Jungle - For Ever (★★★★½): Debuutplaat krijgt een al even mooi zusje
Albums, Recensies

Jungle – For Ever (★★★★½): Debuutplaat krijgt een al even mooi zusje

Jouw favoriete dansmuziek-van-en-voor-hippe-koffiedrinkers heeft een nieuw aangezicht gekregen dat, gelukkig, heel hard gelijkt op het vorige. Jungle, de eerst nog mysterieuze en anonieme band rond ‘J and T’ verbaast vriend noch vijand met een tweede voltreffer. Waar anderen vaak struikelen, de -oh-zo-moeilijke opvolger van een debuut, recht Jungle de rug met For Ever. Hun tweede worp blijkt een witte raaf: meer van hetzelfde en toch verfrissend, intens en opzwepend. Radiosingles “Happy Man” en “House in L.A.” kregen we ergens midden lente op het bord, nu is ook de volledige langspeler aan de beurt. Ook na al die jaren blijven er nog stukjes oerwoud onontgonnen en allen hebben ze een ding in gemeen: ze verbazen evenveel als ze doen dansen.

For Ever opent met rumble from the jungle “Smile”. De beats, die in de verte ook nog een vleug ‘Lust For Life’ met zich meedragen, doelen duidelijk op het inleiden van een plaat. Op zich lijkt het ons geen echt op zichzelf staande song te zijn, maar zulke albumsongs vonden we ook terug op hun titelloze debuut. Die leerde ons dat zelfs minder singlegevoelige tracks de live set vaak halen, laat dat dit keer (hopelijk) opnieuw zo zijn. “Heavy, California” verzwakt niet en drijft de dansbaarheid nog wat op. Ze is zo mogelijk de opzwepende zomerhit die men de voorbije verzengende maanden ergens, in een zomerbar met muzieksmaak, moet gehoord hebben. Misschien soms een tikkeltje repetitief, maar daar valt over te redetwisten. Of er stukjes uit “Miss California” geknipt en geplakt werden, laten we in het midden. Meer samples op “Beat 54” dat de ‘70’s invloeden niet schuwt. Blijven we in de analogie van de zomeravond lijkt ons de zon gezakt en – vooral in de strofes – de hitte tussen de heersende machten op de dansvloer gestegen. “Cherry” drijft voort op deze nachtelijke trip. Wederom verlaagt het tempo en de bezetting schijnbaar en komt de muziek geconcentreerder en uitgepuurder binnen. Doch lijkt het ons aannemelijk dat ergens ter lande de gevoelstemperatuur opnieuw een aantal graden moet zijn gestegen wanneer deze zou zijn opgelegd.

“Happy Man” viel de laatste tijd amper weg te denken van de radio (voor de ‘meerwaardezoeker’). En terecht. Met een productie om U tegen te zeggen, bewijst Jungle dat strategisch en op de gepaste tijd more echt wel more is. Rijke arrangementen in de refreinen en een soberheid in de brug en strofes. Met een haast wiskundig-analytische methodiek is deze track ineengeknutseld en kan ze niet anders dan zowel heupwiegen als respect afdwingen. Of “Casio” naar de gelijknamige keyboards vernoemd werd, laten we in het midden. Wat wel opvalt: de niet-falsetto stem in de strofen. Een normale, doch voor Jungle misschien gewaagdere sprong weg van het gekende stemgeluid. Dit komt echter wel terug in de refreinen. Schoenmaker blijf bij je leest, moet men dan toch maar gedacht hebben.

“Mama Oh No” begint als de ideale overgangstrack die alles lijmt gedurende de hele plaat. Toch moet opgemerkt worden dat ook deze song op zichzelf staat als een huis. Ook al is het potentieel om ooit een single te worden, lager dan dat van pakweg “Happy Man”, toch heeft dit liedje genoeg diepgang om met recht en rede op zichzelf te staan. De stream of consciousness gitaren die in de ene richting naar Nile Rogers schieten en in de andere naar Chris Isaak, maken duidelijk wat de spanwijdte mag genoemd worden.

Het heerlijk slepende “House in L.A.” dat eenieder toch ook al een aantal malen op de verschillende kanalen moet hebben gehoord, brengt opnieuw iets nieuws aan de tafel. Met een beat waarop aan 98 dB zelfs de meest vastgeroeste oude knook het hoofd knikt, is dit een single-shot in de roos. Ook hier lijkt de band ‘zwoel’ en ‘sensueel’ hoog in het vaandel te dragen. De vertraagde 808-drum and bass intro op “Give Over” lijkt ons nog wel geinig, maar op zich had deze song niet gehoeven op de plaat. Niet dat ze afbreuk doet, gewoon overtal. Als dit de enige fout is waarop Jungle betrapt kan worden betrapt, valt het allemaal nog wel mee. Accident de parcours, onze mantel der liefde is groot en wordt met dit foutje maar minimaal gebruikt.

Met wat slechte wil trekken we dit negatieve gevoel ook door op “Cosurmyne”. Toch denken we hier dat deze song een groeier is. Gelaagder dan wat opvalt bij de eerste of tweede beluistering, geef haar daarom nog een luisterbeurt of 10 en beslis dan pas. “Home” deed ons vooral denken aan Jimmy Saville van Bronski Beat en is zowel on-Jungle als typisch Jungle tegelijkertijd en laat ons wat met de mond vol tanden achter. Verbaasd over wat we net hoorden en welke productiemachine we net niet hoorden, luisteren we nog een keer of drie opnieuw en telkens opnieuw groeit de verbazing. “(More and More) It Ain’t Easy” en “Pray” zijn opnieuw instant Jungle klassiekers. Die laatste, “Pray”, doet wat ons betreft een uiterst overtuigde worp naar de titelsong voor een nieuwe Bond-film en eerlijkheid gebied te zeggen dat de moderne elementen en productie, in combinatie met de strijkers een uiterst gepast resultaat oplevert. Broccoli-familie (producenten Bond-franchise), u weze gewaarschuwd.

Jungle is terug. En goed. For Ever is een geweldige opvolger van de bom die deze band in 2014 op de wereld losliet. Hoewel hun debuut iedereen met verstomming sloeg, moet dit tweede liefdeskind niks onderdoen voor haar oudere broertje.

Deze zomer nog op Pukkelpop, 22 november te bewonderen in TRIX in Antwerpen. Jouw verslaggever zal er, uiteraard, ook zijn.

14 september 2018

About Author

Anton De Wolf


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Newsletter