LiveRecensies

mary in the junkyard @ Botanique (Rotonde): Raar is daarom niet slecht

© Daisy & Tomos Ayscough

De grootste schatten vind je soms op plekken waar je ze niet verwacht. Op de vuilnisbelt, bijvoorbeeld, waar ook mary in the junkyard tot leven werd geroepen. Niet letterlijk natuurlijk, maar het is wel een mooi bruggetje om te komen bij het feit dat het drietal uit Londen een onontgonnen pareltje is. De band wordt in haar thuisland al een tijdje gezien als een van de grootste beloften, buiten de grenzen verloopt het weliswaar allemaal wat stroever. Tijd lijkt in dit geval echter ook in dit geval de wonden te helen, want met een ep en een gelauwerd debuutalbum achter de kiezen, raakt de trein steeds meer onder stoom. Nog voor de release van Role Model Hermit mochten de Britten bijvoorbeeld al mee op tour met Wet Leg, nu zitten ze middenin een eigen wereldwijde ommegang. Voor mary in the junkyard de grote plas oversteekt, trad het gisterenavond bijgevolg nog aan in een uitverkochte Rotonde van de Botanique.

De gezelligheid van het zaaltje sloot niet alleen perfect aan bij de hoofdact, maar ook bij voorprogramma everett dolphin. In geen geval een naam die een belletje zou moeten doen rinkelen, want voorlopig zullen we de jonge Brit ons vooral herinneren als de huisgenoot van de bandleden. Helemaal in z’n eentje probeerde hij de Rotonde voor zich te winnen, al was dat niet heel gemakkelijk. Grootste schuldige daarvoor was het feit dat de man allerminst over een goeie stem beschikte, en het non-perfecte ruwe randje vaker verwisselde met ‘vals zingen’ dan hem lief was. Maar goed, het idee van zijn nummers kwam er geleidelijk aan wel door en dat hielp everett wel een beetje uit de brand. Dat het geluid nogal krakkemikkig aanvoelde en hijzelf vooral heel ongemakkelijk was, hielp hem echter niet per se vooruit. De intentie en het idee waren er, aan de uitvoering moest nog veel geschaafd worden.

Dat die vorm van ongemakkelijkheid in eerste instantie doorgetrokken leek te worden door de hoofdact, was gelukkig slechts schijn. Zangeres Clari Freeman-Taylor won het gevecht met haar gitaarkabel en trapte samen met haar band een klein anderhalf uur aan ruwe dromen op gang. Het korte “Mantra III” diende als opener, maar vatte wel al vrij veel samen: americana-achtige chaos die doorkliefd kon worden door een viool. Met die gedachte in het achterhoofd cirkelde mary in the junkyard rond en door haar eigen uitgezette grenzen. “Blood” kreeg een iets ruwere gitaar, maar maakte dankzij de ietwat onhandige manier van aanspreking door de band ook duidelijk dat hetgeen ze uitstralen, totaal niet gespeeld is. De drie Britten zijn, met alle respect, gewoon een beetje alternatiever dan de norm en leven in hun eigen wereldje. Ook als ze op het podium staan.

Zo wilde Freeman-Taylor dat de discobal in de nok van de Rotonde de ster van de avond werd, en vertelde ze net voor “Myrtle” dat het nummer ging over een kikker die tot haar was gekomen in een droom – en enkele dagen later ook in die van haar bandlid Saya Barbaglia. Raar, maar dat is daarom dus niet altijd gelijk aan slecht, en al zeker niet als het bijdraagt aan het diy-aura van je band. “Tuesday” was daarin een hoogtepuntje waarbij de bezwering permanent op de loer lag en vooral aantoonde wat voor een goeie band mary in the junkyard eigenlijk is. Nooit ging het drietal zijn eigen grenzen te buiten, maar het zocht ze altijd wel op. In het nog te verschijnen “Payday” sloop er een subtiele groove, “Bear Hunt” had dan weer een vleugje rock-‘n-roll punk in zich. Nooit te veel, altijd opvallend genoeg. Zoals bijvoorbeeld het mopje ‘New Brussels’ in het nummer “New Muscles”; subtiel.

Moet daarbij wel gezegd dat mary in the junkyard een beetje op een dunne koord danste. Enerzijds kon je makkelijk opgeslokt raken in het geheel, anderzijds was het soms iets te veel van het goeie. De enorme drukte en warmte in de Rotonde hielpen daar niet echt bij, maar moet gewoon gezegd dat het na het melancholische tweeluik “Candelabra” / “Jane” even iets te veel begon te kabbelen. De manier waarop “Thou Shalt Sprout” openbrak, bracht ons echter terug bij de les en leerde ons zo zelfs een nieuw instrument kennen; de harmonium! Voor “crash landing” trok het niet alleen de aandacht, maar deed het ook een zucht van verlichting door de zaal gaan. Het apocalyptische dat zo rond de muziek van de Britten hangt, nam toe, en daar deden “this is my california” en zeker afsluiter “Mouse” nog enkele schepjes bovenop.

Om dus maar te zeggen dat mary in the junkyard de hoge verwachtingen gewoon had ingelost in de Botanique. Meer nog, er kwam onverhoopt nog een bisnummer in de vorm van “drains”. En daarmee toonde het drietal ook aan dat hun liefde voor Brussel die ze meermaals verkondigden, niet gespeeld was. Saya Barbaglia vond naar eigen zeggen zelfs een rok op de stoep voor de zaal, die ze dan maar op het podium aantrok. Om gisterenavond dus samen te vatten: de prijs voor doorsnee artiesten zullen de drie nooit winnen, maar dat willen ze ook niet. Bij mary in the junkyard blijven ze gewoon zichzelf, en die voeten-op-de-grondmentaliteit geeft de muziek ook nog iets extra’s.

Setlist:

Mantra III
Blood
Seek and Destroy
Tuesday
ghost
Payday
Bear Hunt
New Muscles
Myrtle
Shall We Dance
Candelabra
Jane
midori
Thou Shalt Sprout
Crash Landing
this is my california
Mouse

drains

3044 posts

About author
only love <3
Articles
Related posts
Nieuwe singlesOude Bekenden

Nieuwe single mary in the junkyard - "Jane"

Het zal hoogstwaarschijnlijk voor altijd onder de radar blijven, maar het debuutalbum van mary in the junkyard is er wat ons betreft…
LiveRecensies

The Lemon Twigs @ Botanique (Museum): Tijdmachine naar het verleden

Het publiek dat zich vrijdagavond in de Museumzaal van de Botanique verzamelde, was opmerkelijk ouder dan wat je normaal op een show…
LiveRecensies

Bleech 9:3 @ Botanique (Museum): Kanonsbal vol energie

Er zijn bands die je volgt, en er zijn bands die je achtervolgen. Bleech 9:3 is al een tijdje die tweede soort….

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *