Live, Recensies

Low @ De Kreun: God sprak, en iedereen zweeg

Low werd met Double Negative bekroond tot één van de beste platen van 2018. Maar het plaatste Alan Sparhawk, Mimi Parker en James Garrington wel voor een bijzonder moeilijk dilemma. Behouden de indie-oudgedienden hun traditionele gitaar-drum-bastriptiek tijdens live-optredens, of bezondigt het trio zich aan allerlei elektronische snufjes om de rijke noisy texturen van hun jongste album te recreëren?

Toch wist support-act Hilary Woods ons even van bovenstaande vraag af te leiden. De Ierse solozangeres was al langer bekend als bassist van de ter hemel gegane indieband JJ72, maar vorig jaar bracht ze haar debuut – vol sensuele, gelaagde klanktapijten – na enkele geslaagde ep’s op de markt. Woods schiep harmonische synth- en pianosoundscapes, aangevuld met minimalistische, dreigende percussie waar we beslist meer van wilden.

De Ierse indiezangeres bleek de geschikte muzikant om het getrouwde mormonenpaar uit Duluth en bassist Garrington in te leiden. Zonder er al te veel woorden aan vuil te maken, zette Low de eerste tonen in van “Always Up”. Opvallend: Low laat de elektronische texturen achterwege en herinterpreteert de digitale grandeur van Double Negative met gitaar-doordrenkte melancholie. “Always Up”, dat vrijwel het enige nummer op Double Negative is waar de donkere wolken doorboord worden met een glimp van hoop, is een puike vertaling waar de heldere samenzang van Parker en Sparhawk uitstekend tot zijn recht komt. Het daaropvolgende Autechre-achtige, met ruis pulserende “Quorum” daarentegen verwelkt zonder de grauwe gitaarruis- en drones tot een schim van zichzelf. Ook “Tempest”, waar oorspronkelijk gefolterde Laurie Anderson-achtige stemmen verdrinken in digitale eb en vloed, was live een teleurstellende akoestische prestatie.

Het strippen tot op het bot van de nummers op Double Negative schipperde vaak tussen weerbarstig onbehagen en rafelige lauwheid. Maar Low heeft duidelijk aan zijn live-formule gesleuteld. Nummers waar de ruis een hypnotiserend effect hebben (“Rome (Always In The Dark)”, “The Son, The Sun”) werden deze keer weggelaten of net versterkt met smartelijk gitaargeruis en post-rockdrones (“Disarray”, “Fly”). Meer dan in vorige concerten lijkt Low een format gevonden te hebben tussen het experiment van hun jongste plaat en de traditionele, akoestische zangharmonieën die al ruim twee decennia het vaste bestanddeel vormen van hun geluid. Enkel “Poor Sucker” viel ergens tussen Lows experimenteerdrift en akoestiek. Tussen hemelse samenzang en sinister gevaar.

Vaak heeft Low zijn echoënde tierlantijntjes en smerige ruis ook helemaal niet nodig. “Always Up” of “Always Trying To Work It Out” in zijn naakte vorm horen, capteert de volledige schoonheid en melancholische wanhoop aan de hand van een simpele zang-gitaar-drum-basgitaarcombo. Idem voor vervolgstukken “Dancing and Blood” en “Dancing and Fire”, waar een gonzende achtergronddrum de dreigende achtergrondtonen vormden voor de bloedmooie zang van Parker.

Dat Low zichzelf heruitvond op Double Negative door middel van de radicale digitale manipulatie van producer B.J. Burton, hoeft niet te verbazen. Die kentering was al duidelijk in het eveneens door Burton geproduceerde Ones and Sixes (2015), volgestouwd met elektronische drums, weidse tokkels en gitaarexplosies à la Crazy Horse. Betekent de samenwerking met de onvolprezen producer dan het einde van de gekende Low-formule? Is dit het einde van de strakke zangharmonieën van Parker en Sparhawk? Vast niet. En dat zal fans die opgroeiden met het vertrouwde romantische minimalisme van de band niet deren.

https://www.instagram.com/p/BtZQkOzg0sk/

Ons trouwens ook niet. De droeve stemmen op “Lazy”, “Lies” en “Murderer” zijn nummers die van Low al 26 jaar één van de meest consequente bands in het slowcoregenre maken. Onze harten worden nog steeds week van het uitgebeende “Plastic Cup”, de galmende left-field post-rocknoise van “Do You Know How To Waltz?” – die volledig in het kielzog staat van Godspeed You! Black Emperor – en het religieus getinte “Especially Me” en “Murderer”. Wie de groep al sinds het I Could Live In Hope-tijdperk (1994) volgde, kreeg een hoop bitterzoete snoepjes getrakteerd uit de bands discografie.

Er was evenveel ruimte voor het frêle als voor het woeste experiment tijdens Lows passage in De Kreun. En dat werd geapprecieerd door een publiek van alle leeftijden. “Did we mention we love you?” horen we iemand uit het publiek juichen. “We can feel it,” zegt Sparhawk in een beheerste eerbiedigheid terwijl hij verder aan zijn gitaar prutst. En het publiek zweeg.

Setlist:

Always Up
Quorum
No Comprende
Plastic Cup
Especially Me
Tempest
Do You Know How To Waltz
Lazy
Dancing and Blood
Always Trying To Work It Out
Poor Sucker
Holy Ghost
Lies
Fly
Dancing and Fire
Disarray

Murderer

3 februari 2019

About Author

Glen Van Muylem Muzikale beer met een voorliefde voor rock, indie, hiphop en elektronica.


ONE COMMENT ON THIS POST To “Low @ De Kreun: God sprak, en iedereen zweeg”

  1. Wim Cossement schreef:

    Yup het was heel goed, nu al de 7de keer of zo dat ik ze zie en nooit teleurgesteld geweest.
    Al ben ik niet zo’n fan van hun laatste plaat, te veel achtergrondlawaai voor mij… :-/
    Things we lost in the fire vind ik nog altijd hun beste plaat maar live laten ze die meestal volledig links liggen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief