Live, Recensies

Mavis Staples & Roland Van Campenhout @ OLT Rivierenhof: Wijze lessen voor het leven

© CPU – Jan Van Hecke

Inmiddels is het festivalseizoen voor open verklaard. In het oog springt telkens weer de fijnzinnige programmatie van OLT Rivierenhof (Arenberg). Een fantastische context, een groen park en zomers zwoele temperaturen. En dus niets minder dan bijzonder tevreden gezichten. Speelden middels een heerlijke double bill voor je ten dans: de niet minder dan legendarische Mavis Staples – een icoon met roots in de Amerikaanse burgerrechtenbeweging, wiens onvermoeibare energie, onophoudelijk positivisme en aanstekelijk activisme werkelijk iedereen inspireert – en ook Roland Van Campenhout, een blanke blueszoon die op zijn geheel eigen manier een volkslegende is.

© CPU – Jan Van Hecke

In een goed volgelopen Rivierenhof zagen we eerst Roland Van Campenhout aan het werk. Al weet je met hem nooit echt op voorhand wat juist te verwachten. Voor deze aangelegenheid verzamelde hij – à l’improviste – een veelkoppige all star band rond zich, met naast Roland zelf de immer onnavolgbare Teun Verbruggen (drums), Mirko Banovic (bas), Pieter-Jan De Smet (gitaar), Frederik Segers (gitaar, elektronics, synths), Nicolas Mortelmans (sitar), Steve Harpo op harp en multi-instrumentalist Nils De Caster (mandoline, viool). Lui van stand die vrijwel altijd klaarstaan om een stevig potje te jammen en daarbij te freewheelen. Kortom: een line up om duimen en vingers bij af te likken.

De ideale gelegenheid bood zich aan om vooral Rolands’ meest recente album te pluggen. Songs From A Non-Existing Land liet natuurlijk al verstaan dat het deze bende nooit om rechtlijnigheid te doen is. Zodoende joegen Roland & co er op een relatief korte tijdsspanne een representatieve en vooral erg dwarse en daardoor ook net zo mooie doorsnede van het album door. Tekenden onder meer aanwezig: “Lies For Sale” (over de mercantiele aspecten van het leven), een gruizelig donker “Wari Mashi Ta (Stitch By Stich)”, “Swamp Adversity (The Devil Has The Best Tunes)” met als motief ‘donnez à manger aux affamés’ en een door Richard Farina gepend “Pack Your Sorrows”, waarin meer americana en country-achtige sferen opgezocht werden.

© CPU – Jan Van Hecke

De geestige, speelse en uiterst creatieve bluesgoeroe, een soort inheemse variant van Dr. John (onmiskenbaar een inspiratiebron voor Van Campenhout), bracht eerst een bevreemdend oriëntaalse sfeer aan. Duister en mysterieus, maar tezelfdertijd ook heel apart. Een lang uitgesponnen openingstrack (“Washi Te Kudasai?”) liet verstaan dat echt alles tot de mogelijkheden behoorde, zeker met Roland als lustige en geestige aanstoker van dienst. En dus ging het helemaal richting het onbekende, in het spoor van illustere helden en voorbeelden als onder meer Oscar Wilde, John Berryman, Aleister Crowley en Jean Harlowe. Met zijn op beat gedreven poëzie en wilde, tomeloze improvisatiekracht slaagde Van Campenhout erin zijn troepen en zichzelf zo aan te vuren dat zijn groep vér boven zichzelf uitsteeg. Gaandeweg eigende Roland zich steeds meer de rol toe van een sjamaan, een bluesdokter, een mythische creatuur, die wijsheden de wereld instuurde en tezelfdertijd de lusten en lasten des werelds onder zichzelf en het talrijk aanwezige publiek verdeelde. ‘And now my healing can begin,’ zo liet hij weten. Stuur alle problemen maar naar mij, zo orakelde de uit Boom afkomstige bluesgezant.

En dus kregen we in het Rivierenhof een knappe mix voorgeschoteld van rauwe, van enige opsmuk ontdane blues met vaak stokoude roots, ruwe folksongs en traditionals. Via het lenige en sierlijke vioolspel van De Caster kwam er evengoed ook een fikse streep country bij kijken, zodat je jezelf soms even in een volstrekt door whisky en sigarettenrook verteerde bar waande, met deze wonderlijke all star band als begeleiding. Een excellent en uiterst bezield optreden van Roland en zijn band dus, die een bijzonder krachtige en vitale indruk maakten.

© CPU – Jan Van Hecke

En dan was het aan de tachtig levensjaren tellende soul- en gospellegende Mavis Staples. Zij liet zich bijstaan door een wonderlijke band, met daarin Rick Holstrom (gitaar), Jeff Turmes (bas) en Stephen Hodges (drums). Op vocaal vlak kreeg Staples – hoewel ze over een klok van een flexibele stem beschikt – net zoals op het meest recente, door niemand minder dan Ben Harper gepende en geproduceerde album We Get By enige bijstand van twee vocalisten (o.a. Donny Gerrard).

Ook Staples had er duidelijk en hoorbaar erg veel zin in. Uiteraard kon ze niet om het verleden met The Staple Singers heen, onder meer via “Respect Yourself”, “Let’s Do It Again” en “Touch A Hand”. Die lieten het stilaan stevig aangegroeide publiek helder en duidelijk verstaan dat we hier te maken hadden met een blues- en souldame van grootse allure. Al zou het jammer zijn om Staples te reduceren tot enkel soul, want ook gospel, blues, roots, funk en pop zitten mee in haar uiterst aanstekelijke totaalpakket.

Misschien ligt daar ook wel de kern van haar huidige succesverhaal. Staples kan immers terugvallen op steengoede en universele liedjes, vrijwel altijd voorzien van een diepmenselijke boodschap van liefde zonder echt prekerig te worden. Staples weet het immers zo aan te pakken dat ze haar ideeën kan brengen in kortere songs op popformaat. Wat er echt toe doet, is liefde, is graag gezien worden en ondersteund worden door familie en goede vrienden (opener “Stronger”). Iets verderop: een fantastisch gezongen en gespeeld “Take Us Back “(dat ze uit het Living On A High Note album plukte). Wat écht telt, is daadwerkelijk bruggen slaan (“Build A Bridge”), een steen in het water verzetten, blijven zoeken naar dialoog en connectie. En respectvol protesteren tegen alle krachten die jezelf en je naasten bedreigen.

© CPU – Jan Van Hecke

Kenmerkend was bijvoorbeeld de vitale en krachtige herwerking van het van nature al erg funky en tot meezingen nopend “Slippery People” (van Talking Heads). Die illustreerde dat Staples oor heeft voor goede liedjes (evenals als de Funkadelic kraker “Can You Get To That”) en clever genoeg is om er goed gebruik van te maken. Elders vonden we ook haar nimmer aflatende zucht naar spirituele verbondenheid en connectie. Net dat is haar unique selling point: Staples bindt op heuglijke en feestelijke wijze echt iedereen. Met mature en steengoede muziek, gebracht met een levenslustige en positief ingestelde attitude, waar het door en door verzuurde deel van de samenleving best nog wel wat van kan opsteken.

Met het op een rauwe, Chicago bluesriff gestoelde “Change” (uit het recente We Get By album) haalde ze ontegensprekelijk de actualiteit aan. Jazeker, verandering is nodig. Maar dan wel verandering die bij jezelf begint. Vrijheid heeft echter geen zin of betekenis, als nooit (aan)geleerd werd er gebruik van te maken, zo gaf een kritische, maatschappijbewuste en strijdvaardige Staples aan. Op die manier gaf ze enkele wijze lessen voor het leven mee (én enkele zinvolle tips, zoals het gebruik van gingerthee om de vocal pipes te smeren). En dat allemaal in het formaat van deugdelijke songs zoals het uit If All I Was Was Black geplukte “Who Told You That”, dat met enig creatief denkwerk ook over de impact van sociale media zou kunnen gaan. Mooi ook dat ze tijdens haar set met mondjesmaat wat ouder werk aan bod liet komen, zodat we al bij al best kunnen spreken van een evenwichtige en professioneel uitgebalanceerde set.

© CPU – Jan Van Hecke

Naar het einde toe delfde ze nog enkele fonkelende parels uit het respectabele oeuvre van The Staple Singers op, waarmee ze wederom uitdrukkelijk het (collectieve) sociale bewustzijn aansprak. Zoals onder meer met “Touch A Hand, Touch A Friend” waarmee ze tot op het bot ontroerde. Zelfs in die mate dat ze het heel even lastig kreeg om de eigen tranen te verbergen. Maar goed, de tranen werden al snel gedroogd (“No Time For Crying”). Ondanks alle moeilijkheden, gewoon voortdoen. En gelijk welke tegenslagen die op je weg opduiken van je af trachten te zingen. Zoals Staples bijvoorbeeld doet.

Meer dan bewonderenswaardig was het hoe zij op tachtigjarige leeftijd nog steeds een dergelijke bezieling toonde. Haar optreden stond heel sterk in de feelgood sfeer, al kwamen er ook vaak maatschappijkritische en zelfs ronduit activistische invalshoeken bij kijken. Nog lang na het optreden echode bijvoorbeeld het tijdens haar optreden al te vaak aangehaalde motief ‘we got work to do’ nog na.

En dan zat het er echt helemaal op. Een fantastische en memorabele concertavond, een feestelijke double bill. Met waarlijk en oprecht geëngageerde optredens zoals deze kon je er weer voor een aanzienlijke tijd tegen.

Fan van de foto’s? Op onze Instagram zijn er nog meer beelden te vinden. Volgen is de boodschap!

29 juni 2019

About Author

Philippe De Cleen


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief