend ook de revue, alleen jammer dat slotnummer “Greaze Mode” niet helemaal aan de opgehitste sfeer kon aansluiten. Skepta was in vorm, het publiek op afspraak en dus was het optreden in zijn geheel een vol succes.

Alex G @ Club

Alex G is een manusje van alles die albums bij de vleet nieuw materiaal uitbrengt. De Amerikaan heeft er al een rijke discografie opzitten en kan dus uit heel wat werk puren om zijn set boeiend te maken. Waar we van hem vooral rijke americana verwachtten, blijkt er live toch een totaal andere dynamiek op te duiken. We zien een frontman die een beetje chaos in zijn schoonheid brengt, maar het gaat hem wel af. Zo krijgen we de nodige noise-invloeden, gaat een nummer nooit de richting uit die je verwacht en schreeuwt hij soms de longen uit zijn lijf op de meest ongepaste momenten. Bij bepaalde acts zou dit storend zijn, maar bij Alex G was het toch vooral geniaal. Het gaf zijn laidback muziek een extra dimensie waardoor je altijd verrast bleef. Gelukkig bracht hij ook nog hapklare songs zoals het heerlijke “Runner” van op zijn aankomende nieuwe plaat en een afsluiter van vijf minuten waarbij de americana rijkelijk in het rond vloog. We konden op Pukkelpop dus met onze eigen ogen zien dat een liveshow van Alex G nog steeds een wilde belevenis is, maar het maakte alles wel fenomenaal af en boeiend.

Op 25 maart 2023 staat Alex G op het podium van Tolhuistuin in Amsterdam. Tickets zijn nog steeds beschikbaar.

Pitou @ Castello

De Nederlandse Pitou heeft doorheen de jaren wel wat nummertjes uitgebracht, maar tegenwoordig is het toch vooral uitkijken naar het nieuwe project dat in de pijplijn zit. Daaruit kregen we al twee singles te horen, waarvan eentje overigens ook gisteren verscheen, en die klinken zeker en vast veelbelovend. Het is namelijk ook niet voor niets dat Eefje de Visser haar landgenote al inviteerde als voorprogramma en dat ze een dikke maand geleden ook al de opening van de Werchterse KluB C voor zich mocht nemen. Een talent dus, dat verdiend zijn plekje kreeg in de namiddag in de Castello.

Nadat een dromerige intro ons in de stemming bracht, liet Pitou iets later haar engelenstem los op een mager gevulde Castello in de vorm van “Big Tear”. Het maagdelijk witte engeltje dat de Nederlandse moest voorstellen, veranderde in het daaropvolgende “Greed” in een iets zwoeler duiveltje, dat al wat meer loskwam. De saxofoon bracht geleidelijk aan ook meer diepgang in het geheel, waardoor “Give Me a Glance” balanceerde op een koord van rustgevend en koortsdromerig, terwijl “I Fall Asleep So Fast” ons definitief in de sfeer wist te brengen. Dat Pitou daarnaast ook nog eens over een sterke stem beschikt, bewees ze even later met “Knife”. Een nog idealere overgang om een nummertje a capella te brengen is er haast niet, al werd toen aan het vele gepraat wel duidelijk dat de zangeres misschien wel iets te vaak uit hetzelfde vaatje tapte. Er zit dus ietwat weinig variatie in de muziek van Pitou, maar mooi was het zeker en vast. Nieuwe single “Angel” zorgde op het einde nog voor een opflakkeringetje, waardoor de Nederlandse zeker mag terugkijken op een fijne en vermakelijke set.

Pitou staat op 7 oktober in de Muziekodroom in Hasselt.

Kevin & The Animals @ Dance Hall

Niet alleen Nederlandse popartiesten spelen een prominente rol op de festivalweide van Pukkelpop dit jaar, maar ook de Nederlandse hiphopscene wordt goed vertegenwoordigd, bijvoorbeeld door Kevin. In zijn thuisland heeft de Rotterdamse rapper al een flinke fanbase opgebouwd met zijn typerende slome flow, en dus verkoopt hij daar ook grote zalen uit samen met The Animals (waarmee eigenlijk gewoon wordt gedoeld op zijn liveband). In België heeft Kevin nog niet de successen behaald die hij in Nederland al heeft, maar gezien het enthousiasme van de tieners in een gemoedelijke Dance Hall zou je dat niet denken. Al bij het eerste nummer zong het publiek alles luidkeels mee en toen Kevin vertelde dat hij zo van België houdt, werd er zo enthousiast gereageerd dat het wel duidelijk was dat het gevoel wederzijds was. De sfeer zat er gedurende de hele set van Kevin helemaal in bij het publiek, voornamelijk tijdens “Tijdloos”, “De Wereld Is Van Jou” (zonder andere Rotterdamse rapheld Hef) en zijn remix van S10’s “Adem Je In”. Daarmee is het allemaal ook wel gezegd, want verder was de set absoluut niet interessant. De beats waren net iets te generiek (hoewel The Animals dit zeker beter maakte), de teksten net iets te oppervlakkig en Kevin zelf net iets te saai. Hij ging door zijn hits heen met zoveel verveling dat we ons afvroegen of hij hier überhaupt wilde zijn en hij mist het charisma om die verveling af te doen als cool en nonchalant. Gelukkig had de  rest van het publiek schijnbaar een hele leuke tijd tijdens Kevin & The Animals, want wij konden niet wachten om de Dance Hall te verlaten.

WARGASM @ Backyard

© CPU – Nathan Dobbelaere

Het Britse duo WARGASM trapte beloftevol zijn set af, maar werd al na vijf minuten het slachtoffer van z’n eigen van de pot gerukte sound. De vlagen elektronica en metalcore deden bij momenten wat denken aan Enter Shikari. Het enige verschil is dat Enter Shikari daar subtieler mee te werk gaat. Sam Matlock en Milkie Way hadden op zich een coole attitude, maar wisten zichzelf precies geen houding te geven. In plaats van wat gas terug te nemen, speelden ze alsmaar luider en luider, waardoor nagenoeg alles hetzelfde klonk: één pot middelmatigheid. Terwijl achteraan de tent het merendeel van de bezoekers langzaamaan afdroop, kon het feest aan de andere kant niet op. Dat WARGASM dus zowel uitgesproken voor- als tegenstanders heeft, is in tijden van muzikale versnippering of digitale echokamers een relatief wonder. Opvallen is tegenwoordig ook een ding. Die kunst had WARGASM goed onder de knie, hetzij voor ons op de minst fraaie manier.

Mahalia @ Marquee

© CPU – Nathan Dobbelaere

‘I wish I missed my ex’, zong Mahalia in 2018, waarna ze al snel een mooie fanbase wist te verzamelen. De toekomst zag er met andere woorden bijzonder rooskleurig uit, maar op af en toe een hitje na bleef de Britse r&b-zangeres toch een beetje binnen dezelfde populariteitsregionen zweven. Geen ramp natuurlijk, want de muziek die ze maakt mag er zeker zijn. Met een nieuwe ep onder de arm en een derde album in het vooruitzicht was het dus nog eens hoog tijd dat Mahalia haar kunnen kwam tonen in België. Een middelmatig gevulde Marquee vormde het decor van een helaas ietwat voorspelbare show.

Door te beginnen met twee van haar bekendere nummers, “Sober” en “Do Not Disturb”, had Mahalia de voorste regionen nochtans snel mee in haar verhaal. Dat ze zelf ook over het podium dartelde, hielp daar vanzelfsprekend bij. Helaas verdween het tempo daarna wat door verhaaltjes over Leicester en onbekendere nummers, al bracht “Simmer” wel een opflakkering. Dat was daarentegen weer van korte duur, want er volgde wederom een reeks nieuwe onbekende nummers. Dat het enthousiasme daarbij helemaal niet zo groot was, leek ook de zangeres te beseffen: ‘Hierna ga ik terug oudere nummers spelen, beloofd.’ Toch hadden we toen al het gevoel dat ze meer van hetzelfde bracht. Een leuke set voor in de zomer, maar dan ook helemaal niet meer dan dat. Dat afsluiter “I Wish I Missed My Ex” als een verademing voelde, zegt misschien ook al meer dan genoeg.

Berwyn @ Lift

© CPU – Stijn Verbruggen

Met heel wat anticipatie zakten we af naar de Lift voor het Belgisch debuut van BERWYN. De in Trinidad en Tobago geboren artiest was met zijn mixtape Demotape/Vega genomineerd voor de prestigieuze Mercury Prize en ook de BBC pusht hem al een tijdje naar de grote doorbraak. De opkomst was desondanks niet al te groot en dan bleek BERWYN ook nog eens te kampen met monitorproblemen. Het duurde dus even voor hij zich volkomen op het optreden kon concentreren en dat maakte dat nummers als “Snakes On My Nokia” en “100,000.000” iets te slordig overkwamen. Zijn potentieel kwam pas echt boven bij de hoge noten van “To Be Loved”. Het tweede deel van het optreden was gelukkig aanzienlijk beter dan het eerste, al misten we ook dan wat cohesie met zijn muzikanten. Uitblinken deed BERWYN helemaal op het einde met “Glory” waar hij moederziel alleen iedereen aan zijn lippen deed hangen. BERWYN onderstreepte eigenlijk wat we al wisten; hij is een ruwe diamant die mits nog wat schaafwerk een fonkelende briljant kan worden.

Nothing But Thieves @ Main Stage

© CPU – Nathan Dobbelaere

Nothing But Thieves heeft een abonnement op de Belgische festivals, zoveel is duidelijk. Nadat de Britten al op Rock Werchter speelden eerder dit jaar, mochten ze ook Pukkelpop van hun muziek voorzien. Net zoals toen blijkt de populariteit van de band tegenwoordig toch iets minder grote proporties aan te nemen. Het veld voor de Main Stage was niet echt volgelopen, maar wie er wel was zag zoals gewoonlijk een set vol drama met enkele fijne uitschieters. Het begon alleszins heel stevig met het geweldige “Futureproof”, waarna het dramatische gehalte ietwat de bovenhand nam. Nummers als “Real Love Song” haalden het tempo wat uit de set, maar gelukkig had de band ook songs als “Trip Switch” en “I Was Just a Kid” om de kracht wel naar een uitstekend niveau te krijgen.

Drama stond weliswaar net iets te veel centraal (zoals steeds als frontman Conor Mason zijn klok van een stem bovenhaalt), waardoor het soms lastig was om de aandacht vast te houden. Daarnaast was Mason ook niet altijd even toonvast, een euvel dat zeker tegen het eind van de set naar voor kwam. Nothing But Thieves mag dan wel geliefd zijn in ons land, er bestaat ook zoiets als overdaad en we denken dat het Belgische publiek daar wel iets van heeft bij de band. Buiten de voorste regionen was er niet veel ambiance op de wei te bespeuren; verderop werd er vrijuit gekeuveld over koetjes en kalfjes en leek iedereen vooral de tijd af te tellen tot het voorbij was.

The Haunted Youth @ Club

© CPU – Stijn Verbruggen

The Haunted Youth heeft de wind in de zeilen. Na een lastminute aangekondigde try-outshow in een zwetend BarBroos te Gent, stond Alkenaar Joachim Liebens scherp om door de grote poort van Pukkelpop te stormen. Dat er tijdens de soundcheck een heleboel nieuwsgierigen aan het kamperen waren, was een hoopvol teken aan de wand dat de Club een maatje te klein zou zijn voor de voormalige De Nieuwe Lichting-laureaat. Vijf minuten voor aanvang probeerden sommigen nog een goed plekje te bemachtigen. Tevergeefs, de Club was tot de nok gevuld om zich volledig te verliezen in de slaapdronken melodieën die The Haunted Youth rijk is.

Een spraakwaterval kan je Liebens nauwelijks noemen, maar welke band heeft er nood aan bindteksten als ze zonder signaal een publiek kan laten klappen. Het hitje “Teen Rebel”, tevens geschreven voor een vrijhaven als Pukkelpop, leek een echt festivalanthem zijn. Werkelijk iedereen zat mee in de trance die Liebens toen op zijn gitaar creëerde. Na een obligate dienstmededeling voor de albumreleaseshow in de Ancienne Belgique, zette “Coming Home” ons hart in lichterlaaie. Als we dan toch advocaat van de duivel moeten spelen, zou het in de toekomst geen kwaad kunnen om het eightiesgeluid uit breiden. Het zou namelijk zonde zijn moest The Haunted Youth in hetzelfde straatje eindigen als The War On Drugs; die band speelt ook al enkele jaren dezelfde muziek.

The Haunted Youth speelt op 15 november in de Ancienne Belgique in Brussel.

Lancey Foux @ Castello

Met Lancey Foux verwelkomde Pukkelpop een van de interessantste buitenbeentjes uit de Britse hiphopscene. De laatste jaren creëerde de Londenaar een geheel eigen sound waar autotunerap met trap en zelfs wat vleugjes hyperpop worden gecombineerd tot iets heel verfrissends. Hij lokte daarmee misschien niet de grote massa naar de Castello, maar wie er was, bleek wel fan te zijn en zich volledig te smijten. Nummers die de kaap van de twee minuten overschreden waren bij Lancey Foux even zeldzaam als water in de woestijn en dat hield de vaart er goed in. Tussen de nummers door zocht hij herhaaldelijk interactie met de eerste rijen zonder te vervallen in het geroutineerde gebrabbel waar andere rappers zich wel eens schuldig aan maken. Het meerapgehalte mag dan wel niet zo hoog hebben gelegen, toch moeten we bekennen dat we ons toch prima vermaakten bij Lancey Foux.

Daði Freyr @ Dance Hall

© CPU – Nathan Dobbelaere

Daði Freyr lijkt zo’n artiest te worden die het ijzer moet smeden nu het heet is. De IJslander maakte furore door zijn deelname aan het Eurovisiesongfestival, al lijkt het toch vooral de editie die niet plaatsvond te zijn die hem naar de top bracht. “Think About Things” en misschien zelfs nog meer het bijbehorende dansje zorgden voor zo’n grote populariteitsboost, dat de man ook eerder dit jaar mocht meedoen met de grootste liedjeswedstrijd van Europa. “10 Years” bracht hem dan uiteindelijk naar de vierde plaats, maar ook naar tal van concertzalen en festivals, waaronder ook de Dance Hall van Pukkelpop.

We weten daarentegen niet of Daði Freyr effectief een blijvertje is, want in een niet al te volle Dance Hall zagen we vooral een beetje een cringe show met heel wat gimmicks. Al van bij de openingstrack kreeg de frontman ogenschijnlijk enkele stuiptrekkingen en werd het publiek (dat Daði met regelmaat nadrukkelijk prachtig noemde) permanent in de gaten gehouden door de honderden Daði’s op het scherm achter de band. Dat betekende daarentegen niet dat het drietal een slechte show speelde. Althans dat dachten we, totdat er hardcoreversies van “De Vogeltjesdans” en Smack Mouths “Rock Star” passeerden. De IJslanders wisselden dus af tussen degelijke gitaarsolo’s en momenten waarop het woord meme het enige antwoord is. Het was dus eigenlijk vooral wachten of de man het kon waarmaken met zijn hitjes. “10 Years” kon er gelukkig zeker nog mee door en mengde zich zo in een reeks degelijke nummers, al werd het nooit iets superspeciaals. Die andere, “Think About Thinks”, was dan weer net zo belachelijk als sfeervol. Daði Freyr lijkt met andere woorden een hype die nu lekker moet worden uitgemolken, getuige ook het feit dat de man iedereen met drang aanzette om de befaamde sweater met zijn hoofd erop te kopen. De hype waard? Niet echt.

Op 21 augustus komt Daði Freyr z’n kunstjes nog eens brengen op Lowlands. Zeg niet dat we je niet gewaarschuwd hebben.

carolesdaughter @ Backyard

carolesdaughter is een zangeres die in de nieuwe lichting poppunk haar plaatsje probeert te verdienen. Op het podium van Pukkelpop stond ze, geflankeerd door een bassist en drummer, volledig in het wit geschminkt om zo toch het emotionele aspect van haar muziek in de kijker te zetten. Het begon alvast erg strak met twee uitstekende poppunksongs vol energie, met “My Mother Wants Me Dead” als hoogtepunt. Toch konden we al snel zien dat live zingen er voor carolesdaughter niet in zat. Er speelde een bandje mee op de achtergrond en hoe hard we ook probeerden te geloven dat ze echt zong, we zagen enkel playback. Dat het muzikale dan ook af en toe nog eens geplaagd werd door mankementen (een loeiende, overstuurde gitaar bijvoorbeeld), droeg allesbehalve bij aan een sterke set.

Conclusie was dus dat we eigenlijk al konden weten dat carolesdaughter niet goed zou zijn, en we waren toen nog maar twee nummers ver. Moedig streden we verder en kregen we plots een nummer te horen met een akoestische gitaar, dat toch een beetje charmeerde. De zangeres leek plots richting country te neigen waardoor het wel allemaal iets leuker overkwam. Helaas bleef de halflege zaal alleen maar verder leeglopen en kregen we nadien nog wat nieuwe songs die ze gewoon van op een bandje speelde. Dat de muzikanten hiervoor weg moesten is vreemd, want ook op de tape hoorden we drums en een bas. carolesdaughter heeft dus nog heel wat werk voor de boeg om een echte goeie liveact te worden, want alles straalde onprofessionaliteit uit, zelfs haar verschrikkelijke bindteksten.

King Hannah @ Lift

Weinig albums maakten dit jaar zoveel indruk op ons als I’m Not Sorry, I Was Just Being Me van King Hannah. Wij waren duidelijk niet de enigen met die mening, want de Lift liep gisteren voor het Liverpoolse duo voor het eerst bijna helemaal vol. Ondanks hun kenmerkende kille stijl speelden ze een goed optreden, al was het bij momenten misschien net iets te geroutineerd. Kwalijk kan je hen dat niet nemen, als je hun drukke tourschema van de afgelopen maanden er even bij neemt. Toch wil dat niet zeggen dat het een matig optreden was, integendeel zelfs. Hun beheerstheid en virtuositeit maakten er weer een lange melancholische trip van waar je moeiteloos in kon verdwalen, als je je liet gaan, tenminste. Spijtig dat het bij “The Moods That I Get In” een beetje misliep en dat Craig Whittle zijn snaarwerk niet helemaal kon laten gelden. Hun laatste uithaal genaamd “It’s Me and You, Kid” kon ons die kleine tekortkoming van eerder gelukkig nog doen vergeten en zo sloot King Hannah af met de klasse die we van het duo gewoon zijn.

slowthai @ Marquee

© CPU – Stijn Verbruggen

slowthai is zonder twijfel een van de grootste aanvoerders van de Britse hiphop van het moment. De uit Northampton afkomstige rapper dook een aantal jaar terug voor het eerst op met scherpe, maatschappijkritische teksten waarin hij de politieke situatie in zijn thuisland veelal met de grond gelijk maakte. Op zijn laatste langspeler TYRON liet slowthai zichzelf van een veel kwetsbaardere kant zien met zelf-reflectieve teksten. In de Marquee liet Tyron Frampton, zoals de goede man eigenlijk heet, daar echter niets van zien: de gehele set lang ging het er behoorlijk hard aan toe. Dat vond de massa in de tent niet erg: iedereen schreeuwde vrolijk mee met de teksten van “45 SMOKE” en “CANCELLED” en gooide zichzelf gedachteloos in de moshpit tijdens “Psycho”. Een fan offerde zichzelf zelfs op om Skepta’s verse in “Inglorious” te brengen, wat helaas resulteerde in een zeer ongemakkelijke bedoeling die liet zien dat niet iedereen gemaakt is voor het rapvak.

Het was een interessante gast, die slowthai, eentje die zichzelf niet makkelijk in hokjes laat steken. Hij deed schattige dansjes op een paar van zijn hardste nummers, zong middenin zijn set opeens een stukje uit Elvis’ “Can’t Help Falling in Love” en volgde het explosieve “Doorman” op met een aandoenlijke choreografie op Aqua’s “Barbie Girl”. Dat was meteen ook zijn setsluiter. Het is een klein ventje, maar wel eentje dat barst van bravoure en zelfvertrouwen. We zouden het bijna zien als arrogantie, maar het charisma dat van hem afdroop in Kiewit maakt dat onmogelijk. slowthai’s optreden in de Marquee was er eentje van bijzonder grote klasse, en misschien wel een van de beste van de dag.

Lil Uzi Vert @ Main Stage

© CPU – Stijn Verbruggen

Lil Uzi Vert is een artiest die eigenlijk nooit weet te vervelen. Hun muziek inspireerde niet alleen heel wat generatiegenoten en collega-rappers, maar met hun flamboyante levensstijl sloopt Lil Uzi Vert graag al eens de vervelende hiphopclichés. Aan het cliché van te laat komen maakte die zich wel schuldig en daar bleef het ook niet bij. Echt veel hebben we Lil Uzi Vert namelijk niet horen meerappen met hun eigen nummers. Veel meer fungeerde die als een soort MC die af en toe eens lusteloos in de micro brulde en hyperkinetisch heen en weer huppelde. In de voorste zones werkte die aanpak wel, aan de uitgelaten sfeer te zien, terwijl de ergernis wat verder op het veld met de minuut toenam. De bekende nummers zoals “The Way Life Goes”, “Bad and Boujee” en natuurlijk “XO Tour Llif3” waren minimale lichtpunten en dan vooral omdat het publiek voor wat sfeer zorgde. Voor de rest was het halfuur durende optreden niets minder dan een wanprestatie van Lil Uzi Vert.

Declan McKenna @ Club

© CPU – Nathan Dobbelaere

De kindsterretjes van deze generatie raken negen van de tien keer bekend door TikTok, maar bij Declan McKenna was dat anders. Op zestienjarige leeftijd schopte hij met “Brazil” tegen de schenen van voetbalorganisatie FIFA, waarna de bal aan het rollen ging. Sindsdien staat de Brit bekend om zijn energieke shows en maatschappijkritische nummers, al durft dat eerste soms wel eens tegen te vallen. In Trix rammelde hij zijn set enkele maanden geleden bijvoorbeeld zomaar af, maar wat een verschil was dat in de Club!

Met “Beautiful Faces” sloeg de vlam namelijk meteen in de pan, want een in een latex pakje gehulde Declan scheurde meteen vlijtig over zijn gitaar. ‘Good start’, knikte de Brit bevestigend, maar het gaspedaal bleef omlaag. “The Key to Life on Earth” zorgde bijvoorbeeld voor heel wat euforie en “The Kids Don’t Wanna Come Home” werd uit volle borst meegezongen. De sfeer was opperbest en dat straalde af op de band, want zo had de frontman plezier met een cowboyhoed van een fan en gooide hij zijn gitaar metershoog de lucht in. Dat Declan het naar eigen zeggen warm had, leek hem niet te deren. Zo klom hij tijdens “Why Do You Feel So Down” bovenop de speakers en verkende hij elke vierkante centimeter van het podium. En de Club? Die sprong en zong vrolijk mee. Zelfs wanneer er wat gas werd teruggenomen, zoals bij “My House” of “Humongous”, werd het nooit saai, maar bleef het gewoon gezellig. Eveneens genoeg tijd om de batterijtjes weer op te laden, want “Isombard” en “You Better Believe!!!” waren energiebommetjes van jewelste. De fantastische meeslepende rockballad “Be an Astronaut” en het magistrale tweeluik “Brazil” / “British Bombs” vormden de glanzende kers op een bijzonder smakelijke taart. Declan McKenna zette in z’n geheel ongetwijfeld een van de beste shows van het weekend in de Club neer.

Sega Bodega @ Castello

© CPU – Nathan Dobbelaere

Op Pukkelpop stel je jezelf soms de vraag wie een bepaalde act is en waarom ze geboekt zijn voor het festival. Dat had het publiek ook bij Sega Bodega, want toen de zanger het podium opkwam, stond er nog geen honderd man in de Castello. Zijn show was dan ook niet echt iets waarvoor je bleef staan en dus was het uiteindelijk een erg treurige set. Salvador Navarrete, zoals Sega Bodega eigenlijk echt heet, had wel een uniek decor voorzien om toch wat spektakel te krijgen. Zijn bevreemdende hyperpop bracht hij namelijk voor wat plastieken folie, dat je evengoed kon gebruiken om je belegde broodjes mee in te pakken. Dat deed Sega Bodega niet en dus mocht het dienst doen als zijn podiumdecoratie. Muzikaal bracht hij een mix van actieve elektronische muziek en een grote portie marginaliteit, maar eigenlijk paste zijn show en set niet op dit uur op dit festival. Een grote miscast dus, het optreden van Sega Bodega, die wel altijd heel vriendelijk bleef.

While She Sleeps @ Backyard

© CPU – Stijn Verbruggen

De metalcoreveteranen van While She Sleeps zijn in ons land graag geziene gasten. Er gaat namelijk geen jaar voorbij of de Britten staan wel ergens op een (festival)podium bij ons in de buurt. In het kielzog van Slipknot en Bring Me The Horizon was de band dan ook een rijke toevoeging aan de affiche. Vanop veilige afstand zagen we hoe While She Sleeps en zijn publiek de Backyard sloopten. Voor de fans moet deze show alleszins een unieke ervaring zijn geweest, want op hardcore- en metalfestivals staat ze telkens op een van de hoofdpodia. Dat While She Sleeps doorheen de jaren toegankelijker is geworden, heeft daar wellicht iets mee te maken. Niettemin zaten beide partijen op dezelfde golflengte om er een stevige doch amusante show van te maken.

While She Sleeps speelt op 12 september in Vorst Nationaal in Brussel in het voorprogramma van Parkway Drive.

Q @ Lift

Stel je eens voor dat je ouders er zó van overtuigd zijn dat je bestemd bent voor grootse dingen, dat ze besluiten je te vernoemen naar slechts één letter. Dat klinkt behoorlijk onrealistisch, maar voor de Amerikaanse singer-songwriter Q is het de realiteit. In de Lift kon hij eindelijk bewijzen of hij zich echt op die weg naar grootsheid bevindt.

Bij aanvang van de set leek Q niet helemaal zuiver bij stem, maar we vermoedden dat dat door de zenuwen kwam. Naarmate de set vorderde, klonk hij namelijk steeds beter en comfortabeler. Hij bracht fijne nummers, die een kruising tussen relaxte r&b en wat stevigere gitaarrock waren. Bovendien bevestigden ze dat hij al een heel goed besef heeft van zijn muzikale identiteit. Het was een behoorlijk geslaagd debuut in Kiewit, want de aanwezigen in de Lift genoten zichtbaar van Q. Vooral het zwoele “Take Me Where Your Heart Is” viel in de smaak, enkele fans zongen zelfs al mee. Q bracht een veelbelovende set, waarmee hij ongetwijfeld nieuwe fans heeft gekregen. Deze jongen overtuigde ons dat hij wel zeker op weg is naar grootheid.

Ashnikko @ Dance Hall

© CPU – Nathan Dobbelaere

Als er een artiest is die weet hoe je TikTok kan ontgroeien, dan is het wel Ashnikko. Met “STUPID” ging ze viraal en verzamelde ze een hele schare fans achter zich en die horde werd dankzij de mixtape DEMIDEVIL nog groter. Op Pukkelpop stelde ze die dan ook voor op haar geheel eigen manier: een tikkeltje arrogant en met een groot ‘je m’en fous’-gehalte. De fans gingen helemaal voor de bijl en wie Ashnikko nog maar net leerde kennen, moest ook wel toegeven dat dit gewoon een zeer goed geregisseerde popshow was. Vocaal kon het soms misschien nog net iets verfijnder, zeker in de hoge uithalen, maar er werd dan ook veel gedanst en bewogen op het podium waardoor ze soms (begrijpelijk) buiten adem was. De finale luidde ze in met het loeiharde “Maggots”, dat iedereen lustig deed meezwaaien, om dan met de hymne “Daisy” de definitieve puntjes op de i te zetten. Ashnikko schitterde in haar rol als idool van de zonderlingen!

Tamino @ Marquee

© CPU – Stijn Verbruggen

Als een Belgische artiest opnieuw in de schijnwerpers treedt, dan is dat altijd iets speciaals, en al zeker als je Tamino heet. Het was al van eind 2019 geleden dat de jonge Antwerpenaar met Egyptische roots nog eens een concert gaf op Belgische bodem, maar met een nieuwe plaat in aantocht – Sahar verschijnt eind september – staat er weer heel wat spannends te gebeuren. Geflankeerd door Colin Greenwood van Radiohead sloeg Tamino de Marquee dan ook met verstomming, want tijdens al die jaren van stilte lijkt hij nog impressionanter te zijn geworden.

Geopend werd er met het nog onuitgebrachte “A Drop of Blood”, helemaal alleen met zijn gitaar, omgeven door rook. Meteen een magisch beeld dus, waardoor het idee van een grootse comeback algauw binnen handbereik lag. Voor nieuwe single “Fascination” haalde de man zijn driekoppige band erbij, waardoor het geheel nog wat kleurrijker binnenkwam. Dat Tamino zijn set goed in elkaar had gestoken en teerde op sfeer, intriges en herkenbaar materiaal, werd duidelijk toen “Cigar” volgde. Mooi, betoverend, dromerig. Het bleek slechts de inleiding voor wat een van de absolute hoogtepunten van de set zou worden: “So It Goes”. Zo klein als het nummer begon, zo groots bloeide het open en het werd daarbovenop alsmaar mooier en intrigerender. Tel daar het betoverende tegenlicht en Tamino’s engelenstem bij op en het sprookje was compleet. Vanaf dan was het hek van de spreekwoordelijke dam. De Antwerpenaar speelde zelf luit op “The First Disciple” en zette de eindspurt in met het mooie “Tummy”. Toch waren het het prachtige “Indigo Night” en het beklijvende “Habibi” die nog altijd de hoogtepunten in de set vormden. Van een terugkeer door de grote poort gesproken! Tamino rolde zelf de loper uit.

Tamino staat op 5, 6 en 7 december in het Koninklijk Circus in Brussel.

Cypress Hill @ Main Stage

© CPU – Nathan Dobbelaere

Van een blitzcarrière gesproken. Vijf jaar terug mocht Cypress Hill zijn hiphopkunsten in de namiddag etaleren. Nu stond het vlak voor Slipknot geprogrammeerd. Dat Cypress Hill zich bewust was van deze unieke en hoge spot, werd duidelijk toen DJ Lord een stevige medley bij elkaar sampelde. De stukjes van onder meer Black Sabbath, Pantera en Metallica katapulteerden ons instant naar de jaren negentig, waar het gebruikelijk was dat metal en hiphop samen door één deur konden. Jammer genoeg was Sen Dog afwezig waardoor B-Real zelfstandig de verzen aan elkaar moest rijmen. Met een dikke joint tussen zijn knokels was dat een aardje naar zijn vaartje. Zolang er geen wereldwijde legalisering van cannabis is, blijft de oldschool hiphopgroep de wereld rondtoeren. Bij momenten klonken de beats wel wat eentonig, maar eens “How I Could Just Kill a Man” en de uberhit “Insane in the Membrane” gespeeld werden, pompte iedereen zijn armen in de lucht. De cover van House of Pains “Jump Around” maakte het ninetiesfeestje compleet.

Jordan Rakei @ Club

Eens de avond viel, mocht Jordan Rakei het mooie weer maken met zijn zwoele indietronica. De Nieuw-Zeeland-Australische muzikant was duidelijk erg opgetogen om terug in België te zijn en hij beloonde ons met een erg funky en dansbare set vol fijne deuntjes. Zijn aangename stem was als een warm dekentje tijdens een kille winter en de muziek als een lekke cocktail op een warm strand. Toch was het niet altijd dezelfde soort funky jazzy muziek die je kon verwachten, want met “Bruises” kregen we zelfs wat reggaevibes. Met “Mind’s Eye” pakte de band uit met heel vettige synths tijdens de explosies, wat voor een epische sound zorgde en het publiek helemaal aan het dansen kreeg. Want ja, ook het publiek genoot met volle teugen en de tent liep niet leeg. Meer nog: er kwamen alleen maar mensen bij zonder dat iemand ooit wegliep. Op het eind kregen we nog een heerlijke funksong van meer dan tien minuten waarmee het zwoel feestje helemaal op zijn eind kwam.

Yussef Dayes @ Castello

Wie trek had in een vleugje jazz, kon gisteren in het avonduur terecht bij Yussef Dayes. De gerenommeerde drummer uit het Verenigd Koninkrijk werkte de voorbije jaren samen met artiesten als Tom Misch en trekt nu met de Yussef Dayes Experience langs een aantal festivals. Het woord ‘experience’ is bij een optreden van Dayes zeker op zijn plaats, want de manier hoe hij de drumvellen en cymbalen bewerkt, is werkelijk een ervaring op zich. De meeste honneurs gaan ontegensprekelijk naar hem, maar ook de drie andere muzikanten konden er duidelijk iets van. De toetsenist bracht wat freejazz-feeling in de set, de bassist capteerde de groove van de tent en de saxofonist blies ons letterlijk en figuurlijk helemaal omver. De cohesie en het samenspel van de vier veteranen in de Castello waren drie kwartier lang een lust voor het oor. Het valt te hopen dat ze snel nog eens de oversteek naar onze contreien maken.

RÜFÜS DU SOL @ Dance Hall

© CPU – Nathan Dobbelaere

Van Down Under naar Pukkelpop. Na vijf jaar afwezigheid was RÜFÜS DU SOL eindelijk nog eens in ons land en dat er in de tussentijd veel is veranderd voor het drietal, is een understatement. In de Verenigde Staten en Australië is de groep al enkele jaren een steevaste headliner die garant staat voor een spectaculaire show en daar mochten wij gisteren ook uitgebreid van proeven. Naast de nummers van hun nieuwe plaat Surrender passeerden er ook heel wat fanfavorieten de revue zoals “You Were Right” en “Underwater”. Het nieuwe werk moest hoe dan ook niet onderdoen, met name een fraai gebracht “On My Knees” en het euforische “Alive”. De show oogde visueel overigens zeer straf met drie verhoogjes en een oogverblindende lichtproductie inclusief veel lasers. Het totaalplaatje klopte bij RÜFÜS DU SOL en daar bedankte een stampvolle Dance Hall hen voor met een elektriserende energie.

James Blake @ Marquee

© CPU – Stijn Verbruggen

Zo’n elf jaar geleden maakte James Blake als schuchtere, verlegen twintiger zijn debuut in de Marquee. Weinigen waren toen bekend met de Brit, die eigenlijk vooral gezien werd als een obscure producer van enigszins experimentele, elektronische muziek. In de jaren die volgden is Blake uitgegroeid tot een van de boeiendste artiesten van het moment, en is zijn naam eigenlijk nog maar moeilijk weg te denken uit de hedendaagse muziek. De man die we eerder dit jaar zagen in het Koninklijk Circus, en nu in de Marquee, is volwassener en zelfverzekerder dan de kerel die in 2011 debuteerde op de Kiewitse festivalweide. Helaas voor Blake regende het pijpenstelen buiten de Marquee, dus de eerste helft van zijn set stond de tent vol met ongeïnteresseerde festivalgangers die het liever over het weer wilden hebben dan wilden kijken naar wat er voor hen plaatsvond. Blake leek niet belemmerd door de desinteresse: openen deed hij met nummers als “Life Round Here”, “Limit To Your Love” en “Before” en die werden ijzersterk neergezet met strakke productie en een indrukwekkende lichtshow. Degenen die wel kwamen om de Engelsman in actie te zien en niet slechts om te schuilen voor een beetje regen, apprecieerden het volledig. 

Toen het buiten blijkbaar weer droog werd, liep de Marquee wat leger, wat de sfeer aanzienlijk verbeterde en ons nóg meer liet genieten van James Blake’s optreden. Zo bracht hij een ontzettend straffe versie van zijn klassiekers “CMYK” en “Retrograde”, maar kwam het hoogtepunt pas toen hij slowthai introduceerde. Gezien het feit dat de twee meerdere samenwerkingen hebben en slowthai eerder op de dag ook in de Marquee stond, hoopten wij stiekem al dat de twee een duet zouden brengen. Desondanks kwam het als een aangename verrassing, en bracht het duo op energieke, overtuigende wijze “Feel Away”. Toen Blake het podium na een wonderschone cover van Frank Oceans “Godspeed” verliet, bedankte hij de Marquee op oprechte wijze, en leek hij zichtbaar gedaan door het daverende applaus dat hij kreeg. Blake is in de afgelopen jaren misschien wel zelfverzekerder geworden dan hij voorheen was, maar is zijn bescheidenheid op geen enkele manier verloren, wat hem absoluut siert. Het optreden van James Blake in de Marquee was al met al een behoorlijk sterke, eentje die absoluut tot een van de besten van de dag behoort en misschien zelfs al van het weekend.

Wu-Lu @ Backyard

Wu-Lu had het geluk dat het net begon te regenen toe hij aan zijn set begon. Hierdoor was de Lift toch mooi gevuld met toevallige passanten. Eens we dan echt de tent binnen kwamen, was er toch nog steeds een grote leegte, maar dat liet de man niet aan zijn hart komen. Wu-Lu is namelijk het project van Miles Romans-Hopcraft, een vocalist die zijn stem heel wat kanten kan uitsturen. Dat deed hij live in de Lift ook, want in het begin hoorden we vooral gezellige poprock met wat grungy postpunkinvloeden. Het was een beetje eentonig en we hadden het gevoel dat hij iets meer intensiteit in zijn set kon steken, maar na een goed halfuur explodeerde het plots in een agressieve rapshow. Zijn gitaren gingen even weg en hij schreeuwde de longen uit zijn lijf. Het was op dat moment dat Wu-Lu de zaal echt in zijn hand kreeg waardoor hij de tientallen mensen vooraan toch helemaal wild aan het bewegen kreeg. Nadien bracht hij samen met zijn gitarist en drummer nog twee iets stevigere tracks waardoor de intensiteit uiteindelijk toch echt goed zat.

Romy @ Booth

In 2017 stond ze nog met The xx op het allergrootste podium in Kiewit, gisteren moest ze het op een van de kleinsten doen. Romy Madley Croft, frontvrouw van het wereldberoemde drietal, doet het tegenwoordig even solo en stond zo ‘voor het eerst’ in België. In de regen zorgde ze aan de Booth alsnog voor een stevig feestje met een strakke dj-set. Dat het niet zomaar een Boiler Room rip off was, werd ook al snel duidelijk. Zo hoorden we onder andere Dua Lipa en Beyoncé voorbijkomen, maar was er ook plaats voor eigen werk en dat van haar kompaan Jamie xx, alsook van beste vriend Fred again… Het was dus dansen geblazen aan de Booth, zeker omdat de overgangen van Romy zo vlotjes waren, dat je de helft van de tijd niet eens doorhad dat er al een volgend deel in de set was aangebroken. Ook solo staat de Britse dus haar mannetje, hetzij natuurlijk in een ietwat ander genre.

Kokoroko @ Club

Kokoroko mocht in de Club concurreren met Slipknot op de Main Stage en de liefhebbers van de iets zachtere jazzmuziek hadden hun weg naar de zaal heel makkelijk gevonden. De band bestaat uit heel wat muzikanten, wat ervoor zorgt dat hun set heel rijk aanvoelt. Een rijke sound is ook iets waar we heel graag naar luisteren en dus bleven we met plezier staan bij de band. Toch kropen er in het midden net iets te veel trage songs in, waardoor de aandacht bij heel wat mensen verslapte. We moesten ons focussen op de ‘journey’, maar door die nummers wilden we vooral een reis richting bed inzetten. Gelukkig had het zevental nog een geweldige eindsprint in petto. De bongo’s kozen voor een iets sneller ritme en de blazers gaven een geweldig krachtige indruk waardoor je jezelf al snel op een exotische locatie voelde. Afsluiter “We Give Thanks” werd met een unieke sitdown gebracht waarbij je op de melodie van de muziek op het gemak naar beneden moest om dan weer naar boven te dansen. Het is altijd plezant als je ziet dat de band ook alle liefde die in hun muziek zit naar het publiek overbrengt en dat was bij Kokoroko, ondanks het iets mindere middenstuk, zeker het geval.

GOOSE @ Dance Hall

Wie geen zin had in de ruige gitaren van Slipknot, kon in de Dance Hall terecht voor een van ’s lands beste live danceacts: GOOSE. De band rond Mickael Karkousse mocht gisteren al voor de zevende keer aantreden in Kiewit en dat leverde telkens al legendarische momenten op, getuige bijvoorbeeld de NONSTOP-show uit 2018 die zelfs als album werd uitgebracht. Deze keer had het viertal met Endless een studioalbum voor te stellen, al bleef de ruimte voor nieuwe nummers redelijk beperkt. Veel maakte het op zich allemaal niet uit, want GOOSE maakte voor het eerst deze editie de naam van de tent meer dan waar.

Eigenlijk kunnen we redelijk kort zijn. Als de Dance Hall een land was, dan had die gisterenavond vier koningen: de mannen van GOOSE. Al van bij het begin voelde je dat er iets borrelde, al klonken nieuwtjes “Endless” en “Fear of Letting Go” misschien nog iets te onbekend in de oren. Hoe dan ook voelde je aan alles dat de bommetjes die de band dropte, alsmaar grootser werden. De impact was dan ook vrijwel meteen zichtbaar toen de Kortrijkzanen met “Control” een echte klassieker op de tent afvuurden. Stilletjes aan reikten de schokgolven tot aan de allerlaatste rij, waardoor het koninkrijk der ganzen met “Can’t Stop Me Now” en “British Mode” ook meteen zijn volksliederen kreeg. Tijdens “Words” toonden de mannen nog maar eens hun muzikale kunnen, door er een epische gitaaroutro aan vast te breien. En alsof iedereen nog niet diep genoeg was gegaan en de temperatuur nog niet hoog genoeg was, volgde er met “Synrise” nog het ultieme hoogtepunt. Dat GOOSE en Pukkelpop twee handen op een buik zijn wisten we al. Dat die handen sinds gisteren ook effectief voor altijd vastgeniet zullen zitten op diezelfde buik, werd gevierd met een fantastisch hoogtepunt.

Vitalic @ Marquee

De naam Pascal Arbez-Nicolas doet wellicht geen belletje rinkelen, maar misschien gaat het lampje wel branden bij zijn artiestennaam Vitalic. De Fransman is al meer dan twintig jaar een gevestigde naam binnen de techno en wordt beschouwd als een van de pioniers van het genre. Dit jaar mocht hij de Marquee afsluiten op deze tweede dag van Pukkelpop. De tent was relatief vol met festivalgangers die hun avond wilden afsluiten met goede techno en dat is wat Vitalic ook gaf. De dj-set stak goed in elkaar en was van goede kwaliteit met nummers als “Dance Like A Machine” en “Poison Lips” die de revue passeerden. Het was echter niet het boeiendste wat we gisteren in Kiewit zagen: het voelde enorm als routine en niet als iets unieks of onderscheidends. Een prima dj-set voor de technoliefhebbers, die er zichtbaar van genoten, maar meer dan dat was Vitalics optreden helaas niet.

Clawfinger @ Backyard

Wie na Slipknot nog niet genoeg had van zware gitaren, kon erna onmiddellijk zijn hart opluchten bij Clawfinger. In het straatje van Dog Eat Dog en Guano Apes is Clawfinger het type band waarvan je je niet meer zo goed herinnert dat ze nog bestaat. De groep wordt ook wel de Zweedse Rage Against the Machine genoemd en teert eigenlijk voornamelijk op successen uit het verleden. Dat verleden situeert zich voornamelijk in het begin van de jaren negentig toen nu metal nog rapmetal heette. Gezien de leden hun middelbare leeftijd en grijze haren, ging het er nog best heftig aan toe. Het heilige vuur van weleer was precies niet uitgedoofd, hier en daar was het een beetje aan het flakkeren. Daar kwam echter snel verandering in toen “The Truth” en het anthem “Do What I Say” even strak werden gebracht als in hun ontstaansjaar.

