Het is pas twee jaar geleden dat de Canadese Sophia Stel haar debuut-ep de wereld instuurde en toch lijkt dat alweer een eeuwigheid geleden. Sindsdien bracht de artieste namelijk aan de lopende band muziek uit, of zo leek het alvast voor de buitenwereld. Daarnaast ambieert ze ook een carrière als model en debuteerde ze tijdens Paris Fashion Week op de catwalk voor Ann Demeulemeester. Wanneer slapen op de planning staat voor de popzangeres blijft voorlopig een raadsel, zeker nu ze ook nog op tour is door Europa, gevolgd door Noord-Amerika. Met die tour houdt ze ook halt in ons Belgenlandje en meer bepaald in de kleinste zaal van de Brusselse Botanique. Al is die wel volledig uitverkocht voor Stel.
Met tien minuutjes vertraging begint Clara Kimera aan de avond, of moeten we op dit uur nog van de late namiddag spreken? Kimera verdiende haar strepen al met Agar Agar, maar lijkt ook solo goed op weg te zijn. De naam van haar project is een verwijzing naar de manga Hunter x Hunter, al zou het ook geen verkeerde naam op een geboortecertificaat zijn. Bezwerende klanken verspreiden zich in de kelder van de Brusselse concertzaal, terwijl het publiek de zaal steeds verder invult. Hoewel Kimera niet altijd goed te verstaan is, lijken we haar taal wonder bij wonder goed te begrijpen. Iets met muziek als universele taal hoogstwaarschijnlijk, of het feit dat de hoofdrol op elk moment voorbehouden is voor de zware elektronische productie die door een computer de luidsprekers ingestuurd wordt. De zwaarte wordt doorheen de set wel afgewisseld met zowaar engelachtige melodieën die het lichtpuntje in de duisternis vormen naast hyperpopachtige composities die ons ook vroeg op de avond aan het dansen willen brengen. De effectjes die ervoor zorgen dat de zang telkens een andere gedaante aanneemt, maken dat Clara Kimera een zeer goede indruk nalaat, waarmee niet alleen haar kunnen, maar ook haar creativiteit in de verf wordt gezet.
Geen tijd voor een academisch kwartiertje wanneer het tweede deel van de avond begint, want de klok tikt pas net tien voor acht aan als het licht dooft en een rode gloed de zaal kleur geeft. Daarna is het een stevige bas die ons moet wakkerschudden en met succes. Want hoewel Sophia Stel nog even geniet van de anonimiteit die haar zo lief is onder de capuchon van haar trui, ontdooien de aanwezigen moeiteloos. Knikkende hoofden en deinzende lichamen vertalen de beat die ze opvangen tot beweging. Of misschien is die beweging net nodig om af en toe een glimp op te vangen van de Canadese superster-in-wording. De Witloof Bar is namelijk niet meteen de makkelijkste zaal met zijn podium dat geen voor- of achterkant kent en ook amper een paar tientallen centimeters uit de grond rijst.
Stel weet de aanwezigen echter rijkelijk te bedienen met haar aanwezigheid en dat door ongeveer de hele tijd rondjes te draaien op het podium zodat iedereen mee is in haar verhaal. Dat is er eentje van meeslepende altpop met duistere en elektronische randjes. Al lijkt die definitie nog te beperkt om te omschrijven wat het precies is dat de artieste doet. Ze gaat op zoek naar verrijking van de term pop in een soort postpopwereldje waaraan ze zelf meebouwt. Het zorgt ervoor dat ze een bijzonder coherente sound neer kan zetten die voor mensen die niet vertrouwd zijn met haar muziek misschien net een tikkeltje te gelijkend kan klinken. Maar het zijn net al die kleine productionele details die Sophia Stel al voorzichtig op de kaart wisten te zetten. De effecten die haar stem kleur geven, zorgen voor een zekere afstand tussen Stel en de thema’s die ze aansnijdt in haar muziek. Dat zijn namelijk persoonlijke onderwerpen die menig twintiger in deze samenleving zal herkennen. Tegelijkertijd weet de Canadese dit alles op zo’n manier te brengen dat haar dansbare, drukke producties toch ontzettend intiem aanvoelen. Of je voelt op z’n minst dat alles in een zeer intieme setting gemaakt is.
Dat de Canadese haar muziek in de intieme setting van de de Botanique mag brengen, lijkt dan ook een match made in heaven. Het aanwezige publiek heeft er duidelijk zin in en daardoor zien we al vanaf het begin een mooie wisselwerking van energie tussen Stel en haar fans. Het zou ons dan ook verbazen dat we haar ooit nog in zo’n kleine zaal zien en dus moeten we elk moment koesteren. Groots én klein. Want het valt op dat er graag met contrasten gespeeld wordt in de muziek. Volle producties, maar een opvallend leeg podium. Geloof het of niet, maar live instrumenten zijn in de verste verte niet te bespeuren en dat laat al meteen ruimte voor evolutie in de toekomst. We kunnen alleen maar bedenken hoe indrukwekkend dit alles zou kunnen klinken met de juiste muzikanten. Maar voor nu moeten de aanwezigen het doen met Stel, en daar lijkt niemand echt een probleem mee te hebben.
Waar Sophia Stel in haar muziek geen moeite lijkt te hebben om woorden als ‘I wanted you / I wanted you for so long’ (op “Taste”) uit te spreken, gaat ze tijdens haar set in Brussel uiterst spaarzaam om met haar woorden. Een korte dankjewel, of aanduiding dat er nog maar een paar songs zijn en dat is het zowat. Het toont aan hoe onwennig het wellicht allemaal is voor iemand die geniet van een zekere vorm van eenzaamheid. Gelukkig wordt dat zuinige gebruik van woorden gecompenseerd door een genereuze hand wanneer het aankomt op strakke, dansbare beats die ook de aanwezigen duidelijk kunnen smaken. Het bouwt telkens op vanuit een soort buikgevoel, waardoor ons lichaam vaak al gaat reageren vooraleer we het goed en wel beseffen. Op zulke momenten zijn het plotse veranderingen en kleine bliepjes op de achtergrond die onze aandacht terug naar het podium trekken.
Na een tijdje is ons besef van tijd steeds slechter aan het worden en lijkt het alsof we al uren staan te kijken naar wat Sophia Stel in haar mars heeft, terwijl het ook aanvoelt alsof het allemaal pas drie minuten geleden begonnen is. De Canadese speelt goed in op dat gevoel van vastzitten in een eindeloze loop en dwingt ons daar af en toe even uit te treden door de muziek abrupt de mond te snoeren. Sophia Stel sluit haar set af met – hoe kan het ook anders – “I’ll Take It”. Daarmee weet ze de Witloof Bar om te toveren tot een bruisende club waar enthousiast in het rond gesprongen en gedanst wordt. Een laatste keer flitsende lichten, dansbare beats en daarna die onvermijdelijke stilte. Ondertussen begint het al te schemeren en kleurt de lucht in diep oranje tinten boven Brussel, alsof de hemel nog even verder wil drijven op de sfeer die de Canadese heeft uitgebouwd in onze hoofdstad.
Amper een uur duurde de set van Sophia Stel en daarin wist ze aan een rotvaart haar discografie voor te stellen aan het Brusselse publiek. En meer zelfs, ze wist na enkele minuten al te bevestigen wat we stiekem reeds hoopten: Sophia Stel gaat nooit meer in zo’n kleine, intieme setting te zien zijn. Dus wie erbij was, kan daar over een paar jaar wellicht serieus mee uitpakken. Het zou ons namelijk verbazen mocht de reeds sterk rijzende ster van Sophia Stel niet verder de hoogte in schieten.







