InstagramLiveRecensies

Rock Werchter 2024 (Festivaldag 3): Mee met de wind

© CPU – Nathan Dobbelaere

Het waaide in het land en ook aan de weide van Werchter gingen de windstoten niet onopgemerkt voorbij. Gelukkig bleek iedereen wel tegen een stootje te kunnen en werden we op alle vier podia wel omvergeblazen door heel wat straffe optredens en een bijzonder goede sfeer. In het eerste gedeelte van de dag maakten de Belgen het mooie weer, met als absolute koploper een tamelijk briljante Brihang. Verder maakten ook de Australiërs van The Southern River Band, de New Yorkse loopdaddy Marc Rebillet, de uitgedoste Róisín Murphy en een nog straffere Benjamin Clementine een zeer sterke indruk. Het volledige dagverslag vind je hieronder.

Equal Idiots @ Main Stage

© CPU – Jan Van Hecke

Bij je comeback meteen op de Main Stage van Rock Werchter staan; Equal Idiots deed het zaterdagmiddag. Na enkele try-outs was het voor Thibault Christiaensen en Pieter Bruurs meteen ook de vuurdoop voor de paar nieuwe singles die ze de afgelopen weken de wereld instuurden. Voor ons beantwoordde het dan weer de vraag of de beukers tussen het oudere gerammel zouden passen. “I Am the Light” mocht de debatten meteen snedig voor geopend verklaren; de hemdjes minstens even strak als de riff, het ongeloof tot achter de oren.

Het ongeduldige gespring werd door “16” verlost: de eerste moshpit was een feit. “What You Gonna Say” trok die lijn feilloos door. Op de tonen van “Knife & Gun” spoorde Christiaensen Werchter aan tot meer enthousiasme, wat in zekere zin wel gebeurde (lees: in de moshpits), maar voor het overige bleef de energie naarmate de set vorderde vooral tussen de vijf lichtinstallaties op het podium hangen. Dat had veelal te maken met de vlakheid van de nummers; er kwam niet per se een song beter uit de verf dan een andere. Nu ja, op zich was dat geen probleem, want de voorste regionen gingen wel vrij vlot mee op onder meer “Strawberry” en meest recente single “Shoot”. Een sitdown zou nog volgen, waarbij het publiek scandeerde wat misschien wel de leuze van de set was: ‘We don’t care, we’re just having fun!’ Na de reeks circlepits op “Put My Head in the Ground” konden we uiteindelijk alleen maar besluiten dat, ondanks dat Equal Idiots op z’n best is in een zweterige club, de band uiteindelijk de Main Stage van Rock Werchter toch naar z’n hand kreeg. Niet de makkelijkste opdracht, dus het duo mag zeker terugkijken op een geslaagde jongensdroom.

Equal Idiots staat op vrijdag 2 augustus op Campo Solar, op zaterdag 3 augustus op Suikerrock, op donderdag 15 augustus op Pukkelpop en op donderdag 17 oktober in de Ancienne Belgique.

No Guidnce @ The Barn

© CPU – Nathan Dobbelaere

No Guidnce kon als opener van The Barn niet meteen op veel publiek rekenen. De zwoele r&b is dan ook niet meteen de muziek die je op Rock Werchter zou verwachten, wat ook resulteerde in een niet al te volle tent. In ieder geval deden de jongens desondanks hun best om de vibe in de tent te krijgen en dat lukte hen, althans aan de voorste rijen te zien, nog redelijk goed. Als kersvers drietal was het bovendien wat zoeken, maar dat ze elkaars sterkten kennen en die konden uitspelen, maakte nummers als “Committed” tot best leuke momenten. De toepasselijke danspasjes en bewegingen katapulteerden ons terug naar de tijd van de boybands en toegegeven; de drie kwamen er nog geloofwaardig mee weg. Dat ze nog niet over een grote catalogus aan nummers beschikken, kan je ze in dit stadium van hun carrière niet kwalijk nemen, maar dat maakte dat ze ook enkele covers moesten bovenhalen om de set toch ietwat lengte te kunnen geven. De match tussen No Guidnce en Rock Werchter was met andere woorden geen onverdeeld succes, al zien we dit drietal op pakweg Pukkelpop wel harten veroveren.

No Guidnce staat op vrijdag 12 juli op North Sea Jazz en op zaterdag 26 oktober in de TivoliVredenburg.

