
© CPU – Jan Van Hecke
Aan de vooravond van een nieuwe week pakte Gent Jazz uit met een line-up waar het België boven was. Het wereldkampioenschap mannenvoetbal gaan we intussen niet meer winnen, maar daar lieten de Belgische bands en artiesten zich niet door doen. Tamino en Ão lieten zich beiden inspireren door hun roots en brachten (zoals verwacht en gewoonlijk) een mooie set. Op de Garden Stage mochten naast Gala Dragot drie bands van het KASK voor kleur zorgen. De Main Stage werd echter wel ingeleid door buitenlands talent met de Canadese Dominique Fils-Aimé en de Portugese MARO. Wederom een fijne mix van sounds en sferen, zoals steeds op Gent Jazz.
Dominique Fils-Aimé @ Main Stage

© CPU – Jan Van Hecke
Dominique Fils-Aimé uit Montréal mocht de zonnige zondag in gang zetten en deed dat op een gemoedelijke, luchtige en toegankelijke manier. Haar mix van soul, jazz en blues bracht haar eerder al naar de podia van onder meer North Sea Jazz en Montery Jazz Festival. Eerder dit jaar bracht Fils-Aimé een nieuwe plaat uit, als ode aan haar mama en ze liet op het podium weten dat ze van alle mama’s houdt, maar die van haar toch de beste is. De relaxte qmuziek voelde met momenten soms wat eentonig aan, maar op sommige nummers werd het tempo wat omhoog gedreven en smeet de singer-songwriter er met haar band enkele frisse ritmes tegenaan. Een uurtje met Dominique Fils-Aimé was een toffe manier om de avond te beginnen, maar net iets bondiger had geen kwaad gekund als dat de set hier en daar wat scherper had gemaakt.
Znun @ Garden Stage

© CPU – Jan Van Hecke
Verstopt achter, voor en tussen tien televisieschermen stonden producers Zias Roeland en Rocco Segers samen met muzikanten Flor Nackaerts en Ziebe Van Mulders op het podium. Oorspronkelijk maakten zij als Znun dancemuziek, maar intussen is hun sound al wat veranderd. De muziek bleef echter uitermate dansbaar, al moet je je dansmoves zo inplannen dat je met een onverwachte twist overweg kan. De snelle muziek van Znun proefde fris en fruitig, en zelfs wanneer ze wat donkerder overkwam, dan bleef ze niet zwaar op de maag liggen. Znun leefde in het moment en wist een aanzienlijk deel van het publiek daarin mee te nemen, zelfs al stonden zij in de blakende zon. Het project had zich makkelijk (letterlijk) kunnen schuil houden achter de tv-schermen met beelden van blikjes en gekke mannetjes in een verouderde stijl, maar klonk net nieuw, uitdagend en lichtjes verslavend. Wat een Znun is, dat weten we niet, maar we willen er graag meer van.
MARO @ Main Stage

© CPU – Jan Van Hecke
De Portugese MARO ken je misschien van het Eurovisiesongfestival van een aantal jaar terug, maar intussen stond ze onder meer in het voorprogramma van Shawn Mendes en kan ze Billie Eilish tot haar fans rekenen. Die omschrijving klinkt nogal poppy en zo was haar optreden ook. De manier waarop ze in interactie ging met het publiek, vroeg om mee te zingen, wat elektropop bracht of rondjes stond te draaien met haar gitarist lagen niet in het laantje van wat we gewoon zijn op Gent Jazz. Dat nam natuurlijk niet weg dat de singer-songwriter geen fijne of goeie songs bracht en evenmin dat deze niet overtuigend werden gebracht. MARO slaagde exact in haar opzet en bewees zonder twijfel dat ze niet de gemiddelde songfestivaleendagsvlieg is, maar veel meer in haar mars heeft. Zet haar volgend jaar op een festival als Pukkelpop, Couleur Café of zelfs Rock Werchter en het slaat daar ongetwijfeld ook aan.
molrat @ Garden Stage

