Features, Interviews, Uitgelicht

Interview Steven ‘Gaze’ Sanders (Spoil Engine): Hard samenwerken loont

Spoil Engine brengt met Renaissance Noire een hoogstaande metalplaat uit die in België zijn evenknie momenteel niet kent. Ook internationaal zal Spoil Engine potten gaan breken. Een soort van een herboren band die al zijn krachten gebundeld heeft en alle sterktes van de leden aan bod laat komen. Gitarist en origineel lid, Steven ‘Gaze’ Sanders licht uitgebreid toe.

Proficiat met de nieuwe plaat. Tevreden over het resultaat?

Zeker. Na een jaartje hard werken hebben we gisteren de eerste fysieke exemplaren mogen vasthouden en het ziet er goed uit. We zijn er fier en trots op! Hard gewerkt het laatste jaar en compleet gestopt met shows te spelen sinds december 2018. Daarna de focus gelegd op de plaat en dan zie je wel wat tijd kan doen met het schrijven van een plaat. Tijd is het belangrijkste ingrediënt gebleken voor deze plaat. We hebben thuis iedereen in zijn eigen studio zijn eigen recordings laten doen. En doordat je tijd hebt, kan je alles beter evalueren en eventueel herschikken. En dan komt kwaliteit vanzelf bovendrijven als je het een tijdje in de kast stopt.

Het is een duidelijk verschil met de vorige plaat Stormsleeper, al kijk je enkel maar naar de kwaliteit. De vorige was zeker niet slecht, maar dit is toch wel een niveau hoger. Merken jullie dat zelf ook?

Ik denk wat deze keer ook echt op onze eigen sound en eigen identiteit hebben gemikt. De indrukken die we krijgen via reviews en dergelijke, is dat het tamelijk hard is, maar tegelijk ook heel divers. En dat is ook hetgeen wat we beoogd hebben. En zeker als je meer tijd uittrekt en iedereen zijn ding laat doen. Vroeger waren we met vijf, nu met vier. Gisteren tijdens een interview met Guitar magazine kregen we nog de vraag of het niet lastiger was met een gitarist minder. Om te schrijven hebben we niet een lid minder, maar juist drie meer. Vorige platen werden altijd door de gitaristen geschreven, maar dat doen we nu niet meer. We vonden dat op deze plaat elk lid moest blinken en iedereen moest daarom ook meeschrijven. En dan hoor je ook dat je meer invloeden krijgt. Je hoort dat Iris (zang) haar ding kan doen, de bassist Dave heeft een enorme dragende functie op deze plaat, Matthijs (drum) gaat all the way en dan heb ik mijn gitaardelen nog wat breder uitgeschreven als voorheen. Het is breder en meer divers, maar het is toch een harde plaat.

De plaat is inderdaad snoeihard, maar toch blijft de melodie centraal staan.

En dat is voor ons ook heel belangrijk, die herkenbaarheid. En zeker het onderscheid maken tussen de verschillende nummers. Weet je waar ik zelf ooit veel moeite mee heb als ik een plaat beluister? Dan vraag ik me ooit af of dit nu al het tweede nummer is, of is dat nog steeds het eerste of misschien al het derde? En dat kunnen echte topproducties zijn, maar dan haak ik af. We zoeken altijd een bepaalde hook, voor elk nummer.

Is de titel van de plaat Renaissance Noire een bewuste keuze? Want we hebben het gevoel dat de titel de complete lading dekt. Is dat voor jullie ook zo?

Je, eigenlijk wel. We waren eerst op zoek naar een goede titel. Qua concept en artwork zaten we een beetje in de renaissance en we zien deze plaat ook wel als de hergeboorte van onze band met vier. We willen de focus veel meer leggen op de band met ons vier. 2018 is een druk jaar geweest waar we veel tourden en veel promotie deden en dan beginnen er allerlei andere dingen mee te spelen. En toen hebben we gezegd, we leggen alles stil naar het label en naar promotie toe. En het was vanaf dan focus op de muziek en wat we willen doen. En zo kwam dat humanistische van de renaissance naar boven. Iris kwam eerst met het idee om de plaat gewoon Renaissance te noemen, maar dat vonden we te algemeen. Ook naar marketing toe leek ons dat geen goed plan.

