FeaturesInterviewsUitgelicht

Interview Klangstof: ‘We wilden door elkaars maskers prikken’

© Anton Corbijn

De Nederlandse indierockband Klangstof brengt aanstaande vrijdag met Godspeed To The Freaks zijn derde langspeler uit. Wie goed luistert, zal een nieuw en fris geluid horen dat veel dynamischer is dan al het werk dat ze daarvoor al uitbrachten. En dat klopt ook, want voor dit album ging de band volledig anders te werk. Geen producties op de laptop meer, maar terug naar de live-opnames. Dat alles combineerde het drietal met teksten die eerlijker klinken dan ooit tevoren. Redenen genoeg dus voor een praatje met frontman Koen van de Wardt over deze muzikale en tekstuele transformatie.

Eerst en vooral, proficiat met jullie nieuwe album. Wat meteen opvalt: het lijkt alsof jullie een nieuw geluid hebben gevonden?

Voorheen dachten we dat bands niet zo cool waren en waren we erg voorzichtig met gitaren en veel lawaai. Deze keer wilden we dat bandgeluid wél omarmen en dat is het grootste verschil met het vorige album. We hebben wel niet specifiek van tevoren afgesproken hoe het allemaal moest klinken. We begonnen met het opnameproces van “Disguiser” en “Death04”. Pas toen die twee nummers ingespeeld waren, was er het idee om ook de rest zo te laten klinken.

Jullie zijn dus ook op een totaal andere manier te werk gegaan?

Dat klopt ja. Voorheen waren we gewoon drie producers in één band en zaten we bij wijze van spreken vaak gewoon wat te ruziën achter een scherm. En nummers achter de laptop maken betekent: heel veel kanalen met lawaai die uiteindelijk een album moeten worden. De manier van werken was bij het vorige album dus totaal anders dan die van de meeste andere artiesten: eerst een nummer schrijven en dan opnemen. Wij jamden veel, gooiden daarna alles in een project en keken of we er iets mee konden maken. Waardoor er natuurlijk heel gekke dingen ontstonden.

Nu hebben we de demo’s bewust zo kaal mogelijk gehouden, vaak gewoon met een gitaartje en wat zang. Daarna zijn we naar Vlieland getrokken, een soort onbewoond eiland in Nederland waar ook heel wat vakantiegangers heengaan. Het idee was om er een zaaltje te huren, met z’n vier op een podium te zitten en iets met die demo’s te doen. We hebben er twee weken gezeten en zowat alles daar opgenomen. Het leuke was dat we met elkaar in een ruimte zaten en echt ergens over nadachten voordat we iets opnamen. Omdat er nu een totaal andere setting was en iedereen zijn eigen eilandje had, merkte je trouwens dat het proces veel gestroomlijnder verliep.

Het klinkt alsof jullie nu ook ook veel directer zijn in jullie teksten?

Qua teksten was het vorige album best wel moeilijk, want na ons debuut werden we op een soort voetstuk geplaatst en dan ga je plots enorm nadenken over het verhaal dat je wilt vertellen. Ik was best bang om mezelf bloot te geven en schuilde vooral achter heel metaforische teksten. Bovendien hadden we allemaal moeite met eerlijk zijn en wilden door die laag heen prikken. Vandaar ook het idee van het konijnenpak in de videoclips en op de cover: het laagje vol bullshit dat we wilden doorbreken. We zaten midden in de quarantaine toen we de studio ingingen, waardoor we allemaal even vergaten dat de rest van de wereld bestond. Er was weer het gevoel van ons debuut, want dat maak je zonder dat iemand je muziek kent en je merkt gewoon dat je dan vanzelf veel eerlijker bent. Daardoor durfde ik dingen te zeggen die ik daarvoor misschien niet had durven doen.

Verliep het schrijfproces moeilijker door die eerlijkheid?

Het was juist minder moeilijk, want zodra ik er zelf voor open sta, is dat de gemakkelijkste manier van schrijven. Door de durf die ik voordien niet had, herschreef ik de teksten constant waardoor het uiteindelijk nergens meer op leek. Nu schreef ik vaak het eerste wat in me opkwam. We hebben alles ook best snel afgewerkt omdat we wilden dat het écht klonk.

Hadden de nieuwe nummers ook in een stad vol prikkels gemaakt kunnen worden in plaats van in het rustige Vlieland?

Ik denk dat we dat eiland echt wel nodig hadden om door elkaars maskertjes heen te prikken. In een stad heb je veel afleiding. Dan ga je ’s avonds een biertje met iemand drinken, krijgt die persoon alle agressie in zijn gezicht en kan je daarna weer rustig de studio in. Nu moesten we alles waarmee we zaten, met elkaar oplossen. Dat evolueerde van heel moeizaam naar het gevoel alles aan te kunnen. En dat hebben we ook echt in het album gestopt.

De titeltrack “Godspeed To The freaks” klink enorm filmisch en is doordrongen van postrockelementen. Had je al lang zin om met dat genre aan het werk te gaan?

“Godspeed To The Freaks” was eerst heel basic en we vonden het allemaal best wel saai. Daarom zijn we er aan gaan sleutelen met het idee er een James Bond-achtig nummer van maken. Uiteindelijk kwamen we bij die hele filmische, trage en donkere variant van de demo. Daar waren we allemaal enthousiast over, zeker omdat we normaal de neiging hebben om dingen juist heel dynamisch te maken. Op ons eerste album speelden we bijvoorbeeld vaak heel luid en dat werkte altijd. Nu wilden we het interessant laten klinken ondanks de rust die bewaard werd. Dat was de hele zoektocht achter dat nummer en doorheen alle nummers eigenlijk. “Sylvia” en “Death04” zijn de enige knallers. Voor de rest zijn we gegaan voor dat meer filmische.

Aangezien dat filmische aspect doorheen vele nummers verweven zit: is het maken van soundtracks iets waar jullie voor openstaan?

Dat is een droom voor ons allemaal. We hebben al muziek gemaakt voor een Nederlandse serie en ik vond het grappig om te merken dat een soundtrack maken helemaal niet zo moeilijk bleek te zijn voor ons, omdat het enorm past bij wat wij doen als band. Het is een beetje zoals een album maken, maar dan zonder hard te drummen. (lacht)

“Devil’s lair” doet dan weer denken aan de dance- en housemuziek van The Blaze. Hoe is dat nummer muzikaal tot stand gekomen?

Dat is het enige nummer dat niet in Vlieland is opgenomen. We hadden op het einde nog een uptempo nummer nodig en ik heb toen een paar drumtakes van Erik (Buschmann, red.) in elkaar geknipt en in een sample gestopt. Je merkt gewoon dat het qua sfeer dan weer helemaal de andere kant opgaat en meer naar het geluid van ons vorige werk neigt.

Er staan naast de vaak donkere nummers ook een paar positieve nummers op jullie nieuwe werk. Vind je het belangrijk om ook die positiviteit te behouden?

Als ik zelf naar platen luister, vind ik het leuk om plots in een andere sfeer terecht te komen. Al is het maar om even wakker geschud te worden. Daarom heb ik ervoor gepleit om “Truth” vroeg op de tracklist te zetten, omdat alles nogal donker begint. Ik wou onderstrepen dat niet alles dood en verdriet is. En ook al is het echte Klangstof-geluid donker, we merken dat de vrolijkere nummers live heel goed werken en zelf vinden we het ook leuk om dat soort nummers te spelen.

Een van die meer positieve nummers is “How I feel”, een duet met Someone. Hoe ben je bij haar terecht gekomen?

Ik had met Tessa (Rose Jackson, alias Someone, red.) het idee om in één week een ep te schrijven. Het was de bedoeling om ons een week in de studio op te sluiten en elke dag een nieuw nummer te maken. We waren elk echter met onze eigen projecten bezig, waardoor we elkaar al snel uit het oog verloren. Later heeft onze drummer mij erop gewezen dat “How I feel” heel goed zou passen op ons album en zo geschiedde. Ik vind het trouwens ook altijd leuk om één samenwerking te hebben en om even een vrouwenstem te horen in plaats van dat geneuzel van mij. (lacht)

Is het leuker om muziek die jullie live opnamen voor een publiek te spelen dan jullie vroegere, meer digitale werk?