© CPU – Jan Van Hecke
De tweede KASK-band die aan bod kwam op de Garden Stage was molrat. Het vijftal lag mooi in de lijn van Znun, ware het iets meer flou, met iets meer vrijheid. De muzikanten stonden er in hun witte T-shirt, waarbij de drummer en de percussionist voor snelle ritmes zorgden. Er werd van in het begin aardig bewogen in het publiek, maar na een uitnodiging om wat dichter te komen staan werden de dansbenen nog iets losser gesmeten. Ondanks dat sommige nummers iets meer variatie konden gebruiken, zorgde de ewi (een elektronisch blaasinstrument) wel keer op keer voor een coole, frisse toets die het allemaal net iets unieker deed klinken. molrat zette in feite de lijn verder waar Znun ermee ophield en maakte er verder een dansfeestje van aan de Garden Stage.
Ão @ Main Stage

© CPU – Jan Van Hecke
Ão keerde terug naar Gent Jazz met een vijfde show op drie dagen tijd. Enkele uren eerder was het viertal nog terug te vinden op Cactusfestival in Brugge, maar dat weerhield de band er niet van om in Gent nog eens voluit te gaan. De groep bracht heel wat materiaal uit haar tweede album, maar ook oudere muziek mocht niet ontbreken. Het geheime recept van Ão is intussen niet meer zo geheim, maar blijft wel smaken. De muziek glijdt vlot van akoestisch naar elektronisch en alle tussenvormen, overgoten met een Portugese saus en wat danskruiden. Kleurrijk als altijd pakten Brenda Corijn en haar drie vrienden uit met hun rijke pallet aan sferen.
Jolan Decaesteckers elektronica deinsde soms subtiel op de achtergrond, maar zijn soundscapes vormden op andere momenten een bedreiging die groots aanvoelde. De klein aanvoelende zangpartijen van Brenda gingen in tegen die grote golf, waarna er een rustige meer akoestisch stukje een nieuwe sfeer opbouwde. Al gauw werd het terug ritmischer, waardoor er zowel in het publiek als op het podium gedanst werd. Brenda Corijn werd bovendien op meerdere momenten bijgestaan door een danser, waardoor het optreden een volwaardige Ão-ervaring werd. De groep begint stilaan ons Belgenland te overstijgen, want zelfs los van die Portugese teksten voelt dit muzikaal internationaler aan dan zelfs veel Belgische bands die als ‘groter’ gezien worden.
Helga Ameye @ Garden Stage
In tegenstelling tot de twee voorgaande KASK-projecten kwam Helga Ameye niet met dansbare muziek, maar met muziek om in te verdrinken. De singer-songwriter en haar vier muzikanten kwamen met een innemende sound, waarbij Helga Ameye een soort van tussenpositie leek in te nemen. Ze bevond zich standvastig in een luchtige ruimte tussen sferen, waarbij die allemaal binnen bereik lagen, maar net tussen de vingers glipten. Hierdoor onstond er een unieke sound waarbij de cello soms tegen haar stem in ging, maar er op andere momenten mooi over streelde. Het voelde een beetje aan alsof we ons in een loungebar bevonden, maar in plaats van een een dikke sigaar zaten we weg te dromen in de melancholie die steeds aanwezig, maar zelden overheersend was. Helga Ameye kwam met een unieke sound naar voren, waarbij ze de luisteraar helemaal meenam in haar wereld.
Tamino @ Main Stage

© CPU – Jan Van Hecke
Tamino was nog nooit op Gent Jazz geweest en speelde er nu zijn laatste show voor een hele tijd. Het derde album werd dus nog een laatste keer uitgebreid voorgesteld, waarbij “Every Dawns a Mountain” het eerste voorsmaakje m was. De singer-songwriter bracht het nummer grotendeels solo, vergezeld door een beetje cello die een magische toets toevoegde. Het was het begin van een warme rit, waarbij de diepe stem van de zanger vergezeld werd van even warme belichting op zijn gezicht. De muziek bleef aanvankelijk vrij voorzichtig, maar eens “Sanctuary” werd ingezet, brak het geheel verder open. Zelfs zonder Mitski bleef het een meeslepend nummer, dat werd opgevolgd door het epische “The Flame”. De intro alleen al nam ons mee in een filmische wereld, waarbij de opzwepende percussie en tekenende cello dat gevoel later alleen maar groter maakten. Tamino begon rustig, maar bouwde steeds meer en meer, zonder daarbij te ver te gaan.
Na het hoogtepunt van “The Flame” gooide de singer-songwriter het namelijk over een andere boeg. Tijd voor een solo gebracht nummer. Nog intiemer en breekbaarder dan tevoren. Tussen het getokkel op de gitaarsnaren had je een naald kunnen horen vallen, want het was muisstil in de tent. Met zijn engelenstem voelde het aan alsof Tamino op je tong plaste, en dat gevoel bleef hangen, ook wanneer zijn band terugkeerde. De magie bleef in de tent, en wanneer “Tummy” werd ingezet werd die zelfs nog meer benadrukt. Je voelde dat het publiek hun enthousiasme over het lied wou uitdrukken, maar eveneens geen lawaai durfde te maken. Na pakweg “Babylon” kwam de stille mensenmassa echter wel met een luid applaus, terecht want het magistrale nummer en die paar hogen noten waren om de vingers bij af te likken. “w.o.t.h.” vormde vervolgens een grootste climax, waarmee Tamino aantoonde dat hij ook goed gas kan geven, maar daarvoor kwam het publiek natuurlijk niet.
Als toegift ging Tamino dus terug de rustige route uit, waarbij hij verlegen plaats nam achter de piano. Hij gaf toe niet zo goed te kunnen spelen en leek zelfs stress te hebben met die fantastische muzikanten rond hem. Het maakte van de muzikale engel even een nederige mens, maar vanaf de eerste tonen van “Indigo Night” vloog hij terug naar dat engelenniveau. Kippenvel, en daarna nog een schepje er bovenop met “Habibi”. Het eerste refrein werd daar vervangen door een cellosolo, waardoor het tweede refrein des te hemelser aanvoelde. Tamino zette zijn beste beentje voor en bracht een haast vlekkeloze set op Gent Jazz, waarmee hij aantoonde dat hij niet moest onderdoen voor die grote levende legendes die de voorgaande dagen het podium als headliner bewandelden.
Gala Dragot @ Garden Stage
Op het einde van de avond kreeg Gala Dragot nog een uurtje de tijd om haar ding te doen op de Garden Stage, en dat deed ze dan ook gewoon op haar manier. De singer-songwriter nam eerder al deel aan The Voice en Eurosong, maar pakt tegenwoordig uit met eigenzinnige songs die live vergezeld worden door haar unieke persoonlijkheid. Gala nam zelf plaats achter de piano, vanwaar ze prachtige ballades zong, maar even goed nam ze er de gitaar of zelfs een klarinet bij. Ze gaf tussen twee nummers door toe dat ze voor het eerst op een podium een gitaar moest stemmen, om er daarna wat ruige tonen uit te toveren; intussen legden klarinet en contrabas de basis voor een karaktervolle song. Doorheen haar set werd het meer dan duidelijk dat Gala Dragot veel muzikaal talent heeft, door haar songwriting maar evenzeer de beheersing van diverse instrumenten. De singer-songwriter schildert keer op keer een nieuw landschap, waarin dat landschap altijd een licht andere invulling krijgt. Een landschap met roze schapen of een beek waarin het water hoger stroomt dan het omliggende land. Net iets anders, maar net dat maakte het zo interessant, want je wist nooit wat er zou komen. Een innemend en verfrissend einde dus met unieke artieste!
Fan van de foto’s? Op onze Instagram staan er nog veel meer!
Alle recensies van Gent Jazz 2026 lees je hier.





