
© CPU – Joost Van Hoey
Kevin Morby zoekt al een tijdje naar zijn eigen stem. Gelukkig voor ons is die zoektocht al een aangename verkenningstocht geweest. We kunnen onmogelijk ontkennen dat hij zich zachtjesaan tot een bezinger van het Amerikaanse niemandsland ontpopt. Zijn tocht stopte met passages bij Woods en The Babies, maar het was pas op zijn laatste soloalbums, Sundowner en This Is A Photograph, dat hij zijn plaatsje in de spotlights opeiste. Nu slaat hij de handen in elkaar met Aaron Dessner, producer van wereldsterren en spilfiguur bij The National, die hem na een Londense show persoonlijk de studio in trok. “Javelin” is het eerste wapenfeit van Little Wide Open, het sluitstuk van Morby’s onbedoelde trilogie.
“Javelin” zet meteen de toon met een lichtvoetige, akoestische drive die je meeneemt op een voorjaarsritje dat eigenlijk nergens naartoe hoeft te gaan. De onbezonnenheid druipt er van af, maar geeft je instant een goed gevoel. De instrumentatie zwengelt aan en gitaren wiegen zachtjes, de percussie duwt de song vooruit en Morby zingt over liefhebben in transit; rond de wereld cirkelen en toch alleen landen in het hart van Middle America, oftewel Kansas City. De melodieën ogen achteloos, maar weten de juiste snaar te raken. Tegen het einde zwellen de ‘hey hey’-koren aan tot een bevrijdende uitroep. Amelia Meath, gekend van Sylvan Esso en Mountain Man, geeft het nummer extra glans door haar stem te lenen aan het koor dat zich niet beperkt tot de achtergrond.
Little Wide Open heeft nog meer fantastische artiesten die hun opwachting maken. Onder meer Justin Vernon, Meg Duffy, Katie Gavin en Lucinda Williams leveren een bijdrage. Het slotstuk van de trilogie komt op 15 mei uit via Dead Oceans. Morby staat op 11 juli op de planken in Brugge tijdens Cactus Festival.
Beluister de singles van de week op onze Spotify.





