Een goede maand geleden voorspelden we al dat 2025 zomaar het jaar van VENTILATEUR kan worden. Het jazztrio had net een bijzondere derde single uit die een voorbode leek voor een genre-overstijgend album. Het potige geluid van de Gentse band was ons echter al niet onbekend meer. In 2022 dartelde de groep de bescheiden bekendheid in met Hoofdplaat, een album dat even mystiek als verleidelijk was. Jazz werd er opgebouwd vanop de klassieke, instrumentale rockdrievuldigheid van gitaren, bassen en drums. Het was dan ook passend dat de groep dat album in het voorprogramma van Karate mocht voorstellen. De groep uit Boston en de jonge Belgische wolven komen tot een geheel ander resultaat, maar tappen hun creatieve opvattingen wel uit een gelijksoortige bron. Met Rage de Vivre presenteert VENTILATEUR enkele jaren later een album dat een stuk furieuzer is dan Hoofdplaat.
In de voorafgaandelijke promotekstjes heeft de groep hoegenaamd niet gelogen. “Esmer” opent de plaat als een opengeduwde deur die net niet uit haar scharnieren valt. Sterke bassen vormen de ruggengraat van een nummer waar gitaarwerk als een kietelend schuurpapier overheen strijkt. Alsof dat niet genoeg is, eindigt het nummer in een soort noisy explosie. De toon is meteen gezet voor een album waar de dreiging in elk hoekje schuilt. “Steenweg” start iets later bijna sloom, maar mondt uit in razend, vervormd blaaswerk. Het sterkste nummer binnen die donderwolk is “Brûl“. Je vergeet dat je naar een groep zit te luisteren die, als we dan toch een genre moeten herhalen, ‘jazz’ op haar vaandel heeft staan. Het nummer is prominente rock die op ingenieuze wijze met haar tempo speelt zonder het ooit echt terug te brengen naar de lagere versnellingen.
Het hardere tempo is niet de enige verrassing van deze plaat. Om haar muzikale spectrum te verruimen nodigde de groep een aantal gasten uit in haar universum. Op “Volk” zorgt Sebastien Dewaele voor een grappige, ietwat bizarre vertelling over het buitenzetten van zijn glasbakken. Het nummer raakt alle noten die het wil halen, maar voelt binnen Rage de Vivre toch als de rariteit binnen het sowieso vreemde kabinet. Dan is het korte titelnummer met de toevoeging van Reena Riot een stuk meer passend als een donderend slot dat als een fluim blijft hangen. Op hetzelfde hoge niveau klinkt de samenwerking tussen VENTILATEUR en Luca Missiaen (The Christian Club) op “For Better Days” alsof Whispering Sons opeens aan jazz zou doen.
Fans die ondertussen bang worden dat VENTILATEUR een onherkenbare band zou geworden zijn ten opzichte van hun begindagen moeten niet vrezen. “Aloam” speelt bijvoorbeeld aan dezelfde snelheid als de rest van het album, maar heeft alle muzikale sluipwegjes in zich die we ook op Hoofdplaat zo apprecieerden. Een lekkere gitaarriff en een saxofoon dansen er rond elkaar in twee van de beste minuten van de plaat. Met “New Houses, Lost Memories” voegt de band ook een meer sluipende zoektocht toe die volop inspeelt op een gevoel van mysterie. Het is jammer dat dit veruit langste nummer van de plaat net iets minder blijft hangen dan al het gebalde dat ervoor kwam.
Rage de Vivre is een heerlijk furieuze jazzplaat geworden zoals je die eigenlijk maar zelden tegenkomt. VENTILATEUR klinkt er als een band die zeer bewust rond de tafel gaan zitten is met de vraag wat ze nog konden toevoegen aan hun universum. Daar is weinig mis mee als het dermate goede nummers oplevert. Het is altijd gissen hoe ver het bereik van een verzameling rariteiten draagt, maar voor de liefhebbers valt er genoeg te snoepen.
Ontdek “Brûl”, ons favoriete nummer van Tragic Dancing, in onze Plaatje van de Plaat-playlist op Spotify.