We zagen dat onze muziek in het buitenland wel pakt en dat het begint te groeien. En ook in onze thuisstad Roeselare wordt dat geapprecieerd. Ik heb er o.a. de cultuurtrofee mee gewonnen. Maar dan zie je dat het in Vlaanderen allemaal wat achter blijft. We hebben van onze vorige plaat geen vruchten kunnen plukken in Vlaanderen. We waren daardoor ook een beetje pissed en daarom is er die Noire ook bijgekomen. Noire betekent voor ons dat zwarte, vuile en metalrandje aan de plaat. En zo kunnen we eigenlijk in de titel al onze emoties kwijt.

De nieuwe bandleden hebben duidelijk hun invloeden gehad op deze nieuwe plaat. Zijn er nog verschillen met vorige platen? Stijlbreuk is misschien een groot woord, maar je hoort toch een verschil met vroeger.

Juist. Deze bezetting is eigenlijk dezelfde als bij de vorige plaat, maar dan zonder gitarist Bart. Bart is gestopt omdat hij het te zwaar vond. Hij is een leerkracht en die hebben veel verlof, maar voor ons dikwijls op de verkeerde moment. En het was moeilijk voor hem en hij heeft toen de knoop doorgehakt. We hebben veel van onze Europese en Aziatische tours al met vier gedaan. Dat zat toen al te sluimeren en te broeien. Maar het traject naar opnames toe, is er weinig veranderd. Dat was voor ons ook een geschenk.

Vanuit het label lag het budget al contractueel vast. We wisten perfect dat we het zelf gingen opnemen en we hebben opnieuw gewerkt met Henrik Udd, die ook onze vorige plaat mixte en masterde. Dus eigenlijk was heel het traject zonder stress: zelfde label, zelfde mix, zelfde master. Dus we wisten perfect vooraf hoe we tewerk moesten gaan. En hierdoor wisten we vooraf op welke punten we de kwaliteit konden verbeteren. Maar dan terug opnieuw val je terug op de factor tijd. De opnames goed afwerken, terug opnieuw beluisteren, ook de mix en de master herbeluisteren tot je een goed resultaat krijgt.

Je moet wel opletten dat je het zo niet kapot maakt. Als je teveel randjes en kantjes begint weg te snijden, dan gooi je ooit het beste weg. Dat hebben we deze keer goed bewaard want we wilden deze keer meer het live-gevoel op plaat krijgen. We gebruikten deze keer veel minder lagen en lieten veel meer direct de muzikanten aan het woord. Iedere muzikant heeft zijn eigen sound en dat is het dan ook. Vroeger gingen we veel meer dingen verstoppen door veel meer lagen aan toe te voegen. Nu doen we dat niet, nu is onze sound veel directer. We gebruiken wel nog eens een synth of een geluid, maar niet meer dan dat. Geen twintig gitaarlagen meer, maar enkel het zuivere, directe geluid. We hebben wel alles strakker ingespeeld en meer concentratie gelegd op het gevoel. Less is more is de kern van deze plaat.

Jij en Dave hebben een verleden in de H8000-scene. West-Vlaanderen heeft toch wel een geschiedenis in het hardere genre. Beseffen jullie dat en hoe beïnvloed jullie dat?

Het is maar hoe je dat bekijkt. De roots zijn er natuurlijk wel, maar alles evolueert ook. De scene hier is ondertussen ook al 25 jaar oud. Maar als je naar alle bands van vroeger en nu kijkt, dat zijn dikwijls nog dezelfde gepassioneerde mensen in dat hardere genre die zijn blijven doorgaan. Wat je wel duidelijk ziet, het werkt niet meer zoals 20-25 jaar geleden. Nu moet je wel je strategie en marketing in orde hebben. Het eerste wat ik doe bij interviews in het buitenland, is vragen of ze één of meerdere Belgische bands, buiten Spoil Engine, kunnen opnoemen in het genre. En dat lukt ze meestal niet. Als ik ze dan vraag naar Nederlandse bands (Iris en Mathijs zijn Nederlands), dan kennen ze Within Temptation, Delain en Epica. En dat is het grote verschil tussen Vlamingen en Nederlanders. Wij hebben soms de neiging naar valse bescheidenheid. En we redeneren dan van ‘ze gaan ons wel ontdekken’. Helaas werkt het zo niet (meer). Ofwel promoot je jezelf ofwel niet. En dat zie je duidelijk aan de bands die het dan net iets verder schoppen dat die heel goed nagedacht hebben over promotie en marketing. Een goeie plaat moet ten eerste goed klinken, maar muziek wordt ook enorm met de ogen beoordeeld. Zeker bookers en promotors en zeker in het buitenland, want die zien eerst de bandfoto en dan beginnen ze pas te luisteren.

Als je op de radio of TV wil komen, dan behoor je nog steeds tot select groepje. Hebben jullie ooit de kans gehad om op radio/TV te komen?

We hebben ooit tweemaal in De Afrekening gestaan. We hebben ook ooit een wedstrijd gedaan met Volbeat op Studio Brussel. Je ziet wel dat het effect heeft. Maar onderschat bijvoorbeeld niet wat nu Spotify betekent voor bands. We verkopen eigenlijk nog steeds een paar duizendtal fysieke exemplaren. Dat is ook een van de hoofdredenen dat we deze plaat nog meer budget kregen van het label. Spotify is een heel goede graadmeter, want je kan dat niet sponsoren of beïnvloeden. Spotify zegt je hoeveel keer je wordt beluisterd en waar dat je veel wordt beluisterd. En dat is ook belangrijk. Voor ons was dat wel straf want onze top drie landen zijn de VS, Engeland en Duitsland. Engeland en Duitsland hebben we al veel gespeeld, in de VS nog niet maar dat is natuurlijk een groot land. België en Nederland staan pas op 8 en 9. Je voelt dat Spoil Engine op dit moment vooral internationaal effect begint te hebben.

Je bent ondertussen 25 jaar muzikant. Wat is je persoonlijk hoogtepunt met Spoil Engine tot nu toe?  

Er zijn er een aantal. Het eerste hoogtepunt was het contract tekenen bij Roadrunner International. We waren de eerste band in meer dan twintig jaar die daar tekenden. En ook het laatste contract met Nuclear Blast/Arising Empire, dat vond ik persoonlijk een supergevoel. Er zijn natuurlijk ook enkele shows die altijd gaan bijblijven. De vier keer op Graspop en de eerste keer vergeet je nooit. Alhoewel de laatste keer op Graspop 2016, dat was onze grootste show. We hebben ook nog de Aziatische tour gedaan met Midi-festival in 2018 als hoogtepunt. Dan staan daar 14000 mensen die al uw nummers kennen. De tour begon in het noorden van China en in het begin stonden daar 150 mensen te kijken. En dan daarna dat festival, dat was gewoon de max. En natuurlijk ook Wacken Open Air. En pas op, soms zit het ook gewoon in kleine shows. Iedere show is me op een of andere manier wel bijgebleven. Dan kijk ik eerst even rond en dan probeer ik een mental picture te nemen van die show.

Metal als genre is een geoliede machine en gevestigde waarde. Steeds weer is elk festival (Graspop, Wacken Open Air, …) uitverkocht en fans komen van heinde en ver. Ook kom je steeds hetzelfde publiek tegen. Is daar een verklaring voor?

Een metalpubliek is een zeer loyaal en trouw publiek. We zien dat ook aan onze eigen fans. Eenmaal dat ze onze muziek goed vinden, dan blijft dat ook zo. Het is ook een publiek dat zeer veel koopt zoals platen, t-shirts, etc. Mijn eigen kast ligt vol met shirts van andere bands waardoor mijn vrouw ook af en toe er mee moet lachen. De grote festivals hun voordeel bij dat prijskaartje voor een weekend, is dat je enorm veel grote bands en de wereldtop van het genre op dat weekend kan bekijken. En dat onder het zonnetje met een fris pintje, dat is een succesformule. En wat je ook ziet is dat veel van die bands toch regelmatig passeren. Die kan je misschien wel twee keer per jaar gaan bekijken in België en omstreken. En dan denk ik dat mensen ook vaak kiezen om deze bands allemaal gelijktijdig te gaan bekijken op een festival in plaats van allemaal apart in een zaal. En voor sommige mensen is dat ook een kleine vakantie. Er zijn veel mensen die daarvoor sparen en die zeggen: ‘dat is mijn citytrip.’

Je hebt zelf een bedrijf (Quicksand Micro-elektronics), je bent vader en echtgenoot in combinatie met muzikant lijkt me dat een dodelijke combinatie. Ervaar je dat zelf ook zo?

Dodelijk gelukkig niet, maar de mensen rondom je moeten er wel in meegaan. Petje af voor mijn vrouw, dat wel. Het is belangrijk dat iedereen het begrijpt. En een eigen bedrijf heeft ook zo z’n voordelen. Je kan snel beslissen wanneer je weg kan of niet. Ik heb vroeger zelf nog bij IMEC gewerkt. En bij zo’n bedrijf moet je je schikken naar de vakantiedagen. Ik was al van plan ooit een eigen bedrijf te starten, maar toen we getekend hadden bij Roadrunner heb ik de knoop definitief doorgehakt. Niet om van de muziek te leven, want dat is onmogelijk. Maar omdat we er niet van leven, maakt dat juist ons ook volledig onafhankelijk. Wij moeten van niemand iets krijgen, we doen wat we willen.

Als je nummers schrijft, heb je dan een vast ritueel?

Nee, een vast ritueel is er niet, integendeel. De beste riffs komen er als je gewoon aan het spelen bent. Als er iets goed is, dan film ik dat snel dat ik het zeker niet vergeet. En meestal heb ik genoeg aan één basislijn en één harmonie. En als je die eenmaal hebt, dan heb je de sleutel voor een nummer. Echt jammen als band doen we niet meer, maar in pre-productie spelen we nog wel samen om de nummers af te werken. Maar de meeste nummers komen wel van een bepaald gitaarstuk.

Is de overschakeling van een zanger naar een zangeres een bewuste keuze/strategie?

Na het vertrek van Niek hebben we eerst een dertigtal open audities gedaan met enkel mannelijke zangers en daar kwam geen keuze uit verder. Toen zijn we zelf beginnen zoeken, en het geslacht was niet meer bepalend. Op een of andere manier kwamen we dan bij Iris uit. We hebben Iris uitgenodigd in onze studio, van Maastricht naar Oostende. Ze heeft daar een aantal nummers ingezongen en toen zijn we allemaal omvergeblazen. Voor ons was het duidelijk. Dat was ook een schitterend moment. Dan zie je het beeld live van de band al voor je en dan begin je natuurlijk verder te denken. Dan voel je al dat het klopt.

Iris is natuurlijk iemand met een bepaalde X-factor. Iris is trouwens ook de reden dat het nu internationaal begint te lopen. We hadden haar juist binnen gehaald en we hadden net een ep opgenomen. We waren op zoek naar een nieuw label. En ik ken al zeer lang de A&R, Jaap van Nuclear Blast. En ik heb Jaap samen met Iris gezien op Graspop 2014. En toen zei Jaap dat we maar eens ep moesten maken en aan Nuclear Blast bezorgen. Hij had Iris gezien, dus dat was al ok. En na de ep vonden ze alles prima. Daarna is er beslist om de ep eerst uit te breiden naar een album. En daarna ging er nog een album komen. Maar je ziet zelf dat het altijd bij heel kleine dingen begint, of je nu een label vindt of niet.

Kan je uitleggen waarom de ene plaat beter wordt ervaren door het publiek dan de andere? Heeft dat altijd met kwaliteit te maken?

Nee, zeker niet. Promotie blijft een belangrijke factor, zowel door het label als door jezelf. Daar steek je veel energie in. We zijn bezig met de releaseshow van 16 november en daar gaat enorm veel tijd en energie op in promotie. Het is en blijft een DIY-verhaal. Dan mag je nog een label hebben die zeggen dat ze alles doen, maar je moet nog steeds zelf de inhoud geven.

Wat zijn de toekomstplannen op lange en korte termijn voor Spoil Engine?

Op zeer korte termijn is dat onze plaat promoten. 12 november vertrekken alle pre-orders, wereldwijd. We doen een paar Mediamarkt in store sessions om wat te promoten. We doen dan twee releaseshows. Op 16 november in Roeselare (Trax) en 23 november in Zaandam. Er zitten een aantal dingen in de pijplijn, maar die worden na de releaseshow bekend gemaakt. En voor 2020 zitten we volledig te focussen op het internationale verhaal. De plaat spreekt toch wel veel mensen aan, ook bookers als promotoren. Er liggen al een aantal grote dingen vast, maar er volgen er ongetwijfeld nog. Maar dat wordt op tijd en stond bekend gemaakt.

 

 

13 november 2019

About Author

Wouter Vandeweyer


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief