
© CPU – Nathan Dobbelaere
De temperatuur was op zondag al redelijk wat gestegen met onder meer MARO, Ão en Tamino, en het leek erop dat die warmte was blijven hangen voor een dag met op de Main Stage Lady Lynn & Her Magnificent Seven, Selah Sue & The Garlands, Samara Joy en John Legend. Nadat we op zaterdag al een dag met uitsluitend vrouwen op het hoofdpodium hadden gehad, waren dat er op maandag dus ook weer drie en dat beloofde net zoals toen een hoop straffe stemmen. Die vonden we ook nog op de Garden Stage bij Bel Cobain, terwijl Aron! daarna voor een snelle muzikale hap optekende
Lady Linn & Her Magnificent Seven @ Main Stage

© CPU – Nathan Dobbelaere
De dag werd wederom om kwart voor vijf op gang getrapt met talent van eigen bodem. Dat gebeurde deze keer met Lady Linn & Her Magnificent Seven, waarvan er in eerste instantie maar zes op het podium stonden. Die zevende kwam er uiteindelijk wel bij, maar niet voordat er al een heerlijke cover van J.J. Cale’s “After Midnight” de revue gepasseerd was. Ook “I Don’t Wanna Dance” kon vanzelfsprekend niet ontbreken op de setlist en na een rustig begin met enkel piano en ook wat zang van het publiek ter begeleiding, voegde de band in na een knap stukje saxofoon om er een geheel leuke uitvoering van te maken. Linn droeg ook nog het onuitgebrachte ‘Two Brothers”, dat voor het eerste live werd gespeeld, op aan haar twee zoontjes, die ook in de tent aanwezig waren. Het slot was dan weer weggelegd voor een erg dansbaar “A Love Affair”. Lady Linn & Her Magnificent Seven was daarmee een goede opener, die het publiek al warm maakte voor nog wat meer vrouwelijk geweld.
Bel Cobain @ Garden Stage

© CPU – Nathan Dobbelaere
Voor dat vrouwelijk geweld gingen we eerst naar de Garden Stage, waar Bel Cobain twee sets voor haar rekening nam. De Britse zangeres liet zichzelf omringen door een uitstekende band, waarvan het met name de bassist was die zich in de kijker speelde. Zijn groove zorgde tot twee keer toe voor een set die de schouders deed meebewegen, al was het voornamelijk de présence en leuke soulstem van Cobain die een redelijke menigte wist vast te houden bij de Garden Stage. De zangeres stond er met een flinke portie zelfvertrouwen, maar dat kon zeker niet verward worden met arrogantie. Zo liet ze haar band op het einde van haar eerste set even heerlijk jammen, zodat ook zij hun talenten volledig tentoon konden stellen. Reken daar nog wat vlotte bindteksten bij en we begrepen meteen de hoeveelheid zelfde gezichten bij de eerste en tweede set.
Selah Sue & The Gallands @ Main Stage

© CPU – Nathan Dobbelaere
Met Selah Sue & The Gallands gingen we wederom verder met een straffe vrouwenstem. Sue werd bijgestaan door vader en zoon Stéphane en Elvin Galland op drums en toetsen. Beiden zorgden op instrumentaal vlak voor een indrukwekkende aanwezigheid en dat zorgde ervoor dat de show niet overkwam als Selah Sue en gelegenheidsband, maar wel als een sterk en stevig muzikaal collectief. Sue liet ook haar eerdere materiaal achterwege en focuste zich volop op Movin‘, het album dat met The Gallands werd uitgebracht. Die focus op het gezamenlijke werk zorgde voor een erg samenhangende show. Selah Sue en The Gallands zorgden er zo voor dat we op Gent Jazz toch meerdere keren hoopten dat het voor het project niet bij één album blijft.
Samara Joy @ Main Stage

© CPU – Nathan Dobbelaere
Ondanks dat we al een redelijk deel straffe stemmen gezien hadden, verbleekten die allemaal al bij de eerste noten van “U.M.M.G. (Upper Manhattan Medical Group)” van Samara Joy. De Amerikaanse zangeres zorgde met haar karakteristieke stem en enorme bereik haast voor constant kippenvel. Niet alleen Joys stem was straf, maar ook de begeleidingsband die ze met zich meebracht. Op “In a Meditating Mood” zorgden de blazers voor een gemoedelijke sfeer en toen Joy tijdens “Day By Day” zong dat ze elke dag meer en meer verliefd wordt op Gent, kreeg ze de handen op elkaar. Joy haalde nog enkele keren ferm vocaal uit, maar de aandacht bij het publiek ebde daarna helaas weg. Zowel op de tribune als op het middenplein werd er doorheen de set heen verdomd veel gekwebbeld. De discrepantie tussen de John Legend-fans en de muziek van Samara Joy was misschien wel te groot, maar dat betekent nog niet dat de strafste stem van de dag niet de volle aandacht verdiende tijdens nummers als “Ruby, My Dear” en “Monk’s Moon”, beiden van de hand van Thelonious Monk. De band bracht het tempo nog ferm omhoog met “It’s The Little Things That Mean So Much”, maar ook dat zorgde niet voor wat meer stilte bij het publiek. We hadden maar al te graag een speld horen vallen tijdens de stillere momenten van haar Billie Holiday-cover “Left Alone” of slotnummer “Two Lovers”, maar dat zat er op Gent Jazz helaas niet in. Samara Joy bracht met voorsprong de strafste set van de dag, al moest ze dat helaas wel doen voor een publiek waarvan een aanzienlijk deel oogkleppen – of in dit geval oorkleppen – ophad.
Aron! @ Garden Stage
Met maar drie optredens en in totaal twee verschillende artiesten op de Garden Stage, was het een korte dag op het kleine podium van Gent Jazz. Aron! was daarvan de laatste en dat was een frisse, maar vooral lichte hap. Met zijn vederlichte jazzpopliedjes en al even zachte stem, bracht de Amerikaan een set waarin hij niet veel verkeerd kon doen, maar we gingen ook zelden op het puntje van onze stoel zitten. Hier en daar gooide Aron! er wel een verrassende jazzgitaarlick tussen, die toch wel van een grote technische onderlegdheid getuigde. Hetzelfde kon gezegd worden voor zijn basgitarist, die ook enkele keren de nummers van fraaie toegevoegde melodieën voorzag. Aron! bracht kortom een aangename set, maar ook niet veel meer dan dat.
John Legend @ Main Stage

© CPU – Nathan Dobbelaere
Met John Legend waren we bij de headliner en tevens ook afsluiter van de dag aanbeland. De zanger was helemaal alleen afgezakt naar de Bijloke, maar daar stond gelukkig wel een piano op hem te wachten. Met “Save Room” begon Legend er meteen met een hitje aan en dat zorgde voor enthousiasme bij een publiek dat duidelijk speciaal voor de Amerikaan kwam. Dat enthousiasme bleef constant hangen, terwijl Legend volgens ons toch wel zijn uiterste best deed om dat te ruïneren. Zo bracht hij onder meer een verbastering van “Bridge Over Troubled Water”, maar ook een a capella-versie van “God Only Knows”, waarvan het inderdaad enkel God is die weet wat daar de bedoeling van moest zijn. Legend had met al zijn covers van wereldbekende nummers en zijn kale bezetting eerder wat weg van een verdwaalde Las Vegas-act en deed daar nog een schepje bij met een veel te lang “Here Comes The Sun”. Tussendoor gooide de Amerikaan er ook nog wat persoonlijke verhalen en reflecties tussen en daar waren we blij om, want terwijl hij dat deed was hij tenminste geen tijdloze klassieker de nek aan het omwringen. Ook met zijn eigen materiaal was Legend eigenlijk niets bijzonder, mede door de kale muzikale aankleding, maar ook doordat alles te hard op elkaar leek. Als voorlaatste nummer had hij met “All Of Me” wel nog zijn allergrootste hit staan, met veel gejoel en net zoals bij de covers veel smartphones de lucht in, maar ook dat was te licht. John Legend was op Gent Jazz zowat de concertversie van een tandpastacommercial en daarmee is dan ook alles gezegd.
Toch vergeten we niet dat de tiende festivaldag van Gent Jazz veel moois voor ons in petto had, met een aangename set van Lady Linn & Her Magnificent Seven, het knappe project van Selah Sue & The Gallands en de fenomenale stem van Samara Joy, met ook nog leuke optredens van Bel Cobain en Aron! op de Garden Stage.
Fan van de foto’s? Op onze Instagram staan er nog veel meer!
Alle recensies van Gent Jazz 2026 lees je hier.






Wat een onzinnige review. John Legend deed wat wij van hem verwachtten; het was een magisch concert.