
© CPU – Marvin Anthony
Tamino heeft een soort mystiek rondom zich hangen zoals dat het geval is bij de allergrootsten. Het verschil met die wereldsterren is dat deze aura bij hem niet gefabriceerd is. De puurheid die hij in zijn gevoelige kunstwerken legt, kan je niet simuleren. Deze authenticiteit benadrukt hij nog meer in zijn meest recente singles, die deel uitmaken van zijn aankomend album Every Dawn’s a Mountain. De Belgisch-Egyptische stelt zijn plaat voor op een Europese tour. In ons land koos hij voor de Henry Le Bœuf-zaal, het architecturaal pronkstuk van Bozar. Zo’n show waarbij elke toeschouwer een zitje krijgt toegewezen, heeft toch altijd een unieke sfeer.
Stipt om acht uur stapte Alessandro Buccellati het podium op met zijn gitaar. Zijn project met de naam ‘plus +.+’ staat nog in de beginfase, maar hij is zeker geen groentje. Deze Amerikaan werkte al met kleppers zoals Pharrell Williams en Miguel. Bovendien schreef hij mee aan het album SOS van SZA, dat hem een Grammy opleverde. Hier in Brussel deed hij het dus volledig in zijn eentje, met slechts één schijnwerper die hem van het duister onderscheidde. Vanaf de eerste noot werd duidelijk waarom hij een geschikte opener was. De gevoeligheid die hij in zijn stem legde, was van hoge klasse. De galm op zijn microfoon zorgde ervoor dat de iets luidere noten recht tot in de ziel hakten. Wie zijn ogen sloot had misschien gedacht dat er meerdere muzikanten op het podium stonden, maar die had Buccellati niet nodig om live een vol klinkende productie op te bouwen. Met een pedaal loopte hij handig de galm van zijn eerste gitaarnoot, die in ballads zoals “How Cold The Flame” de hele tijd bleef spelen. Daarover speelde hij zijn rif, en op het einde van de nummers vaak een kwetsbare outro van minimalistische maar zorgvuldig gekozen gitaarnoten. Die intimiteit greep het multigenerationeel publiek bij de keel, waardoor ze meteen wisten dat het een speciale avond zou worden.

© CPU – Marvin Anthony
De weinige lege zitjes van bij de opener, werden bij de hoofdact allemaal gevuld. Op Ticketswap was de wachtrij voor een kaartje bijna even groot als de capaciteit van de zaal. Dat zegt toch iets over hoe geliefd Tamino bij ons is. Hij werd dan ook onthaald door een warm applaus met hier en daar enkele ‘woehoews’, die het publiek eerder in de avond nog niet durfde uiten. Tamino-Amir Moharam Fouad had zelf een gitaar rond zijn nek. Hij werd bijgestaan door een cellist en een drummer, en opnieuw door Alessandro Buccellati die nog een gitaar had en mee de achtergrondvocalen verzorgde. Het viertal begon met “My Heroine”, wat eveneens het introlied van de nieuwe plaat is. De zaal werd muisstil en het viel zelfs op dat het onvermijdelijk gehoest werd uitgesteld tot er een luider stukje in het nummer kwam.
Tamino stond misschien op de affiche te pronken, maar eigenlijk was het toch het samenspel van alle vier de muzikanten dat dit concert zo prachtig maakte. Frederik Daelemans, de man op de cello, creëerde een dromerige atmosfeer tijdens de hele show, en drummer Ruben Vanhoutte zette een masterclass neer. Bij “Raven” was het opmerkelijk hoe de zacht- of hardheid in zijn slagen het hele gevoel van het lied bepaalde. Ook Tamino zelf wist met enkele subtiliteiten ons hart te veroveren. Er was veel dynamiek in zijn vocalen, maar bij “Dearest Friend And Enemy” stonden we pas echt versteld van zijn talent. Hij haalde onmenselijk hoge noten, waarbij hij zijn hoofd telkens weg en weer terug naar de microfoon bewoog. Dat zorgde voor een pompend effect dat in combinatie met de galm zeer indrukwekkend was. Dit soort details kenmerkten overigens de hele show. Zelfs de belichting was even bewust in elkaar gestoken. Er stonden paaltjes verspreid over het hele podium, waarvan er tijdens “Elegy” bij elke slag op de drumsnaar een andere geel oplichtte. Op een ander moment in de show scheen er een lamp links van Tamino, waardoor er rechts op de muur een enorme schaduw van hem ontstond. Dat leek eerst niet bewust, maar als we het totaalplaatje bekijken denken we dat zelfs hierover is nagedacht.

© CPU – Marvin Anthony
Een man van veel woorden is Tamino niet. Voor “Sanctuary” vroeg hij zich af of hij het publiek in het Frans of Nederlands moest aanspreken. Uiteindelijk koos hij dan maar voor Engels. ‘Now the Belgians will think I’m pretentious’, grapte hij. Voor de rest was er geen tijd voor veel gepraat, al was dat niet nodig om de toeschouwers in zwijm te doen vallen. De mensen die hier aanwezig waren, zullen ongetwijfeld fan worden van het nieuwe album waarvan hij negen nummers speelde. Als laatste bisnummer kwam nog een van zijn bekendste nummers, “Habibi”. De tederheid van zijn stem en gitaar was een massage voor de hersenen. Voor een laatste keer werd iedereen er stil van, en het contrast met de oorverdovende staande ovatie die volgde was dag en nacht.
Tamino liet in Bozar zien dat hij een ongelofelijk talent is, niet alleen in de studio. Wat wij vooral onthouden na deze show, is de glansprestatie van elk van de muzikanten, en zelfs die van de lichtmensen. Het concert zat vol met details die samen voor een spektakel zorgden, zonder dat het meteen opviel. Dertien nummers in een set lijken trouwens niet veel, maar elk lied sleepte je helemaal mee in een nieuwe realiteit, waardoor elk tijdsbesef verloren ging. Een serene en pakkende show die de aandacht er meteen bijgreep en die geen seconde meer losliet.
Facebook / Instagram / Website
Fan van de foto’s? Op onze Instagram staan er nog veel meer!
Setlist:
My Heroine
Raven
Willow
Sanctuary
Every Dawn’s a Mountain
Elegy
Dearest Friend And Enemy
Call Across Rooms (Grouper cover)
Indigo Night
Babylon
Dissolve
Amsterdam
Habibi





