Wie de vroege jaren nul overleefde met een te grote hoodie en een cd in de discman, kwam vroeg of laat Story Of The Year wel tegen op zijn pad. Sinds het explosieve Page Avenue uit 2003 bouwde het viertal uit St. Louis aan een carrière die laveerde tussen posthardcore, een goeie portie melodramatische emo en radiovriendelijk kantje. Welke emokid heeft “Until The Day I Die” niet luidkeels meegebruld? Na de hoogdagen worstelde de groep met relevantie, verdween ze even uit het centrum van de aandacht en keerde ze enkele jaren terug op het voorplan. Al moet je dat met een korrel zout nemen, want nooit bereikte ze nog de status van weleer. Op het vorige album Tear Me To Pieces klonk vooral de vraag of de band haar gloriedagen kond reanimeren. Met A.R.S.O.N., voluit All Rage Still Only Numb, klinkt eerder een andere ambitie: niet terugkijken, maar bewijzen dat er nog brandstof in de tank zit.
Dat vuur vormt meteen het leidmotief van de plaat. A.R.S.O.N. klinkt als een gecontroleerde brand: fel, soms verstikkend, maar ook eentje die je snel blust. De old school fans zullen er zeker en vast van smullen, want de sound is zeer herkenbaar met grote refreinen, gespierde riffs, en een zeer zoet randje errond. Een grote verschuiving is het niet, eerder subtiel de randjes wat aftasten, en af en toe eens met een teentje over de grens gaan. Hier en daar sluipen elektronische accenten binnen, de drums krijgen meer ruimte om te ademen, en de productie mikt op een hybride gevoel: ze proberen hun sterke jiveperformance te vangen én een strak georkestreerde studioproductie tegelijk. Het resultaat is geen revolutie, wel een verfijning van hun gekende vocabularium.
De man achter de knoppen, opnieuw Colin Brittain, zoekt ook nu weer die middenweg tussen live-energie en studioprecisie. Dat spanningsveld werkt meestal in het voordeel van de band. Openingsnummer “Gasoline (All Rage Still Only Numb)” fungeert als lucifer. Zanger Dan Marsala zet in met zijn kenmerkende rauwheid, waarna het refrein openplooit tot een meezingbare hook die moeiteloos een festivalweide vult. Toch wringt er iets wanneer de band instrumentaal richting alt-metal leunt; de riffs klinken té afgerond waardoor de dreiging net iets te braaf blijft. Het is energiek, zeker en vast, maar vernieuwend kunnen we het noemenswaardig niet noemen.
“Disconnected” vormt een van de interessantste momenten op de plaat. Een cleane gitaarlijn opent de song met een bijna breekbare introspectie, waarna de band gelaagd binnenvalt. De screams voelen hier organisch, niet als verplicht nummertje in het posthardcore-handboek. Marsala schuift moeiteloos tussen kwetsbaarheid en venijn, en precies in die overgangen toont de band haar meerwaarde. Met “Fall Away” zoekt Story Of The Year nadrukkelijk de dialoog met een moderner rockgeluid. Een gastbijdrage van Jacoby Shaddix, de hyperkineet van Papa Roach, voegt een extra kleur toe, al balanceert het nummer gevaarlijk dicht tegen hedendaagse radiorockclichés aan. Het werkt, maar net niet overtuigend genoeg om echt te verrassen. Het is exemplarisch voor A.R.S.O.N. als geheel: ambitieus, degelijk uitgevoerd, maar zelden grensverleggend.
Sterker zijn ze wanneer ze hun popgevoelige kant omarmen. “3am” en “Good For Me / Feel So Bad” hebben een emotionele directheid waar ze nog steeds in uitblinken. De melodieën nestelen zich zonder schaamte tussen je oren. Al gebruiken ze ook hier de vertrouwde recepten zoals refreinen met lichte wrange euforie die Story Of The Year altijd onderscheidde van hun klasgenoten. Ze weten exact wanneer ze gas moeten terugnemen en wanneer het tijd is om de boel te laten ontploffen. Aan de andere kant van het spectrum vinden we “Better Than High”, een sobere, bijna fragiele afsluiter die de bombast achterwege laat. Het laat de lichten even dimmen en geeft ruimte tot reflectie. In combinatie met het afsluitende “I Don’t Wanna Feel Like This Anymore”, dat wél nog één keer catharsis zoekt. Zo behoudt het album een goed reliëf tussen hard en zacht.
Anno 2026 is Story Of The Year niet meer dé band die ze was toen ze op het toneel verscheen. Toch blijft ze in staat om straffe posthardcoresongs te schrijven. Ze missen misschien links en rechts een beetje de urgentie, maar als een betrouwbare middenmotor bewijst Story Of The Year dat het relevant kan klinken zonder zich te plooien naar Gen Z-hypes. Tegelijkertijd mist de plaat de ontembare kracht die hun vroege werk tot klassiekers binnen het genre verhief. A.R.S.O.N. brandt gestaag en houdt de vlam levend voor wie al jaren meereist. Het inferno van weleer laait niet meer op, maar het vuur is nog lang niet gedoofd.
Ontdek “Disconnected”, ons favoriete nummer van A.R.S.O.N. in onze Plaatje van de Plaat-playlist op Spotify.






