Live, Recensies

Glen Hansard @ Koninklijk Circus: Meer dan memorabele doortocht

Glen Hansard wist ons met This Wild Willing danig te overtuigen. In een net niet volledig uitverkocht Koninklijk Circus bewees de net geen 50 zijnde Ier dat hij één van de meest innemende en getalenteerde songschrijvers is die er momenteel te vinden is. ‘De beste remedie tegen depressie en burn-out’, zo liet iemand zich vlak voor het concert ontvallen. We spreken haar – met een gelukzalige smile die in geen dagen meer verdwijnt – geenszins tegen.

Hansard is een waarlijk bevlogen entertainer. Een goedlachse, optimistisch ingestelde en bovenal gulle muzikant die met evenveel bezieling in de straten buskt ter ondersteuning van een goed doel als dat het geval is tijdens zijn optredens. Die zijn onder meer om die reden vaak ook goed bezocht en vaak op voorhand volledig uitverkocht. Hansard is dan ook het type artiest die de lat steevast hoger legt. En is op de koop toe een warme en uiterst innemende persoonlijkheid. Kortom: een rolmodel. Iemand om écht nog naar op te kijken.

View this post on Instagram

It’s a fool’s, fool’s game #glenhansard

A post shared by Alexandre (@alexloos) on

We zagen hem intussen al enkele keren aan het werk, onder meer met The Frames (in wat toen nog een klein en gezellig concertzaaltje aan de Antwerpse Schelde was), maar recent ook in de Antwerpse Roma. Een optreden waar hij heel goede herinneringen aan had overgehouden en zelfs naar verwees. En toch: het zijn heel verschillende werelden, haast niet met elkaar te vergelijken. Maar met eenzelfde basis, namelijk: een bovenmatig getalenteerde songschrijver wiens artistieke en creatieve integriteit in gelijk welke omstandigheid naadloos overeind blijft.

Als voorprogramma had de Ierse muzikant het relatief jonge Joe Quartz duo meegenomen. Vocaliste Jeanne Susin en cellist Olivier Schlegelmich hebben elk afzonderlijk een eigen muzikaal parcours gereden, samen brachten ze als het Joe Quartz duo een heel eigen en dromerig geluid voort. De groep grossierde in vederlichte popsongs met een experimenteel kantje, met inspiraties als klassiek chanson, filmmuziek en een flukse dosis improvisatie. Een groep ook die met behulp van talloze instrumenten (keys, drum,..) de ondankbare taak had het maar tergend langzaam binnendruppelende publiek op te warmen. Een publiek dat klaarblijkelijk enige moeite had om plaatsen te vinden. Niet gedeerd, Susin maakte er zich met een knipogende kwinkslag vanaf (“Merci Bruxelles, vous avez trouvé vos places?”).

Interessante keuze overigens als opwarmer voor Hansard, die te kennen gaf de groep tijdens de opnames van The Wild Willing in Parijs te hebben leren kennen. Een eerder toevallige ontmoeting in een bar, een mini-concert en een frisse pint later was de zaak helemaal beklonken. Het tekent Hansard ten voeten uit. Spontaan, fris. Altijd een gretig en welwillend oog en oor voor jong en opkomend talent. Altijd blij als hij nieuwe muziek een plaats kan geven. Op plaat vind je dat terug bij de inbreng van de Iraanse Koshravesh broers, live mocht het Joe Quartz duo goed halfweg Hansards’ eigen set – op zijn verzoek, overigens – nog eens het podium op voor een nummertje. Toelichting: Hansard & co leven haast vanuit hun koffer. En dan zijn ze eens blij toe dat ze eens een stukje van andermans concert kunnen meepikken en andere bands en artiesten voor het voetlicht kunnen plaatsen. Bijzonder mooie geste, al brak het ergens wel de vibe en sfeer van het concert en kregen we plotsklaps goedbedoelend Frans chanson tussen Hansards’ eerder rootsy folksongs en ballads gewurmeld.

Iets na achten doofden de lichten en mocht Hansard aan een goed twee uur durende set beginnen. Eerst nog met een licht krakend “Fool’s Game” dat fraai ontbolsterde en zijn verschillende laagjes en geheimen prijsgaf, wat later gevolgd door een verschroeiend intense lezing van single “I’ll Be You, You’ll Be Me” – heerlijk tegen elkaar op botsende gitaargolven die episch aanzwelden tot een woeste uitbarsting. Daarmee kreeg je gelijk al twee nieuwe nummers uit The Wild Willing voorgeschoteld. Nummers die duidelijk maakten dat Hansard niet wilde teren op een rijk verleden (o.a. The Frames, Swell Season), al kwam er gaandeweg wel ruimte vrij om wat dieper in het geheugen te graven. Zo passeerden onder meer een vitaal en verpletterend “Fitzcarraldo” (dat geïnspireerd werd door Werner Herzogs’ gelijknamige filmklassieker) waarbij Hansard tegen de hemel op zong en “When Your Mind’s Made Up”, waarbij die laatste probleemloos een dartel, uit Didn’t He Ramble gehaalde “My Little Ruin” opvolgde.

Hansard trekt de baan op met een tienkoppige bezetting. Sterrollen bleken onder meer weggelegd voor de saxofonist, de
strijkerssectie en de van bij Leonard Cohen bekende Javier Mas; een meestersnarendrijver die, zo getuigden zijn capriolen tijdens hoogtepunt “Didn’t He Ramble”, ook meer dan goed omweg kan met een elektrisch versterkte gitaar. Verrassend. En dat gold wel voor wat meer passages tijdens dit bruisende concert. Zo passeerde ook een zelden gespeeld “One Of Us Must Lose”. Die toonde aan dat Hansard ook minder bekende nummers een plaats wist te geven. Al waren er natuurlijk geen echte ‘hits’ of het moest de wat op sentiment drijvende ballad “Falling Slowly” (de trekker van de film ‘Once’) zijn.

De set draaide vooral rond het nieuwe album The Wild Willing, al was het concert in essentie een heerlijke bloemlezing van Hansards’ carrière. Een avondvullend spektakel, waarbij de Ier dan weer een fraaie ballad aanboorde om iets later zowaar aan geinige standup comedy te doen. Daarnaast zijn ‘s mans concerten ook echt altijd een beleving. Nooit heb je als toeschouwer de indruk dat hij daar tegen zijn zin in zijn plaatje staat te pluggen. Integendeel. Hansard lééft volledig op als hij een podium ziet. Het is daar waar hij zich helemaal thuis voelt. Vaak als bevlogen en gepassioneerd groepsleider van een ruime bezetting, maar evengoed ook solo. Het is daar waar hij zijn emotionele huishouding helemaal binnenstebuiten haalt. En regelmatig ten behoeve van het entertainend gehalte zijn gekste zelf bovenhaalt.

Dat leverde ook nu weer in het Koninklijk Circus niets minder dan weergaloze momenten op. Al miste hij wel wat goede vrienden. Niet in het minst zijn Frames maatje / violist Colm McCon Iomaire (die thuis bleef om de promotie van zijn nieuw album in goede banen te leiden), evenals vocaliste Aida Shahgashemi (wiens stem tijdens “Fool’s Game” uit een sampledoosje kwam) of de Iraanse Koshravesh broers die sterk hun stempel op het opnameproces van The Wild Willing drukten. Het verhinderde niet dat hun oorspronkelijke, exotische muzikaliteit wel degelijk aan bod kwam, onder meer tijdens songs als “The Closing Door”, dat ingeleid werd met een bizar verhaal over een ontmoeting met Bob Dylan. Een hoogtepunt overigens, al was de zinderende, eerder op vrije vorm met elektrische gitaren geschoeide “Didn’t He Ramble” dat zeker ook.

Nog hoogtepunten? Zeker. De zwierige tussen spirituele soul en gospel schipperende ballad “Her Mercy” die via Javier Mas een ode werd aan het genie Leonard Cohen. Het kale minimalisme van het zo goed als volledig unplugged gespeelde “Grace Beneath The Pines”, waarbij de theatrale inleving diepe indruk wekte. De immense tragiek van een uiterst doorleefde ballad als “Bird Of Sorrow”, waarbij je echt haast niet anders kon dan een zakdoek erbij nemen. Kortom: de hoogtepunten stapelden zich in sneltempo op.

Hansard en co speelden in het Koninklijk Circus een royale en zo goed als foutloze set. Ja, er was wat licht kraak te horen bij de inzet van het openingsnummer. Maar dat euvel werd al snel – met gulle glimlach en een bedankje aan de technieker overigens – verholpen. Ook dat maakte duidelijk dat Hansard echt een van de allergrootsten is. Een vriendelijke, innemende rasartiest, die voorzien van een enkele akoestische gitaar de luisteraar tot een hoopje nasmeulende as kan reduceren, zoals tijdens het huiveringwekkend mooie “Leave A Light”. Het prototype van een songschrijver die excelleert in rustieke songs en ballads, maar evengoed een ruwe bonk die met zijn rauwe en bezielde stem echt alles aan flarden kan zingen. Zo kan hij desgevallend erg krachtig uithalen, hetgeen misschien nog het best aan bod kwam tijdens de aardedonkere, rauwe blues van “Way Back In The Way Back When”.

Het aardige is ook dat Hansard net dat type artiest is dat voluit kan bloemlezen uit een eigen repertoire. Met verschillende albums (naast The Wild Willing ook Between Two Shores, Didn’t He Ramble, Didn’t He Ramble) op zak en deelname aan verschillende zijprojecten (o.a. The Swell Season), beseft hij als geen ander hoe belangrijk het is om in te zetten op vernieuwing en diversiteit. Zo schakelt hij per definitie enige vorm van herhaling uit, hetgeen maakt dat je als fan probleemloos verschillende optredens van hem kan bijwonen, zonder echt het idee te hebben dat je het wel gezien hebt. Dat hij vaker dan niet de interactie met het publiek opzoekt, zorgt telkens voor meerwaarde. En levert vaker dan niet hilarische momenten op die bijblijven.

Regelmatig wist de Ierse bard ook erg onderhoudend uit de hoek te komen. Zo kreeg de opgewekte feelgoodsong “Winning Streak” een wat luchtig kantje dankzij een geestige introductie over voetbal. Om vervolgens de hele zaak weer om te kantelen met “Race To The Bottom”, waarin hij het onder meer had over de klimaatproblematiek en hoe de mensensoort om diverse redenen zichzelf steeds duidelijker in de eigen voet schiet. Ook het eerder donkere, tot rebellie aanzettende “Don’t Settle” hoorde daarbij. Nooit opgeven, zegt die song. Altijd volhouden, ook in moeilijker tijden.

Restte nog een finale waarbij “Good Life Of Song” opdook, een meditatieve song met filosofische aspiraties die eigenlijk zowat het hele optreden synthetiseerde. Het leven zelf, de arbeidende mens, de verhouding tussen kunst en geld, de tijdelijkheid der dingen. Het idee dat liedjes – hoe goed en met liefde gemaakt – uiteindelijk ook maar liedjes zijn en niets meer pretenderen te zijn wat ze zijn. Naast de notie dat muziek geen énkel onderscheid maakt. Wat mogelijkerwijs nog het best aan bod kwam tijdens de uitgelokte bis “Passing Through”, een reprise van Pete Seeger. Zo zagen we de op handen gedragen publiekslieveling Hansard en co als ware volkshelden op de bühne, het druk naar voren toegestroomde publiek aanzettend tot een olijk potje meezingen. Een heerlijk rijmend toetje (“Passing through / sometimes happy / sometimes blue / glad I ran into you”) na een al even fijn en weldadig concert.

Met een beetje goede wil had Hansard er Springsteeniaans tegenaan kunnen gaan, dachten we achteraf. Maar goed: de Ier verrichtte net datgene waar hij voor gekomen was. Met name: een volgepakt Koninklijk Circus volledig naar zijn eigen, meesterlijke hand zetten en het aanwezige publiek betoveren met een concert waaruit zeer duidelijk bleek dat Hansard waarlijk tot de absolute buitencategorie gerekend mag worden. Een meer dan memorabele doortocht dus van Glen Hansard, die met elk album iets nieuw toevoegt aan een ruime carrière en met elk concert nog een beetje meer een held om echt naar op te kijken wordt.

Setlist:

Fool’s Game
I’ll Be You, Be Me
Don’t Settle
My Little Ruin
When Your Mind’s Made Up (The Swell Season song)
Bird of Sorrow
One of Us Must Lose
Winning Streak
The Closing Door
Race to the Bottom
Didn’t He Ramble
Leave a Light
Way Back in the Way Back When
Grace Beneath the Pines
Falling Slowly (The Swell Season song)
Her Mercy
Joe Quartz’s song
Fitzcarraldo (The Frames song)
Good Life of Song
Song of Good Hope

Passing Through (Pete Seeger cover)

7 mei 2019

About Author

Philippe De Cleen


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Newsletter