Na dertien jaar speculatie, mythevorming en eindeloze discussies op fora over cryptische tapes, verborgen boodschappen en de vraag of Boards of Canada ooit nog zou terugkeren, is Inferno er. Wat meteen duidelijk wordt: dit is geen nostalgische comeback van een legendarische elektronische act die nog eens snel een plaat wilde uitbrengen. Inferno voelt als een monument, een katapult naar de vergankelijkheid van onze jeugdjaren. Het is een album dat tegelijk klinkt alsof het altijd al bestaan heeft én alsof het uit een verre toekomst werd uitgezonden. Een rollercoaster van emoties die je van het ene uiterste naar het andere slingert. De hoge verwachtingen van de fanbase worden ingelost, zoals alleen Boards of Canada dat kan. Wat vooral opvalt in de eerste reacties is hoe collectief de ervaring aanvoelt. Mensen spreken over kippenvel, tranen, religieuze ervaringen en het gevoel even teruggeworpen te worden naar hun eigen verleden. Vaak gaat het over herinneringen die spontaan terugkomen: jeugd, verlies, vergeten plekken, oude versies van zichzelf. Inferno opent precies die mentale ruimte waar tijd niet lineair is, maar oplost in klank.
Vanaf opener “Introit” trekt het Schotse duo je opnieuw hun universum binnen: een plek waar vervormde kinderherinneringen, kosmische radiofrequenties, spirituele symboliek en analoge melancholie samensmelten tot iets unieks. “Prophecy at 1420 MHz” bouwt verder met dreigende synths, zware drums en een buitenaards gevoel van communicatie over tijd en ruimte heen. Het is Boards of Canada op zijn meest filmische en mystieke niveau. Dit materiaal verscheen al begin mei, en we houden onze adem in voor wat komt.
Tracks als “Hydrogen Helium Lithium Leviathan” en “Age of Capricorn” combineren pulserende ritmes met hypnotiserende synthlagen die voortdurend verschuiven. “Father and Son” is een van de meest emotionele momenten op de plaat: spookachtig, intiem en tegelijk groots. Typisch Boards of Canada: een onuitgesproken verdriet (over een vaderfiguur) dat warm aanvoelt. Verder duwt “Naraka” het album richting duistere rituele elektronica, met repetitieve chants en tribale ondertonen, en is daarmee een van de donkerste tracks op de plaat. Wat opvalt aan Inferno is hoe rijk en gelaagd het album klinkt. De productie is scherper en helderder dan hun oudere werk, maar zonder de warme ziel te verliezen. Het contrast tussen de koude, bijna futuristische klankkleur en de nostalgische melodieën maakt de muziek nog emotioneler, als de soundtrack van vergeten herinneringen.
Het middenstuk van de plaat is ronduit adembenemend. “Memory Death” voelt als het langzaam vervagen van een herinnering op een beschadigde VHS-band, terwijl “The Word Becomes Flesh” en “Into The Magic Land” samen een hallucinerende droomsequentie vormen. Daarna volgt hun meest cinematografische muziek tot nu toe: melancholisch en tijdloos. “Blood in the Labyrinth” is een van de meest gelaagde tracks, met een claustrofobische structuur, geleid door een dwingende sitar. Het is een doolhof van geluid waarin je verstrikt raakt zonder te verdwalen. “Deep Time” opent het perspectief opnieuw volledig: tijd als iets oneindig en onbegrijpelijk.
Tegen het einde lijkt Inferno zich los te maken van de realiteit. “Arena Americanada” klinkt als een vervormde herinnering aan een verloren cultuur, “The Process” bouwt spanning op als een vergeten sciencefictionfilm uit de jaren ’70, en “You Retreat In Time And Space” is een van de emotionele hoogtepunten. Dit nummer slaat in als een mokerslag en roept onverbiddelijk herinneringen op waarvan je dacht dat ze verdwenen waren. Afsluiter “I Saw Through Platonia” voelt als het ontwaken uit een lange droom: mysterieus, stil en haast spiritueel. Het is geen echte conclusie, maar een open einde. Alsof het album zichzelf oplost in stilte en hoe je wakker wordt na een sessie rebirthing: terug naar de realiteit, maar eigenlijk niet helemaal, want onderhuids voel je nog steeds de naweeën van die rollercoaster waarop je zonet ruim 65 minuten zat.
Misschien nog het meest indrukwekkende aan Inferno is hoe Boards of Canada relevant blijft zonder trends te volgen. In een tijdperk van algoritmes, AI-content en vluchtige streamingmuziek voelt deze plaat bijna rebels in haar geduld, detail en warmte. Elk geluid lijkt bewust geplaatst, elke overgang heeft betekenis. Dit is muziek die tijd vraagt en alleen maar groeit bij elke luisterbeurt. Het is nu al duidelijk dat Inferno een van de belangrijkste elektronische releases van het decennium wordt. De echte kracht zal zich waarschijnlijk pas tonen over maanden of zelfs jaren, wanneer verborgen details en emotionele lagen langzaam doorsijpelen. Dat is altijd het magische aan Boards of Canada: hun muziek leeft niet alleen in het moment, maar nestelt zich diep in je geheugen.
Schrijf het op: Inferno zal aan het einde van 2026 onvermijdelijk opduiken in bijna elke ‘Album of the Year’-lijst, binnen en buiten het genre. Niet omdat het een comeback is, maar omdat het uitzonderlijk goed is. Boards of Canada heeft zichzelf niet herhaald, het heeft zijn mythe vergroot.
Website / Facebook / Instagram
Ontdek “Blood In The Labyrinth”, ons favoriete nummer van Inferno, in onze Plaatje van de plaat-playlist op Spotify.







