Norwich is de meest intacte middeleeuwse stad in Engeland. Idyllisch en historisch charmant, maar ook een beetje saai. In dit relatief geïsoleerde oord begonnen frontman Patrick Turner en pianist Rowan Braham samen met gitarist Nyle Holihan een gezapige folkband in 2013. Kort daarna kwam rastalent en alleskunner Emma Tovell erbij en Brown Horse was meteen perfect gezadeld. Samen luisterden ze nachtenlang naar oude country, Uncle Tupelo en Lucinda Williams. Achteraf gingen ze bovendien gefascineerd op zoek naar de mythische verhalen errond. Verder dan wat nonchalante optredens in lokale pubs en achterzaaltjes kwam het echter niet. Een grenzeloze liefde voor muziek tout court bleef de leden wel met elkaar verbinden. Ook tijdens de, door covid veroorzaakte, universele lockdown zochten ze contact middels het sturen van clips en luistersuggesties.
Na het gezamenlijk zien van een levensveranderende Drive-By Truckers-set op een lokaal festival in Kent in 2021, sloeg de vlam alsnog onweerlegbaar in de pan. Er werd druk gerepeteerd en vergaderd, maar het kwartet dook uiteindelijk pas in 2024 de studio in. Debuut Reservoir werd op slechts vier dagen ingeblikt. De cocktail van Lone Justice en Songs: Ohia was zeker verdienstelijk, maar met All The Right Weaknesses (2025) maakten ze pas echt indruk. Elf literaire vignetten verpakt in een verslavende bundel vol gitaarduels en gepassioneerde zang. Diezelfde tijdloze combinatie van alt-country en seventiesrock kent tegenwoordig een enorme boost door sublieme platen van o.a MJ Lenderman, Waxahatchee en Ryan Davis & the Roadhouse Band. Total Dive komt dus op een ideaal moment. En het is een instant klassieker geworden.
Want, vergis je niet. Hun erudiete, encyclopedische sound mag dan wel een kopie zijn van hun talloze invloeden, gaande van Wednesday tot Modest Mouse, ze spelen hun helden niet vlekkeloos na. Integendeel, het Engelse viertal huldigt ongegeneerd de originele stijl die de meesten van hen reeds lang hebben verstopt onder een ouderdomsdeken van onverschilligheid. Zo smerig als op titelnummer “Total Dive” heeft bijvoorbeeld My Morning Jacket al lang niet meer geklonken. En wat zouden Michael Stipe van R.E.M. en Guy Kyser (Thin White Rope) maar al te graag nog eens de boel afbranden zoals op “Watching Something Burn Up”. Absoluut prijsbeest van deze gedachtengang is sleutelnummer “Heart Of The Country”. Een memorabele ode aan de legendarische gitaarsalvo’s van Crazy Horse op Neil Youngs beste platen. Denk hierbij aan Zuma of On the Beach. Met deze oprechte liefdesverklaring galoppeert Brown Horse gezwind naar een klasse apart.
De kwaliteit van het songmateriaal gaat immers van zeer goed tot ontegensprekelijk fantastisch. Dat is ten eerste te danken aan de luxe van maar liefst vier getalenteerde songwriters in de gelederen (van de Amerikaanse Phoebe Troup is plotseling geen sprake meer). Hoewel het merendeel van de ogenschijnlijk vakkundige liedjes zich vooral ’s nachts en vroeg in de ochtend afspeelt, schijnt er door de donkere zelfreflectie een verblindend, euforisch licht. Dat is vooral te danken aan meerdere goddelijke melodielijnen, zoals in de refreinen van aanstekelijke rockers “Twisters” en “Wreck”. Twee keer kippenvel gegarandeerd.
Ten tweede hebben de intense, obsessieve sessies als voorbereiding op het album hun vruchten afgeworpen. De tien songs zijn quasi live opgenomen en barsten van instrumentale bravoure. De ‘schmaltzy’ violen en dito orgel op “Hares ” tillen de fijne combo van The Band en The Waterboys naar een hemels niveau. En de smachtende pedalsteel op “Comeback Loading”, een ander magistraal hoogtepunt, doet daar niet voor onder. Tijdens “Oblivion” culmineert dat in een zowel spontane als transcendente jam met flarden accordeon. Wie verantwoordelijk is voor al dat lekkers blijft verwarrend. Nog steeds wisselen de bandleden voortdurend blindelings van muziekinstrument. Gedrumd wordt er deze keer trouwens door nieuweling Ben Rodwell, die Ben Auld vervangt. Ook vaste producer Owen Turner is weer van de partij. Die creatieve cohesie leidt zowaar tot een haast telepathische connectie
Tenslotte mogen we ook de enorm filmische teksten niet vergeten. “Wreck” start meteen onheilspellend met ‘As soon as the darkness gives way to the light, morning’s broken by a spike of geese in flight’. En in “Twisters” is het voortdurend genieten van versregels als ‘You spoke a new word that rhymed right with the feeling, I watched my face change in the mirror by the bar’. Of beter nog: ‘Lights flash and rain drips from the ceiling, I hope a whip of lightning cuts me right in two’. Dit wekt niet echt verbazing omdat Turner en Braham beiden literatuur studeerden aan de Universiteit van East Anglia. In interviews goochelen ze vaak met citaten uit boeken van o.a. beatnik Richard Brautigan (In Watermelon Sugar (1968)) en het vergt niet echt veel fantasie om Turner ooit boeken te zien schrijven. Net als zijn directe zielsgenoot Willy Vlautin (Richmond Fontaine). Dat nerdy kantje van de band heeft ze tot op heden redelijk onder de radar doen blijven. Ze zijn nu eenmaal niet bepaald gezegend met een charimatisch uiterlijk. Vergeef ons de vele superlatieven, maar met het meesterwerk Total Dive gaat Brown Horse niet lang meer anoniem blijven.
Ontdek “Twisters”, ons favoriete nummer van Total Dive in onze Plaatje van de Plaat-playlist op Spotify.