Bad Boy Chiller Crew @ Lift

In het Verenigd Koninkrijk is Bad Boy Chiller Crew een aanhoudend fenomeen en met dat fenomeen konden we gisteren uitgebreid kennis maken. In hun eigenzinnige hiphop zitten er heel wat knipogen naar acts als Craig David, Blue en Dizzee Rascal, om maar even te illustreren dat deze boys uit Bradford een grote fascinatie hebben voor het vorige decennium. Ideaal materiaal dus om als laatste van de dag de Lift aan flarden te spelen zou je denken? Laten we het erbij houden dat ze er een feestje van gemaakt hebben. Veel van de acteurs op het podium kregen we echter niet geboden. De geluidsband lieten ze voor het gemak meelopen en daarop vertrouwden ze naar onze smaak net iets te veel. Het puberaal geschreeuw tussen de nummers was nog zoiets dat compleet overbodig was en weinig bijdroeg aan de sfeer, want die voorzag het publiek gewoon zelf. Bad Boy Chiller Crew was vooral het eerste woord van hun bandnaam…

Pendulum (live) @ Dance Hall

Wie Pendulum de laatste jaren aan het werk zag, kreeg vooral dj-sets te zien. Dat is jammer als je weet dat de basis van het project een band is met echte instrumenten. Die band kwam nu na lange tijd nog eens samen en mocht de Dance Hall van Pukkelpop op de eerste volwaardige dag afsluiten. De tent was goed volgelopen met nieuwsgierigen en het viertal liet er geen gras over groeien. Zonder enige intro smeerden ze er al meteen een stevige drop tegenaan waarna de rugzakjes konden worden nagebootst en het skanken moest beginnen. De Drum-‘n-bass van Pendulum is nog altijd een van de hardste in zijn soort en al snel smeet de groep er de grootste hits tegenaan.

Zo kregen we als derde nummer “Blood Sugar” te horen, waarbij het gekende melodietje heel uitbundig werd meegezongen. Vrijwel meteen zagen we heel wat circle pits, iets wat toch best uniek is voor een show als deze. Ook een verplichte sit-down hoorde erbij en met geweldige lasers en het nodige vuur was het visueel zeker de moeite om alles in de gaten te houden. Muzikaal was het natuurlijk niet altijd even hoogstaand door het gemaakte aspect van de muziek, maar het ophypen en de live gitaren en drums gaven de songs wel een extra dimensie. Het viel op dat de stevige nummers met zwaardere bassen het meest succes opwekten. De band probeerde ook al eens wat andere, meer naar techno neigende nummers, maar de songs met de harde drop kwamen het best binnen en zorgden dan ook voor de hoogtepunten. Ook de vocals mochten er wezen en zo bewees Pendulum dat je als elektronische Drum-‘n-bass-act niet altijd met een dj booth hoeft af te komen.

Charlotte Adigéry & Bolis Pupul @ Club

Om de eerste echte festivaldag feestend én in stijl af te sluiten, moesten we in de Club zijn. Daar stond met Charlotte Adigéry en Bolis Pupul dé nationale act van het moment geprogrammeerd, die met het fantastische Topical Dancer nu ook live aan een wereldveroveringstocht bezig is. Overal waar het duo komt, laat het een ravage van jewelste achter, maar weet het ook telkens een van de beste shows van de dag neer te zetten. De verwachtingen waren dus wederom gigantisch hoog, maar zoals steeds werden die moeiteloos ingelost. Dit was wereldklasse. Voor we onze loftrompet alweer bovenhalen voor het duo willen we ook graag even op voorhand vermelden dat MEROL serieuze concurrentie kreeg op vestimentair vlak.

Dat terzijde was het vooral heel straf wat Charlotte en Bolis gisteren deden. Enkele uren nadat ze op het Nederlandse Lowlands stonden, speelden ze de Club helemaal aan flarden. Met “Blenda”, dat vroeg in de set zat, zat de sfeer al snel helemaal goed. Een donkere, plakkerige club; het is alsof de tent gisteren als gegoten paste voor de muziek die de twee hadden meegebracht. “High Lights” kroop tot in onze kleinste teen en de overgang van “Making Sense Stop” in “Paténipat” was zo intens, dat stilstaan bij niemand nog tot de opties behoorde. Die laatste ontpopte zich overigens tot een gigantisch hoogtepunt, waardoor het hek definitief van de dam was. Het gek geniale “HAHA” rolde de rode loper uit voor het doordacht chaotische “It Hit Me”, dat de boel nog meer opzweepte. Met het fantastische “Ceci n’est pas un cliché” en afsluiter “Thank You” zetten Charlotte en Bolis de kroon op het werk. Hun werk. De Belgen regeerden in de late uurtjes, want ook de Club had nu een koning en een koningin.

Charlotte Adigéry & Bolis Pupul staan dit najaar nog in de Cactus Club in Brugge (28 oktober), in Trix in Antwerpen (29 oktober), in VIERNULVIER in Gent (4 november) en in Het Depot in Leuven (5 november).

Channel Tres @ Castello

Drie jaar geleden stond Channel Tres ook al op Pukkelpop. Dit jaar kreeg de Amerikaan met zijn stomende hiphouse van de organisatie een promotie tot Castello-afsluiter. Op zijn meest recente worp refresh laat hij de zang helemaal achterwege, maar voor zijn liveset greep hij gelukkig wel terug naar de microfoon. Ook weer van de partij: vier dansers waarmee Channel Tres een piekfijn in elkaar gestoken choreografie ten beste gaf. Het optreden voelde deze keer wel net wat energieker en spontaner aan, wat perfect samenging met de vibe van de nacht. Tres deed ook echt wel moeite om het tempo erin te houden en een aardig gevulde tent los te laten gaan. Bij “Lights Up” kreeg hij gemakkelijk iedereen aan het springen en bij “Impact” zagen we zelfs mensen de choreografie meedoen. Van Channel Tres op Pukkelpop werd iedereen vrolijk (als je erbij was tenminste).

Onze recensie van Slipknot lees je hier.
Alle recensies van Pukkelpop 2022 lees je hier.

Fan van de foto’s? Op onze Instagram staan er nog veel meer!

Deze recensies werden geschreven door Niels Bruwier, Simon Meyer-Horn, Cédric Ista, Stephanie Van Tol en Lucas Palmans.

Related posts
AlbumsRecensies

Shygirl - Nymph (★★★★): Ingetogen popprovocateur

In de alternatieve popwereld wordt er al lang uitgekeken naar het debuutalbum van de Zuid-Londense Blane Muise. Onder haar moniker Shygirl laat…
Nieuwe singlesOude Bekenden

Debuutsingle Man-Made Sunshine - "Life's Gonna Kill You (If You Let It)"

Fans van Nothing But Thieves hebben allesbehalve te klagen. De band rond Conor Mason stond afgelopen jaar maar liefst vier keer op…
Nieuwe singlesOude Bekenden

Nieuwe single Coffin Feeder – “Dead or Alive”

Zoals iedereen al weet, deed de coronapandemie de muzieksector alles behalve goed. Gelukkig zijn er ook enkele zeldzame uitzonderingen. Zo vonden leden…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.