
© CPU – Larissa Zenner (archief)
Sommige artiesten spelen in een arena alsof het een grotere versie van een concertzaal is. Anderen slagen erin om diezelfde arena volledig naar hun hand te zetten en er een eigen wereld in op te bouwen. Op 28 februari deed Laufey dat laatste in de ING Arena. Wat op papier een groot en onpersoonlijk kader lijkt, voelde gedurende de hele avond als een zorgvuldig opgebouwde fantasiewereld waarin elk detail klopte.
Voor Laufey het podium betrad, was het echter aan Alice Phoebe Lou om de zaal op te warmen. En dat deed ze met haar eigen universum. Haar set voelde rauwer en losser dan wat later op de avond zou volgen, maar dit werkte voor wat ze wou bereiken met deze opening act. Met haar karakteristieke, licht korrelige stem en een band die subtiel om haar heen bouwde, wist ze de grote ruimte verrassend intiem te maken. Ze balanceerde tussen dromerige folk en iets grilligers, met momenten die bijna nonchalant leken maar muzikaal strak in elkaar zaten. Wat vooral opviel, was haar podiumprésence. Ze sprak het publiek aan zonder ingestudeerde zinnetjes en liet haar songs grotendeels voor zichzelf spreken. Tegen het einde van haar set was duidelijk dat een groot deel van het publiek er een nieuwe favoriet bij had.
Vanaf het moment dat de gordijnen openzwaaiden en “Clockwork” de avond op gang trok, werd duidelijk dat deze show meer was dan een reeks songs achter elkaar. De scenografie, met haar verwijzingen naar klokken en een bijna sprookjesachtige esthetiek, voelde doordacht zonder overdadig te zijn. Laufey bewoog zich soepel over het podium, ondersteund door choreografie die subtiel bleef en haar zang nooit overschaduwde. Ze wisselde moeiteloos tussen gitaar en zang, en toonde al in het eerste kwartier dat haar kracht niet enkel in haar studio-opnames zit, maar net zo goed in haar livecontrole.
Wat opviel in het eerste deel van de set was hoe organisch alles aanvoelde. Nummers als “Lover Girl”, “Dreamer” en “Falling Behind” vloeiden bijna in elkaar over, niet letterlijk, maar qua sfeer. Haar band, die ergens tussen een klassieke bezetting en een mini-orkest balanceerde, gaf de songs extra ademruimte. Kleine dynamische verschuivingen zorgden ervoor dat elk nummer net iets meer spanning kreeg dan op plaat. In een arena is het verleidelijk om alles groter te maken dan nodig, maar hier bleef de finesse bewaard. Zelfs tijdens iets speelsere momenten bleef er een onderlaag van melancholie aanwezig.
Halverwege de set kwam die balans tussen speelsheid en ernst volledig tot uiting. Met een interlude waarin klassieke invloeden en choreografie prominenter werden, verschoof de focus even naar haar achtergrond als muzikante. Toen ze haar cello bovenhaalde, voelde dat niet als een gimmick, maar als een logische uitbreiding van haar wereld. Het gaf de show een bijna ouderwetse grandeur, zonder dat het stoffig werd. Je voelde hoe sterk haar klassieke opleiding verweven zit in haar popstructuren, en hoe natuurlijk die twee werelden bij haar samenkomen.
Toch lag de echte kracht van de avond in de intiemere momenten. In songs als “Fragile”, “While You Were Sleeping” en later ook “Promise” werd de ING Arena plots opvallend stil. Dat is misschien nog het meest indrukwekkende aan deze avond: hoe een zaal van dat formaat collectief kon inhouden. Tijdens “Promise” liet ze het publiek een stuk overnemen, terwijl zij zelf achter de piano bleef. Het had iets kwetsbaars, maar nooit berekend. Het voelde alsof ze het moment echt toeliet in plaats van het te regisseren.
Naarmate de show vorderde, werd de energie opnieuw opgevoerd. Met “Mr. Eclectic” en “Castle in Hollywood” kwam er een speelsere, iets uitbundigere kant naar voren. Hier kwam ook de volledige productie tot zijn recht: licht, projecties, beweging. Soms balanceerde het visuele aspect op de rand van drukte, maar de samenhang bleef overeind omdat de muzikale kern altijd centraal stond. Laufey zelf bleef het vaste ankerpunt. Hoe groot het podium ook aanvoelde, zij wist elke hoek te bereiken zonder haar zachte uitstraling te verliezen.
De reguliere set werd afgesloten met publieksfavorieten als “From the Start” en een dramatisch opgebouwde “Sabotage”. Vooral dat laatste nummer liet horen hoeveel controle ze heeft over haar stem. Waar de avond vaak dreef op subtiliteit, koos ze hier voor meer intensiteit en contrast. Het gaf de show een extra laag, alsof ze wilde aantonen dat haar wereld niet enkel uit nostalgische romantiek bestaat, maar ook uit scherpere randjes.
De encore met “How I Get” en “Letter to My 13 Year Old Self” bracht alles terug naar de essentie. Dat laatste nummer, bijna een brief in songvorm, voelde als een zachte afsluiter die het theatrale kader weer persoonlijk maakte. Een echt moment van herkenning en warmte. Het soort einde dat nog even blijft nazinderen terwijl het licht al aangaat.
Wat deze avond uiteindelijk zo sterk maakte, was de coherentie. Van begin tot einde bleef Laufey trouw aan haar eigen universum. De choreografie was interessant zonder opdringerig te worden, de nummers werden met zorg en precisie gebracht, en de emotionele spanningsboog werd consequent aangehouden. Het voelde magisch, maar nooit leeg of oppervlakkig. Laufey bewees in de ING Arena dat haar muziek niet alleen geschikt is voor kleine jazzclubs of romantische playlists, maar ook moeiteloos overeind blijft in een arena. Meer nog, ze wist die ruimte echt tot leven te wekken. En dat is misschien de grootste verdienste van de avond.
Fan van de foto’s? Op onze Instagram staan er nog veel meer!
Setlist:
Clockwork
Lover Girl
Dreamer
Falling Behind
Silver Lining
Bored
Too Little, Too Late
Seems Like Old Times
Valentine
Fragile
While You Were Sleeping
Let You Break My Heart Again
Carousel
Forget-Me-Not
Cuckoo Ballet (Interlude)
Mr. Eclectic
Castle in Hollywood
Promise
Goddess
Tough Luck
Snow White
From the Start
Sabotage
How I Get
Letter to My 13 Year Old Self