The Southern River Band @ The Slope

© CPU – Nathan Dobbelaere

Om de echte rock van Rock Werchter te ervaren, moest je op de zaterdag van het festival de opener van The Slope meemaken. De Australiërs van The Southern River Band brachten de seventies helemaal terug naar het nu met een van de strakste sets van het weekend. Al vanaf de opkomst werd duidelijk dat we omvergeblazen zouden worden, want met “Cigarettes (Ain’t Helping Me None)” moest iedereen al een sigaretje opsteken. De definitie van seks, drugs en rock-‘n-roll werd meer dan belichaamd door het viertal. Met een fles whisky die werd doorgegeven of door de ene gitaarsolo na de andere te spelen, werd er een soort muur van geluid gebouwd. Ook de energie waarmee de gitaren op het publiek werden afgevuurd, was van een ander niveau. Op die manier werd het publiek voor het podium alleen maar wilder. Bij een nummer als “Stan Qualen” resulteerde dat in de ene crowdsurfer na de andere. Ook de bindteksten waren van een ander niveau. Zo werd er op de wind gescholden, moesten we zeker niet naar Psychedelic Porn Crumpets gaan kijken en wilde de frontman ‘Werchter’ niet verkeerd uitspreken. De ongeremdheid werd op die manier ook de charme van de band, zeker doordat ze dit ook liet doorschemeren in de muziek. In een klein halfuur werden we omvergeblazen door de energie van de jaren zeventig en hoewel de sound alles behalve vernieuwend was, was de manier waarop The Southern River Band het bracht overtuigend genoeg om binnenkort nog grotere podia plat te spelen.

Noname @ KluB C

© CPU – Jan Van Hecke

In 2017 stond ze al eens op Rock Werchter, toen met een gouden toekomst voor zich. In 2024 moeten we echter durven toegeven dat Noname de hype in de tussentijd nog niet heeft kunnen waarmaken. De zangeres focuste zich weliswaar veel meer op activisme dan op haar muziek, maar nu is ze dus aan de heropbouw van haar carrière bezig. Dat was klaarblijkelijk nog niet bij iedereen binnengesijpeld, want er stond bijzonder weinig volk in de KluB C. De mensen die er wel waren, kreeg Fatimah Warner meteen op haar hand, waardoor er veel beweging was.

Dat deed Noname niet alleen aan de hand van een strakke begeleidingsband, maar net zozeer met haar flows. Tussen jams, publieksparticipatie en goeie vibes door pakte ze uit met snedig relevante teksten over onder meer het klimaat, wat er onbewust voor zorgde dat we steeds meer mee raakten in haar verhaal. En zo surfte Rock Werchter een uurtje mee op haar coole golf, al moet uiteindelijk wel weer dezelfde conclusie als andere jaren getrokken worden: dit had zoveel cooler geweest in een donkere club, waar iedereen zweterig tegen elkaar kon aanschuren. De KluB C werd getrakteerd op een groovy set, maar was nog altijd een maatje te groot voor Noname.

Brihang @ Main Stage

© CPU – Jan Van Hecke

Het heeft lang geduurd, maar gisteren stond Brihang welverdiend op Rock Werchter. Op het hoofdpodium dan nog. De West-Vlaamse taalpoëet had een tamelijk moeilijke opdracht voor de boeg, want zijn muziek vraagt erom aandachtig opgenomen te worden door de zintuigen. Op vindingrijke wijze slaagde hij er hoe dan ook in om zowel heel intieme momenten te creëeren, alsook de weide in te pakken met heel meeslepende fases. Met “Telefoontje” kreeg hij de duizenden voor zijn neus zelfs muisstil en zagen we hier en daar mensen met vochtige ogen een traantje wegpinken. Voor de speciale gelegenheid had hij zelfs voor vuur gezorgd, al kreeg dat pas bij het laatste nummer zijn toepasselijke invulling. Daarvoor hoorden we nog een magnifieke versie van “Steentje”, eentje die recht onder de huid ging en die, mits een groots einde, prachtig openbloeide. Zijn strafste stoot haalde hij echter uit bij het slotstuk van zijn show toen hij bij “Tussenin” een oproep deed naar een staakt-het-vuren en de vlammen als symbool de lucht ingeschoten werden. Brihang zorgde op het grootste podium voor een lach en een traan, en deed dat op zijn heerlijk authentieke wijze.

Brihang staat op vrijdag 12 juli op Cactusfestival, op zaterdag 13 juli op Rock Zottegem, op zaterdag 3 augustus op Suikerrock, op zaterdag 3 augustus op Dranouter, op donderdag 15 augustus op Pukkelpop, en op woensdag 31 augustus en donderdag 1 september in OLT Rivierenhof.

The Last Dinner Party @ The Barn

© CPU – Jan Van Hecke

Dat er een hype rond The Last Dinner Party hangt, kunnen we al lang niet meer ontkennen. En de volle The Barn was daar een logisch gevolg van. Het Britse vijftal opende met “Burn Alive”, wat meteen voor afwisseling tussen spanning en plezier zorgde, en speelde vervolgens hun andere nummers op een zeer brave manier. De muziek kwam wat dof over en doordat een groot deel van de groep weinig energie uitstraalde, voelde het aan alsof we naar een concert aan het kijken waren zonder dat we echt in de ervaring zaten. Het onuitgebrachte “Second Best” gaf echter wel wat extra energie op het podium en een cover van “Wicked Game” zorgde dan weer voor een mooi en teder moment. Naar het einde toe kwam er ook wat meer sfeer in de set met het hardere “My Lady of Mercy” en doorbraakhit “Nothing Matters” zorgde voor een hoogtepunt. The Last Dinner Party kwam eigenlijk met een iets te brave set naar Rock Werchter, waarbij het soms net iets gedurfder of harder mocht gaan.

The Last Dinner Party staat op zondag 7 juli op Down The Rabbit Hole, op dinsdag 29 oktober in het Koninklijk Circus, op donderdag 31 oktober in Paradiso, op zondag 3 november in TivoliVredenburg en op zondag 17 november in 013.

DEADLETTER @ The Slope

© CPU – Nathan Dobbelaere

DEADLETTER is een band die per concert beter lijkt te worden. De groep speelde al heel wat shows op Belgisch grondgebied, maar The Slope van Rock Werchter was een primeur voor de Britten. Ze brengen midden september een eerste album uit en nadat er al heel wat verwachtingen waren vanwege hun liveshows, lijken ze die ook helemaal waar te maken. The Slope was het speelterrein van het zestal met een frontman die zich volledig smeet en al bij het derde nummer, “Degenerate Inanimate”, het publiek opzocht. In combinatie met dreigende saxofoonklanken en een heerlijke groove was het niet moeilijk om volledig in de wereld van de band te verdwalen. Dat merkte je ook aan de toeschouwers, die alleen maar wilder werden en zich meer en meer in een moshpit stortten. Met “Fit for Work” werd een eerste meezingmoment gecreëerd en bij “Mere Mortal” ging ook het shirt van de frontman uit. Het dreigende en de erupties gaven de set panache, waardoor afsluiter “Zeitgeist” als een splinterbom nog eens alles in mootjes hakte.

DEADLETTER staat op woensdag 30 oktober in Trix, op zondag 3 november in de Maassilo en op maandag 4 november in de Tolhuistuin.

J. Bernardt @ KluB C

© CPU – Jan Van Hecke

Normaal gezien vinden we Jinte Deprez terug op de Main Stage, met een gitaar om zijn nek en luisterend naar de naam Balthazar. Gisteren mocht de man echter zijn eigen verhaal komen vertellen, dit keer in de KluB C en met een gloednieuwe plaat onder de arm. Contigo matcht qua sound weliswaar niet zozeer met die van debuutplaat Running Days, maar dat loste Deprez gisteren op door beide platen aan elkaar aan te passen.

Openingsduo “Don’t Get Me Wrong” / “Contigo” leverde in elk geval een energieke start op, en waar het muzikaal allemaal nogal op Balthazar durft gelijken, rukte Deprez zich wel helemaal los van dat imago. Met “Mayday Call” scheurde hij de KluB C bijvoorbeeld muzikaal indrukwekkend aan stukken, terwijl de man zelf vloeiend energiek van de ene naar de andere kant van podium swingde om zo op het verhoogje van zijn drummer te eindigen. Deprez ebde en vloedde tussen trager en bekender werk, waardoor pakweg “The Other Man” en “Calm Down” nog wat dieper binnenkwamen. J. Bernardt moest op Rock Werchter wel vooral teren op ouder materiaal, wat bleek toen “Wicked Streets” tot achteraan de handen op elkaar kreeg. Het was overigens ook dat laatste nummer dat minutenlang werd gerokken in een muzikaal episch schouwspel, wat eigenlijk alleen maar de conclusie kan opleveren dat Jinte Deprez een sterk staaltje vakmanschap afleverde. Eentje waarin hij vrij zijn ding kan doen, en dat deed hem zienderogen deugd.

J. Bernardt staat op zondag 14 juli op Cactusfestival, op zaterdag 20 juli op Rock Herk, op vrijdag 2 augustus op M-IDZOMER, op dinsdag 30 augustus op Bruis Festival, op zaterdag 14 september op Popmonument Bergen Op Zoom, op zondag 6 oktober in de Nobel, op zaterdag 14 december in de Melkweg, op zondag 15 december in Doornroosje, op donderdag 19 december in LantarenVenster, op vrijdag 20 december in de Ancienne Belgique en op zaterdag 21 december in De Roma.

The Kooks @ Main Stage

© CPU – Nathan Dobbelaere

De festivalband bij uitstek op een winderige, doch zonovergoten, Werchterzaterdag was The Kooks. Het viertal uit Brighton schuimt deze zomer wederom de festivalweides af en hield uiteraard ook halt in het door hen zeer geliefde België. Op zich bracht The Kooks een zeer vermakelijke set, al bleef het meermaals redelijk oppervlakkig en deed het niet meer dan nodig. De eerste meezinger, “Ooh La”, gooiden de Britten al als vierde nummer voor de leeuwen, en dat volgden ze netjes op met die andere hit “She Moves In Her Own Way”. De kelen waren opgewarmd en de stramme dansbenen van een vol plein waren al wat losser, alleen slabakte het concert halverwege dan toch een beetje. De spanning was eruit en ook een nochtans redelijk goed gebracht “Do You Wanna” (inclusief drumsolo) kreeg de weide niet volledig mee. Niet dat het op het einde nog spannender of boeiender werd, maar het publiek zong met het laatste nummer, “Naive”, dan toch nog eens luidop mee. The Kooks bracht al met al een redelijk onspectaculair uurtje waar de meezingers dan toch af en toe voor wat animo zorgden.

Jessie Ware @ The Barn

© CPU – Jan Van Hecke

Een goed gezinde Jessie Ware verwelkomde het publiek van The Barn in haar The Pearl, een gezellige discoclub waar ze nummers van haar twee meest recente platen speelde. Vanaf het begin hing er een feelgood sfeer in de lucht, en dankzij de voguende dansers en zangeres was er ook heel wat te zien. Vocaal was het niet de beste prestatie van Jessie Ware, wat zeker tijdens “Pearl” duidelijk werd, ondanks dat ze op het einde daar toch ferm uithaalde. Er werd in ieder geval gecompenseerd met een vrije sfeer en grote glimlach waardoor “Freak Me Now” nog leuker overkwam dan op plaat. “Spotlight” en “Save a Kiss” bewezen nog maar eens wat voor ijzersterke songs ze zijn en een covertje van Cher zorgde voor heel wat sfeer en meezingende zielen. Het publiek kreeg een dansje aangeleerd tijdens “Beautiful People”, maar mocht helemaal freestyle dansen tijdens afsluiter “Free Yourself”. Vocaal was het niet de beste performance van Jessie Ware, maar ze maakte heel veel goed met haar leuke show en postieve uitstraling.

Jessie Ware staat op zondag 7 juli op Down The Rabbit Hole, op zaterdag 13 juli op North Sea Jazz Festival en op zaterdag 3 augustus in de AFAS Live.

Psychedelic Porn Crumpets @ The Slope

© CPU – Nathan Dobbelaere

Een paar dagen geleden bracht Psychedelic Porn Crumpets een uitverkochte Botanique naar een kookpunt. Op Werchter ging de band voor hetzelfde effect, alleen was dat toch iets minder makkelijk dan gedacht. Het plein stond goed gevuld voor de Australiërs, die met een vurig “Tally-Ho” en “Mundungus” redelijk intens uit de startblokken schoten. Het publiek had aanvankelijk wat tijd nodig om die wervelwind om te zetten in een moshpit, al was dat ook maar een kwestie van tijd. De band bleef doorduwen en had het toch moeilijk om die vuist hard te maken en ook de rest van The Slope mee te krijgen. Vooraan stond het publiek in lichterlaaie en overal was er wel heel wat volk nieuwsgierig naar de muziek, maar de weide echt omverblazen, lukte jammer genoeg niet. Met “Cornflake” ging Psychedelic Porn Crumpets voor de finale muilpeer en goot het de laatste restjes energie in de strijd. Een even harde triomftocht als in de Botanique werd het niet, maar dat overtreffen was achteraf gezien toch een redelijk onmogelijke opgave.

Psychedelic Porn Crumpets staat op maandag 8 juli in Paradiso.

Cian Ducrot @ KluB C

© CPU – Nathan Dobbelaere

Streamingkanonnen op Rock Werchter, het is een fenomeen dat de laatste jaren steeds meer de kop opsteekt. Cian Ducrot is zo’n singer-songwriter die met de meest toegankelijke, hapklare ballads de gevoelige snaar probeert te raken. De Ier ontpopte zich zo een beetje tot een, zonder hem te willen denigreren, ‘Dermot Kennedy van den Aldi’, die die rol in de KluB C helemaal waarmaakte. Dat deed hij enerzijds door een coole setup in de vorm van trapjes waarop al zijn bandleden plaatsnamen, maar het meest van al met zijn toegankelijke songs én sympathieke voorkomen.

“Coming Home” kreeg de tent zo al ongevraagd aan het meeklappen, maar het was meteen daarna het hitje “Heaven” dat Werchter al liet mee ‘ooh-ooh-ooh’-en. Dat Ducrots songs uiteindelijk allemaal inwisselbaar zijn, probeerde de man op te vangen door er telkens iets speciaals mee te doen: eens speelde hij dwarsfluit, dan nam hij weer plaats achter de drums. De Ier had de redelijk gevulde KluB C dus mee, maar brak dan de sfeer helemaal door de wisselwerking tussen de VRT en RTBF proberen uit te leggen. Het publiek stond er wat ongemakkelijk bij, om dan beloond te worden met Cians versie van “People” van Libianca. De formatie van de band was ondertussen veranderd naar een vier-op-een-rij, waardoor het kampvuurgevoel nog wat meer leven in werd geblazen. Op het eind kregen we zo met “All for You” en “I’ll Be Waiting” nog twee hits voorgeschoteld, maar de Ier bewees in zijn uur durende set wel dat hij meer is dan die paar bekende nummers. Cian Ducrot doet in se niets anders dan Dermot Kennedy of Lewis Capaldi, maar hij brengt het wel degelijk; en bijgevolg zoog hij de KluB C mee in zijn hapklare ballads.

Nothing But Thieves @ Main Stage

© CPU – Jan Van Hecke

De mannen van Nothing But Thieves stonden twee jaar geleden al op de Main Stage van Werchter. Gisteren mochten ze het nog eens overdoen met een set op het midden van de dag. Terwijl de zon wat feller begon te schijnen op de weide, bleek dat menig festivalganger die zonnestralen opvatte als een uitnodiging om zich massaal voor het hoofdpodium te verzamelen. De aanwezigen werden in ieder geval niet teleurgesteld: Nothing But Thieves leverde een bijzonder sterke set af.

