Het solowerk van Matt Berninger heeft altijd iets van een uitlaatklep gehad. Bij The National moet alles door vijf man en twee broers besproken en gewogen worden. Solo mag hij rommelen, afwijken en zichzelf onderweg tegenspreken. Die vrijheid trok hij door tot op het podium, waar hij tijdens de lange tournee rond Get Sunk zijn eigen songs avond na avond bleef herschrijven. Wat daar groeide, is nu gebundeld op de ep Type It Up. Wie dacht dat het rockende “Martini Me Fatso” een voorbode was van een studioalbum, die moeten we dus helaas teleurstellen. In de plaats daarvan krijgen we songs voorgeschoteld die op het podium al zijn ingereden.
Opener “Martini Me Fatso” kennen we intussen: het rockendste dat Berninger solo maakte, met een riff die blijft hangen en een refrein dat live al bewees wat het waard is. Titeltrack “Type It Up” is het rustigste nummer van de ep en draagt onmiskenbaar de Berninger-stempel: die bariton laag in de mix, een tekst die rondcirkelt en een melodie die nergens haast mee heeft. Dat het ooit “Black Letter Font” heette, hoor je nog in de tekst. Berninger gooide het refrein om nadat het publiek ’that would look good in a black letter font’ hardnekkig verstond als ‘I would look good in a black leather thong’. Wat overbleef is beter: een briefje dat je uittypt en onder een ruitenwisser schuift, omdat je het niet hardop krijgt gezegd.
“Ask For Water” begint traag, met enkel stem en piano, tot drums en een gitaarlick invallen en Berninger de verses zwoel uitspint. Na de pre-chorus barst de song open. Dat patroon herhaalt zich tot het refrein een laatste keer boven komt. De laatste ‘you shouldn’t ask for true love’ hoor je hem live zo uitschreeuwen. Daaronder zit een man die achter een deur staat te luisteren hoe zij een douche neemt en zichzelf iets neuriet: hij mist haar terwijl ze in huis is. De outro stelt dan eindelijk de vraag die hij de hele song vermeed: is this a good time? Onze favoriet van de vijf. Dat het ook de song is die het dichtst bij The National aanleunt, is een vergelijking die we hier één keer laten passeren.
De ep sluit af met twee covers. De eerste is “Blue Monday” van New Order, intussen een vaste waarde in Berningers bisronde en bij ons nog te horen in het Rivierenhof. In de studioversie nemen gitaren en een live drumstel het over van de synths, die naar de achtergrond verhuizen. Het resultaat is rauwer, warmer en een stuk minder clean dan het origineel.
De tweede is minder voor de hand liggend: “Who Loves The Sun” van The Velvet Underground, in duet met Rosanne Cash. De dochter van Johnny Cash is atypisch gezelschap voor Berninger, maar het nummer had dan ook een opdracht: het is de titelsong van de serie Sunny Nights. Opgenomen bij Cash en haar man, producer John Leventhal, thuis in Chelsea, waar Leventhal volgens Berninger het meeste werk deed terwijl hij en Cash in de tuin chardonnay dronken. Het resultaat is een zorgeloze cover waarin twee heel verschillende stemmen mooi in elkaar vloeien. Leuk weetje: het is niet zijn eerste uitstap naar de Velvets. In 2021 nam hij “I’m Waiting For The Man” op voor het tributealbum I’ll Be Your Mirror.
Type It Up beoordelen als een volwaardig geheel zou oneerlijk zijn. Een album is dit niet, en het probeert het ook niet te zijn. Die vijf songs staan te los van elkaar, maar stuk voor stuk zijn ze de moeite: een gezellig tussendoortje in afwachting van het echte werk.
Ontdek “Ask For Water”, ons favoriete nummer van Type It Up, in onze Plaatje van de plaat-playlist op Spotify.







