Features, Interviews

Interview Susanne Sundfør: “Eenmaal je een goede melodie hebt, kan het plezier beginnen”

De Noorse Susanne Sundfør is een muzikante die van alle markten thuis is. De laatste tien jaar heeft ze de meest uiteenlopende paden bewandeld. Van akoestische popsongs tot meer elektronisch werk. De synthesizers namen de plaats in van de piano en gitaar en daaruit vloeiden pareltjes zoals The Brothel en The Silicone Veil. Maar het hoogtepunt van die evolutie was toch wel Ten Love Songs, een ambitieuze plaat waar ze het maximale uit de popmuziek haalde. Twee jaar later is ze terug met haar nieuw album Music For People In Trouble. Ditmaal keerde ze – zonder haar gevoel voor experimenteren te verliezen – terug naar de essentie en ging ze resoluut voor de piano en gitaar. Het resultaat werd één van de meest intieme en eerlijke albums van het jaar.

In haar thuisland Noorwegen belandde Music For People In Trouble, net als haar vorige platen, al na een week op nummer één in de albumverkopen van dat land. De kaarten zijn hier net iets anders geschud, maar dat neemt niet weg dat haar muziek ook hier ontzettend geliefd is. Dat bewezen de enthousiaste reacties in de uitverkochte Botanique waar ze vorige vrijdag speelde. De middag voordat ze het podium betrad, hadden wij de kans om met haar te praten over o.a. het album, haar wereldreis en bewondering voor de legendarische Scott Walker.

Dag Susanne, proficiat met Music For People In Trouble! Ik heb gemerkt dat de reacties op het album overweldigend positief zijn. Hoe voelt dat?

Geweldig! Wanneer je hard werkt aan je muziek, is het altijd tof om te weten dat mensen je muziek leuk vinden, dus dat voelt heel goed!

Voordat je de plaat opnam heb je heel de wereld afgereisd. Welke ervaringen heb je opgedaan tijdens die reizen?

Er is veel gebeurd, maar wat ik vooral zal onthouden is wat ik in IJsland zag. Hier hebben we een vrouw aangetroffen die met haar auto was gecrasht op de met ijs gehulde weg. Eerst zag ik de auto op zijn kop staan langs de baan, maar vreemd genoeg dacht ik niet helder na en reed ik voorbij. Toen besefte ik dat er uiteraard iemand in zat, dus maakte ik rechtsomkeer en trof ik de vrouw ondersteboven en in shock aan terwijl ze aan het bellen was. Dat was een heel intense gebeurtenis. Gelukkig hield ze er enkel maar een gebroken arm aan over.

In Nepal heb ik dan weer een meer positieve ervaring opgedaan. We deden een prachtige tocht over de Annapurna waarna we een aantal dagen vrij hadden. De gids bracht ons naar een festival waar ze geiten opofferen aan hun god, een ritueel dat ik heel graag wou vastleggen op foto. Hij bracht ons naar een tempel, net buiten Kathmandu waar we de enige westerse mensen waren tussen al de Nepalezen. Het bijzondere aan het festival was hoe enerzijds kinderen speelden tussen de wierook en het gezang, terwijl anderzijds geiten bloederig geslacht werden. Al dat bloed zorgde voor een intense ervaring, maar het mooie aan die ervaring was dat alle facetten van het leven op die plaats aanwezig waren.

Hebben deze ervaringen je visie op de wereld gewijzigd?

Ja, ik denk van wel. Vriendelijke mensen vind je overal, of misschien waren ze gewoon vriendelijk tegen mij (lacht). Het klinkt misschien cliché, maar iedereen is op zoek naar dezelfde dingen. Iedereen wilt zich veilig en gelukkig voelen. Het is vooral alles rond die kerngedachte dat van plaats tot plaats verschilt.

Hoe hebben de indrukken op je reizen zich vertaald op Music For People In Trouble?

Ik weet niet goed of dat het geval was. Veel van de teksten waren al in mijn hoofd voordat ik aan mijn reizen begon. Ik heb die kans vooral gebruikt om veel foto’s te nemen. Het artwork van Music For People In Trouble bestaat namelijk uit de foto’s die ik maakte op mijn reizen. Op visueel vlak had het dus wel een impact op het album, maar dat was minder het geval op de muziek.

Bestaat er een verband tussen de foto’s en de nummers op het album?

Nee, niet direct. De foto’s staan wel telkens bij een lied op het artwork, maar voor mij is het eerder een extra manier om de inhoud te portretteren. Misschien hebben die foto’s wel een onderbewust effect. Ik neem veel visuele dingen in mijn omgeving op en op één of andere manier zullen ze wel een invloed hebben op de teksten of muziek van mijn nummers.

Heb je al foto’s genomen in Brussel?

Ik heb mijn camera wel mee, maar ik ben er deze tour er nog niet aan toe gekomen. Het zijn nu vooral boeken waarmee ik me nu bezig houd. Ik heb op vorige tours wel dikwijls foto’s van mezelf in hotelkamers genomen, maar dat ben ik nu ook wel een beetje beu. Mijn interesse ligt nu ook meer bij natuurfoto’s. Ik zou eigenlijk een nieuw concept moeten vinden en dan zal dat wel weer terugkomen. Misschien ga ik wel foto’s nemen van interviewers (lacht).

Was het creatief proces rond het nieuw album sterk verschillend met die van je vorige platen?

