
© CPU – Mathias Verschueren (archief)
Waar over de hele wereld de paasklokken luidden, bleven de luidste decibels toch rond Tilburg circuleren. Na drie onvermoeibare dagen kwam ook Roadburn tot haar einde, maar van vermoeidheid was nergens sprake. Het terrein bleef er piekfijn bij liggen, en zowel de security als het barpersoneel bleven zich van hun warmste kant tonen. Het zijn die kleine details die de status van Roadburn als hechte community dubbel en dik bevestigen. Langs elke zijde van het festival weten mensen waarom ze hierheen komen. In ons geval was dat om nog één laatste keer te proeven van deze editie vol hemeltergend kabaal, onverwachte schoonheid en ongefilterde artistieke vrijheid. Op weg naar de eindsprint bracht een korte regenbui een vorm van zuivering alsof zelfs de hemel haar zegen uitsprak. Religieus werd het nooit, maar spiritueel des te meer.
Vuur & Zijde @ The Terminal
Om de vlammen brandend te houden op de laatste festivaldag, was Vuur & Zijde een logische keuze. Op hun debuut Boezem brengen ze in het Nederlands een eigenzinnige mix van black metal en shoegaze. Roadburn had de primeur: dit was hun allereerste optreden. Dankzij eerdere ervaring in projecten als Terzij de Horde klonken ze verrassend strak en goed op elkaar ingespeeld. De dromerige riffs waren een ideaal digestief na de paasbrunch. Spanningsbogen bleven uit, waardoor het publiek vooral bij zichzelf te rade moest gaan om de verbeelding te laten spreken. Intimiteit voerde de boventoon: de metal smeulde zachtjes op de achtergrond, terwijl onder paarse verlichting een haast spirituele sfeer hing. Dat de Nederlandstalige teksten grotendeels onverstaanbaar waren, deed daar niets aan af. Deze zogenoemde ‘supergroep’ heeft haar plek opgeëist en lijkt nog lang niet uitgebrand.
Bacht’n de Vulle Moane @ Hall of Fame
Als de slaap nog niet uit je ogen was door Vuur & Zijde, dan kwam dat wel bij Bacht’n de Vulle Moane. De Kortrijkse blackmetalformatie trapte de Hall of Fame op gang met een set die klonk als een stalen vuist recht in je middenrif. Het was rechttoe, rechtaan, zonder enige vorm van nuance, maar met zoveel vuur dat subtiliteit ook nergens in de show gemist werd. Wel klonk de band hier en daar een beetje iets te agressief en liep het gevaar zichzelf te verliezen in het eigen geweld, maar altijd kwam het op zijn pootjes terecht. De Hall of Fame is wakker en dat zonder genade, al had het soms net dat tikkeltje minder mogen zijn.
ENDON @ The Terminal
Gisteren waren er opvallend veel Japanse acts op Roadburn. Bo Ningen mocht op de Main Stage Line The Wall brengen, Violent Magic Orchestra sloot The Terminal af en ook ENDON mocht langskomen. We weten echter niet zeker of ze enkel als band waren geboekt of ook als professioneel speakertester, want wat ze uit de boxen persten, ging regelrecht door merg, been en gehoorgang. We werden bedolven onder een muur van noise die tegelijk afstotend en fascinerend werkte. Geluid werd geweld, structuur werd puin, en elk moment voelde alsof alles met de grond gelijk zou worden gemaakt. Sterk waren de muzikanten uit Tokyo zeker en na enkele jaren van Europese afwezigheid keerden ze terug met een geluid dat aanvoelde als duizend messen die stuk voor stuk je trommelvliezen aan stukken sneden. Pure auditieve terreur, dat was het, maar dan wel in de meest positieve zin.
OUST @ Ladybird Skatepark
Ook op dag vier vonden we een gaatje in onze planning en trokken we opnieuw naar de rand van het terrein voor een show in het Ladybird Skatepark, waar we de Amsterdamse band OUST tegenkwamen. Veel tijd om te acclimatiseren kregen we echter niet, want de groep besloot met stevige gitaren meteen de aanval in te zetten. De band klonk vuil, snel en boos en paste daarmee perfect in de setting van Ladybird, waar de betonnen muren het stevig te verduren kregen. Doorheen het weekend zagen we wel vaker zangers het podium van het skatepark verlieten voor een rondje, maar frontvrouw Sanne maakte het wel heel bont. Met grote passen baande ze zich een weg door de volledige hal om iedereen persoonlijk in het gezicht te komen blaffen. Dit is hardcore zoals hardcore moet zijn. Heerlijk!
Michael Gira & Kristof Hahn @ NEXT Stage
Als er één artiest is die het ethos van Roadburn het best belichaamt, dan is het wel Michael Gira. Het gezicht van de New Yorkse cultband Swans is immers al veertig jaar actief. Samen met gitarist Kristof Hahn tekende hij ditmaal present voor een intieme duoset. Met zijn 71 jaar worden de kansen om hem nog live aan het werk te zien steeds schaarser, en dat besefte het publiek ook: het tweede podium van de 013 was dan ook tot aan de nok gevuld. Opgepropt tussen andere concertgangers lieten we het trillende volume dat het duo voortbracht door ons lichaam razen. Hahn nam als eerste het voortouw en zette onze zintuigen op scherp. Na een goed kwartier kwam dan het opperhoofd zelf op, vooral om nieuw Swans-materiaal te brengen. Het geprevel bij “I Am a Tower” en “God Damn the Sun” had iets pontificaals én zalvends tegelijk. Dankzij de akoestische gitaarpartijen bleef de rust nooit ver weg. Op de laatste festivaldag voelde dit optreden aan als een intense concentratieoefening waarin tijd en ruimte vervaagden. En toen Gira plots luidkeels vroeg hoeveel tijd hij nog had, brak er zowaar even een vleugje humor door.
Midwife @ The Terminal
Midwife had als ‘Artist in Residence’ een druk weekend en bracht gisteren, na een set samen met Vyva Melinkolya op vrijdag en een albumshow op zaterdag, voor het eerst dit festival een solobezoek aan het podium. In The Terminal hield ze het opnieuw klein, kwetsbaar en ingetogen. Alsof ze zich niet door de ruimte liet opjagen, maar de ruimte juist liet krimpen tot een warme deken. Het was mellow, maar nooit te cheesy en haar set ademde verstilling, met fluisterzang, trage gitaartonen en een minimalisme dat geen moment leeg aanvoelde. Haar stem trok als een zachte zucht over de zaal en bleef hangen in de stilte die vijftig minuten lang de ruimte vulde. De passage van “Colorado” was indrukwekkend en ook afsluiter “S.W.I.M.” verdient een benoeming, want zelden voelde stilte zo geladen.
Big|Brave @ The Terminal
Te midden van alle ellende in de wereld schoonheid zoeken, dat is wat de Canadezen van Big|Brave vorig jaar deden op A Chaos of Flowers. Nu kregen ze op Roadburn de kans om hun laatste album volledig te laten openbloeien, en dat gebeurde met het nodige volume. Na het overweldigende optreden van Michael Gira waren we tijdelijk enigszins immuun geworden voor nog meer sonisch geweld. Daardoor wist de groep ons niet volledig emotioneel te raken, maar dat was vooral een persoonlijk gegeven. Want de finesse, het gevoel voor opbouw en de intensiteit waarmee gespeeld werd, waren vanaf het podium meer dan duidelijk voelbaar. Robin Wattie liet er geen gras over groeien: met haar engelenstem, soms fluisterzacht, dan weer schrijnend krachtig, leidde ze het geheel met indrukwekkend zelfvertrouwen. De rest van de band volgde haar naadloos, met een onderling vertrouwen dat bijna tastbaar was. De ietwat avant-gardistische postrock die Big|Brave bracht, sloeg in The Terminal dan ook moeiteloos om zich heen als een golf van gecontroleerde chaos die de zaal langzaam maar zeker wist te bedwingen.
Ponte Del Diavolo @ NEXT Stage
We hadden van te voren wel de inschatting kunnen maken dat Ponte Del Diavolo gezien de naam vol voor een duistere gimmick ging, maar dit ging er wel heel erg over. Toen we net na de start in de NEXT Stage aankwamen, leek het namelijk wel of we bij een exorcisme aanwezig waren. De frontvrouw wrong zich al krijsend in allerlei bochten, alsof ze zelf de brug van de duivel had overgestoken en bezeten was door elk nummer dat ze bracht. Het zat op het randje van een karikaturale vertoning, maar gelukkig was er de band die het niet liet ontsporen. Hun kunde was duidelijk hoorbaar en de blackmetal die het bracht klonk degelijk en verzorgt. Muzikaal zat het dus goed, maar de balans tussen sfeer en geloofwaardigheid raakte al snel zoek. Dit was net iets te veel show voor onze goesting.
Violent Magic Orchestra @ The Terminal
We schreven eerder al dat Roadburn ’s avonds laat maniakaal luid durft te gaan. Op de laatste festivaldag was dat niet anders: het ultieme offensief op ons gehoorkanaal werd ingezet door Violent Magic Orchestra. Deze Japanse dance-act kwam op het lumineuze – of misschien beter: waanzinnige – idee om blackmetal te vermengen met terrorcore. Het resultaat was een frontale aanval die onze verbeelding tartte en leek ontworpen om de allerlaatste energieresten uit het publiek te persen. Te midden van zaklampen en een niet-aflatende stortvloed aan stroboscopische lichten bood enkel het ritme nog enig houvast. Dansen op dit tempo was praktisch onmogelijk, maar de kolkende energie in de zaal maakte veel goed. Met hun compromisloze geluid en visuele overprikkeling katapulteerde Violent Magic Orchestra ons rechtstreeks in een post-apocalyptische Thunderdome, een plek waar extase, chaos en uitputting als een zondvloed over ons heen raasden.
Gott @ Hall of Fame
Daar was dan eindelijk het livedebuut van Gott. De groep rondom Farida Lemouchi stond eigenlijk in 2022 al voor zijn eerste show, eveneens op het podium van Roadburn, maar onvoorziene omstandigheden gooiden toen helaas zand in de motor. Drie jaar later staat het project alsnog op het festival, waar het de eer kreeg om de Hall of Fame af te sluiten. Hoewel de verwachtingen hierdoor misschien wat te hoog gespannen waren, koos Gott vooral voor kalme dreiging boven uitgesproken vuurwerk. De nummers werden zorgvuldig opgebouwd, maar bleven wat hangen in dezelfde sfeer, waardoor het optreden soms leek vast te zitten in zijn eigen ritme. Dit was hem niet helemaal.
Thou @ Ladybird Skatepark
Hoe vaak kan je één en dezelfde band laten optreden op een enkele editie van je festival? Bij Thou lijkt het antwoord simpel: zo vaak als je maar wilt. Een heel weekend lang doken ze overal en nergens op en inmiddels waren we de tel kwijt hoe vaak we heren in vijf dagen tijd zagen passeren. Klaar waren we echter nooit met de groep en toen werd aangekondigd dat ze nog één keer zouden spelen op de, inmiddels allesbehalve geheime, secret-showlocatie, stonden we er gewoon weer. In een vol skatepark zette Thou een laatste keer de beuk erin, waarbij alles nog een keer vakkundig werd gesloopt. “Skinwalker” kroop opnieuw tot diep onder onze huid en “Millstone” werd als een baksteen door de ruimte geslingerd, maar de sfeer was bovenal opperbest. Er werd gecrowdsurft over de obstakels van het park, collectief geheadbangd en zelfs luidkeels gezongen voor een jarige in de pit. Metalmensen, wat zijn ze eng hè.
Pothamus @ Next Stage
De volledige albumsets liepen, net als het festival, tegen het einde, maar na eentje keken we een heel weekend uit. Ons eigen Pothamus mocht namelijk hun recentste plaat Abur in zijn volledigheid brengen en deed dat op de NEXT Stage met een intensiteit waar iedereen stil van werd. De zware ritmes en repetitieve patronen trokken als een donkere stroom door de zaal, terwijl de bezwerende vocalen alles tot één mooi, pulserend geheel smeedden. Veel beweging was er in de zaal niet te bespeuren, iedereen had slechts oog voor het drietal en het trage, zorgvuldig opgebouwde ritueel dat ze brachten. Op Roadburn was het vaker stil, maar zelden zo aandachtig als hier en de groep hield ons, samen met de rest van de aanwezigen, werkelijk waar volledig in bedwang.
Haunted Plasma @ Main Stage
De eerste keer dat Haunted Plasma op Roadburn speelde, was tijdens de online editie van 2021. Vier jaar later kreeg het psychedelische collectief de kans om de lichten van de 013 te doven. Deze set was dan ook een ervaring voor de volhouders, de dromers, en zij die nog geen afscheid wilden nemen van Roadburn. Welke muzikale horizonten er precies verkend werden, viel nauwelijks te vatten—alsof je probeerde rook te vangen met je handen. De trage plasmastralen op het grote scherm sijpelden langzaam door als zand in een uurglas, terwijl de tijd leek stil te staan. Door de felle belichting werden de bandleden tot schimmen herleid, schaduwen van geluid en licht. De flarden black metal, krautrock en ambient vloeiden naadloos in elkaar over, als een kosmische stroom waar begin en einde zoek waren. Haunted Plasma was geen concert, maar een ritueel. Geen einde, maar een overloop. Een laatste ademtocht van het festival, vervreemdend en vertrouwd tegelijk.
De recensie van de eerste festivaldag lees je hier.
De recensie van de tweede festivaldag lees je hier.
De recensie van de derde festivaldag lees je hier.
Deze recensies werden geschreven door Bryan Boomaars en Cédric Ista.






