Albums, Recensies

Bear – Propaganda (★★★★½): Juiste ingrediënten voor subtiele agressie

Over een band valt soms zodanig veel te zeggen, dat het bijna vervelend wordt om ergens te moeten beginnen. Er zijn veel kernwoorden waar je vandaag mee kan starten: koppig, volhoudend, agressief, onbemind, muzikaal talent… De onbekende en onbeminde parels, ze bestaan nog. Er zijn dus nog groepen en platen waarvan je steeds achterover valt met daarin meteen de kanttekening waarom deze band niet bekender is dan dit, ook al is het genre redelijk beperkt in omvang. Daar kunnen we vele redenen voor bedenken, maar we laten vooral de muziek zijn werk doen en daar gaan we het vandaag voornamelijk over hebben. Want BEAR, dat is muziek die bij iedereen een bepaalde emotie zal oproepen. Verschillenden zullen hierbij de emoties van walging en afkeer voelen opborrelen, maar een gevoelig oor hoort hier vooral een gezonde dosis agressiviteit gecombineerd met een ongekend muzikaal talent.

BEAR is een viertallig combo dat bestaat uit heren die reeds een aardig verleden hebben samengespeeld in verschillende bands zoals Set Things Right, Clouded, Reply, Death Before Disco, The Setup, Overlord, Gazzoleen… Na het vertrek van stichtend lid en gitarist Leander Tsjakalov was het toch even bang afwachten of deze leemte kon opgevuld worden. Met James Falck is er een waardige vervanger gevonden en wordt er aan muzikaal talent niet ingeboet. BEAR is begonnen als djent/math-metal, en klonk als een Belgisch antwoord op onder andere Dillinger Escape Plan. Langzamerhand slopen er wat meer ‘mainstream’ invloeden in de muziek en trokken ze de waaier wat breder open. Met de livereputatie die ze met zich met mee dragen, zal BEAR nooit braaf worden en dat kan je live bewonderen als het nummer “Wreckthings” steeds letterlijk wordt genomen.

BEAR is op verschillende vlakken geëvolueerd. Vroeger was het tempo steevast hoog en werd er weinig ruimte gelaten aan het publiek om te ademhalen. Sinds de vorige plaat /// hoor je toch dat er plaats is gekomen voor wat groove. Het tempo wordt teruggeschroefd opdat ritme en danspasjes hun plek krijgen. Alle instrumenten krijgen nu ook wat meer kansen en zo verdient basgitarist Dries Verhaert ook meer spotlighttijd op deze plaat. Op sommige nummers  heeft die basgitaar zelfs een prominente plaats, en dan denken we vooral aan “Obey” en “Gutter Love“. Dat het tempo er soms uitgehaald wordt, creëert ook meer logheid en zwaarte in de nummers; “Apollo’s Heist” is daar zo’n mooi voorbeeld. Dat nummer is niet typisch BEAR, maar het klinkt wel ontzettend zwaar.

Maar degenen die dachten dat het er allemaal wat trager en gezapiger aan toe zou gaan, die vergist zich toch. De opener “Dissolve Dissipate” start explosief en dat doet enorm veel aan vroeger denken. Ook “Stigmata” is zo’n nummer waarop het plafond er gewoon af moet. De agressie zit er nog steeds in, maar is veel meer latent aanwezig dan vroeger. En dat is een evolutie die zowel gedurfd als heel logisch is. Als je constant die agressie uit in elk deel van je nummer, dan haken veel luisteraars snel af. Nu klinkt deze agressie veel harder, net omdat deze wordt afgewisseld met tragere en opbouwende stukken. Ook zanger Maarten Albrechts heeft op dat gebied enorme stappen voorwaarts gemaakt. Dan hebben we het niet over zijn kwaliteiten als zanger, maar wel over de afwisseling die hij op deze plaat brengt. Ook dat hoorden we al op het vorige album, maar dat werd hier duidelijk extra benut.

Het uitgebreide arsenaal aan geluiden is iets waar BEAR ontzettend hard aan werkte. De constante agressie en uptempo math/djent heeft plaats gemaakt voor een veel breder perspectief. Elk nummer heeft een overwegend deel van een bepaald aspect in zich, maar toch is er wel degelijk een rode draad te vinden. De altijd aanwezige agressieve ondertoon, die door drummer Serch Carriere live nog meer wordt onderstreept, wordt nu gecombineerd met een frivoliteit die we niet eerder kenden. De mix van deze verschillende stijlen vind je steeds vaker terug in de moderne metal zoals bij Gojira, maar toch slagen er weinig bands in om dit zo goed en subtiel te brengen. Zelfs een overgangsnummer als “Mite” is een sterk staaltje van ingetogen hardheid zonder overbodig te worden.

Deze plaat is ongemeen spannend en doet meer denken aan een cupwedstrijd dan aan een plaat. Elke noot is opwindend en er is niets op de plaat dat vervelend is. We gaan het niet hebben over het feit dat we vinden dat BEAR veel meer verdient (want dat is zo), maar we willen wel even zeggen dat deze plaat 100% genieten is voor iedereen die van moderne metal houdt. Deze plaat heeft alle ingrediënten die nodig zijn om het te maken in de metalwereld. Na drie jaar stilte klauwt de beer nog steeds en brengen ze zo hun vierde plaat uit op 8 mei en deze komt uit op Pelagic Records. Wanneer je deze aanschaft, dan zal je daar geen spijt van krijgen. Het is niet zo dat alle beren elkaar graag zien, maar deze beer zien we toch wel ontzettend graag. Wat een plaat!

Facebook / Website

Volg ons op Spotify voor meer nieuwe muziek.

8 mei 2020

About Author

Wouter Vandeweyer


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief