
© CPU – Senne Houben (archief)
Dry Cleaning blijft een band die er met elke release moeiteloos in slaagt haar coole reputatie verder op te smukken. Met het begin dit jaar verschenen Secret Love lukte dat alweer voor de derde keer. Samen met producer Cate Le Bon vond het viertal een bijna perfecte balans tussen aanstekelijke melodieën, hoekige gitaarriffs, dansbare grooves en de heerlijk monotone praatzang van Florence Shaw. Wij bekroonden de derde langspeler dan ook met vier sterren. Als trouwe liefhebbers trokken we dus met plezier naar de Brusselse AB om het nieuwe materiaal eindelijk live te horen. Al bleek die veronderstelde coolheid van Dry Cleaning toch relatief: het bordje uitverkocht hing uit voor de verkleinde grote zaal in Box-setting, en de gemiddelde leeftijd lag merkbaar boven de twintig. Maar zoals wij als late dertigers dagelijks zeggen: op goeie muziek staat geen leeftijd, en je bent maar zo oud als je je voelt. Wees er dus maar zeker van dat wij, samen met de andere millennials en boomers, de benen met veel overtuiging zouden losgooien op de grooves van Dry Cleaning.
Alvorens Dry Cleaning het podium mocht bestormen was het eerst de beurt aan The Tubs, een Welshe rockband uit Cardiff. Met een oppeppende mix van postpunk, eighties indierock en folkmelodieën hadden ze ons meteen mee. Opener “Illusion” maakte duidelijk dat het viertal moeiteloos meezingers kan afleveren, terwijl “Round The Bend” en “Dead Meat” live een extra scheut punkenergie kregen en daardoor nog aanstekelijker klonken. Het ingetogen “Narcissist” bleek het hoogtepunt van de set, gedragen door de zalvende zang van Owen Williams en de speelse roffels van Taylor Stewart. Die twee hadden er ook zichtbaar zin in: ze maakten voortdurend grapjes met elkaar en zochten tijdens elk nummer luchtig contact met het publiek. Na een stomende finale met “One More Day” konden we alleen maar besluiten dat The Tubs hun rol als voorprogramma met verve vervulden.
Na het sterke werk van The Tubs was het even afwachten of een ogenschijnlijk droge band als Dry Cleaning dat enthousiasme zou kunnen wegvagen. Klokslag kwart voor negen kregen we het antwoord toen Florence Shaw het podium opstapte, geflankeerd door gitarist Tom Dowse, bassist Lewis Maynard en drummer Nick Buxton. Josh Eggerton vervoegde het vaste viertal voor een aanvullende laag toetsen en gitaar. De recentste single “Sliced by a Fingernail” mocht de set openen, en al vanaf de eerste seconden werd duidelijk dat de geluidsmix uitstekend zat. De groove van het duo Buxton–Maynard nestelde zich meteen in onze onderbuik, de gitaarexplosies van Dowse klonken heerlijk smerig zonder onze trommelvliezen te belagen, en de parlando van Shaw lag verrassend helder in de mix. Niet dat haar teksten plots een eureka‑moment opleverden, maar haar droge fraseringen kwamen wel moeiteloos boven het muzikale geweld van haar collega’s uit. En dat zou gelukkig de hele avond zo blijven.
Met een knallende versie van “Blood” en de springerige riff van “Gary Ashby” legde de Zuid-Londense groep de lat meteen nog wat hoger. Toch bleef het publiek opvallend tam, ondanks de uitstekende geluidsmix en de aanstekelijke melodieën. Tijdens het speelse “Gary Ashby” was onze muzikale metgezel zelfs een van de weinigen die zich liet gaan… en dat met een gescheurde meniscus en twee krukken, wat veel zegt over het energieniveau in de zaal. Met “The Cute Things” richtte Florence Shaw zich voor het eerst uitgebreid tot het publiek en ze moedigde iedereen ook vriendelijk aan om de dansbenen los te gooien. Ze beloofde alvast zelf het goede voorbeeld te geven. Haar oproep had effect: vanaf dat moment leek de zaal verlost van haar Belgische verlegenheid. De band trakteerde Brussel vervolgens op een stomende set waarin Secret Love integraal passeerde, aangevuld met de leukste songs uit Stumpwork en New Long Leg.
Al bij al sloeg Dry Cleaning nergens de bal mis. “Strong Feelings” werd op gang getrokken door een catchy baslijntje dat Florence Shaw bijna in een rapster deed veranderen. De coole groove van “Anna Calls From The Arctic” kreeg live een dwarse saxofoon mee, het uitstekende “Cruise Ship Designer” een scheurende finale met een extra snijdende gitaarsolo. “My Soul / Half Pint” klonk dan weer nadrukkelijk als een knipoog naar Gang of Four (onmiskenbaar een groot voorbeeld van Dry Cleaning) en een ultrastrakke “Scratchcard Lanyard” kreeg de zaal moeiteloos in beweging. Met “Evil Evil Idiot” en “I Need You” zakte de energie even weg, ondanks de doordachte opbouw van beide songs. Gelukkig zette de rafelige riff van “Don’t Press Me” ons meteen weer recht, waarna de band met de topsingle “Rocks” nog een paar versnellingen hoger schakelde.
Het was duidelijk dat de bandleden ook een goeie tijd beleefden in Brussel. Dry Cleaning bleek zelfs veel minder droog dan we gevreesd zouden hebben, want Shaw en Dowse richten zich tussen de nummers door regelmatig enthousiast tot het publiek. Drummer Buxton nam zelfs even het woord om het knappe “Let Me Grow and You’ll See the Fruit” op te dragen aan Wout Van Aert. De groep bracht de set bovendien met veel inleving en vuur, al zullen we nooit nog een muzikante ontmoeten die zo cool, haast onverschillig met een tamboerijn kan schudden als Florence Shaw. Het vijftal liet de AB na de lekker uitgesponnen stamper “Conversation” dan ook tevreden en luid schreeuwend achter. Er volgde nog een laatste toegift met het groovy “Hit My Head All Day”, maar onze conclusie was dan al lang gemaakt.
Dry Cleaning bewees in de AB Box dat het inmiddels is uitgegroeid tot een band die haar eigen universum volledig beheerst. Wat op plaat al scherp, eigenzinnig en cool klinkt, kreeg live een extra laag energie en menselijkheid. De combinatie van strakke grooves, hoekige gitaren en Shaw’s droogkomische présence werkte aanstekelijk, en de band speelde met een overtuiging die elke twijfel wegveegde. Brussel kreeg een concert dat zowel muzikaal verfijnd als losjes aanvoelde en dat vooral bevestigde waarom Dry Cleaning intussen tot de leukste gitaarbands van het moment behoort.
Facebook / Instagram / Website
Setlist:
Sliced by a Fingernail
Blood
Gary Ashby
The Cute Things
Secret Love
Strong Feelings
Anna Calls From the Arctic
Her Hippo
My Soul/Half Pint
Cruise Ship Designer
Scratchcard Lanyard
Evil Evil Idiot
I Need You
Don’t Press Me
Rocks
Magic of Meghan
Joy
Let Me Grow and You’ll See the Fruit
Conversation
Hit My Head All Day






