2023Featured albumsFeaturesInstagramUitgelicht

35 albums die je misschien over het hoofd zag in 2023

Neuman – Waterhole

Als je de band niet kent, de sound voor het eerst hoort en de afkomst van Neuman probeert te raden, zit je er gegarandeerd naast. Hoewel de indiegroep in België niet zo gekend is, is ze in thuisland Spanje ondertussen wel uitgegroeid tot een echte cultband. Nieuwste werk Waterhole wisselt opzwepende gitaarnummers af met sfeervolle ballads. “Three Of Us” houdt je zo’n zes en halve minuut lang geweldig aan het lijntje, om in de laatste twee minuten de doos van Pandora open te trekken. De herkenbare riffs in “George” zitten je op de hielen en van “The City Of Love” verbaast het ons dat nog geen enkele televisieserie het nummer oppikte om het als intro te gebruiken. Waterhole neemt je mee op een melancholische roadtrip naar een plek waar het landschap voortdurend verandert.

Precious Pepala – Eve

Precious Pepala startte haar zangcarrière in het koor van een kerk, waar haar vader de vieringen leidde. Dat haar debuutplaat Eve vol religieuze verwijzingen zit, is dan ook geen verrassing. De Britse blies ons omver met haar krachtige stem, sterke instrumentatie en geniale gelaagdheid. Ze combineert haar persoonlijke ervaringen zoals mentaal (on)welzijn, ’s nachts op straat lopen als vrouw en controlerende ouders met muziek die haar boodschappen versterken. Het redelijk upbeate “Fifth” of “231” draaien steeds uit in een chaos van instrumenten, terwijl “Voices” zich laat kenmerken door de stevige gitaren tijdens de refreinen. De emoties van Precious Pepala zitten niet enkel in haar stem, maar in het complete plaatje. Door die genialiteit is ze zeker in staat om een groter publiek te bereiken en vinden wij Eve zeker een aanrader.

Precious Pepala – Eve (★★★★): Pijnlijk relevante poprock

Public Body – Big Mess

Public Body uit Brighton is een band die we al sinds het prille begin op onze radar hebben staan. Na veel vijven en zessen kwam dit jaar eindelijk debuutalbum Big Mess uit. Daarop ook al singles die al langer meegaan zoals “Break From Life”, maar ook wat nieuwer werk. De charme vanop de eerdere ep’s is het viertal niet verloren en met een kwieke energie en leuke aanstekelijkheid wekt de band meteen al je sympathie op. Bij “Way, No Way” horen we een leuk fluitje dat voor de speelse sfeer zorgt tussen het gitaargeweld, terwijl “Overcooked” iets fellere synths serveert. Dit alles maakt van Big Mess inderdaad een chaotisch geheel, maar net daardoor charmeert het zo hard. Het smaakt allemaal naar meer en je wordt van de ene verrassing in de andere gedropt.

Runnner – like dying stars, we’re reaching out

Runnner was op Leffingeleuren 2023 niet enkel een van de sympathiekste bands, maar verraste ons ook muzikaal. Bezieler Noah Weinman kon daarbij veelvuldig putten uit het recente like dying stars, we’re reaching out. De indiefolkplaat heeft een hoog DIY-gehalte, waarbij de zanger zijn teksten verhalend opbouwt. Soms levert dat intieme, minimalistische nummers op, zoals “string”, maar echt leuk wordt het wanneer de groep de warmere folksound opzoekt. “i only sing about food” is daarbij een hoogtepunt dat met grappige lyrics zoals ‘I only think about death / I only sing about food’ mooi aangeeft dat de band even clever als knuffelbaar is.

Snõõper – Super Snõõper

Als een legende als Jack White je onder zijn vleugels neemt, dan moet je toch iets speciaals bezitten. Helaas voor Snõõper werd het debuut op Third Man Records niet door het grote publiek beluisterd, maar net daardoor kan de band later wel teren op het underdogeffect. Het moet wel gezegd, toegankelijk klinkt Super Snõõper niet. Slechts één nummer tikt boven de twee minuten aan en met zijn 22 minuten is het ook allesbehalve een lang album. Wat we wel krijgen, is snedige punk met de felle stem van zangeres Blair Tramel. Live neemt de band altijd heel wat speelsheid mee op het podium, met onder andere poppen en allerlei attributen, en dat plezier hoor je ook in de muziek. De groep wil zo weinig mogelijk tijd verspillen en laat alles aan een sneltempo passeren. Voor je het goed en wel beseft zit je al aan de afsluiter en wil je de repeatknop opnieuw indrukken.

Sprain – The Lamb as Effigy

Swans kwam dit jaar met een album van – zoals gewend – gigantische proporties. Toch bracht Sprain dit jaar een ander album van gigantische proporties uit dat misschien wel meer Swans is dan Swans zelf. The Lamb as Effigy is het tweede, en als we de band mogen geloven laatste, album van Sprain. In meer dan anderhalf uur (met slechts twee nummers van 25 minuten!) worden we geloodst door zware noise, industriële rock, jazzy riffs, drones en maximalistische uitspattingen. De zang van Alex Kent is op zijn zachtst gezegd angstaanjagend, maar vaak ook even manisch als Daughters. The Lamb as Effigy is daardoor een eindeloze paniekuitbarsting, maar wel een bevredigende.

Sunfruits – One Degree

Als je naar de muziek van Sunfruits luistert, zou je kunnen denken dat het altijd zonnig is in Australië. De band uit Melbourne bracht met One Degree een debuutalbum waarvan de titel anders doet vermoeden, maar het straalt veel warmte en zonnestralen uit. De plaat had veel voeten in de aarde, maar brengt een fijne mix van sixties psychedelica in combinatie met wat hedendaagse invloeden. Bands als The Beatles en David Bowie zijn zowel op vlak van looks als muziek nooit ver weg, al houdt Sunfruits toch wat eigenheid achter de hand. Met verschillende leden die een stem hebben in de songs – je hoort een vrouwenstem op “Made To Love” en een mannelijke stem op “Reeling” – is er genoeg diversiteit om te blijven boeien. Ook de leuke dansbare groove en de fijnzinnige percussie geeft alles een luchtig gevoel.

The Bug Club – Rare Birds: Hour of Song

Waar verschillende albums in deze lijst het concept ‘less is more’ hanteren, kiest The Bug Club voor ‘more’. Maar liefst 47 nummers staan er op Rare Birds: Hour of Song, al zijn veel van die songs slechts enkele seconden ‘burds wurds’. Dat zijn theatrale spoken word sketches over vogels, om de humor er zeker in te houden. De echte nummers zijn er dan weer wel van hoge kwaliteit. “Marriage” is zo een leuk rammelrockliedje met een aanstekelijk refrein. “Short and Round” is dan weer een heel grappige song terwijl “We Can’t All Play Saxophones” de folkachtergrond van de band doet heropleven. Op die manier is het uur een heuse trip, maar wel met hele sterke liedjes. Een conceptalbum volgens het boekje.

Truth Club – Running From the Chase

Truth Club is niet meteen de meest sexy naam en dat lijkt ons meteen de enige reden waarom nog niemand van de band hoorde. Nochtans is Running From the Chase een fantastisch album dat emotioneel gelaagde muziek brengt, inclusief een streepje duisternis. Een nummer als “77x” herbergt het allemaal: het gaat van heel klein naar heel groots, maar altijd met de juiste portie melancholie en zekere intensiteit om nergens de luisteraar te verliezen. Waar het vroeger vooral power was dat Truth Club naar voren schoof, lijkt de groep nu ook meer een sentimentele vibe te hanteren. Op “Exit Cycle” wordt dat vooral naar het einde toe duidelijk door de meerstemmigheid met zowel zachte als harde stemmen, en zo kan je de band soms ook wat met Car Seat Headrest vergelijken. De tweede plaat van Truth Club toont alvast dat het gegroeid is als band en alleen maar sterker lijkt te worden.

Uhr – Salathiel Harms

Soms is het overbodig om een album oeverloos lang te laten duren. Dat heeft ook Uhr begrepen, want op debuutalbum Salathiel Harms klokt het iets boven de vijftien minuten af. Op de tracklist van die zeven nummers durende plaat staat dan ook geen enkel slecht nummer, wat natuurlijk een sterkte is. De band uit Manchester brengt postpunk zoals het hoort, met een leuke melodie en een fijne parlando in de stemmen. De ene keer gaat het er iets kalmer aan toe, terwijl er soms ook stevige uithalen plaatsvinden om de stiltes te doorbreken. Opener “Eskimo” brengt allesbehalve koelte en ook “Ugly Children” is een stevige rocker van formaat. Afsluiten gebeurt met een felle gitaarsolo en zo heeft Uhr meteen zijn stempel gedrukt. Kort, maar krachtig. En vooral: zonder slecht nummer.

WITCH – Zango

Het Zambiaanse WITCH kwam afgelopen jaar terug met een gloednieuw album na een pauze van meer dan vijftig(!) jaar. In de band zitten onder meer Jacco Gardner en Michael Rault, die de laatste jaren al meerdere exotische oude psychacts vanuit de vergetelheid probeerden te redden. Met Zango slagen ze daar met verve in, want het album ademt plezier en vooral ook zomer. De leuke vocals van frontman Jagari geven het geheel natuurlijk zijn typische Zambiaanse sound, terwijl de gitaren van de ene groove richting de andere gaan, ondersteund door meerstemmige backings. “Waile” gaat zo heel dansbaar te werk, terwijl “Avalanche of Love” samen met Sampha The Great voor een echt psychedelisch feestje zorgt. Het repetitieve is altijd aanwezig, net al de nodige reverb op de gitaren, maar altijd rekening houdend met de traditionele zamrock. Op die manier luistert Zango heel fijn weg.

Yazmin Lacey – Voice Notes

Yazmin Lacey vindt haar muziek in een mix van soul, r&b en jazz, met een toevoeging van elektronica. Op Voice Notes, haar debuutalbum, voegt ze daar ook wat spoken word aan toe. Opener “Flylo Tweet” zet de toon met een zachte jazzinstrumentatie terwijl ze ratelt over een Tweet die ze zag over onzekerheid. De langspeler vindt zijn rode draad in de onsamenhangendheid ervan. Lacey uit verscheidene passages uit haar leven die ze verzamelde in notities of op haar telefoon. “Bad Company” vertelt het verhaal van Priscilla, een slechte vriendin, terwijl “Eye to Eye” een bekentenis vormt over hoe Lacey nog nooit eerlijk en intiem kon zijn met een partner. Het resultaat is een oprechte, geloofwaardige plaat die recht uit Laceys hoofd komt. Een artiest die we graag nog eens zien terugkeren de komende jaren. En dan hopelijk in een ander lijstje.

YOWL – Milksick

Na veel vijven en zessen kwam dit jaar eindelijk het debuutalbum van YOWL uit. De band uit Londen bracht reeds in 2016 een debuut-ep uit, dus het was lang wachten vooraleer die eerste langspeler er was. Gelukkig stelt hij allesbehalve teleur. De smerige sound van de vroeger wordt weliswaar ingeruild voor een iets luchtiger geluid, wat er voor zou moeten zorgen dat de band iets toegankelijker klinkt. Dat laatste is vooralsnog niet gelukt, maar liedjes als “Virile Crocodile Sweat” en “Idiot Daughers, Idiot Sons” doen door de gemoedelijke sfeer wat denken aan een zonnige versie van Parquet Courts. “Weedkiller” en “The Farmer’s Big Spade” pakken het dan weliswaar wat agressiever aan, toch blijft het kookpunt uit. Met een mix van donkere songs en iets meer licht heeft YOWL wel een plaat gemaakt die je graag van begin tot eind luistert om je te laten meeslepen.

Wil je nog even een reis door het muzikale jaar ondernemen? We kozen uit elk album één nummer en goten alles in een afspeellijst op Spotify. Geniet ervan!

Deze lijst werd samengesteld door alle beren. De recensies werden geschreven door Lucas Palmans, Elisa Cogneau, Niels Bruwier, Robbe Rooms, Pieter Wilms, Simon Meyer-Horn, Johannes Hulpiau, Bryan Boomaars, Jan-Willem Declercq, Jan Kurvers, Jan Surquin

Related posts
InstagramLiveRecensies

Best Kept Secret 2024 (Festivaldag 1): Kleur bekennen

Begin juni wordt in Nederland naar goede gewoonte Best Kept Secret gehouden. Met een aangenaam zonnetje kon het festival kort na de…
LiveRecensies

Up Next @ Kavka Oudaan: In stijgende lijn

Voor het eerst organiseerde Kavka Oudaan Up Next, een avond waarop het nationaal en internationaal opkomend talent in de kijker wil zetten….
Nieuwe singlesOude Bekenden

Nieuwe single The Bug Club - "Quality Pints"

The Bug Club, tegenwoordig een duo bestaande uit Sam Willmett op gitaar en Tilly Harris op bas, heeft een opvallende positie verworven…

2 Comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.