Albums, Recensies

Will Butler – Generations (★★★): Gematigde genremix

Het is een ongeschreven regel om het in elke recensie van Will Butler even over Arcade Fire te hebben. Enkel en alleen om de kwaliteiten van de man nog wat meer in de verf te zetten, dan toch, want de Canadese indiegigant zou zonder Butler helemaal niet zo magistraal klinken als we gewoon zijn. Het lijstje van instrumenten waarop we hem al tekeer zagen gaan, bevolkt ondertussen zelfs al twee Wikipediaregeltjes. Als dat de lat niet hoog genoeg legt, weten wij het ook niet meer. Maar genoeg nu over Arcade Fire, want terwijl grote broer alsook frontman Win en zijn vrouw in alle stilte aan nieuw materiaal werken – dat dit jaar nog zou moeten verschijnen – zijn de overige bandleden niet stil blijven zitten.

Zoals je weet staat er bij Arcade Fire veel volk op het podium en kwam er bijgevolg ook veel nieuwe muziek uit, maar toch waren alle ogen op Will Butler gericht. Het was dan ook al bijna vijf jaar geleden sinds zijn debuutplaat Policy verscheen, maar de Amerikaan vond nu het perfecte moment om Generations op de wereld los te laten. Zeker nu de presidentsverkiezingen in het vooruitzicht liggen, wilde hij nog eens goed zijn gedacht zeggen over hoe hij zich voelt als inwoner van de Verenigde Staten. Een zoektocht naar zichzelf als het ware, maar ook op muzikaal vlak is het een beetje zoeken. Aan de voorsmaakjes konden we al horen dat Butler niet kwistig was op het gebruiken van genres en alles in de mixer gooide. Benieuwd of de cocktail in zijn geheel ook zo goed smaakt als alle ingrediënten apart.

‘Wie ben ik als rijke, witte, mannelijke muzikant in deze maatschappij?’ Dat is de vraag die volgens Butler zijn tweede langspeler samenhoudt. Om eerlijk te zijn, na het luisteren van Generations kunnen we daar niet meteen een antwoord op geven. De Amerikaan zet zijn kwaliteiten zeker en vast in de schijnwerpers, maar we missen jammer genoeg wat samenhang tussen de nummers. Dat begint al bij het elektronisch geladen openingsnummer “Outta Here”. Gedurende bijna vijf minuten komt alles heel sloom op gang, om dan plots omvergeblazen te worden door het verschroeiende tempo van “Bethlehem“. Van al die elektronica is er dan plots geen sprake meer, maar laat Will gitaren en drums voor zich spreken terwijl hij zichzelf volledig laat gaan. Een beetje een vreemde opener, als je het ons vraagt.

Zeker omdat de singles op zich ons ver over de streep konden trekken. “Surrender” deed ons bijvoorbeeld reikhalzend uitkijken naar Generations, maar valt in het geheel helemaal uit de boot. Al die vrolijke indiegitaren staan in schril contrast met de vage elektronica die de rest van het album in haar greep houdt. Wie weet is dat allemaal de bedoeling, zo’n zootje ongeregeld fabriceren, maar we betwijfelen het.

Soms lukt het wel om al die genres in elkaar te laten overvloeien. Zo krijgen we op “Hard Times” wat discoflarden te horen en gaan op “Promised” de klassieke strijkers hand in hand met de elektronische touches. Vooral dat laatste staat ons wel aan; alle ingrediënten zorgen stuk voor stuk voor een leuke bijdrage. De strijkers geven een euforisch effect, terwijl de synths voor een vleugje mysterie zorgen. En toch kan alleen een single ons voor de volle honderd procent overtuigen van die combinatie; in dit geval is dat “Close My Eyes“.

Wie is Will Butler nu in onze hedendaagse maatschappij? Wel, het meest duidelijke antwoord daarop krijgen we op de twee slotnummers. Te beginnen met “Not Gonna Die”, waarop de man een dikke vijf minuten zijn eigen toekomst probeert te voorspellen. De trage pianoballad bloeit open tot een leuk indierocknummertje, maar zo leuk het klinkt, zo luguber is de boodschap. ‘Hoe wil ik sterven?’ is de centrale vraag, ‘met al mijn vrienden en familie rondom me’ luidt het antwoord. Tot slot krijgen we nog een welgemeende dankjewel voor alle voorouders van de Amerikaan voorgeschoteld op “Fine”. En zo eindigen we, dankzij de wel zeer sterke “You Got It“-vibes van Roy Orbinson, met een positieve noot.

Dat Will Butler een bijzonder sterke muzikant is, en dat hij vooral echt wel weet waar hij mee bezig is, wordt ook na het luisteren van Generations nog maar eens duidelijk. Toch kon de man onze torenhoge verwachtingen slechts voor pakweg 65 procent inlossen. Tuurlijk, de nummers die hij maakt zijn zeker en vast van hoge kwaliteit, maar op een album is samenhang toch nog steeds een belangrijke factor, en jammer genoeg was het die factor die hier ontbrak. Geen man overboord, want we zullen de komende weken en maanden waarschijnlijk nog wel een paar keer genieten van leuke nummers als “Bethlehem” of “Promised”, maar het album in zijn geheel beluisteren zit er voorlopig niet meer in. Nu is het vooral terug uitkijken naar – om de band nog maar eens te noemen – nieuw materiaal van Arcade Fire en hopelijk een bijbehorende tour, want dat is uiteindelijk toch de manier waarop we Butler het liefst bezig zien.

Facebook / Instagram

Ontdek nog meer muziek op onze Spotify.

25 september 2020

About Author

Lucas Palmans


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief