
© CPU – Sam De Boeck
De laatste dag van deze volledig uitverkochte editie bracht het weekend mooi tot een einde. Na de hitte van vrijdag en de noodgedwongen stopzetting door het onweer op zaterdag zorgde een frisse bries tussen de bomen van het Ossegempark voor aangenamere omstandigheden. Het terrein had de storm bovendien goed doorstaan, op enkele plassen na. De festivalgangers waren opnieuw massaal van de partij en konden genieten van een gevarieerde affiche, keukens en activiteiten. Na een bewogen weekend was de boodschap duidelijk om nog één keer volop te dansen, genieten en Couleur Café in stijl af te sluiten.
Blu Samu @ The Fox

© CPU – Sam De Boeck
Blu Samu zette de laatste festivaldag al vroeg volledig naar haar hand en onderstreepte waarom ze in Brussel op zoveel liefde kan rekenen. The Fox stond al snel goed vol voor de artieste, die haar set rustig opende met “Beautiful”, maar daarna meteen het tempo opdreef met “I Hate Myself” en enkele van haar oudere rapnummers. Net als tijdens haar recente passage in de Botanique stond ze alleen op het podium met een backtrack, al bleek dat deze keer meer dan voldoende. Haar nummers vloeiden naadloos in elkaar over en dankzij haar spontane babbels wist ze elk nummer mooi in te leiden. Ze kreeg het publiek voortdurend aan het bewegen, met bijvoorbeeld een drum-‘n-bassremix van “Breakfast”, waarop de hele tent een versnelling hoger schakelde. Tussendoor maakte ze ook ruimte voor meer ingetogen momenten. “Yearning” en het prachtige “Pai” toonden ons opnieuw hoe krachtig en emotioneel haar stem kan klinken, al gingen die jammer genoeg deels verloren tussen pratende festivalgangers en het geluid van de nabijgelegen Black Stage. Tijdens “Your Girl” nodigde ze dan weer vijftien vrouwen uit het publiek uit om samen het bijhorende dansje op het podium uit te voeren. Het zorgde voor een van de warmste momenten van de show en benadrukte waarom Blu Samu zo geliefd is, want iedereen voelt zich welkom in haar wereld.
Twende Pamoja @ The Fox

© CPU – Sam De Boeck
Twende Pamoja, wat vrij vertaald ‘samen vooruit’ betekent in Swahili, bracht een set waarin verschillende invloeden van Afrikaanse folk tot dancehall samenkwamen. Die mix sloeg duidelijk aan bij het publiek, want de tent stond voortdurend in beweging. De twee frontvrouwen dansten onafgebroken, kregen de handen regelmatig de lucht in en wisten met hun energie de aanwezigen moeiteloos mee te sleuren. Ook de viool, die afwisselend als een gitaar werd bespeeld of meer folkloristische klanken toevoegde, gaf de nummers een eigen karakter. Muzikaal bleef het geheel echter te veel steunen op een dominante backtrack en overtuigden de vocalen niet. Het klonk vaak eerder gesproken of geroepen dan echt gezongen en miste de kracht om de repetitieve refreinen en eenvoudige structuren naar een hoger niveau te tillen. Ondanks de beperkte muzikale finesse bleef het publiek enthousiast dansen en meedoen.
Thee Sacred Souls @ Green Stage

© CPU – Sam De Boeck
Thee Sacred Souls bewees waarom ze stilaan uitgroeien tot een van de mooiste soulbands van het moment. Hun muziek werkt al perfect wanneer je ze thuis opzet, maar live krijgt alles nog veel meer diepgang. Vanaf de eerste noten hing er een warme, bijna intieme sfeer over het groene amfitheater. Het publiek wiegde collectief mee op de zachte grooves, alsof iedereen even in hetzelfde ritme leefde. De set bestond uit een mooie balans tussen publieksfavorieten en minder bekende nummers, waarbij niet elk refrein luid werd meegezongen, maar des te meer gevoeld. Frontman Josh Lane stond geen seconde stil. Hij zocht voortdurend contact met het publiek, nam tussendoor zelfs even zijn eigen camera erbij om de sfeer vast te leggen en gaf zijn muzikanten geregeld bewust de aandacht door zich wat op de achtergrond te houden. Dat typeert de band want hier draait het niet om één persoon, maar om het geheel. Zijn unieke, krachtige stem blijft daarbij het absolute middelpunt en verdient zonder twijfel een nog veel groter publiek.
Ook muzikaal viel er geen enkele fout op te merken. De warme bas vormde de stevige basis waarop subtiele gitaarlijnen, zachte keys en een strakke drum alles moeiteloos samenbrachten. Af en toe zorgden percussie, trompet, saxofoon of trombone voor extra kleur, terwijl de soulvolle achtergrondzang van een man en een vrouw de nummers nog rijker deed klinken. Alles vloeide vanzelf in elkaar over en geen enkel instrument probeerde de bovenhand te nemen. Het enige minpunt was dat veel mensen bleven praten tussendoor, waardoor niet iedereen leek te beseffen hoe uitzonderlijk goed deze band eigenlijk speelt. Voor wie zich wel volledig liet meevoeren, was dit zonder twijfel een van de absolute hoogtepunten van het hele festivalweekend. Thee Sacred Souls vinken live werkelijk alles af: fenomenale nummers, een ijzersterke instrumentatie, een unieke stem en een sfeer die je nog lang bijblijft.
Spice @Red Stage
Van alle optredens van het weekend waren de verwachtingen voor Spice misschien wel het meest onzeker, maar we kunnen niet ontkennen dat ze perfect weet hoe ze een publiek moet entertainen. Muzikaal bleef de show vrij eenvoudig, met een backtrack gespeeld door haar dj waardoor ze zelf niet zo veel zong. Toch draaide haar show ook nooit echt om de vocalen. Alles stond in het teken van spektakel. Vanaf de eerste minuten, waarin “So Mi Like It” al passeerde, volgden de dansroutines, twerkmomenten en spectaculaire splits elkaar in sneltempo op. Spice en haar danseressen brachten een show die voortdurend de aandacht opeiste, terwijl ook het publiek actief werd betrokken. Eerst mochten vijf mannen het podium op om hun dansmoves te tonen, waarna de danseressen hen nog eens stevig op de proef stelden. Later kregen ook enkele vrouwen de kans om mee te twerken, wat opnieuw voor heel wat gelach en enthousiasme zorgde. Muzikaal zal deze set niet lang blijven nazinderen, maar als puur entertainment werkte het verrassend goed. Spice zette de show centraal, kreeg Red Stage zonder moeite aan het dansen en toonde dat ze als performer precies weet hoe ze een publiek moet bespelen.
P.L.L @ The Fox

© CPU – Sam De Boeck
P.L.L zorgde zonder twijfel voor de sterkste shatta show van het hele weekend. De tent zat al snel stampvol en wie te laat kwam, moest het optreden noodgedwongen van buitenaf volgen. Dat was ook niet zo vreemd, want de groep bracht een aanstekelijke liveshow waarin een live band het verschil maakte. In plaats van volledig op een backtrack te leunen, kregen drums, bas, gitaar en keys alle ruimte om de nummers extra kracht te geven. De drie frontmannen zongen zelf het grootste deel van hun teksten en vulden elkaar moeiteloos aan en wisten het publiek voortdurend te laten meezingen, dansen en springen. De energie op én voor het podium was zalig en het plezier straalde tot buiten The Fox. P.L.L bewees dat shatta met een sterke liveband nog een pak overtuigender klinkt en leverde zo misschien een van de leukste feestjes van de slotdag af.
Freddie Gibbs @ Green Stage

© CPU – Sam De Boeck
Freddie Gibbs had geen lange opwarming nodig. Vanaf de eerste bars lag het tempo enorm hoog en vuurde hij in nauwelijks twintig minuten een goede selectie uit zijn uitgebreide discografie op het publiek af. Zijn technische flow bleef indrukwekkend en lijn na lijn werd met dezelfde precisie afgeleverd, waardoor de eerste helft van de set moeiteloos overeind bleef. Daarna verdween hij echter een tiental minuten van het podium en nam zijn dj het even over. Die lange onderbreking haalde de vaart volledig uit het optreden. Toen Gibbs vervolgens twee keer opnieuw aan hetzelfde nummer begon omdat de gevraagde moshpit niet openging zoals hij wilde, zakte de energie nog wat verder weg. Ook kreten als ‘fuck the police’ en ‘get money’ werden zo vaak herhaald dat ze stilaan hun kracht verloren. Als rapper staat Freddie Gibbs nog altijd op een bijzonder hoog niveau, maar als festivalshow miste het optreden uiteindelijk net dat beetje dynamiek om echt te blijven hangen.
Skepta @ Red Stage

© CPU – Sam De Boeck
Skepta had aan een dj en een microfoon genoeg om de Red Stage volledig naar zijn hand te krijgen. Het indrukwekkende podium decor dat bestond uit gigantische koffers, strakke lichtshow en sterke visuals op het grote scherm gaf de show meteen een extra dimensie, maar uiteindelijk draaide alles om zijn présence. Hij bewoog rustig heen en weer over het podium, zocht geregeld het contact op met het publiek en leverde zijn bars af met die ontspannen flow waar hij al jaren om bekendstaat. De nummers liepen naadloos in elkaar over en hoewel hij slechts met zijn dj op het podium stond, voelde de show nooit leeg aan. Integendeel, alle aandacht ging vanzelf naar Skepta. Zijn grootste meezingers zorgden voor de nodige energie, terwijl de minder voor de hand liggende nummers net lieten horen hoeveel inhoud en nuance er vaak in zijn teksten schuilt. Kleine moshpits ontstonden vanzelf en het publiek bewoog voortdurend mee op het ritme. Toen “Praise The Lord (Da Shine)” weerklonk, ging de hele weide nog een versnelling hoger en werd luid mee gezongen en gesprongen. Afsluiten deed hij met “Victory Lap”, zijn samenwerking met Fred again.., waarbij de backtrack iets nadrukkelijker aanwezig was dan voordien. Dat kon de pret echter niet drukken want de rookkanonnen schoten de lucht in, het publiek ging volledig uit zijn dak en voor je het wist zat de set erop. Het enige echte minpunt? Dat het eigenlijk nog veel langer had mogen duren!
Fan van de foto’s? Op onze Instagram staan er nog veel meer!
Onze recensie van de eerste festivaldag lees je hier.
Onze recensie van de tweede festivaldag lees je hier.





