On the origins of: The Antler King (Interview)
Interviews

On the origins of: The Antler King (Interview)

Op een blauwe maandagmorgen begeven we ons richting een van de vele koffiebars die Gent centrum rijk is voor een gesprek met Maarten Flamand en Esther Lybeert. Naast een getrouwd koppel zijn de twee de bezielers van The Antler King. Ter gelegenheid van hun derde plaat, Ten For a Bird, hebben we een gezellige babbel.

Jambersgewijs steken we van wal met het klassieke ‘The Antler King, wie zijn jullie, wat doen jullie en wat drijft jullie?’ Esther vertelt over hun atypische liefdesverhaal: ze zocht eerst eigenlijk een gitarist – die later haar vriend zou worden. Intussen zijn ze getrouwd. Hun toenmalige producer, Frank Duchène, was van mening dat muziek spelen als koppel een no go was. ‘Die mening heeft hij moeten bijsturen’, lacht ze. Verder weten ze ons te vertellen dat ze allebei hetzelfde willen bereiken: mooie dingen maken, daarin vinden ze elkaar goed, zowel van het samen schrijven tot het samen musiceren.

Ten For A Bird

Wat de plaat zelf betreft zijn de twee het sluitend eens: die is verre van genregebonden. Ze willen gewoon muziek maken die leuk is om te brengen, al geven ze wel aan veel respect te hebben voor beroepsschrijvers. Zo stelt Esther: ‘Wij kunnen alleen maken wat eruit komt. Als ik morgen een opdracht krijg om een nummer te schrijven kan ik dat. Ik vind dat wel een uitdaging. Moesten ze nu vragen om morgen een lied voor Milk Inc te schrijven? Ik weet niet of ik dat zou kunnen. Ik ken te weinig van beats.’ Waarop Maarten aanvult: ‘Ik moet in alle arrogantie zeggen dat ik denk dat ik dat wel kan. Ik moet dan gewoon alle akkoordenschema’s die ik zelf haat gebruiken (lacht).’

Over de eigen plaat weten ze verder te vertellen dat hun invloeden zeer divers zijn. Zo bevat de plaat onderhuids veel elementen van klassieke muziek. Ze zijn beiden zeer sterk te vinden voor muziek die verrast, van nummers waarvan je het begin hoort en niet weet hoe ze gaan eindigen. Dat probeerden ze ook door te trekken op Ten For a Bird. Ze horen vaak de opmerking dat hun muziek eerder filmisch is. Daarop antwoordt Esther: ‘Ze mogen ons altijd bellen, in opdracht filmmuziek schrijven kunnen we keigoed (lacht).’

Naar invloeden toe geeft Esther verder aan vooral fan te zijn van artiesten zonder franjes en geboren performers, zoals Jacques Brel. Daarnaast haalt Maarten aan dat hij vaak de opmerking krijgt dat veel van het schevere gitaarwerk doet denken aan zijn andere band Elefant. Daarop antwoordt hij dat niet al het scheve van hem komt, zijn vrouw en Jan Chantrain (hun huidige producer) hebben er ook een stevig handje van weg.

Een plaat opnemen

Wat hun oeuvre betreft is er ook een evolutie merkbaar. Lybeert geeft te kennen dat de eerste plaat qua arrangementen veel voller zat, ze werkten op dat moment ook met studiomuzikanten op drum en bas. Vanaf de tweede plaat, Patterns, speelden ze alles zelf in en veranderden ze van producer. Die verandering is duidelijk hoorbaar op de platen Patterns en Ten For a Bird. Uitgangspunt was dat alle nummers met twee gespeeld konden worden. In de studio werd dan ook veel live ingespeeld, een drietal nummers op de plaat zijn zelfs regelrechte repetitieopnames. Het laatste nummer, “Il est où le Manchot?”, is een improvisatie van Flamand die Lybeert van tekst voorzag. De keuze voor het gebruik van die demo-opnames ligt voor de hand. De vibe van zo’n repetitie is vaak moeilijk te reproduceren in de studio.

Een goed ingestudeerde choreografie

Ook live brengen ze hun nummers met twee, al klinkt het alsof ze met vijf op een podium staan. Lybeert drumt, zingt en bespeelt links en rechts een synth. Flamand neemt gitaar en bas voor zijn rekening: gitaar met zijn handen, bas met zijn voeten. Dit vanuit de optiek dat alle nummers in een stripped-down versie mogelijk moeten zijn: met enkel een gitaar en een stem. Zelf geeft Flamand aan dat er bij The Antler King live veel fout kan lopen, maar dat ze dat telkens kunnen oplossen – net daarom. Waar hun nummers in het begin nog af en toe met hen op de loop gingen, wordt het combineren van verschillende instrumenten hen steeds vertrouwder. Daarnaast houden ze sterk vast aan hun stripped-down-principe. Zo traden ze laatst nog op in een Berlijnse huiskamer . Eshter vult aan: ‘Ik voelde mij wel wat kaal, zonder enige trommel. Zo wat fantoompijn. Zo van oei, dju, da’s weinig.’ 

Hoewel beiden het erover eens zijn dat de leukste venues vaak de kleinste/meest onverwachte plaatsen zijn, geven ze toch aan ook helemaal klaar te zijn voor grotere plaatsen en festivals. Ze staan duidelijk te popelen om hun nieuwe geesteskind voor publiek te brengen. Benieuwd naar hun nieuwe worp? The Antler King doet de komende maanden heel wat zalen aan. De band speelt als voorprogramma van Hannelore Bedert vanaf begin oktober een reeks shows in culturele centra, maar tussendoor spelen ze ook als headliner in zalen als De Handelsbeurs (Gent – 22/10), De Zwerver (Leffinge – 24/11), CaféCafé (Hasselt – 6/12), Muziekcentrum Dranouter (11/01), De Roma (Antwerpen – 31/01) en veel andere. Een compleet overzicht vind je hier.

10 september 2018

About Author

Yolan Devriendt


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Newsletter