
© CPU – Chris Stessens (archief)
De laatste jaren zit de populariteit van Alex G stevig in de lift. Recente albums God Save The Animals en Headlights helpen daarbij, maar de echte explosie in populariteit is toch vooral te danken aan de oude nummers die uit het niets opgepikt werden op TikTok. Ter, ietwat vreemde, vergelijking: de populairste nummers van de Amerikaan werden op Spotify meer dan dubbel zo vaak beluisterd als eender wat van The National. Het spreekt voor zich dat de fanschare ook stevig verjongd is, maar dat maakt de zanger niet per se minder eigenzinnig. Live dreigt Alex G er ter gimmick soms mee om een cover van 25 minuten van “Piano Man” van Billy Joel te spelen ter bestraffing van een zwak publiek, maar ook op plaat gooit de zanger er al eens een nummer tussen dat zodanig over-the-top voelt dat het weinig anders kan dienen dan zijn eigen plezier. Headlights was in die zin nog een redelijk liefelijke en radiovriendelijke indieplaat. En er zou vanavond gretig uit geput worden.
Sour Widows had de eer om de debatten te openen en deed dat lang niet onaardig. Dromerige slowcore met een dikke laag emo ging over in meer klassieke rock met psychedelische riffjes. Hier en daar werd er een scream tegenaan gegooid voor een publiek dat het allemaal wel kon smaken. De band sloot af met een instrumentaal slot, wat sowieso van durf getuigde en verbazend goed uitpakte. Eerlijkheid gebiedt te zeggen dat we nu ook geen nummer hoorden dat we ons tien minuten later nog sterk herinnerden, maar dat deed weinig af van de kunde van het viertal. De concentratie van een wel heel jong publiek werd veertig minuten lang niet gelost. De kerel die voor ons naar foto’s(!) van animatiefilm Cars aan het kijken was, was de uitzondering op de regel.
Het was even schrikken toen Alex G opkwam. Opener “Lousiana” is op plaat een uitblinker die naar shoegaze hint, maar werd live, zowel met als zonder stemvervormer, stevig buiten de maat gezongen. Dan overtuigde “Gretel” meteen erna stukken meer. Alex G kleedde de openingsronde opvallend stevig in met nummers die door de klassieke rockopstelling live veel harder gebracht werden dan op plaat. De typerende lofi was ver te zoeken, wat op zich geen probleem was, al gingen wij pas een eerste keer echt overstag toen “June Guitar” ook live haar fantastische accordeonoutro kreeg.
Dat Alex Giannascoli geen geschoold zanger is, viel vanavond nogal op. De Amerikaan is op zijn sterkst wanneer hij verlangend kan raspen en rommelen. De melancholische pijnen van “Beam Me Up” zijn hem zo op de stembanden geschreven. “Bug” was iets later nog zo’n nummer dat er volledig op was. Waar de nummers hem live iets minder op het lijf geschreven waren, compenseerde hij door bezeten door te duwen. Op “Afterlife” leek hij even zijn microfoon te gaan opeten, maar het werkte wonderwel. Van de weeromstuit werden de weinige bindteksten ook de zaal in geschreeuwd.
Een concert van Alex G is op haar fijnst wanneer de zanger toont wat voor een rare kwast hij eigenlijk is. “Blessing” werd zo vervormd tot een robotrockode aan Brussel. Het publiek slikte het allemaal als gesneden koek. Nog voor de zanger opkwam, werd zijn naam al gescandeerd en elke halve gelegenheid werd te baat genomen om de gsm-lampjes aan te flikkeren. Zeg van gillende fans wat je wilt, maar zelden een publiek gezien dat opgefokt enthousiasme en respect voor de beleving van de artiest zo combineerde. Het stond Alex G en “Headlights” toe om de set met een fantastisch instrumentaal stuk af te ronden.
‘Some things I do for love, some things I do for money’, zong Alex G al vroeg in de set, maar de fanservice in de bisronde behoeft geen gram cynisme. “Sarah” en “Mary” werden meegebruld en -gegild door een uitzinnige meute die de nummers omarmde als waren het anthems. Zo’n “Sarah” bestaat eigenlijk voor de helft uit inwending gemompel, maar zette de zaal toch in lichterlaaie. Alex G is een antiheld met anti-popsongs en juist daarom wordt hij door verschillende generaties op een schild gehesen.
De show van Alex G valt niet in een cijfer of een conclusie te vatten. De songs lijken vaak onaf met een zanger die er zijn pret in vindt om ze elke keer een andere zwier te geven. Het draagt alleen maar bij aan de charme en het mysterie achter de uitvoerder. In de Ancienne Belgique werden ietwat kleffe popnummers, klassieke rocknummers en random plezier in drievoud geserveerd. Wij houden het meest van die derde categorie, maar er zat voor elke fan genoeg vlees aan het been.






