
© CPU – Peter Verstraeten
Soms gaan weekenden sneller dan anderen, maar afgelopen weekend is wel in een rotvaart aan ons voorbij getrokken. Grootste reden hiervoor is toch wel Sjock, dat ons drie dagen lang wist te vermaken met het nodige gitaargeweld. Dat begon op de vrijdag met onder meer CRACKUPS, Itches en Sha-La-Lees, zette zaterdag door met onder andere Refused en deed er gisteren, op de derde en laatste dag, nog een schepje bovenop. Zo mocht onder meer ‘grote beer’ Gull House openen, brachten Wine Lips en Die Spitz stevige sets naar de mainstage en werd het festival groots afgesloten door headliner Wolfmother. Kortom, een hoop te beleven en dat begon al vanaf half één.
Gull House @ Mainstage

© CPU – Peter Verstraeten
Of ja, half één… Onze dag begon echter maar wat stroef. We kwamen ruim op tijd aan op de parking, maar werden daar weggestuurd met de boodschap dat we ons aan de backstage moesten melden. Die route nam toch een kleine twintig minuten in beslag, om vervolgens aan de poort opnieuw doorverwezen te worden naar de gewone parking. We snappen het, het zijn allemaal vrijwilligers die zeker hun best doen, maar we zagen de minuten langzaam aan wegtikken en hoorden vanuit de auto Gull House al lang en breed aan het spelen was. Eenmaal op het festival was de groep dan ook al grotendeels door zijn magazijn heen, maar gelukkig bewaarde het nog flink wat energie voor de laatste minuten. Vooral afsluiter “Date Night In The West” wist behoorlijk wat potten te breken door zijn razernij, waardoor de lichte frustratie van het begin van de dag als sneeuw voor de zon verdween. Volgende keer hopen we wel van begin tot eind mee te kunnen, want wat we zagen was zeker goed te noemen.
Volk @ The Titty Twister

© CPU – Peter Verstraeten
Belgian Asociality riep ooit in een ver verleden dat er volk aan de toog stond, maar op Sjock staat die gewoon op het podium. Op de planken van The Titty Twister stond namelijk Volk, een duo van de andere kant van de wereld die het gitarenfestival als laatste stop had van hun Europese tour. Met twee is het misschien wat kleiner in schaal dan de naam deed vermoeden, maar toch maakten Eleot Reich en Christopher Lowe geluid voor tien. Het had iets van country, iets van garagerock en we willen zelfs zeggen dat we een spoortje voorzichtige punk doorheen de regels hoorden. Het was in ieder geval een muzikale cocktail waar we best blij van werden en hoewel het hier en daar net iets te statisch werd, klonk het zeker wel goed. Al bij al was het een stuk steviger dan wat we op dag twee in de tent hoorden en waren daarmee blij dat we het podium toch nog een tweede kans gaven, want Volk was een prima toevoeging aan de sterke bands die we dit weekend zagen.
Die Spitz @ Main Stage

© CPU – Peter Verstraeten
Het was alsof een hert in een koplamp keek, zo kwam bassist Kate Halter van de band Die Spitz op. Ze leek overrompeld door de mensenmassa voor haar neus, maar dat gevoel was gelukkig maar van korte duur. Zodra het eerste akkoord werd ingezet en de spits werd afgebeten, veranderde de ogenschijnlijke schroom in pure furie en switchte Halter van een bang hert naar een zelfverzekerde predator op jacht. Snappen we ook wel, want aan haar zijde had ze drie medemuzikanten die niet bang waren om hier en daar flink wat herrie te schoppen. Ellie Livingston en Ava Schrobilgen vuurden hun gitaarriffs op volle toeren af en schreeuwden zich moeiteloos een weg doorheen de geluidsmuur, terwijl het bij drummer Chloe De St. Aubin leek alsof ze een jarenlange vete aan het uitvechten was met haar drumstel. Nee, deze band was allesbehalve zachtaardig en vuurde de ene na de andere venijnige noot af. Wat een girlpower stond hier op de het podium!
KOMISAR @ Bang Bang Stage

© CPU – Peter Verstraeten
Toen we in de aanloop naar het festival de playlist met artiesten wat afstruinden, viel ons luisterend oor meteen op KOMISAR. De Kempische mannen brachten op de streamingsdiensten namelijk een flinke dosis Britrock en deden ons met bepaalde tracks sterk aan de vroegere Arctic Monkeys denken. Toch klonk het op het podium een pak minder als de mannen van Sheffield en kreeg KOMISAR live een eigen smoel. Zij het wel eentje die minder overtuigde dan op plaat. De scherpte van de studio-opnames bleek lastig te vertalen naar het podium en het geheel miste de punch die de songs online zo aantrekkelijk maakte. Het was allemaal net een tikkeltje minder aantrekkelijk, alsof je via Tinder een date deed regelen met een Zweeds topmodel, maar vervolgens iemand van de hogeschool van Gent in een versleten joggingbroek voor je neus kreeg. Niet verkeerd, maar toch niet helemaal wat de profielfoto, of in dit geval de streamingsdiensten, beloofde.
Wine Lips @ Mainstage

© CPU – Peter Verstraeten
Wat doe je als een band je zowel op Clamotte Rock als op Best Kept Secret achterover heeft geblazen? Juist, nog eens zien! Wine Lips was op beide festivals een schot in de roos en ook op Sjock was dat het geval. De groep mocht op het hoofdpodium aantreden en palmde deze vanaf de eerste seconde volledig in. De Canadezen serveerden hun met fuzz doordrenkte garagepunk opnieuw met een rotvaart en een flair waar menig band jaloers op mag zijn en kozen zelden tot nooit voor de makkelijkste route. Nee, bij Wine Lips geen voorspelbare couplet-refreinstructuren of opvullertjes om adem te halen, maar continue gas geven tot de zuurstofflessen leeg zijn. De ene na de andere brok energie werd het publiek in geslingerd en het dak ging er van het explosieve “Stimulation” tot aan het woeste “Fried IV” volledig af. Drie keer in korte tijd gezien, drie keer volledig overtuigd!
The Drowns @ Bang Bang Stage

© CPU – Peter Verstraeten
We liepen nu al een heel weekend rond op Sjock, maar nooit hadden we in die drie dagen een rookmachine bij de Bang Bang Stage gezien. Toch leek het er rond kwart over zeven sterk op dat er eentje was aangesloten, want voor het podium van The Drowns hing een fikse wolk die uitwaaierde over het ganse publiek. Toen we dichterbij kwamen, zagen we de oorzaak: op het veld van de Bang Bang Stage werd er op de tonen van “Black Lung” en “Wolves on the Throne” de ene na de andere moshpit opgestart, waarna het al snel stof happen werd.
Wijzelf hielden ons maar veilig afzijdig, maar ook daar kregen we stevige klappen te verduren. The Drowns speelden namelijk zoals een punkband hoort te spelen, met furieuze vuistslagen die in het ritme van een mitrailleur uit de speakers knalden. Toch waren de mannen zelf niet de kwaadste en vooral de in het rond stuiterende gitarist niet, want die maakte tijdens zijn wervelstorm meermaals tijd om zelfs de kleinste bezoekers persoonlijk te entertainen. Al bij al dus een brok energie en een muur van geluid, maar wel eentje met het hart op de juiste plaats.
FIDLAR @ Mainstage

© CPU – Peter Verstraeten
Ai, daar ging veel fout bij FIDLAR. De band uit L.A. had vanaf de eerste seconden last van technische issues die duidelijk wat roet in het eten gooide. De gitaarpedalen klikten niet vast wanneer ze dat moesten doen, de microfoon pikte niks op terwijl er weldegelijk iets door geroepen werd en ook de speakers kraakten aan alle kanten. Veel dingen waar de groep uiteraard geen invloed op had, maar ook bij de dingen waar het zelf de touwtjes in handen had, had het stevig wat problemen. Tijdens de cover van “Wonderwall” leek de zanger flink buiten adem en kwam er amper lucht bij zijn schreeuwen, maar ook het eigen werk werd vaak niet gebracht zoals het zou moeten. De nummers van FIDLAR gingen met de snelheid van het licht, maar echt bijbenen kon het viertal niet. Het eindresultaat was een show die amper indruk maakte en we moesten ons vermaak maar uit het publiek halen, want die vond de muziek goed genoeg om er een ferm feestje op te bouwen.
Wolfmother @ Mainstage

© CPU – Peter Verstraeten
Sommige mensen vieren het jaar voordat ze vijftig worden het grootste feestje van hun leven, om maar niet aan dat volgende beruchte levensjaar te denken. Vijftig is en blijft natuurlijk een getal dat de meesten liever zo lang mogelijk uit hun paspoort houden. Toch denkt Sjock daar anders over en kijkt het juist uit om volgend jaar het Abrahamschap te vieren met een line-up die gerust een jubileum waardig is. Toch hield ze dat niet tegen om ook dit jaar uit te pakken, want na Melissa Etheridge en Refused was het op de laatste dag tijd voor Wolfmother om het festival naar huis te spelen.
Wolfmother op een affiche zetten is een beetje zoals een oude muscle car van stal halen: hij verbruikt wat meer, stuurt misschien niet zo strak en soepel als vroeger, maar het blijft fijn geluid geven als hij eenmaal op gang komt en de motor stevig ronkt. Ook op de Mainstage van Sjock kwam het oude beestje op gang en de band trapte de set stevig af met vaste opener “Dimension”. Andrew Stockdale stond zoals altijd in spijkerjasje en met zijn herkenbare, woeste haardos op het podium, gewapend met zijn rode Gibson SG die door de boxen gromde alsof het nog altijd 2005 was. En gezien de setlist dacht Wolfmother dat ook echt, want het gros wat passeerde kwam ook van het in dat jaar verschenen album.
Dat was echter geen klacht, want die nummers blijven nog steeds overeind staan als een rots in de branding. “White Unicorn”, “Apple Tree” en vooral het vurige “Woman” klonken alsof ze geen dag ouder waren geworden en werden met zichtbaar plezier gebracht. Het was ook het werk van dat album wat voor herkenning zorgde, want zodra de groep ander materiaal tevoorschijn haalde, zag je duidelijk de menigte met hun gedachte afdwalen.

© CPU – Peter Verstraeten
Wolfmother was een serieus grote naam om binnen te harken, maar toch merkten we dat we gisteren betere bands aan ons voorbij zagen gaan. De Australiërs hadden de grootste spot op de affiche en brachten zeker een solide set, maar zorgden niet voor de meest spectaculaire show van het weekend. Wel zorgde het voor de grootste meezinghit van de afgelopen drie dagen, want toen “Joker And The Thief” werd ingezet, schoot het volledige terrein collectief wakker. En dat is wel hetgene dat festivalbezoekers onthouden. Wolfmother leverde misschien niet het meest opwindende optreden van het weekend, maar wel een slotmoment dat bleef hangen. En soms is dat alles wat een headliner moet doen.
Dat was dan alweer Sjock voor dit jaar. Een eerste keer, maar ons gevoel zegt ons dat het zeker niet de laatste keer gaat zijn. Volgend jaar viert het festival, zoals eerder gezegd, zijn vijftigste verjaardag en als we de organisatie mogen geloven, gaat dat groots gevierd worden. Wees er dus bij, ook al is het pas over een goed jaar.
Fan van de foto’s? Op onze Instagram staan er nog veel meer!
Onze recensie van de eerste festivaldag lees je hier.
Onze recensie van de tweede festivaldag lees je hier.