Honderd procent! Het leuke is dat we nu niet meer te hoeven rotzooien met backingtracks, omdat we bepaalde dingen niet live kunnen spelen. Het voelde allemaal net iets natuurlijker aan. Je merkt bij de nieuwe nummers ook dat iedereen met meer plezier staat te spelen omdat het logischer is wat we aan het doen zijn op gitaar of bas.

Jullie verzorgen het voorprogramma van Pixies. Dat betekent ook: kortere sets dan de shows die jullie normaal spelen. Is het moeilijk om dat soort sets in elkaar te steken?

Dat voorprogramma duurt een halfuur en is net wat te kort. Daarom hebben we besloten om niets meer van het eerste album te spelen.  Bovendien wil je ook dat de aandacht erbij blijft, dus kiezen we er nummers uit met een hele hoge intensiteit. Ook tussenin eens een akoestisch nummertje spelen kan je natuurlijk niet maken. We houden dus vooral rekening met het soort band waarmee we op tour gaan en op basis daarvan passen we de set aan. Als je van het podium afloopt, voel je trouwens ook meteen aan welke nummers al dan niet werken en op die manier heb je elke avond een net iets andere set tot op het moment dat het helemaal goed zit.

Brengt touren met Pixies ook een ander gevoel met zich mee dan de Klangstof-shows onder jullie vier?

De druk is minder en alles is veel beter geregeld en heel professioneel. Dat soort bands gaat al jaren op tour en ze heeft ook al jaren dezelfde crew. Elke avond staat alles, tot het koffiezetapparaat toe, precies op dezelfde plek. Het is voor ons natuurlijk heel fijn om daar in te rollen.

Jullie stonden onlangs ook last minute op Lowlands (Noah Cyrus moest haar optreden afzeggen, red.). Voelt het vreemd om voor een publiek te spelen dat in eerste instantie een andere act had verwacht?

Wij stappen meestal het podium op, denkende dat niemand ons kent. Dus voor ons is er niet echt een heel groot verschil. Ik ben nog nooit een podium opgelopen met de gedachte dat iedereen zal meezingen. Langs de andere kant wisten we maar twee dagen op voorhand dat we er mochten optreden en voor een bandje van ons kaliber uit Nederland is Lowlands het hoogst haalbare. Om dan maar twee dagen op voorhand te kunnen nadenken over je show is dus best spannend. Ik had het liever al een jaar geweten om mij mentaal voor te bereiden. Maar ergens was dit ook wel erg rock-‘n-roll.

Blijkbaar loopt jullie platenverkoop ondertussen ook op wieltjes?
Het gaat echt goed ja. Elk album dat verkocht wordt geeft een heel fijn en speciaal gevoel. Mensen die een exemplaar bestelden, al drie maanden aan het wachten zijn en dan kunnen luisteren: dat is waarom we het doen. Bijna 60 procent van alle pre-orders gaat trouwens naar Amerika of Canada. Je merkt dat mensen daar onze muziek nog steeds kennen ook al zijn we daar al een jaar of drie niet meer geweest. We gaan echter nog op tour naar England en daar zit ook een maand Amerika aan vast omdat we er al lang nog eens wilden teruggaan. Nu blijken we wel niet meer in Europa te zijn bij de release van het album. Hopelijk doen we dan begin volgend jaar nog eens een Europese tournee.

Godspeed To The Freaks is vanaf aanstaande vrijdag, 16 september, te beluisteren.

Facebook / Instagram / Website

Related posts
AlbumsFeatured albumsRecensies

Klangstof - Godspeed To The Freaks (★★★★): Muzikale eerlijkheid ten top

Dat het afgelopen jaar al een productieve periode is geweest voor Klangstof, is wel het minste wat je kan zeggen over de…
Nieuwe singlesOude Bekenden

Nieuwe single Klangstof - "Disguiser"

Klangstof, de Noors/Nederlandse indierockband rond singer-songwriter Koen van de Wardt is stevig op dreef, zo waren ze de eerste Nederlandse band ooit…
Nieuwe singlesOude Bekenden

Nieuwe single Klangstof - "New Congress, New Father"

Muzikale brein achter Nederlandse electropoptrio Klangstof Koen van de Wardt heeft zijn goesting om muziek te maken teruggevonden. Nadat Warner de samenwerking…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.