Albums, Recensies

The Howl & The Hum – Human Contact (★★½): Langverwacht maar overhaast debuut

The Howl & The Hum staat al een tijdje hoog op onze radar en dat komt vooral door hun machtige debuutsingle “Godmanchester Chines Bridge” die uitkwam in 2017 en ondertussen al meer dan zes miljoen keer beluisterd is op Spotify. Het viertal is sindsdien een nieuwkomer die aandacht van elke kant van de aardbol weet te verzamelen. Zo mochten ze bijvoorbeeld vorig jaar op uitnodiging van BBC Radio 1 op het grootste showcasefestival ter wereld SXSW spelen. De alternatieve indierockband liet daar al snel een goede indruk na en zo werden ze benoemd tot de intieme versie van The Killers. Die bijnaam snappen we na het beluisteren van hun debuutalbum maar al te goed.

Human Contact is een album dat geïnspireerd werd door verschillende persoonlijke verhalen zoals relaties, verlies en het begin van dementie. De hartverscheurende ode rond alle gebreken die ons menselijk maken, staat dan ook centraal. Dat is zeker geen makkelijk thema om een debuutplaat mee te vullen, al hebben ze wel geluk met de titel die ze al enkele maanden geleden hebben gekozen. Menselijk contact is iets dat bijna iedere mens deze periode mist omdat we het volgens de band uit York als iets vanzelfsprekend beschouwen. Ook de sound die The Howl & The Hum doorheen het album weet de maken, een verlegen indiepop vibe die toegereikt wordt door alternatieve disco, kleurt de coronacrisis best goed in. Dit komt misschien ook door het eentonige en inspiratieloos gevoel dat op ons af wordt geschoten.

De opener van Human Contact is weggelegd voor het uptempo “Love You Like A Gun”. Het is een aardig nummer dat heel catchy, toonzettend en dansbaar overkomt, al bouwt het eigenlijk op naar niets. Zo weet het niet te ontploffen en is de hoofdrol weggelegd voor de drums die toch voor spanning weten te zorgen. We blijven op onze honger zitten en ook bij titeltrack “Human Contact” wordt die nog niet volledig ingelost. Muzikaal zit het wel al iets beter. Dit komt vooral door de technologische invloeden die een onheilspellende sfeer weet te creëren. De Engelse heren ontwaken op dit stevig Britpopnummer, al ontbreekt er extra spanning die ervoor zou zorgen dat het nog vernieuwender overkomt. Ook door het alternatieve “Hall Of Fame” ontstaat er nog geen euforie, ook al levert de band een vrolijk anthem door het gebruik van de nostalgische synths.

Die lijn trekt The Howl & The Hum spijtig genoeg nog even door en zo komen we pas bij het zesde nummer op frisse adem. “The Only Boy Racer Left On The Island” is daarentegen wel een intiem nummer waarop de band weet uit te stralen. Het begint heel zachtjes, waarna het zich opvordert tot een emotionele prent die warmte uitstraalt. Mede door de dromerige synths, de gewaagde percussie en de eerlijke vocale teksten, die worden gebracht door de charismatische frontman Sam Griffith, bloeit het melancholische folknummer open en kunnen er zelfs traantjes worden gelaten. We krijgen een speciale kant van de alternatieve indierockband te zien die we kunnen smaken. Ze komen dan ook iets volwassener over dan op de vorige singles en dat is al een serieus groot verschil dat we dan ook extreem hard voelen. Het einde is misschien te abrupt, maar dat vergeven we de heren, want de volgende song op Human Contact is er weer één die tegenvalt en aan zaken ontbreekt. Het bescheiden “Got You On My Side” mist de extra peper die er een absolute banger zou van maken en het muzikaal niveau omhoog zou tillen.

Gelukkig moeten we niet zo lang wachten als de eerste keer voordat we weer een ijzersterk nummer tegenkomen, want het al uitgebrachte “Until I Found A Rose” weet al vanaf de eerste seconden uit te blinken als een hoogtepunt. De electropop track toont eindelijk de kracht die de Britten in zich hebben en komt ook heerlijk uptempo over. Het straalt dan ook een prettige toegankelijkheid uit die de balans van het album weet op te krikken. Ook het liefdesnummer “Smoke”, dat een eigen twist kreeg, en het langdurige “Sweet Fading Silver” weten het evenwicht van de debuutplaat positief te stimuleren. Vooral die laatst opgesomde track laat ons met verstomming achter door de muzikale intermezzo’s die meesterlijk worden aangevuld door de rijkglanzende stem van de frontzanger. De ontroerende ballade serveert ons intelligente muzikaliteit die de positieve invloeden van de mindere nummers samenbrengt tot een geheel. Zo zijn het vooral de poëtische teksten, de vakkundige instrumentals zoals de bekoorlijke gitaarsolo en het diep emotioneel inzicht die ons deze keer wel weten te boeien. De kwaliteit gaat er keer op keer mee vooruit, maar we missen de losbandige heren van op hun eerdere singles. Het blijft gewoon een ingetogen lijn aanhouden waarop ze zich vooral van hun sofste kant laten zien.

Na de hoogmis op het album keren we weer even terug naar de iets minder interessante kant van Human Contact. Zo staan er ook nummers op waar de band volgens ons meer mee kon doen, zoals “A Hotel Song”. Het lijkt erop dat The Howl & The Hum dit nummer snel wilde afhebben en dan hebben we het hoofdzakelijk over het refrein. De rock die ze creëren komt zo onderdanig over dat we niet eens zin hebben om het uit te luisteren. Misschien komt dit door de disco-ondertonen die goed te horen zijn, maar we denken dat het ligt aan het feit dat de intro veel overeenkomsten kent met het nummer “Dancing With Myself” van Billy Idol. We hadden liever dat ze dit nummer dan ook nog even in de kast lieten liggen voor hun tweede album, en dat gevoel hebben we ook bij “27”. Deze single kent een leuke melodie, maar daar doen ze eigenlijk vrij weinig tot zelfs niets mee. Het lost zijn verwachtingen dan ook niet in en kent weinig verandering doorheen de track. De plaat afsluiten doen we met het ontspannen “Pigs” dat een kerkelijke vibe achterlaat. Dit komt door de orgel die fantastisch gepaard gaat met de elegante engelenstem van Sam Griffiths. Een leuk einde waarop de Engelse een andere sound produceren als voorheen. Al is het wel goed voor één keer en zien we het voornamelijk als een bonustrack waar de heren nog eens extra wou experimenteren. Het geeft niet echt een meerwaarde aan het compleet plaatje.

The Howl & The Hum bracht een interessante debuutplaat uit waarvan we kunnen concluderen dat het viertal tekstueel sterk is, maar dat ze wel nog steeds erg verlegen zijn. We krijgen een gevarieerd aanbod te horen aan verschillende genres en stijlen, maar we missen de extra spanning die zou zorgen voor een onmisbaar geheel. De plaat laat horen wat ze allemaal in hun mars hebben en is zo vooral toegankelijk voor de mainstream muziekliefhebber. Er staan dan ook sterke nummers op die zeker in onze afspeellijst gaan terecht komen, hoewel we ook best teleurgesteld zijn in de Britten. Hebben we er te veel van verwacht? Misschien wel! Mocht het er iets steviger aan toe gaan zoals vroeger? Ja. Zou het erg zijn als de band nog een jaartje had gewacht met het uitbrengen van Human Contact? Zeker niet!

Facebook / Instagram / Website

Ontdek nog meer muziek op onze Spotify.

31 mei 2020

About Author

Robbe Van Hool


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief