InstagramLiveRecensies

Left of the Dial 2023 (Festivaldag 3): Het aards paradijs

© CPU – Nathan Dobbelaere

Left of the Dial is een uitputtingslag. Die begint eigenlijk al weken voor het festival, wanneer je start met het kijken naar de line-up en een goeie planning probeert uit te werken. Je merkt het pas het meest op de derde dag van het festival. Met zoveel locaties en bands voelen de benen al vermoeider aan en dan is het altijd lastig om een laatste dag nog eens alles uit het lichaam te halen. Gelukkig had Left of the Dial wel een prachtige affiche voorgesteld en dat begon al in de namiddag met een initiatie linedance voor de liefhebbers van het beter danswerk, waarna het muzikale geweld zich weer in alle lawaai kon laten horen. Met Bikini Beach, Snake Eyes, Chalk en LIFE zat daar weer heel sterk werk tussen en dat vertaalde zich in een ideale derde dag.

Lowertown @ Arminius 

We beten de spits af bij Lowertown in de Arminiuskerk. Een initiatie linedance was nog maar net afgerond of het Amerikaanse duo stond al paraat om ons een kleine veertig minuten te bekoren. De lo-fi indienummers gedijden zonder veel tierlantijntjes in de knus gevulde zaal en in alle eenvoud slaagde de band erin om toch met iets heel persoonlijks te komen. Soms werden nummers uitgesponnen, maar Lowertown zocht en vond zijn sterkte net in de essentie. Als gemoedelijke startschot voor de derde Left of the Dial-dag landde dit alvast heel dicht bij de roos.

Snake Eyes @ V11

Rechtstreeks uit Brighton was Snake Eyes klaar om nog een laatste keer goed te knallen op Left of the Dial. De V11 was goed gevuld voor het trio dat moddervette riffs serveerde op een bedje van melodische songs. Met twee stemmen, een vrouwelijke en een mannelijke, had de band ook rekening gehouden met diversiteit in sound. Hierdoor kon Snake Eyes met een felle energie tekeergaan, want telkens werd de stem wel door iemand opgevangen. De agressieve stemlijnen die soms wat naar Frank Carter neigden, gaven de sound wel wat je nodig had om een opkikkertje te krijgen. Ook de smerige riffs die als een dondervlaag over het publiek walsten, maakten van deze hoge energieke songs een aangename vroege verrassing op de dag.

Cruush @ Sahara

Dromerig ontwaken na de stevige afterparty op vrijdag kon al vroeg bij Cruush in de Sahara. Het viertal schommelt qua sound namelijk ergens tussen Sonic Youth en de dreampop uit de dagen van weleer. Bijgevolg was het niet echt de meest opzwepende show en voelde het eerder aan als een gemoedelijk onderonsje. Jammer genoeg vonden enkelingen het echter op dat moment nodig om hun levensverhaal in geuren en kleuren te vertellen. Niet dat Cruush dat aan haar hart liet komen. Hoewel niet elke song even boeiend of overtuigend klonk, kwam de band regelmatig straf uit de hoek in de opbouw naar een climax of een spontaan momentje van virtuositeit. Ingetogen en teder wanneer er even adempauze nodig was en noisy wanneer er wat meer energie achter mocht zitten, met andere woorden.

mary in the junkyard @ Rotown

Een van de meest geanticipeerde bands van de line-up was mary in the junkyard. Het drietal uit Londen is in haar thuisstad (en bij uitbreiding thuisland) al een tijdje een opkomend ‘hot topic’ dat mede door een zeer sterke debuutsingle genaamd “Tuesday” ondertussen zelfs internationale aandacht koestert. Dat ze in de Londense club Brixton Windmill aan live-ervaring opdeden, was eraan te merken. Ze speelden een behoorlijk mature setlist aan elkaar, die misschien nog net iets meer scherpte zou kunnen krijgen. Toch mogen we niet vergeten dat het verhaal van mary in the junkyard nog maar pas is begonnen en dat deze veelbelovende bende nog tijd heeft om haar nummers te laten rijpen. In De Rotown fonkelde de ruwe diamant al een paar keer en mits wat slijpwerk is het een kwestie van tijd vooraleer de indieharten nog talrijker zullen slaan voor deze groep.

The 113 @ Baanhof

In Baanhof bevonden we ons als het ware in een echte bunker waarbij het rauwe gevoel overheerste. Dat is net wat The 113 kenmerkt, want het project brengt duistere postpunk met een dansbare invloed die altijd heel ruw en voor heel Brits klinkt. Dat was ook het publiek niet ontgaan, want de zaal was tot de nok gevuld. Toch misten we in de sound een diversiteit die ervoor zou zorgen dat het boeiend bleef. Nu waren er de parlando vocals in combinatie met trage gitaarlijnen die de sound bepaalden, maar na enkele nummers bleef de set wel steken in de repetitiviteit. De zanger die het volledige podium onderzocht, kon daar geen verandering in brengen. Op die manier was The 113 niet verfrissend genoeg om echt te blijven boeien.

LIFE @ Perron Big

© CPU – Nathan Dobbelaere

Publieksfavoriet LIFE stond niet voor de eerste keer op de Rotterdamse podia. Sterker nog, de Britten werden zelfs door de fans opnieuw op de line-up gestemd in een poll van de organisatie eerder dit jaar. Geen wonder dat de frontman zichzelf wel wat moed had ingedronken op voorhand, want de verwachtingen lagen allesbehalve laag. De toeschouwers kregen echter waar ze om hadden gevraagd. LIFE speelde namelijk quasi alle (bescheiden) hitjes die het al achter zijn naam had staan en deed dat, los van het gebrabbel door de man met de microfoon, heel strak en aan een razend tempo. Aan alles is het wel merkbaar dat de band een stapje verder staat dan de meeste concullega’s op de affiche. Het viertal weet exact hoe het een publiek moet bespelen, de show zit als een vastgelijmde puzzel ineen en muzikaal viel er heel weinig op aan te merken. De show in Perron was dus niet meer of niet minder dan een bevestiging dat ze deze band zijn plek absoluut verdiend had.

Average Life Complaints @ V11 

© CPU – Nathan Dobbelaere

Average Life Complaints omschrijft de muziek die het zelf maakt als chiprock. Een omschrijving die we nog niet vaak hoorden, en na het zien van de set in V11 ook redelijk moeilijk een plaats kunnen geven. Het viertal bracht namelijk urgente postpunk zoals dat wel vaker wordt gedaan, waardoor de chiprock gewoon donkere rock is. Toch was er een link toen de band met “Fish & Chips” een van zijn meer bekende nummers bracht. Het was een meer dansbaar nummer, waarbij duidelijk werd dat er een grote groove aanwezig was in de muziek. Het publiek bewoog dan ook gedwee mee. In het midden van de set dook wel een klein probleempje op voor de gitarist toen zijn snaar brak, maar dat bleek geen probleem te zijn voor hem. Hij speelde zijn riffs gewoon op een snaartje minder, waardoor er af en toe kleine foutjes in kropen, maar de authenticiteit behouden bleef. Average Life Complaints was op die manier gewoon heel leuk en de muziek werd goed gebracht, maar memorabel was het zeker niet.

Borough Council @ Rotown

De Rotown was al het hele weekend the place to be als het niet al te alternatief moest zijn. Bij Bourough Council was dat niet anders. De band brengt namelijk een moderne twist van de altrock die het grootste deel van de late jaren ’90 domineerde, met af en toe wat knipogen naar de moderne alternatieve muziekwereld. Qua dynamiek zat het alleszins goed. Het drietal maakte namelijk op heel natuurlijke wijze de brug tussen ingetogen en intens, met heel wat verschroeiende spanningsbogen tussenin. Wanneer het gaspedaal werd losgelaten, verviel echter ook de overtuigingskracht een beetje. Niet dat het niet mooi was, zeker niet, maar vaak was het simpelweg net iets te veel van het goede. Hoe dan ook lijkt Borough Council wel een band om in de gaten te houden.

