InstagramLiveRecensies

Buffalo Tom @ Wilde Westen: Gitaar in bruikleen, robotdans en geen Fransozen in de zaal!

© CPU – Jonas Demeulemeester

Een dikke week geleden hebben we The Afghan Whigs zien optreden in De Roma. Gisteren nog maar speelde The Lemonheads niet zo belachelijk ver van hier in de Cactus Club in Brugge. En vandaag mogen we nog zo een iconische band uit de jaren negentig verwelkomen hier in Kortrijk, Buffalo Tom. Wat is nu het grote verschil tussen laatstgenoemde en de twee andere bands? Buffalo Tom is een van de héél weinige bands uit die zoete jaren negentig die nog steeds in dezelfde opstelling speelt. Bill Janovitz aan de gitaar en de zang, Chris Colbourn aan de bas en ook wat zang hier en daar, en Tom Maginnis aan de drums. Doe gerust zelf de oefening eens met een heleboel bands van bijna veertig jaar oud; weinig groepen zullen mogen aankondigen dat de bandleden van weleer nu nog steeds de podia betreden! In 1992 en 1993 bracht het trio uit Boston twee toch wel legendarische albums uit met Let Me Come Over en Big Red Letter Day. Nu we toch bezig zijn met namedroppen; zet Sleepy Eyed uit 1995 ook maar in het rijtje van iconische rockplaten. Sinds 1998 werden er zeker nog albums uitgegeven, maar het wilde al eens een jaar of zes, zeven duren voor er nieuwe muziek werd geproduceerd. Janovitz bracht ook wat solowerk uit bijvoorbeeld, maar de drie zijn elkaar nooit uit het oog verloren. En vandaag hier in Kortrijk.

Het blijft toch een vreemde zaal met die grote parking ervoor waar je eerst een half uur toertjes draait om met veel geluk een parkeerplekje te bemachtigen. Binnen zit je in een betonnen kubus en de bar is in de zaal. Voor het podium tot helemaal achteraan was er geen meter meer vrij omdat het optreden uiteraard helemaal uitverkocht was. Buffalo Tom is dan ook een van die iconische bands uit de jaren negentig die ondergetekende leerde kennen door de aanschaf van De Afrekening 3 waarop “Taillights Fade” stond. Dat waren trouwens compilatiealbums van Studio Brussel die ons rockvenster op de wereld waren. De band heeft er nadien nog enkele keren opgestaan. Janovitz en zijn twee boezemvrienden begonnen direct met twee dikke hits te spelen, “Summer” en “Tree House”, en dat duidelijk om het publiek alvast goed op te warmen. Het enige dat duidelijk nog niet opgewarmd was, was de stem van Janovitz die pas voluit kon gaan tijdens “Mineral”, de derde song die de band speelde. Het geluid was de eerste twee nummers echt nogal brak, maar na een kleine tien minuten klonk alles gelukkig al een pak beter. De sfeer zat er zeker al in en de stembanden van de man werden even gespaard toen Colbourn de honneurs op de zang waarnam op “Rachael”. Het viel ons toch opnieuw op dat er in de band eigenlijk twee goeie zangers zijn.

© CPU – Jonas Demeulemeester

Het fijne aan Buffalo Tom is dat ze op een plezante manier interactie zoeken met het publiek. Janovitz vertelde ons dat hij zijn gitaar van Gibson vastpakte deze ochtend en dat het instrument in twee was gebroken. Hij prees de organisatie van Het Wilde Westen de hemel in omdat ze er snel en efficiënt voor gezorgd hadden dat hij hetzelfde type gitaar in bruikleen had kunnen krijgen. Daarop vroeg bassist Colbourn of er ook Fransen in de zaal zaten. Het was echt koddig dat als antwoord de zaal muisstil bleef. De bassist stond met een mond vol tanden. We hoorden hier en daar spelden vallen en de ongemakkelijke stilte werd doorbroken met een vlammende versie van “Helmet”, een song die op de laatste plaat Jump Rope staat.

Het blijft bij de band steeds opvallen hoe lekker melodieus de liedjes klinken. Het trio heeft een hele nest toffe deunen bij elkaar geschreven en op “Tangerine” werd door Janovitz gevraagd aan het publiek om mee te doen. Ook dat is zo aangenaam aan de drie Amerikanen, ze houden het voor zichzelf en voor het publiek amusant. Die muziek uit de jaren negentig ging dikwijls over kommer en kwel en miserie van de ergste soort, en Buffalo Tom meed dat soort onderwerpen zeker niet, maar er was ook altijd een zekere luchtigheid aanwezig in hun liedjes. Er was ook plaats om heel diep te graven in het verleden. Met “The Bus” bracht het drietal een song van het debuutalbum Buffalo Tom uit 1989 en Janovitz wist ons te vertellen dat hij het nummer had geschreven op zijn twintigste, meer dan veertig jaar geleden dus. Uiteraard is de groep een goed geoliede rockmachine en Janovitz zei zelfs dat ze over veertig jaar nog wilden staan, maar dan zonder Colbourn die zichzelf dan al lang en breed zes meter onder de grond zag liggen. Dat zei hij zelf in ieder geval!

© CPU – Jonas Demeulemeester

Bij “Sodajerk”, nog zo een meezinger uit die goeie, ouwe tijd ging het publiek meeklappen op de maat en het trucje is al meer driehonderd miljard keer gedaan, maar het draagt wel bij tot een toffe, ongedwongen sfeer. Het voelde een beetje alsof we in de zaal allemaal maatjes van elkaar werden en de onnozele grapjes van het duo vooraan werkten gewoon goed. Zo werd er met tromgeroffel aangekondigd dat … Tom Maginnis op het volgende lied zou … drummen! Kijk, dat vinden wij gewoon geestig. Of Colbourn die heel droog zegt dat we zeker moeten blijven om straks naar hun robotdans te kijken; daar moeten wij nu eenmaal een beetje van grinniken. Het tempo bleef best hoog tijdens de hele show en op het einde van de reguliere speeltijd werden met “I’m Allowed” en “Taillights Fade” nog twee dikke kanonnen bovengehaald. Wat ons vooral bijbleef was de heel doorleefde, zachte versie van “You’ll Never Catch Him”, voor ons persoonlijk een van de mooiste liedjes van het driespan.

Het blijft straf hoe de drie mannen uit Boston, Massachusetts er na vier decennia nog steeds staan en een publiek van ouwe getrouwen kunnen meekrijgen. Tuurlijk komt een groot deel van het publiek – wijzelf incluis – deels uit nostalgische weemoed naar die jeugdjaren kijken naar de band, maar het zal voor alles hun muziek blijven die beklijft. Heel cool nog dat “2541” van wijlen Grant Hart van onder andere Hüsker Dü als cover werd gepresenteerd tijdens de bisronde. Het voelde een beetje aan als een cirkel die zich sloot doordat we even die link konden leggen tussen Buffalo Tom, Grant Hart en daardoor ook Bob Mould en Sugar. Het zal zo niet bedoeld zijn door Janovitz, maar we willen besluiten dat Buffalo Tom er na al die jaren nog steeds staat voor het volle pond met die tijdloze, melodieuze rocksongs. Staan ze er dan binnen veertig jaar nog steeds? Uiteraard niet, maar dat hoeft ook niet. Dit optreden zal sowieso altijd een mooie herinnering zijn en dat vanaf nu, dit eigenste moment. En was er echt geen enkele Fransman in de zaal?

Fan van de foto’s? Op onze Instagram staan er nog veel meer!

Setlist:

Summer
Tree House
Mineral
Rachael
Helmet
Wiser
Kitchen Door
Tangerine
The Bus
Sodajerk
Late At Night
All Be Gone
You’ll Never Catch Him
Dry Land
Larry
I’m Allowed
New Girl Singing
Taillights Fade

Velvet Roof
2541 (Grant Hart cover)
Sunflower Suit
Crutch

1295 posts

About author
Dat we ze nog veel mogen mogen!
Articles
Related posts
LiveRecensies

Mike D @ Bolwerk: Er is leven na Beastie Boys

Het leven is al serieus genoeg; af en toe mag er best eens plezier gemaakt worden. Drie jonge gasten uit Brooklyn, New…
LiveRecensies

Psychonaut @ Wilde Westen: Melancholische geluidsmuren en emotionele sloopkogels

Een avondje stevige gitaren, dat stond donderdag op het menu te Kortrijk in de zaal Wilde Westen. De leden van Psychonaut kwamen…
Nieuwe singlesOude Bekenden

Nieuwe single Bill Janovitz - "Bravehearted"

Bill Janovitz kennen we uiteraard als de frontman van Buffalo Tom. Die band werd heel beroemd in de jaren negentig met de…

2 Comments

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *