
© CPU – Nathan Dobbelaere
Grootse gasten gisterenavond in het OLT Rivierenhof. Met Opeth zakte ware Zweedse progmetalroyaliteit naar het prachtig buitenpodium in Antwerpen af. Met een carrière van meer dan dertig jaar staat Opeth nog steeds als een huis. De band heeft een best unieke sound en heeft nooit ingeboet op nieuwe verfrissende elementen of composities in zijn muziek. Waar sommige bands soms een kopie of parodie van zichzelf dreigen te worden, mengelt Opeth moeiteloos genres aan elkaar. Genres zoals folk, progrock en deathmetal leken voordien niet te mengen, maar daar bracht de groep verandering in. Met The Last Will and Testament bewees ze nog maar eens haar goede doen. Het is een prachtig conceptalbum over het testament van een rijke patriarch die familiegeheimen verklapt. Genoeg intriges voor Netflix om er zomaar een nieuwe serie rond te bouwen, denken wij dan. Toch blijft Opeth enkel binnen de metalscene bekend en is een grotere zaal niet aan de orde. Alsnog waren we benieuwd hoe deze meesters van inleving, toon en compositie de unieke buitenluchtsetting als leeg canvas zouden gebruiken om er hun beenharde, maar tegelijk prachtig melodieuze muziek op te schilderen.
Om op te warmen, kregen we het iets jongere Hällas. De mede-Zweden blenden wat dezelfde genres, maar gaan meer in op de ’70s progrock. Ze dompelen hun genre zelf om tot ‘adventure rock’. Heel het concept draait om ridder Hällas, die in elk album en nummer van de band geldt als protagonist. We hoopten dus een even heldhaftige en avontuurlijke show te krijgen, en zo klonk het ook meteen. Met galopperende riffs en een uitgeruste band waanden we ons direct in een middeleeuwse setting. Toch kwam alles wat voorspelbaar en dunnetjes over. Ook de verhalende teksten gingen verloren in het wat moeilijk te horen Engels van frontman Alexandersson. Soms voelde de band gewoon aan als ‘die metalact op het Eurovisiesongfestival’. Hällas herpakte zich wel en tegen het einde van het voorprogramma kon de band uitstekende riffs in zijn genremix voorleggen. Ook het applaus werd groter dan verwacht en dat zal de groep na een twijfelend begin maar al te graag hebben zien.

© CPU – Nathan Dobbelaere
Wie al in het OLT is geweest, weet dat vijf minuutjes voor de start het belletje gaat. Wil je dan nog een zitplaats bemachtigen, dan ben je eraan voor de moeite. Ook al was het Rivierenhof niet uitverkocht, de zitplaatsen waren even begeerd als een zitje bij een 70mm IMAX-voorstelling van The Odyssey. Het blijven natuurlijk Zweden bij Opeth, dus zo stipt als de klok kwam de band van achter de schermen. Dat direct met goesting, want met “§1” kregen we de opener uit dat uitstekende laatste album. Het album scoorde zo goed, omdat het net alle stilistische fases van de band weergaf – en dit nummer deed dat ook. Van hard naar melodisch, van ruig naar verzachtend, van kwaad naar depressief: alle Opeth-elementen kwamen meteen aan bod. Door op te volgen met “Hjärtat vet vad handen gör” kregen we ook al snel een lekker akoestisch stukje vakmanschap, regelrecht in het Zweeds.
Aan het roer staat frontman Mikael Åkerfeldt, die moeiteloos growls en melodische zanglijnen afwisselt terwijl hij de ene melodische solo na de andere uit zijn mouw kan schudden. Hij staat bekend om zichzelf daarbij ook wel eens op de borst te slaan, en ook nu deed hij dat. Dat moest hij echter niet te veel doen, want zijn band is natuurlijk ook al van een stevig kaliber. Åkerfeldt dolde wel wat met nieuwste drumtelg Wallteri Väyrynen, maar die stond behoorlijk zijn mannetje. Geen gemakkelijk gegeven aangezien hij oudgediende Martin Axenrot na een carrière van vijftien jaar moest vervangen. Dat Åkerfeldt moest bewijzen dat hij de beste en grappigste is, werd eveneens een rode draad doorheen de show. Elke opmerking uit het publiek werd teruggeslagen en met genoeg bravoure nam hij het podium in. Validatie moest hij niet ver zoeken, want zelfs de flauwste mop werd toegelachen. Het publiek had er zin in, en hij duidelijk ook.

© CPU – Nathan Dobbelaere
Het publiek viel wel nog te betrappen op iets teveel gebabbel tijdens de nummers, maar naarmate de zon zakte, viel dit weg. Het uitstekende “Windowpane” was hierbij de dader. Samen met “The Grand Conjuration” werd het OLT volledig ondergedompeld tot de Opeth-tempel bij uitstek. De lampen in de bomen rond de site kleurden samen met het podium ofwel bloedrood ofwel maanlichtblauw. Ook ging dit aan Åkerfeldt niet zomaar voorbij. Door het illustere album Blackwater Park zal hij altijd wel een mopje over een park kant-en-klaar hebben liggen, maar hij was duidelijk onder de indruk. Hij noemde het zelfs ‘very Opeth-y’, een groots compliment. Met “The Drapery Falls” uit het eerdergenoemde album kregen we dan ook een tiental minuten aan akoestische melodieën, waarbij we dan weer soms ondergedompeld werden in een zee aan volle gitaren en scheurende vocals. Een prachtige inzet van de laatste rechte lijn.
Een encore bevat in het algemeen twee, soms drie nummers, maar met Opeth is dat niet mogelijk. Eindigen deed de band met een mastodont van een nummer, namelijk “Deliverance”. Alvorens de sappige veertien minuten aangesneden werden, werd de band ook nog eens kort voorgesteld. Dat mocht toch iets uitgebreider, want ook zij waren op geen foutje te bespeuren. Zeker toetsenist Joakim Svalberg kon de nummers perfect ondersteunen met een soms dreigende ondertoon. Wie “Deliverance” kent, weet dat het nummer uit meerdere hoogtepunten bestaat en het de kracht van de band nog maar eens toont. Het moeiteloos afwisselen en combineren van akoestische en beenharde muziek was al een rode draad voor de hele avond, maar dat kwam nu nog eens samen in één nummer. Misschien wel een van de beste outro’s ooit, want bij het begin waren er toch een paar sluitende ogen te spotten. Niet uit vermoeidheid, maar om elk detail, elke noot en elke seconde van die fenomenale Opeth-outro nog intenser te beleven. De Zweden bevestigden zomaar nog eens dat ze na een carrière van dertig jaar nog van geen uitbollen weten en ze elk podium, ongeacht de grootte, naar hun hand kunnen zetten.
Op woensdag 5 augustus staat Opeth op de planken te TivoliVredenburg.
Fan van de foto’s? Op onze Instagram staan er nog veel meer!
Setlist:
§1
Hjärtat Vet Vad Handen Gör
Godhead’s Lament
§7
The Devil’s Orchard
Windowpane
The Grand Conjuration
Demon of the Fall
§3
The Drapery Falls
Hex Omega
Deliverance





