Albums, Recensies

KOKOKO! – Fongola (★★★★): Dansen, dansen, dansen

Met hun eerste langspeler tonen de mannen van KOKOKO! meteen dat Afrikaanse muziek veel breder is dan wat we vaak denken. Met zelfgemaakte instrumenten weten ze elektronische muziek te maken waarmee ze hun roots toch niet verloochenen. Van de teksten verstaan we niet al te veel, maar dit draagt enkel bij tot de sfeer. Het is een vernieuwend album geworden, waardoor we benieuwd zijn om nog meer te horen van deze mannen.

Het Congolese collectief ontstond op een straatfeest in Kinshasa, waarna de leden besloten om samen muziek te blijven maken. Net als toen blijven ze nog altijd spelen op hun zelfgemaakte instrumenten; hiervoor gebruiken ze metaaldraad, blikjes, auto-onderdelen en plastieken potten en emmers. Niet enkel waren het DIY-instrumenten, ook hun opnamestudio werd zelf gemaakt uit matrassen en pingpongtafels met microfoons uit winkels waar enkel priesters passeerden. Dit zou je niet meteen zeggen als je enkel naar hun album luistert, en net daarom is het een band die je echt eens live gezien moet hebben. Als dit nog niet het geval is, zal je moeten wachten tot het einde van dit jaar wanneer ze naar de Botanique zullen komen, nadat ze The Fabric in Londen en Berghain in Berlijn hebben plat gespeeld.

Het hele album ademt gewoon Afrikaanse sferen, maar de elektronische elementen zorgen voor iets dat we nog niet al te vaak hoorden. Neem nu “Azo Toke”, het nummer geeft perfect de sfeer weer die er in de Afrikaanse hoofdstad heerst. Het is heel dansbaar, maar toch klinkt de Frans-Lingalese op sommige momenten wat donker. Ook sta je er geen moment bij stil dat dit gemaakt werd zonder echte instrumenten of computer. Het nummer doet ons op bepaalde momenten denken aan Buraka Som Sistema en dat is niet verwonderlijk, aangezien ze ook dancemuziek maakten waarbij ze hun inspiratie haalden uit Afrikaanse muziek.

“Buka Dansa” is dan weer wat meer uptempo, waarbij je echt al moeite moet doen om niet te willen bewegen. Ze hebben het nummer dan ook een heel toepasselijke titel gegeven, want het betekent “Dans tot je breekt”. Zo ver gaan we het nog net niet drijven, maar dansen tot we niet meer kunnen, zal zeker wel het geval zijn.

Op “Malembe” klinkt de groep dan net weer wat agressiever, maar dit gaat niet ten koste van de dansbaarheid. Dit was ook de reden waarom het album gemaakt werd: de geest van Kinshasa omzetten in muziek. Ze verloren twee leden aan longkanker en elektrocutie, huizen worden verwoest door de politie en corruptie is hen daar ook niet vreemd. Dat ze deze gevoelens in een nummer kunnen gieten en ons ondertussen onophoudelijk kunnen laten dansen en springen, getuigt toch van een speciaal talent. “Tokoliana” begint dan weer een pak vrolijker met een koebel die bijgestaan wordt door een basgitaar van ijzerdraad. De vogel- en apengeluiden zorgen voor een jungle-vibe en passen er ook wel bij, aangezien ze zingen dat ze elkaar verslinden als beesten in de jungle, wat weer niet echt de meest vrolijke tekst is.

De Congolese groep brengt op Fongola een originele sound, waar Afrikaanse vibes gemixt worden met elektronische elementen. Dit zorgt ervoor dat we moeilijk stil kunnen blijven zitten bij het beluisteren van het album. Door de divastreken van Lauryn Hill  hebben we spijtig genoeg hun optreden op Couleur Café moeten missen, maar bij hun volgende passage in Botanique eind dit jaar zal je ons zeker al dansend terugvinden. Ook spelen ze nog op 22/11 spelen in Vooruit, tijdens Eastern Daze-festival.

FacebookInstagram

5 juli 2019

About Author

Joren Van der Plas


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Newsletter