
© CPU – Ymke Dirikx
Militarie Gun schoot in 2023 als een komeet door de punk- en hardcorescene. De band rond Ian Shelton stond dat jaar maar liefst vijf keer op een Belgisch podium, waaronder op Rock Werchter en Ieper Fest. Hun debuut, Life Under The Gun, kon rekenen op ruime bijval binnen de punkscene, maar ook ver daarbuiten waren de kritieken uitgesproken lovend. De mix van harde hardcore-riffs en opvallend melodieuze elementen zorgde voor een grote aaibaarheidsfactor. Toch klonken hier en daar stemmen dat Militarie Gun niet per se de meest vernieuwende band binnen het hardcorewereldje was. Die opmerkingen werden door de band niet als kritiek afgedaan, maar opgepikt als werkpunten. Eind vorig jaar verscheen het langverwachte vervolg, God Save The Gun, waarop de band een gevarieerder en duidelijk volwassener geluid laat horen. Wij waren benieuwd of die evolutie live niet ten koste zou gaan van de tomeloze energie. De Rotonde in de Botanique leek alvast de ideale locatie voor het vijftal uit Los Angeles.
Wie erbij wilde zijn, moest al vroeg afzakken naar de Kruidtuin in Brussel. Het Canadese trio Spite House mocht om 18u de spits afbijten, maar de ronde zaal van de Botanique was op dat moment al aardig volgelopen. Vanaf de eerste noten werd duidelijk dat de drie heren maar één versnelling kennen: vol gas, zonder achteruitkijkspiegel. De band was in Brussel om het nieuwste album Desertion voor te stellen en grabbelde dan ook gretig uit die plaat. “Down The Drain” en “Desert” bliezen het stof uit onze oren en lieten echo’s horen van Jawbreaker, subtiel maar onmiskenbaar. Tussendoor was er nog ruimte voor een shout-out naar de Belgische vrienden van Feverchild. Als opwarmer liet Spite House weinig steken vallen. De publieksreacties bleven weliswaar wat aan de lauwe kant, maar muzikaal leverde de band een meer dan degelijke beurt af.
Militarie Gun stapte De Botanique binnen met het aura van een band die zijn momentum kent, maar ergens nog zoekt naar de juiste context om dat volledig te laten ontploffen. Nog voor er één versterker begon te brommen, stond zanger Ian Shelton al met één voet over de rand van het podium om iedereen mee te laten zingen met opener “B A D I D E A”. Het was een statement, maar ook meteen een lakmoesproef. Het trekken en sleuren dat zo vaak vanzelfsprekend lijkt bij hardcore- en punkshows, kwam hier maar moeizaam op gang. Shelton spoorde het publiek aan om te springen, maar De Botanique bleef opvallend statisch, alsof iedereen eerst wilde aftasten wat voor versie van Militarie Gun hier precies voor hen stond. Pas bij “Very High” kwam er beweging in de zaal en ontstond er een voorzichtig moshpitje.
Die aarzelende dynamiek zou de rest van de avond blijven nazinderen. Het nieuwe album, God Save The Gun, liet een nieuw geluid horen. De songs klinken gevarieerder en minder rechttoe rechtaan. Die koerswijziging keerde met regelmaat van de klok terug als een rode draad. “God Owes Me Money” speelde met samples en drukte bewust op de rem, wat de set een ander ritme gaf maar live ook spanning wegnam. Nieuwe songs hadden het daardoor zichtbaar moeilijk. Het publiek luisterde aandachtig, maar zonder het lijfelijke enthousiasme dat deze muziek nodig heeft om echt te resoneren. Pas toen “Will Logic” de deur openzette naar een reeks oudere nummers, viel alles plots weer op zijn plaats. De band klonk feller, de kelen konden eens schor geschreeuwd worden en plots bleek alles op zijn plaats te vallen.
Ook nieuwe songs als “Kick” en “Maybe I’ll Burn My Life Down” surften op die herwonnen energie en gaven het tweede deel van de show een extra portie broodnodige poeier. Militarie Gun op zijn sterkst: compact, gespannen, zonder ballast. Zoals bij soortgelijk gestemde bands als High Vis en Turnstile bleek ook hier hoe afhankelijk dit soort muziek is van de wisselwerking met het publiek. En net daar zat in Brussel wat ruis op de lijn. Dat maakte het ingetogen moment met “Daydream” des te intenser. Shelton droeg het nummer op aan zijn overleden grootvader, die tijdens deze tour overleed. De akoestische gitaren zorgden voor een breekbare sfeer en een frontman die zichtbaar vocht tegen zijn emoties. Het werd hét emo-moment van de avond, zij het lichtjes vals gezongen.
“Wake Up and Smile” liet horen dat Militarie Gun het talent bezit om een popgevoelig nummer te pennen. Met de synths die weerklonken deed het zelfs een beetje denken aan Saves The Day of Weezer. Het was nog maar eens het bewijs dat ze een uitgebreider pallet hanteren anno 2026. Het leidde de finale in waar ze eindelijk toch ietwat op stoom geraakte. “Never Fucked Up Once” maakte duidelijk dat de songs van Life Under The Gun live een trapje hoger staan dan de nieuwe nummers, iets wat “Do It Faster” nog eens in het vet onderstreepte. Eindigen deed het vijftal met nogmaals “B A D I D E A”. Straf wat een uurtje verschil kan doen want nu zong een veel groter deel van het publiek mee en ging er al eens een lichaam over de hoofden. Missie geslaagd? Wij bleven toch wat op onze honger zitten. Buiten zanger Shelton leek de band er niet al teveel zin in te hebben gisterenavond op het ronde podium van Le Botanique. Dit kan beter lijkt ons. Een herkansing op Rock Herk lijkt ons daar de ideale locatie voor.