Toch blijft de perfectie een moeilijk te bereiken concept. De groep begon wat slordig aan zijn optreden met een kabbelend “Oh No :: He Said What?”, maar pikte vlug de draad terug op met “Is Everybody Going Crazy?”, dat we ondertussen al onder de klassiekers kunnen rekenen. Punt bewezen: het eerste meezingmoment was een feit. De machine zwengelde verder aan met “Trip Switch” en bereikte kruissnelheid met een explosief “Welcome to the DCC”, dat vrijwel het hele veld aan het dansen kreeg. Stampende basdrums, snedige gitaren en – er is al veel inkt over gevloeid – die prachtige stem van Conor Mason maakten dat we tot diep in het publiek moshpits zagen opdoemen tot aan “Amsterdam”, dat als voorlaatste nummer het einde van een topoptreden inluidde.

Janelle Monáe @ The Barn

© CPU – Jan Van Hecke

Janelle Monáe zette zoals altijd een strakke show neer, met dansers, een hele hoop kostuums en een grote glimlach. De Amerikaanse muzikante en actrice opende met “Float” en zorgde zo meteen voor een chille sfeer, waarbij onze zorgen wegebden. Zalige baslijnen en warme blazers versterkten het zomerse gevoel dat haar bloemenrijke outfits al uitstraalden, om nog maar te zwijgen over haar dansmoves. Met hier en daar een vette knipoog naar Michael Jackson zat er veel funk in de bewegingen en dat zorgde ervoor dat er naar verloop van tijd ook in de tent gedanst werd. De halfvolle The Barn stond aanvankelijk rustig te kijken, maar na “Pynk” (met de iconische vaginabroek) werd het publiek losser. De losse en chille sfeer die in de tent hing, bereikte een hoogtepunt met “Make Me Feel”, dat gepaard ging met een solo dansintro. Na een speech over Gaza, verkiezingen, fascisme en meer, werd er met “Tightrope” nog een laatste banger tegenaan gesmeten. Het was duidelijk dat een groot deel van het publiek de muziek van Janelle Monáe niet goed kende, maar dankzij de ijzersterke show deerde dat niet en werd iedereen voldaan terug de weide op gestuurd.

Bob Vylan @ The Slope

© CPU – Jan Van Hecke

Blaffende honden bijten niet, zeker in het geval van Bob Vylan. Het Britse duo predikt met een knipoog dat het de dood van punkrock is, en dat weerlegde het eigenlijk zelf al na amper één nummer. Met een energieke attitude en de nodige dosis humor, zorgden de twee voor een ontketende sfeer aan The Slope. ‘We are known as the best band in Britain’, was het beste bewijs dat ze zichzelf niet al te serieus nemen, al hebben bepaalde nummers wel zeker wat meer diepgang. “Ring the Alarm” blonk uit als protestsong en was voor Bobby Vylan de ideale gelegenheid om het crowdsurfverbod eigenhandig op te heffen. Dat de Britten maar veertig minuten kregen, was ook de reden dat ze het redelijk compact hielden en de vaart erin konden houden. Op het einde sprong Bobby Vylan zelfs nog van het dak van de PA en zorgde hij zo voor een extatisch slot. Het duo toonde zijn tanden en warmde zich mooi op voor zijn uitgebreide Europese tour in het najaar.

Bob Vylan staat op woensdag 27 november in Patronaat en op donderdag 28 november in Trix.

Arlo Parks @ KluB C

© CPU – Nathan Dobbelaere

Arlo Parks bracht haar rustige muziek naar KluB C om daar het publiek eventjes te laten wegdromen. In die dromen kreeg het genietende publiek fragmentjes van Parks’ ziel te zien, terwijl de Britse ons met haar stem betoverde. De zang klonk als zoete honing en met de backingtrack erbij ontstond er telkens een mooie gelaagde samenzang. Tijdens “Eugene” begaf Parks zich, zoals ze zelf toegaf, wat in de wateren van Radiohead. Andere nummers als “Blades” en “Dog Rose” lagen er op zich ook niet per se ver van verwijderd, aangezien het melancholische ook hier veelal aanwezig was. Arlo’s muziek is wel wat rustiger dan die van Yorke en co, maar ook hier werd een goeie gitaarsolo niet geweerd. De bandleden werden, net als het publiek, gretig bedankt en voor de drummer was het zelfs zijn eerste show met Arlo Parks. Daar was echter niets van te merken, want de muzikanten waren mooi op elkaar ingespeeld en het viertal zette samen een mooie set neer waarbij niets moest en alles kon. Toch werd de mensenmassa vriendelijk aangemoedigd om te dansen tijdens “Too Good”, al was dat helemaal geen uitdaging. Op haar rustige manier kwam, zag en overwon Arlo Parks.

Avril Lavigne @ Main Stage

© CPU – Jan Van Hecke

Het fenomeen nostalgie zorgde ervoor dat er bij Avril Lavigne aan de Main Stage een massa aan volk stond om te luisteren naar de ‘Greatest Hits’-tour van de Canadese. Waar haar vorige show in Vorst Nationaal een van de meest absurde concerten van het jaar was, hadden we er goeie hoop op dat ze op de Main Stage van Rock Werchter beter tot haar recht zou komen. Het bleek al snel dat ze hier iets beter uit de verf zou komen. Zonder te veel tierlantijntjes en overdreven publieksinteractie, bracht ze een show waarbij vooral de hits tot de verbeelding spraken.

Zo opende ze met “Girlfriend”, dat volgde na een veel te lange intro, en werd “What The Hell” nadien ook uitbundig meegezongen. Het mocht duidelijk zijn dat Avril Lavigne al haar intensiteit in het begin stak, waarbij ze ook de catwalk voor het grote podium gebruikte. Na de drie snedige openingssongs zakte het geheel allemaal een beetje te veel in. De zangeres leek een routineuze set neer te zetten waarbij ze zonder al te veel enthousiasme een karaokeset bracht en bij de grootste hits ook de refreinen voor het publiek waren. Zelf maakte ze net iets te veel gebruik van backingtrack en verdween ze te veel van het podium om goed te zijn, waardoor het alleen maar aan spontaniteit ontbrak. Avril Lavigne beleeft een tweede jeugd doordat poppunk herleeft, alleen weet ze dat niet te vertalen op een podium, doordat ze alles net iets te weinig levendig bracht. Het anthem voor het hele festival, “Sk8ter Boi”, werd dan wel nog uitbundig meegezongen, maar dat was ook gewoon een doekje voor het bloeden.

The Blaze @ The Barn

Het gebeurde allemaal een beetje onder de radar, maar The Blaze kende de afgelopen jaren een gigantische populariteitsboost. Dat vooral doordat de Fransmannen alle touwtjes graag zelf in de hand houden en het visuele net zo belangrijk vinden als het muzikale. Een soort totaalervaring die ervoor zorgt dat je nog dieper in hun dansbare beats wordt opgezogen. The Barn werd gisteren met andere woorden voor het eerst dit weekend omgetoverd tot ’s lands grootste club, want ondanks dat het geluid bij de intro nog wat schel stond afgesteld, gingen alle handen meteen de lucht in bij de eerste drop.

De vijf grote panelen die achter de heren hingen, veranderden zowat permanent van formatie, waardoor ze bij “HEAVEN” een muur werden waarop de videoclip werd geprojecteerd. Bij “EYES” werden het dan weer toepasselijk vijf ogen die The Barn in de gaten hielden, en ze zagen dat de set door “SHE” eigenlijk alleen maar intenser werd. De productie kwam alsmaar indrukwekkender binnen, terwijl de sfeer geleidelijk aan broeieriger werd in de tent. De twee producers bleven het publiek ook alleen maar meer opzwepen – niet alleen met hevige handgebaren, maar evenzeer met schijven als “CLASH” en “DREAMER”. Je zou langs een kant kunnen denken dat het voor de neefjes moeilijk was om de aandacht een uur te kunnen vasthouden, zeker omdat de nummers allemaal gelijkaardig klinken, maar ze vonden door het visuele spektakel toch een manier om het wauw-effect permanent in leven te houden. De manier waarop de video van “TERRITORY” werd gebracht, was ongezien indrukwekkend, afsluiter “MADLY” kreeg het dak nog een laatste keer van The Barn. Het blijft dus nog maar de vraag waarom The Blaze de tent niet afsloot, want dit was een gigantische intense set.

Palaye Royale @ The Slope

© CPU – Jan Van Hecke

Palaye Royale is een band die op de radio volledig wordt genegeerd, maar daar was op Rock Werchter niets van te merken. De groep kon namelijk heel wat publiek voor The Slope verwelkomen en dat was natuurlijk te danken aan zijn reputatie als liveband. De show werd meteen met een bandje op gang getrapt door AC/DC en niet veel later gaf “Little Bastards” de nodige pit aan de set. Het duurde niet lang vooraleer frontman Remington Leith de weide opriep tot moshen. Het was weliswaar het begin van nog meer ambiance en sfeer, want hoe langer de set duurde, hoe meer mensen zich volledig smeten en hoe groter de moshpits leken te worden. Dat was natuurlijk deels de verdienste van de band, die de toeschouwers telkens meer opzweepte door onder andere bij “No Love in LA” iedereen te laten zwaaien. Zelfs de nieuwe songs, die op plaat wat minder vettig klinken, hadden live de nodige panache om iedereen omver te blazen. Op die manier was het ook niet moeilijk om tijdens “Lonely” met een bootje in het publiek te gaan. En dat deed Leith dan ook, waarna tijdens de afsluiter een moshpit ontstond die bijna de hele Slopeweide omvatte. Het mocht duidelijk zijn dat Palaye Royale kwam, zag en overwon op Rock Werchter en dat met een mix tussen punk, pop en emo die niet altijd even vernieuwend klonk, live wel met heel veel inleving en kracht gebracht werd.

Marc Rebillet @ KluB C 

© CPU – Nathan Dobbelaere

En de prijs voor het grootste WTF-optreden van de zomer gaat nu al naar niemand minder dan Marc Rebillet. Als loopdaddy heeft de New Yorker naam en faam opgebouwd, in die mate zelfs dat de KluB C al ruim voor zijn optreden afgesloten moest worden. De hype deed in zekere zin terugdenken aan Fred again.., al liggen de twee muzikaal en qua act mijlenver van elkaar. Rebillet begon zijn optreden stipt op tijd door gewoon gehuld in zijn onderbroek het publiek op te jutten, alvorens aan zijn geïmproviseerde set te beginnen. Confetti, CO2-jets, opblaasbare attributen en vlammenwerpers, Marc Rebillet had het allemaal mee om de KluB C helemaal op zijn kop te zetten. Zijn set daarentegen had gerust iets meer tempo en daadkracht kunnen gebruiken, want soms haalden de opbouwende tussenstukken de sfeer eruit. Marc Rebillet had overigens de affiche van deze editie goed bestudeerd, want hij haalde Dua Lipa en Avril Lavigne gezamenlijk door het slijk. Het is maar een lukraak voorbeeld van de niet al te serieuze topics die hij in zijn loopmachine door de ether strooide. De chaos was even ‘real’ als de hype!

Marc Rebillet staat op maandag 26, dinsdag 27 en woendag 28 augustus in de TivoliVredenburg.

Khruangbin @ Main Stage

© CPU – Jan Van Hecke

De meest opvallende naam op de Main Stage van Rock Werchter dit jaar was toch wel Khruangbin. Het drietal uit Texas maakt namelijk voornamelijk instrumentale muziek en dus was het afwachten hoe het publiek in Werchter daarop zou reageren. Bij opener “Fifteen Fifty‐Three” leek dat nog best mak te zijn, ondanks dat de drie weer tot in de puntjes waren gekleed, met een rozenhoed voor de bassiste. De weide voor het hoofdpodium oogde namelijk redelijk leeg, waardoor we even vreesden dat Khruangbin niet volledig tot zijn recht zou komen. De productie zag er nochtans mooi uit met drie ramen op het podium en enkele verhoogjes waarop ze die eerste, hele chille songs speelden. Dat er een overdaad aan rook werd gespuwd, zorgde er weliswaar voor dat je de band niet zo goed kon zien spelen. Het was dus best gewoon je ogen te sluiten en je in te beelden dat dit een grote aperitiefbijeenkomst was om zo mee te zijn in het verhaal. Gelukkig voor Khruangbin zelf gingen ze in het midden van de show wel weg uit die vibe en werd er meer ingespeeld op het dansbare.

“So We Won’t Forget” gaf de eerste aanzet, waarna “María también” de dansbenen echt begon te triggeren. Het publiek liet zich ook wel meeslepen en de weide liep alsmaar voller, waardoor er spontaan met de handjes werd gewuifd en ook een subtiele beenveeg geen onverwachte uiting was. “Evan Finds The Third Room” was live zo een funky groovetrack, waarbij niemand echt kon blijven stilstaan en dat was iets dat Khruangbin zelf ook wel wist. De drie speelden namelijk in hun nummers met improvisatie, waardoor er altijd nog meer dynamiek en snelheid naar voor kwam. Op die manier kwam het laatste halfuur van de set echt onder stoom en lieten ze de volledige weide dansen. Plots was niemand nog aan het keuvelen met een Aperolletje, nee, er moest en zou gedanst worden tot ze ermee ophielden. “Time (You and I)” werd op die manier een uitstekende afsluiter die ook allesbehalve klonk als op plaat. De band speelde dan misschien op de Main Stage, maar verdiende die plek ten volste. Er zat heel veel muzikaliteit in de set van Khruangbin en die wist het ten volle te verspreiden op de weide van Rock Werchter.

Khruangbin staat op 7 juli op Down The Rabbit Hole, op donderdag 31 oktober en vrijdag 1 november in de AFAS Live en op zaterdag 2 november in de Lotto Arena.

Róisín Murphy @ The Barn

© CPU – Jan Van Hecke

Róisín Murphy liet The Barn vollopen voor haar elektronische muziek, waarvan de meest recente langspeler opvallend minder dansbaar was. Live mochten we ons dus niet aan een al te harde set verwachten, maar bewegende mensen zag je uiteraard nog steeds overal. Openen gebeurde met een nummer van Moloko en zo werd er langzaamaan opgebouwd naar een eerste hoogtepunt in de vorm van “Overpowered”. Toen het nummer werd ingezet, was er een zucht van opluchting voelbaar en ook “CooCool” kon op heel wat appreciate rekenen. Net zoals bij Janelle Monáe was het duidelijk dat het publiek niet helemaal vertrouwd was met de muziek, maar er wel van genoot. Slowburner “Incapable” duurde haast tien minuten en toen Róisín Murphy zelf wat meer bewoog, ging het publiek daar in mee.

De artieste was opvallend kalmer dan op pakweg Cactusfestival vorig jaar en ook het aantal gekke outfits viel goed mee. Al mag je dat met een korreltje zout nemen, want met onder andere een zwarte Chewbacca-outfit en een pop als handtas, zag ze er nog steeds uit als een nog gekkere versie van je favoriete tante die al eens graag een wijntje drinkt. Die kalmere nieuwe muziek zorgde er voor dat “The Time Is Now” in een chillere versie werd gespeeld met aangename percussie en naar het einde toe schakelde Murphy toch naar een iets hogere versnelling voor de warm onthaalde hits “Let Me Know” en “Sing It Back”, die ook met veel percussie werden gebracht. Wie eens stevig wou doordansen, die moest een uurtje of twee vroeger naar The Blaze gaan kijken, maar Róisín Murphy zette nog steeds een sterke set neer in The Barn.

Prins S. en De Geit @ The Slope

© CPU – Jan Van Hecke

Telkens we Prins S. en De Geit aan het werk zien, is onze eerste gedachte: ‘What the fuck is dit?’ Maar naarmate de set vordert, slagen de Nederlanders er niet alleen in om iedereen mee te krijgen in hun gekke wereldje, maar ook om de boel op ongeziene stelten te zetten. Zodoende vonden we de ideale dansopwarmer voor Dua Lipa gisteren dus aan The Slope, want de sfeer was top. Dat kwam misschien ook door het feit dat Oranje net op voorsprong was gekomen tegen Turkije op het EK voetbal, maar wat maakt het ook uit.

Op die manier zorgde Prins S. en De Geit dus voor het ideale overwinningsfeestje, want er ontplofte een bom van liefde aan The Slope. Doe vooral “Wat Jij Wil” was de boodschap, waarna drum-‘n-bass het veld aan het springen bracht. Toch voelde je vrij snel dat de drie hun zware geschut achter hand hielden om zo hun set gestaag te laten ontploffen. Je moest dus even door het troebele, maar eenmaal werd bewezen dat ‘punk geen muziek is’ en de volledige vlakte voor The Slope aan het springen ging, ook bovenin, was het hek helemaal van de dam. Koeman en zijn manschappen hadden de halve finale intussen veiliggesteld, en dus werd het alleen maar ‘warmer’: de botsautokraam was nu helemaal geopend. ‘Hypergestoord’ was het juiste woord, want Prins S. is letterlijk een stuiterbal die alle kanten opgaat. Van een nummer over eenden tot een tripje naar de kinderboerderij, de fundering van The Slope werd op knotsgekke manieren op de proef gesteld. De laatste beetjes energie werden uit dag drie geperst: tot in de halve finale!

Prins S. en De Geit speelt komende zomer en dit najaar nog een twaalftal shows in België en Nederland, alle data vind je hier.

Benjamin Clementine @ KluB C 

© CPU – Jan Van Hecke

In de schaduw van Dua Lipa moest Benjamin Clementine het jammer genoeg maar met een voor een derde gevulde Klub C doen. Een spijtige zaak voor iedereen die er niet bij was, want de Brit met Ghanese roots leverde een pakkend en uiterst beklijvend optreden af. Met een aura die niet veel artiesten hebben, imponeerde hij en zorgde hij ervoor dat zo laat op de avond nog heel wat mensen geboeid aan zijn lippen hingen. Zijn nieuwer materiaal werd in een spannend jasje gegoten dat toegegeven toch ietwat concentratie vergde, maar het loonde wel om je zintuigen op scherp te zetten. Indrukwekkend was tevens hoe hij de blauwe kubus stil kreeg met pakkende uitvoeringen van “I Won’t Complain” en “Condolence”. Voor dat laatste deed hij mooi beroep op het publiek en leerde hij zichzelf enkele Nederlandse woorden bij. Eindigen deed hij moederziel alleen achter zijn piano en met een terecht en daverend applaus. Benjamin Clementine verdiende puur qua belangstelling simpelweg beter.

Benjamin Clementine staat op zondag 14 juli op North Sea Jazz Festival.

Fan van de foto’s? Op onze Instagram staan er nog veel meer!

Onze recensie van Dua Lipa lees je hier.
Alle recensies van Rock Werchter 2024 lees je hier.

Deze recensies werden geschreven door Lucas PalmansRobbe RoomsNiels BruwierSimon Meyer-Horn en Guillaume Beauprez.

Related posts
InstagramLiveRecensies

Rock Herk 2024 (Festivaldag 2): 40 jaar meer!

Rock Herk trapte vrijdag zijn verjaardagseditie af met een festivaldag uit het boekje. Sinecures tot succes wisselden elkaar af met vernieuwende uitstapjes…
Nieuwe singlesOude Bekenden

Nieuwe single Palaye Royale - "Ache in my Heart"

Palaye Royale blijft gestaag zieltjes winnen door consequent nieuwe muziek uit te brengen die hun veelzijdige facetten belicht en een sterke livereputatie…
Nieuwe singlesOntdekkingen van "Den Beir"

Nieuwe single The Southern River Band - "Chasin' After Love ('ll Burn a Hole in Your Shoes)"

The Southern River Band is vers terug van hun allereerste Europese tour en heeft al een volgende mijlpaal klaarstaan. Het is tot…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.