Ja, deze keer was het meer intuïtief. Op mijn vorig album, Ten Love Songs, wou ik slimme popsongs maken. Dat was een totaal andere manier van schrijven dan ik op Music For People In Trouble uitoefende: aan de piano zitten en uiten wat ik te zeggen had. Deze vorm van inspiratie heb ik niet meer gehad sinds ik voor het eerst muziek begon te schrijven, dus was het heel fijn om dit album te schrijven en op te nemen.

Net zoals het vorig album heb ik deze plaat in veel verschillende studio’s opgenomen, maar het schrijfproces was enorm verschillend. Popmuziek is een beetje als een cake bakken, je moet op zoek gaan naar de juiste ingrediënten om het tot een goed einde te brengen. Misschien is deze plaat dan eerder een lekkere spaghetti carbonara (lacht). Het was in ieder geval een stuk makkelijker deze keer!

Dat gaf je ook de vrijheid om naar hartenlust te experimenteren en samen te werken met anderen, want op de afsluiter “Mountaineers” horen we niemand minder dan John Grant. Hoe is die samenwerking tot stand gekomen?

Ik heb hem leren kennen via ons label, Bella Union. Voor de afsluiter was ik op zoek naar een diepe, krachtige en duistere mannenstem. Kortom, ik zocht iemand die als het ware klonk als een zingende monnik. Ik dacht aan John en vroeg het label om hem te contacteren of hij met me wilt samenwerken en hij zei ja! We hebben elkaar voor het eerst ontmoet vlak voor we gingen opnemen. Iedereen vindt hem een warme, vriendelijke en intelligente persoonlijkheid en ik kan me totaal achter die mening scharen. Hij is een geweldig persoon!

Kwam je veel hindernissen tegen bij het maken van de plaat?

Af en toe heb ik er wel wat mee geworsteld, maar voor de rest… is het best wel makkelijk! (lacht) Ik wil niet arrogant klinken, maar mijn vorige plaat Ten Love Songs was echt moeilijk om te maken. Ik denk dat ik op een punt in mijn leven stond waar het onverklaarbaar makkelijk was om liedjes te schrijven. Het komt natuurlijk ook deels uit veel oefenen en vijftien jaar ervaring als songschrijver. Normaal gezien push je jezelf om hetgeen dat je wilt vertellen te uiten, maar soms is het gewoon op voorhand aanwezig.

Dat was het geval voor de meeste nummers, maar er zaten ook wel moeilijkere tussen. “The Golden Age” was zonder twijfel de zwaarste en lag het langst op de werktafel. Toen het eindelijk compleet was, hebben we het zelfs gevierd dat we het afgewerkt was! Het schrijfproces kan soms wel ingewikkeld zijn, maar eenmaal je een goede melodie hebt, kan het plezier beginnen. Dan moet je de schets enkel nog inkleuren.

“The Golden Age” klinkt inderdaad best wel complex!

Vind je? Daarbij heb ik ook de hulp gekregen van de producer Jørgen Træen. Hij heeft het de instrumentatie gearrangeerd op dat nummer. Ik leverde dan weer de melodieën, akkoorden en zanglijn.

Vanavond zal je het nieuw album komen voorstellen in de Botanique, hoe zal je de sfeer en invulling van het nieuw album vertalen naar het optreden?

Deze tour doe ik volledig solo met mijn piano en gitaar. Ik vind het heel leuk om solo te spelen, maar ik hou ook enorm veel van mijn band en het samenspelen met anderen. Het zou me wat té intens zijn om altijd op mijn eentje op het podium te staan, maar voor deze optredens vind ik het oké.

Ik denk niet dat het problematisch zal zijn om het nieuwe materiaal te combineren met dat van de vorige albums. Als je een concert geeft, wil je het liefst een dynamiek tussen krachtige nummers en stille nummers uitwerken doorheen de set. Die test hebben we al gedaan, want minstens de helft van de nieuwe liedjes werden al live gespeeld voordat het album uitkwam. Ik dacht dat het ingewikkeld zou zijn om de compacte nummers van Ten Love Songs te combineren met die van Music For People In Trouble, maar dat viel goed mee. Wie weet keren we later met de volledige band terug om het verder uit te proberen!

In juli trad je op tijdens de BBC Proms in Londen, ditmaal een eerbetoon aan Scott Walker. Hoe was die ervaring?

Het was heel leuk. Ik dacht dat ik heel zenuwachtig zou zijn, maar dat viel dik mee. Iedereen was zo professioneel en vriendelijk en de muzikanten waren uitstekend. Het was een hele eer om de muziek te brengen van iemand die je zo respecteert. Ik ben een grote fan van hem!

Heeft hij jou muzikaal beïnvloed?

Ik heb veel naar Tilt geluisterd toen dat album uitkwam. Zijn manier van componeren en schrijven is iets wat ik heel erg apprecieer. Hij maakt ontzettend extreme overgangen in zijn muziek. Dat is iets enorm intrigerend en fascinerend, want er zijn weinig muzikanten die dat aandurven. Ik ben een grote fan van zowel zijn avant-garde elementen als zijn sterke teksten.

Wat zijn je plannen na de tour?

Ik zal eerst een tijdje naar Amerika gaan. Daarna denk ik dat we volgend jaar weer gaan touren. We zullen weer veel onderweg zijn, wat ik alleszins al heel leuk vind. Daarna is er ruimte voor een fotoproject of wie weet begin ik met het schrijven van een nieuw album. Het zal van de inspiratie afhangen!

Alvast veel succes gewenst!

20 september 2017

About Author

Jan Kurvers


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief