Albums, Recensies

Kevin Morby – “City Music” (★★★): Beeldende lofzang aan de Grootstad

Het mag gezegd, Kevin Morby is een bezig bijtje. De 29-jarige Texaan lost op heden zijn vierde album in vijf jaar tijd, en toert als een bezetene. Voor wie hem nog aan het werk wil zien, er staan hem wereldwijd nog een slordige vijftig optredens te wachten tot en met november. Reizen zat er bij hem in van jongs af aan, zeg maar.

Dat hij voor zijn nieuwe plaat inspiratie haalt uit de stad, hoeft dus niet helemaal te verwonderen. City Music is in de eerste plaats een lofzang van de grootstad als bestemming. Opener “Come To Me Now” is moegekeken op de veilige haard thuis en zit te popelen om te vertrekken naar de grootstad. Een prachtig gebruik van orgeltjes trouwens, met als resultaat dreampop à la Youth Lagoon of Beach House. Het is een weg die Morby nog niet heeft bewandeld, maar we volgen hem met veel plezier.

Het sterkste werk van het album is het tweeluik “Flannery” – “City Music”. In “Flannery” wordt er eigenaardig genoeg geen noot gespeeld, maar dat neemt niet weg dat het perfect in de plaat past. We horen zangeres Meg Baird een fragment voorlezen uit ‘The Violent Bear It Away’ van Flannery O’Connor. Een kleine jongen ziet in de verte de lichten van een stad opdoemen, en is bang dat hij richting een groot vuur wordt gevoerd. Het meesterlijke “City Lights” die daarop volgt is een knap staaltje Morby. De track kabbelt rustig voort, zwelt langzamerhand aan en raakt in de tweede helft eindelijk op kruissnelheid.

En ook met afsluiter “Downtown Lights” toont Morby dat een goede song echt niet zoveel nodig heeft. Het nummer wordt gedragen door zijn ijzersterke songwriting en eikenhouten stem. We horen opnieuw een brandend vuur als beeld voor de levende, bruisende stad. ‘And downtown lights look like a fire as I’m headed out towards the show‘. Kijk, dat is het soort zinsneden waar deze beer al graag eens over peinst tijdens een mooie nazomeravond. Op weg naar een show, bijvoorbeeld.

Op de plaat staan ook nummers die niet volledig van Morby zijn hand afkomstig zijn, zijnde “Caught in my eyes”, een cover van the Germs, en “1234”, een nummer dat deels letterlijk is overgenomen van Jim Carrolls “People Who Died”. Vooral dat laatste nummer voelt wat vreemd aan. Dit stevig rock ’n roll nummer mist de doordachtheid en subtiliteit die de rest van de nummers zo sterk maakt. En de verwijzing naar The Ramones lijkt al helemaal uit de lucht gegrepen.

De plaat struikelt hier en daar dus wel over de eigen benen. Morby probeert veel indrukken in één plaat te verwerken, en wordt soms wat druk. Daarom scoort deze bij ons iets minder dan zijn vorig werk. Desondanks mag City Music gerust naast de andere platen in je collectie komen te liggen, en blijft het je na verschillende luisterbeurten nog steeds boeien.

Wie de nummers van City Music live wil horen, kan op zondag 9 juli afzakken naar Brugge, waar Kevin Morby op het Cactus Festival het beste van zichzelf zal geven.

17 juni 2017

About Author

Gust Claeys


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *