InstagramLiveRecensies

Kid Kapichi @ Ancienne Belgique (AB Club): Rauw & ongestoord

© CPU – Marvin Anthony

‘Music scene is crazy, bands start up each and every day’; zong Pavement op “Cut Your Hair”. De visionair Stephen Malkmus had toen al gelijk, want tegenwoordig is niet meer bij te houden in welke postpunkbeweging we ons bevinden. Niet dat Kid Kapichi daar wakker van zou liggen. Het viertal uit Hastings is nu vijf jaar actief, maar heeft toch al een mooi palmares: een samenwerking met Bob Vylan, optreden op The Slope van Rock Werchter en lof van Liam Gallagher. De groep heeft goed naar hem gekeken, want de nonchalance en het gevoel voor compacte nummers zitten in het DNA van Kid Kapichi. In de nasleep van de Brexit zijn intussen This Time Next Year en Here’s What You Could Have Won verschenen. Vorige maand kwam There Goes The Neighbourhood uit, waarvan “Tamagotchi” en “999” de vastberadenheid toonden. Diezelfde mentaliteit kwam vanavond even sterk tot uiting in de club van de Ancienne Belgique.

© CPU – Marvin Anthony

Het Britse duo SNAYX lijkt bijna uit hetzelfde vaatje te tappen, maar voorlopig gaan ze nog een stuk ruiger te werk. We ontdekten hen via de single “Work“, maar intussen is ook hun debuutep Better Days al twee maanden uit. De volgende stap lonkt, want deze zomer vergezellen ze Royal Blood tijdens hun Britse shows van de tiende verjaardagstournee van hun debuutalbum. Hoe Charlie en Ollie de 9-tot-5-week moeten doorbreken, hoefde niemand hen gisteravond meer bij te brengen. In vol ornaat trapten ze hun halfuur durende set af alsof ze de hoofdact van de avond waren. De zaal was al goed gevuld om hen aan het werk te zien, dus konden ze rekenen op de interactie die ze verdienden.

Het ging er op het podium zo heftig aan toe dat Lainey’s drummicrofoon omver viel, en Ollie dat pas na herhaaldelijk oogcontact doorhad. Al dat loslopende gedrag was misschien op momenten iets te veel compensatie voor het feit dat de gitaren op tape meeliepen en Ollie onverstaanbaar was. De frontman kwam echter niet in ademnood en wees bijvoorbeeld tijdens “Boys In Blue” de ware daders aan. Tijdens “Sink Or Swim” zwommen we dan weer door de wateren van het electropunk genre, vergelijkbaar met LCD Soundsystem. Zo vloog hun eerste supportshow van deze Europese tournee voorbij in een flits, en was het middenvak al goed bezweet voor Kid Kapichi.

© CPU – Marvin Anthony

Toen het bonte gezelschap met Jack Wilson als boegbeeld het podium betrad, werd meteen de toon gezet. Hoewel de intro van “Artillery” een bescheiden indruk achterliet, veroorzaakte Wilson’s vocale inzet een ware schokgolf. Deze track voelde aan als een sublieme fusie tussen de vibes van Gorillaz en een punkattitude. Met zijn keurig gestileerde kapsel en zonnebril leek de frontman eerder op een opgepoetste versie van Sebastian Murphy van Viagra Boys. Een ontbloot bovenlijf hoefde het publiek bij Wilson niet te verwachten. Het shirt van Georgios Samaras bleef gedurende de hele avond aan, hoewel het nummer 7 op zijn rug leek te fungeren als een talisman voor Kid Kapichi. De band speelde vlekkeloos en ondervond geen technische problemen of andere haperingen. Echter, het publiek had hier een ander perspectief op. Tijdens het pogoën verloor een van de concertgangers zijn telefoon, wat al snel een terugkerend grapje werd gedurende de show. Wilson bleef echter stoïcijns en met zijn typisch Britse humor zette hij de show onverstoorbaar voort.

Terwijl bij SNAYX de nadruk lag op rauwe energie, koos Kid Kapichi voor een subtielere aanpak. Het groovegehalte steeg pas echt naar ongekende hoogten met “I.N.V.U.” en “Tamagotchi”, die ons meenamen naar een scène rechtstreeks uit Peaky Blinders, waarin heftige gevechten plaatsvinden in de Shelby Public House. Ben Beetham’s riffs waren even scherp als de scheermesjes waarmee de Peaky Blinders hun tegenstanders te lijf gaan. Of de concertgangers na afloop van de show daadwerkelijk een lokale supermarkt zouden plunderen, leek ons echter meer een allegorische gedachte. Het werkelijke punt was dat Kid Kapichi illustreerde dat een ruige attitude hand in hand kan gaan met een aanstekelijke flair. Het akoestische intermezzo “Party at No. 10” was het soort liedje dat menig leidinggevende van een jeugdbeweging zou verbieden om rond het kampvuur te spelen wegens overmatig gehoord. In deze clubsetting fungeerde het echter als de ideale opwarmer voor het vervolg van de set.

© CPU – Marvin Anthony

Los van het feit dat Kid Kapichi niet radicaal speelde, viel er niet te twisten over hun standpunten met betrekking tot de bevrijding van Palestina, hun steun voor de Europese Unie en de vraag waarom alles in het leven zo verdomd duur is. De Europese en Palestijnse vlag vormden een treffende achtergrond, terwijl het jaartal 1066 op de drumkit een knipoog was naar de Slag bij Hastings. De AB Club was verre van een “Zombie Nation”; het nummer “Zombie Nation” van Kid Kapichi leek eerder een hedendaagse interpretatie van The Specials’ “Ghost Town”. Kid Kapichi slaagde erin om 45 jaar Britse muziekgeschiedenis in nog geen 90 minuten te vatten. De lofzang op een politiek van open grenzen en het belang van diversiteit kwam vervolgens in razend tempo met “New England” en “Can EU Hear Me?”. Bij eerstgenoemde liepen de vocals van Bob Vylan helaas op tape, maar geestelijk waren ze zeker aanwezig tijdens deze show.

Het slotakkoord begon lichtjes te verzakken met “Jimi”, dat de kloof tussen de band en het publiek probeerde te dichten. Iedereen kende wel een Jimi of had ervaring met het verlies van een dierbare vriend. Dus, over de doden niets dan goeds, ook al was de keuze misschien enigszins ‘fout’ voor deze fase van de set. Hoe punk ze ook zijn, Kid Kapichi maakte zich schuldig aan het aankondigen van een toegift, wat het besef van de tijd weer naar voren bracht. Het publiek schreeuwde om meer en werd op zijn wenken bediend. “Get Down” voelde misschien een beetje overbodig aan, maar met het electropunk-achtige “Smash the Gaff” mocht alles aan diggelen. Scherven brengen geluk, en het lijkt ons geen onmogelijke taak voor Kid Kapichi om een stap te zetten naar een grotere zaal. Wilson hintte zelf al naar de grote zaal beneden. De AB Club was immers snel uitverkocht en de fans verzamelden zich snel om hun working class heroes te zien. De strijd om de beste postpunkband is nog niet gestreden.

Kid Kapichi treedt deze week nog twee keer op in Nederland: op de 18e in Doornroosje en op de 19e in de Melkweg.

Facebook / Instagram / X (Twitter) / Website

Fan van de foto’s? Op onze Instagram staan er nog veel meer!

Setlist:

Artillery
Let’s Get to Work
999
5 Days On (2 Days Off)
I.N.V.U.
Tamagotchi
Rob the Supermarket
Party at No. 10
Working Man’s Town
Sardines
Zombie Nation
Can EU Hear Me?
Subaru
New England
Jimi
Special

Get Down
Smash the Gaff

Related posts
LiveRecensies

Myles Smith @ Ancienne Belgique (AB Club): De clubs ontgroeid

Myles Smith, een sympathieke Engelsman uit Luton, ontpopte zich in no time tot het volgende internetfenomeen en wist in een vingerknip de…
LiveRecensies

I Prevail @ Ancienne Belgique (AB): Consistente wervelwind

We hoeven de mannen van I Prevail waarschijnlijk niet meer voor te stellen aan zij die wel vaker naar hardere muziek luisteren….
InstagramLiveRecensies

The Black Crowes @ Ancienne Belgique (AB): Energie voor twee

Twee jaar geleden stond The Black Crowes nog in de Lotto Arena, maar voor deze Belgische passage zocht de Amerikaanse band de…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.