
© Ni
Weet je wat het voordeel van matineeshows is? Dat je lekker op tijd bent en dat je zo nog een ander optreden kan meepakken. Na een dagje moshen tijdens Dag Drammen in de Kavka Oudaan, besloten we diezelfde avond nog de grens over te steken naar onze noordenburen en zo kwamen we terecht bij Ni in de MEZZ. De Fransmannen uit Lyon, die hun naam haalden uit de legendarische sketch in Monty Python and the Holy Grail, zweven in het genrelandschap ergens tussen mathmetal, avant-garde en noise, maar staan eigenlijk vooral bekend om hun strakke liveperformance. Een reputatie die soms iets te snel op bands geplakt wordt, maar Ni bewees gisterenavond al snel dat het die status meer dan verdiend heeft.
We vielen met onze neus in de boter, want toen we de zaal betraden, was de band net begonnen met “Berdic”. Een nummer dat nog redelijk rustig begint, maar al snel met piepende banden door de speakers schuurt. Zonder een echte frontman en met een vrij statische uitstraling maakte de ruim zeven minuten durende opener al meteen duidelijk dat de spanning bij Ni niet in beweging of bombastische capriolen zit, maar in de uiterste precisie waarmee de leden hun instrumenten behandelen. En het mooie aan die precisie is dat het werkelijk waar alle kanten op gaat.
Ni was in de MEZZ namelijk allesbehalve voorspelbaar. De discografie van de Fransen zit vol met tempowisselingen en verschuivende maatsoorten. Iets wat live ook met kunde werd uitgevoerd en ons keer op keer op het verkeerde been zette. Neem “Zerkon” bijvoorbeeld, dat na “Berdic” aanvankelijk voortborduurde op een herkenbaar patroon om dat vervolgens langzaam, maar doelgericht te veranderen in een chaotisch spel van ritmische verschuivingen, abrupte stops en nervositeit. Of wat te denken van “El Gringo”, dat gisteravond begon als een strak afgelijnd geheel, maar gaandeweg steeds losser kwam te zitten. Steeds wist Ni ons op het verkeerde spoor te zetten, zonder dat het ooit voelde alsof de band de controle kwijt was.
Ook de podiumset-up zette ons op het verkeerde spoor, want voor de versterkers, lampen en instrumenten stonden opvallend veel microfoons opgesteld voor een band zonder zanger. Al snel bleek waarom, want die werden wel degelijk gebruikt voor publieksinteractie die verrassend goed werkte. Voor de bonuspunten werd zelfs een foutloze imitatie van de eerder aangehaalde Monty Python-uitspraak bovengehaald, gevolgd door een knallende uitvoering van “Dagonet” en het nog onuitgebrachte “Orbe”. Die laatste werd aangekondigd met een oorverdovende sirene, waarna gitaren en drums de rest deden en zorgden voor de nodige headbangers.
Echt lang spelen deed de band niet en omdat het geen voorprogramma had, was het al rond kwart over negen toe aan het laatste nummer. “Torfesor” werd bovengehaald, een track die gedragen werd op ontregeling. Een losse baslijn waar geen pijl op te trekken viel, drums in een maatsoort waarvoor we zelfs de benaming niet meer wisten en riffs die secondenlang bleven doorratelen, zorgden ervoor dat houvast volledig verdween. Er werden steeds kleine, subtiele aanpassingen gedaan aan de sound, tot het op het einde volledig uitbarstte en als een stoomwals doorheen de speakers rolde. We konden onze ogen bijna niet geloven toen de muzikanten hun statische pose verlieten en plots mee begonnen te springen over het podium. Ze konden dus toch bewegen!
Na een applaus en de wens vanuit het publiek voor meer, haalde Ni het jazz-stokpaardje “Non” van stal. Of ja, jazz-stokpaardje… het begon jazzy, maar al snel zette de band nog één laatste keer de boel op stelten en werden we voor de zoveelste keer op het verkeerde been gezet. Een passendere afsluiter van een avond die veel deed wat we niet konden bedenken en heel veel onverwacht uit de hoek kwam. Of ja, het enige wat wel exact deed wat we ervan verwachtten, was die strakke, tot op de millimeter uitgevoerde liveperformance. Waar daar was Ni gisteren heer en meester in.
Setlist:
Berdic
Zerkon
Bouif
Chicot
El Gringo
Dagonet
Orbe
Rigoletto
Torfesor
Non






