
© CPU – Nathan Dobbelaere
Op onze redactie werd een tijdje geleden een vreugdevuur ontstoken, want onze wens dat Kiss na het fenomenale afscheidsconcert van vorig jaar in het Sportpaleis toch nog eens zou afzakken naar België ging in vervulling; Kiss breidde gewoon een vervolg aan haar The End Of The Road-tour! Voor de liefhebbers die er de eerste keer niet bij konden zijn een extra kans, maar voor de vele fans natuurlijk nog eens een extra moment om hun geliefde band aan het werk te zien met een oogverblindende show vol klassiekers.
Een band als Kiss is dan ook niet aan z’n proefstuk toe; twintig studioalbums, zestig singles waaronder tijdloze klassiekers als “I Was Made For Loving You”, “Rock and Roll All Nite” en “Detroit Rock City”, en niet te vergeten een ongelooflijke livereputatie. Na een carrière van ruim 50 jaar op de planken besloten zanger/gitarist Paul Stanley en bassist/zanger Gene Simmons (de resterende originele leden) om in schoonheid te eindigen met een knaller van een afscheidstour. De tournee startte in 2019, passeerde vorig jaar in het Antwerps Sportpaleis en landde gisteren dus voor een tweede keer in ons land. Deze keer was het Paleis 12 dat de eer had om The Starchild (Stanley), The Demon (Simmons), The Spaceman (gitarist Tommy Thayer) en The Catman (drummer/zanger Eric Singer) te ontvangen.

© CPU – Nathan Dobbelaere
Alvorens het New Yorkse viertal het podium in vuur en vlam mocht zetten, was het nog de beurt aan Skid Row, een hardrockband uit Los Angeles die voornamelijk eind jaren tachtig en begin jaren negentig hoge toppen scheerde. In Brussel werd afgetrapt met een vrij logge versie van “Slave to the Grind” maar een sterke uitvoering van “Big Guns” maakte dit daarna al vlug weer goed. Hits als “Monkey Business” en “I’ll Remember You” misten hun effect ook helemaal niet. Zanger Erik Grönwall stond bijzonder viriel op het podium en haalde vocaal regelmatig uit terwijl de gitaristen Dave Sabo en Scotti Hill riffs de zaal inschoten. Het publiek lustte er wel pap van. Met afsluitende “Youth Gone Wild” kreeg de band de vuisten van het publiek ook nog een keer in de lucht. De set van Skid Row was in zekere zin gevuld met clichés uit de hardrock, maar bood zo ook iets wat iedereen wou: een fijne en aanstekelijke rockshow die met veel overgave werd gebracht.
Na het degelijke voorprogramma werd de spanning langzaamaan opgebouwd voor Kiss; een immens doek met de bandnaam werd opgehangen voor het podium. Wanneer uiteindelijk de lichten gedoofd werden en een luide backingtrack van Led Zeppelins “Rock and Roll” startte, steeg de spanning al gelijk naar een hoogtepunt. Onder luid applaus viel het doek weg en daalden Stanley, Simmons en Thayer met een platform uit de nok van het dak. Ze schoten uit de startblokken met een verschroeiende versie van “Detroit Rock City” en trokken meteen alle registers open met vuurwerk, indrukwekkende ontploffingen en een lichtshow die waarschijnlijk evenveel energie gebruikte als een kleine stad. Van een knallende opener gesproken!

© CPU – Nathan Dobbelaere
Wat volgde was een show die in grote lijnen identiek was aan de voorstelling van een jaar geleden in het Sportpaleis, met slechts hier en daar kleine verschillen op de setlist. Monsterproducties zoals de The End of The Road-tour zijn natuurlijk tot in de puntjes voorbereid en dus is er weinig ruimte voor improvisatie. Het is dan ook niet zo gek dat de shows uit zo’n tour gelijkaardig verlopen. Goed nieuws voor wie er de vorige keer niet bij kon zijn, en voor de goed geïnformeerde fans waarschijnlijk ook helemaal geen probleem. Kiss stond in elk geval met een overdonderende energie en authentiek enthousiasme op het podium, waardoor je nooit het gevoel had dat het zomaar weer een nummertje aan het afdraven was.
Stanley en Simmons spraken het publiek doorheen de set meermaals toe en vervulden hun rol van publieksmenners om de zaal in beweging te krijgen. Dit lukte niet altijd met evenveel succes; enerzijds omdat Paleis 12 door de buitentemperatuur in een stomende bunker was veranderd, anderzijds omdat het gemiddelde publiek van Kiss natuurlijk ook al geen twintig meer was. De mensen op de zitplaatsen bleven doorheen de show dan ook zitten, ondanks dat het spervuur aan hits en het enthousiasme van de band zeker uitnodigden om plezier te maken. Iedere vogel zingt zoals hij gebekt is en elke concertganger amuseert zich zo ook op zijn eigen manier, en wij hadden zeker niet de indruk dat het zittend deel van het publiek zich niet amuseerde.

© CPU – Nathan Dobbelaere
De energie van Kiss was in elk geval indrukwekkend. Er was natuurlijk het immense showelement van vuurwerk, ontploffingen en lazers, maar daarnaast stonden de muzikanten ook geen seconde stil. Het ene moment stond Simmons vuur te spuwen, vervolgens stond hij alweer op een andere hoek van het podium te stampen en z’n iconische tong uit te steken. Ook Stanley bewoog nog steeds als een jong veulen over het podium, vuurde vlammende solo’s af op het publiek en vloog zelfs even door de zaal met een kabelconstructie. Eigenlijk kwam je als toeschouwer ogen tekort om de flitsende details te blijven volgen. Kiss staat bekend om zijn indrukwekkende liveshows en op dat vlak werden de verwachtingen in Brussel weer ruimschoots ingelost.
De muziek blijft natuurlijk het belangrijkste, en die was alweer om van te smullen. Vanaf de opener “Detroit Rock City” tot het afsluitende “Rock and Roll All Nite” werd Paleis 12 getrakteerd op sterk gebrachte hardrock. De geluidsmix zat doorheen de hele set optimaal, met volle drums, scherpe gitaren en heldere zang. Stanley schreeuwde er tijdens het optreden enthousiast op los, maar haalde niet altijd met evenveel succes z’n noten. Niet dat het ons stoorde, want de energieke manier waarmee hij de songs bracht maakte die beperkte vocale misstappen ruimschoots goed.

© CPU – Nathan Dobbelaere
Het is moeilijk om uit de lange setlist van knallers enkele hoogtepunten te kiezen, al rekenen we de muzikale napalmbom “War Machine” en een luid meegezongen “I Love It Loud” tot onze favorieten. Ook de licks en riffs in “Deuce” waren om duimen en vingers bij af te likken, zeker wanneer in de visuals beelden van de jonge band werden getoond en de hedendaagse groep synchroon begon mee te dansen met zijn jonger evenbeeld. De indrukwekkend finale van “Lick it Up”, inclusief een donderend stukje van The Who’s “Won’t get Fooled Again”, liet ons eveneens happend naar adem achter, terwijl “I Was Made For Loving You” natuurlijk iedereen aan het dansen en meezingen kreeg. De mooie pianoballad “Beth”, die drummer Singer in de bisronde voor z’n rekening nam, was dan weer een smaakvol afkoelmoment alvorens een luid meegezongen versie van de klassieker “Rock and Roll All Nite” iedereen terug richting huis stuurde.
Kiss bracht in Brussel een verschroeiende show. Wie er vorig jaar in Antwerpen bij was, zal weinig nieuws gezien hebben, maar zal zich minstens weer even hard geamuseerd hebben met de indrukwekkende show, de intensiteit van de band en vooral de heerlijke muziek. In december zou de afscheidstournee van Kiss definitief ten einde moeten lopen in Madison Square Garden. Wij beleefden alvast de tijd van ons leven tijdens de Belgische passages van de band.
Fan van de foto’s? Op onze Instagram staan er nog veel meer!
Setlist:
Detroit Rock City
Shout It Out Loud
Deuce
War Machine
Heaven’s on Fire
I Love It Loud
Say Yeah
Cold Gin
Lick It Up
Making Love
Calling Dr. Love
Psycho Circus
God Of Thunder
Love Gun
I Was Made for Lovin’ You
Black Diamond
Beth
Do You Love Me?
Rock and Roll All Nite






