
© CPU – Nathan Dobbelaere (archief)
Het verhaal van Black Country, New Road leest als een Griekse tragedie met zeven hoofdpersonages en de nodige portie drama. De kenmerkende plottwists en kantelpunten zijn in ieder geval aanwezig, waarvan de duidelijkste in januari 2022 werd geïntroduceerd met een anachronistische Instagram-post. Zanger Isaac Wood kondigde daarin aan, net voor de release van het vijf-sterren-album Ants From Up There, dat hij de band zou verlaten wegens de door zijn nummers te zwaar geëiste mentale tol. Het moet wel gezegd: of je nu net een kind op de wereld hebt gezet, een Oscar hebt gewonnen of een hattrick hebt gescoord in het laatste kwartier van een WK-finale: als je Ants From Up There oplegt, hangt er tegen het tiende nummer onvermijdelijk een kleine donderwolk boven je hoofd.
Deel twee van de tragedie leest zonniger en doet die wolk makkelijk verdampen. Black Country, New Road 2.0 bestaat intussen zelfs al langer dan haar oorspronkelijke gedaante. Het verhaal gaat verder met zes protagonisten en (voorlopig) één live- en één studioalbum. Zeker op die laatste, Forever Howlong, namen ze de aartsmoeilijke taak op om na hun eerste twee platen vrólijke nummers te schrijven, waarvan we er gisterenavond een heel pak te horen kregen. Om haar Antwerpse publiek volgens de wetten van Aristoteles tot een catharsis te brengen, – waar dat beter te doen dan in het Griekse amfitheater van het Rivierenhof? – kregen ze hulp van twee voorprogramma’s: Abel Ghekiere en Madra Salach.
Abel Ghekiere mocht een eerste aanzet geven. De multi-instrumentalist lijkt op zijn twee platen wel een soundtrack geschreven te hebben voor het Rivierenhof. Er werd enorm aandachtig geluisterd naar de serene liedjes van het viertal en de stilte was echt opvallend, wat eerst aan de tot dan toe redelijk lege tribune leek te liggen, maar ook tijdens de eerste kleine volkstoestroom zo bleef. Abel komt zelf zelden op de voorgrond te staan en de vier muzikanten vulden elkaar perfect aan. Invloeden van Black Country, New Road, maar zeker van caroline schemerden af en toe duidelijk door, zeker tijdens – hoe kan het ook anders? – “Caroline”. Tijdens dat voorlaatste nummer van de set besloot de band recht te staan, alsof de leden zelf doorhadden dat het onbeleefd was om te blijven zitten bij wat ze zouden spelen. Prachtig nummer, met een goeie, achteraf gezien jammerlijk weinig gehoorde stem van Ghekiere.

© CPU – Marvin Anthony (archief)
Met een klein half uur aan uitgebrachte muziek onder de arm was Madra Salach perfect uitgerust om een laatste voorzet te doen richting hoofdact. Dat de groep nog redelijk onbekend was voor het publiek, is niet vreemd: de eerste ep, It’s A Hell Of An Age, dateert van begin dit jaar. Wat iedereen wél meteen kon opschrijven, is dat we naar een Ierse band aan het kijken waren. Een hele traditionele overigens: al snel werden op de staanplaats volksdansgewijs toertjes gedraaid rond assen. Het plaatje was helemaal compleet wanneer tijdens het tweede nummer de mandoline werd bovengehaald, waaraan getrokken werd alsof het een slecht werkende kettingzaag betrof. Krachtige nummers werden afgewisseld met enkele volkse grapjes – die ze vertelden alsof ze afwisselend het volk toespraken vanop de toog van hun Ierse pub – over rode wijn, botten en Matty Healy. “The Man Who Seeks Pleasure” was daarna een waardige afsluiter.
En dan was het eindelijk aan het zestal met het grootste lettertype op de affiche om het slotakkoord van de avond te verzorgen. Black Country, New Road wordt tegenwoordig geleid door de stemmen van Tyler Hyde, May Kershaw en Georgia Ellery. Hun stemmen rolden gisterenavond soms zó harmonieus van de tribunes, dat we ons af en toe blasfemisch afvroegen waarom de drie niet vaker de zangpartijen op zich namen in Black Country, New Road 1.0. Openen deden ze met “Strangers”, het nummer dat ze uitbrachten ter ere van het benefietalbum HELP(2) van War Child, waar ze terecht tussen al die andere grote namen staan te blinken. Hun verschillende oproepen naar tevergeefs vanzelfsprekende menselijkheid in Palestina zetten dat nog kracht bij.

© CPU – Ann Carpentier (archief)
Ellery zat jammer genoeg met een kriebel in de keel, dat verraadde enkele hoestpartijen tussen de nummers door en het wegkwijnen van haar stem op het einde van “Two Horses”, dat sowieso te veel op de oppervlakte bleef en nooit volledig openbloeide. Dat was eigenlijk vaker het geval: ook “Socks” kreeg later niet het slotakkoord dat het verdiende en af en toe liet de band het momentum wat schieten door schoonheidsfoutjes. Tijdens “Nancy Tries To Take The Night” wisten de Britten het OLT eindelijk in te pakken: drummer Charlie Wayne excelleerde in zijn tempowisselingen, Lewis Evans wist die verschillende drumpartijen te bezweren met zijn repetitieve saxofoonmelodieën en ook de andere vier surften mee: dít is de Black Country, New Road waar we allemaal verliefd op zijn geworden.
Ook tijdens “For the Cold Country” bewees de band haar bakken aan talent: met een outro die regelrecht uit het oeuvre van black midi zou kunnen komen, bliezen ze het Antwerpse publiek echt even zuiver rockend weg. Jammer genoeg had de band daarna net te veel tijd gerekend om daarvan te recupereren, want het momentum ging weer even liggen. Recentste hit “Besties” was welkom en ook een cover van Wings met “Band On The Run” viel goed bij het publiek. Vervolgens had “Forever Howlong” iets van een inside joke tussen de muzikanten die wij niet meteen snapten, behalve dat het met vijf trompettisten en één May Kershaw die dirigeerde, zong en accordeon bespeelde, even op de omgekeerde rattenvanger van Hamelen leek. De verschillende instrumenten bleven onderling doorgegeven worden alsof het speelkaarten waren, tot ze weer in alle juiste handen waren terechtgekomen om met “Happy Birthday” nog een laatste keer te scheuren.
De prachtige oerknal die “Turbines/Pigs” heet en nochtans wel op de setlist stond in de AB eind vorig jaar, werd gisteren niet ingezet. Ook daardoor moeten we concluderen dat Black Country, New Road gisterenavond af en toe te veel op de oppervlakte bleef. Het talent is onmiskenbaar en bij momenten impressionant, maar de band wist die gisterenavond niet altijd op een even interessante manier te uiten. Op de momenten dat de leden toch hun pieken haalden, hadden ze het OLT wel bij haar nekvel.
En voor wie na vanavond toch nog met een wrang heimweegevoel zit naar Isaac Wood: ene Phoebe Bridgers kondigde enkele weken geleden uit het niets aan dat Wood eind dit jaar een comeback zal maken in Vorst als haar voorprogramma. Dus wie weet. Misschien zit de échte catharsis in het verhaal van Black Country, New Road er nog aan te komen.
Setlist:
Strangers
The Big Spin
Salem Sisters
Two Horses
Mary
Nancy Tries To Take The Night
For the Cold Country
Besties
Band on the Run
Dancers
Socks
Forever Howlong
Goodbye (Don’t Tell Me)
Happy Birthday





