Albums, Recensies

Let’s Eat Grandma – I’m All Ears (★★★★½): Hoe langer, hoe beter

Jenny Hollingworth en Rosa Walton waren beide nog maar 16 jaar, maar wisten twee jaar geleden toch behoorlijk wat aandacht naar zich toe te trekken met hun debuutalbum I, Gemini.  Niemand was zeker in welk genre het kon geklasseerd worden en evenmin was er uitsluitsel of het nu gek of geniaal was (of beide). Maar intrigerend was het zeker. Ook was duidelijk dat er in het duo een hele hoop aan potentie schuil ging. Die potentie komt er al ten volle uit op hun tweede plaat. Waar de experimentele songs van hun debuut toch nog al te vaak gingen aanmodderen, is I’m All Ears ambitieuzer, scherper, dominanter en ook gewoon duidelijk beter.

Na een korte opener valt “Hot Pink” al meteen met de deur in huis. Het is een ruw en temperamentvol nummer waarin ze hun frustratie uitspuwen over de manier waarop ze als jonge meisjes vaak niet serieus worden genomen. Na een minuut of drie verandert het nummer ineens van toon en eindigen ze met een haast fleurige outro. “Hot Pink” werd geschreven in samenwerking met de Schotse producer SOPHIE (die overigens recent ook een uitstekend album uitbracht) en Faris Badwan van The Horrors. Hetzelfde geldt voor “It’s Not Just Me”, dat desondanks een stuk anders klinkt. Voor hun doen klinkt het wat modaal, al is het tevens onweerstaanbaar catchy en verslavend. “It’s Not Just Me” is het nummer met het grootste popgehalte op het hele album (dit met sterke concurrentie van het eveneens niet uit je hoofd te krijgen “I Will Be Waiting”).

Dat ze de hulp van SOPHIE en Badwan niet noodzakelijk nodig hebben, bewijst de rest van de plaat. Want die is volledig door henzelf geschreven en doet niet onder voor de eerste twee singles. In tegendeel. Als basis van hun nummers is er bijna altijd een popsong aanwezig, maar Walton en Hollingworth voelen zich voor de rest niet te beroerd om alle verdere conventies overboord te gooien. Als je net voor de eerste keer naar “Falling Into Me” begint te luisteren, lijkt er zich een gebald synthpopliedje te ontplooien. Maar niets is minder waar. De tempo- en akkoordenwijzigingen zijn niet bij te houden, waardoor het zich ontplooit tot een zes minuten durende trip die je zowel langs catchy melodieën als langs dreunende bassen, verschillende geluidslagen en een saxofoonsolo voert. En dat zonder gekunsteld te klinken.

Maar het kan allemaal nog beter. De hoogtepunten van het album zijn de nummers waarin het duo zich echt eens laat gaan en besluit om hun nummers tien minuten of zelfs langer te laten duren. En dan nog hadden ze van ons langer mogen doorgaan. Over trips gesproken. Zowel “Cool & Collected” als het magistrale “Donnie Darko” gaan in golven vooruit. Die eerste is iets onstabieler. Het begint redelijk afstandelijk en ijl, met vooral een focus op de zang. Maar eens er in de tweede helft een pianodeuntje invalt, barst het nummer volledig open met een instrumentale geluidsbrij die zowel zweverig als gedreven klinkt en bol staat van de ideeën. “Donnie Darko” draait dan weer rond een erg dansbaar ritme dat gedurende het leeuwendeel van het nummer aanhoudt. Daarbovenop gebeurt dan van alles. Terwijl het nummer langzaamaan aanzwelt, passeren er mijmerende gitaren, dwarrelende synths, een schril fluitje en een verbeten tekst over volwassen worden en mentale gezondheid. Het kent crescendo’s en rustpunten en gaat eigenlijk volledig zijn eigen gang. Toch blijft er continue een perfecte spanningsboog hangen en is er geen moment sprake van verveling.

In vergelijking met hun debuut is er zowel op muzikaal als op tekstueel vlak veel meer over de muziek nagedacht en hebben de nummers veel meer karakter meegekregen. I’m All Ears kent praktisch geen dieptepunten (of het moet de interlude “Missed Call (1)” zijn dat min of meer klinkt als de introtune van een gedateerde sitcom) en verschillende hoogtepunten waarbij de creativiteit ervan af spat en waarin veel te ontdekken valt. Zo zijn we pas na meerdere luisterbeurten beginnen letten op het gefluister in “Snakes and Ladders” of de regen op de “Ava”. Kleine productionele details die toch heel wat toevoegen aan de sound. Een album om te koesteren, zoveel is duidelijk.

4 juli 2018

About Author

Jan Sucaet


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Newsletter