Bleach Lab @ Arminius

© CPU – Nathan Dobbelaere

Over het debuutalbum van Bleach Lab waren we iets minder enthousiast, maar onze mening konden we na gisteren bijschaven. Het kwartet uit Londen bracht live aanvankelijk niet veel nieuws onder de kerktoren, al groeide het gestaag maar waar in zijn set. “All Night” was een ferme knipoog naar Wolf Alice, ware het dan in een iets dromeriger jasje. Referenties als The Smiths hoorden we dan weer terug in “Nothing Left To Lose”, terwijl zangeres Jenna Kyle met haar zachte stem behoorlijk goed harmonieerde met de soms melancholische melodieën. Het warm water werd niet opnieuw uitgevonden door Bleach Lab, maar we zagen en hoorden de band voor het eerst voorzichtig buiten de lijntjes kleuren.

Bikini Beach @ Centraal

Met een fuzzpedaal in de hand, komt men door het ganse land. Het moet zowat het levensmotto zijn van alle drie de bandleden in Bikini Beach. Dat de beenharde garagerock van supersterren als Osees en Ty Segall de muziek van deze band sterk heeft beïnvloed, steekt het drietal niet echt onder stoelen of banken, maar dat is ook helemaal niet erg. Het was in Centraal namelijk bewonderenswaardig hoe vlekkeloos de Duitsers (en Zwitser) van rammelende surfer naar moddervette stoner overgingen. Dat er wel wat gebotst werd op de voorste rijen, kan je dus moeilijk verrassend noemen. Hoe dan ook was de set van Bikini Beach misschien wel een van de meest intense en verschroeiende dingen die we dit weekend mochten zien, en bovendien was het ook een fijne afwisseling van de hoekigheid die zowat alle postpunkbands dit weekend lieten horen.

wych elm @ WORM 2

Met wych elm kreeg het publiek in WORM een band die iets meer grungy rock bracht. Dat viel vooral op in de vocals die met de nodige distortion een zeer grote ninetiesvibe herbergden. Muzikaal was het dan weer zeer dromerig, met een donkere ondertoon. Hierdoor was het moeilijk om volledig in de mood te geraken, omdat de sound niet altijd toegankelijk was. De energie in de set bleef bijgevolg soms wat achterwege, al had de band met “Burnt at the Stake” nog een krachtexplosie achterwege gehouden. Het publiek begon net heel hard te springen en te viben op de smerige riffs, toen bleek dat het drietal er na twintig minuten al de brui aan gaf. Zo gaf wych elm een blijvende indruk door veel te kort te spelen, maar muzikaal had het allemaal iets snediger gemogen om te kunnen blijven overtuigen.

Grandmas House @ WORM 1

© CPU – Nathan Dobbelaere

De belangstelling voor Grandmas House was op de laatste dag op Left of the Dial bijzonder groot, met als resultaat een nooit eerder zo druk geziene WORM. De fanatieke opkomst mag dan ook niet verbazen als je de recente adelbrieven van de band doorneemt. Als voorprogramma van IDLES leerde ze haar ruigheid te vertalen op een groot podium, zonder de eigenheid te verliezen. “No Place Like Home” opende de debatten met een vurig pleidooi, dat ondanks wat technische moeilijkheden niets van haar oerkracht verloor. Grandmas House exploreerde binnen zijn genre en thema’s, en trakteerde eveneens op een paar nagelnieuwe nummers. De rode draad bleef die ontketende energie waar het publiek in WORM mee wist om te springen. Nog iets meer strakheid had geen overbodige luxe geweest, maar ook met flinke dosis rammel- en ratelwerk deed Grandmas House heel veel juist.

Former Champ @ Perron Small

In de voetsporen van de kampioenen in het genre is Former Champ bezig aan een opmars om de nieuwe powerpopgrootmacht in de muziekscene te worden. Live steekt de band bovendien niet onder stoelen of banken dat ze ambitie heeft. De brede bezetting van de groep zorgt ervoor dat zijn sound bijzonder vol en rijk klinkt. Bovendien is de bende ook bijzonder goed op elkaar ingespeeld, waardoor de set voortdurend swingde en gutste van het plezier. Niet toevallig had Former Champ ook wel heel wat straffe songs meegebracht, die bij momenten traag en ontroerend waren, maar op andere momenten weer neigden naar heel plezante rammelrock. Het lijkt ons dus onwaarschijnlijk dat ze de volgende keer nog op het kleine podium zullen staan.

The Orielles @ Perron Big

The Orielles had voor zijn tweede set een redelijk laat moment op het grote podium van perron gekregen. Door wat moeilijkheden tijdens de soundcheck liep de band bovendien een minuutje of tien vertraging op, maar ze loste dat op met enthousiasme en een woordje Nederlands. Het viertal is duidelijk al een blok graniet als het aankomt op liveshows spelen, want de leden voelden mekaar perfect aan gedurende de hele show. Het zorgde ervoor dat, hoewel de performance van drie van de leden redelijk sober bleef, alles heel dansbaar en luguber tegelijk aanvoelde. Waar het bij momenten zelfs wat de vibe van slowcore had, ontplofte het niet veel later vaak in een bombastisch arsenaal aan groovy beats en swingende gitaren. Dat de vocals vaak net iets te schel klonken, deerde dan ook niet. The Orielles kwam om een feestje te bouwen en deed dat ook.

Denzel Himself @ V2_

© CPU – Nathan Dobbelaere

Op het festival van de buitenbeentjes was Denzel Himself zelfs een van de grotere buitenbeentjes. De Brit maakt iets wat hijzelf omschrijft als ‘agressive rap music’ en dat is op een driedaagse met voornamelijk gitaren geen sinecure. De nieuwsgierigheid van heel wat LotD-bezoekers zorgde voor een mooie opkomst in het spacey V2_. Dat zijn muziek niet voor iedereen is weggelegd, werd gauw duidelijk, maar Denzel slaagde er wel in om het gros van het publiek in zijn greep te houden met een heel sterke energie en een charisma dat je bij rappers zo goed als nooit tegenkomt. Bovendien was hij ook nog eens best entertainend, met name in zijn sarcastische bindteksten en de manier waarop hij met de zaal in interactie ging. Op muzikaal vlak is er nog wel wat ruimte voor verbetering, maar Denzel Himself was bij zoveel gitaargeweld een aangename verademing.

Chalk @ Rotown

Op donderdag hebben we het optreden van Chalk nog moeten missen door een uitpuilende zaal. Voor de tweede set geraakten we wel nog net op tijd binnen en dat was maar goed ook, want het drietal speelde zowat alles aan flarden. De set-up oogde nochtans redelijk basic met een drummer, een gitarist en een zanger, maar dat volstond klaarblijkelijk om mede met nog wat elektronische elementen een impressionante en onverwoestbare geluidsmuur op te trekken. De Rotown ontaarde al gauw in een kolkende massa dankzij de dreigende tonen van “Velodrome” en “Asking”. De Noord-Ieren gingen maar een keer van het gaspedaal, om dan niet veel later met een furieus slot als een sloophamer alles in puin te stompen. Indrukwekkend tot in het kwadraat en daarom ook een van de grootste aanraders van Sonic City 2023.

Eyesore & The Jinx @ WORM 1

In 2020 was het de bedoeling geweest dat Eyesore & The Jinx op Left of the Dial zou spelen, maar dat feestje ging toen niet door. Uitstel is geen afstel, en dus kon de band ook een van de laatste shows van editie 2023 spelen. Het drietal uit Liverpool stond heel breed uit elkaar, wat er wel voor zorgde dat er van interactie tussen de bandleden geen sprake was. Dat deerde weliswaar niet, want de twee gitaren waren heel speels op elkaar afgestemd met één iemand die voor de groove zorgde en iemand anders die de melodieën aan elkaar breidde. Ook de drummer deed hierbij zijn duit in het zakje door uitstekend het tempo strak te houden. De band hield er ook van om altijd te vertellen waarover de songs gingen, wat meestal tamelijk van de pot gerukt was, maar het gaf wel meteen aan dat Eyesore & The Jinx een plezante band is. “On An Island”, een ouder nummer, gaf een eerste energiestoot en zo ging de gezapige vibe van het begin van de set over in een meer dansbaar geheel met meer power. Zeker naar het einde toe werden we omvergeblazen door een gigantische gitaarsolo die de hele zaal aan het dansen kreeg.

bdrmm @ Arminius

Afgelopen week zagen we bdrmm reeds aan het werk in het Cactus Café in Brugge en daar maakte het een zodanig goede beurt dat we besloten om de band op Left of the Dial nog eens te gaan opzoeken. De Britten muteerden de laatste jaren in een echte wervelwind van dromerige shoegaze, die live nog vele malen straffer waaide dan op plaat. Als geweldig op elkaar ingespeeld collectief verhoogde de band de lat geleidelijk aan, om kort voor slot met “Happy / (Un)Happy” het absolute zenit te bereiken. De uitgesponnen en overweldigende apotheose van het nummer pakte iedereen bij het nekvel en was zowat het beste muzikale moment van heel het weekend. bdrmm imponeerde met andere woorden zoals we dat van ze gewoon zijn!

Big Special @ V11

Big Special was de officiële afsluiter van het festival in de V11 en het duo liet de zaal nog eens stampvol lopen. Dat bleek meer dan terecht, want met stevige drums, krachtige vocals en vooral een heel dansbare sound kon je nergens beter terecht. De stem die wat naar grimemuziek neigde, was in perfecte cohesie met de opvallende synths die de sound naar een hoger niveau tilden. Zeker een nummer als “DESPERATE BREAKFAST” had daar deugd van, omdat het ook de zaal helemaal aan het bewegen kreeg. De V11 bleef gedurende de volledige set gevuld, omdat het energieniveau hoog bleef en de songs zeker makkelijk te behappen waren. De mensen die op zoek waren naar een laatste dansje, hadden hun plek dus gevonden al kon er nadien nog gefeest worden op de afterparty. Wie dat niet meer deed, had wel zijn Left of the Dial stevig afgesloten met Big Special.

Volgend jaar vindt Left of the Dial plaats op 17, 18 en 19 oktober en tickets kan je nu al kopen voor slechts 45 euro, een koopje.

Onze recensie van de eerste festivaldag lees je hier.
Onze recensie van de tweede festivaldag lees je hier.

Fan van de foto’s? Op onze Instagram staan er nog veel meer!

Deze recensies werden geschreven door Niels Bruwier, Simon Vyverman en Simon Meyer-Horn.

Related posts
LiveRecensies

Warmduscher Invites @ Botanique: Rariteitenkabinet

Botanique pakt de laatste tijd uit met verschillende unieke events. Zo was er begin mei All Access tijdens Les Nuits Botanique waarbij…
Nieuwe singlesOude Bekenden

Nieuwe single Tramhaus - "Once Again"

‘Punk is not dead’. Zonder twijfel denkt Tramhaus er ook zo over. Sinds ze twee jaar geleden uit de startblokken schoten, laten…
Nieuwe singlesOude Bekenden

Nieuwe single The 113 - "Inside"

Volgens de engelen betekent het cijfer 113 zelfexpressie en creativiteit. Nooit geweten dat de engelen zich bezighielden met dat soort eigen expressie…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.