Het is uitkijken geblazen voor de Vlaamse indieliefhebber, want met Office Overdue breekt Stoop Kid moeiteloos de deuren naar grotere podia open. Het recept daarvoor lijkt misschien eenvoudiger dan gedacht: een terugkeer naar de essentie. Een bescheiden publiek kent Stoop Kid van eerdere albums als Camp Careful (2021) of Mount Cope (2023), waarop we al kennis maakten met zijn herkenbare klankkleur. Nadien gooide de Diestse artiest het roer om en keerde hij terug naar zijn bescheiden home studio om nieuw werk op te nemen. Sinds vorig jaar verschenen hier en daar al singles en enkele ep’s, met nummers als “In Knot We Trust” of “Diet Coke”. Deze veroveren nu gebundeld een welverdiende plaats op het langverwachte album Office Overdue.
Op zijn eerste albums bewees Stoop Kid al onomstotelijk zijn talent voor zowel instrumentale finesse als lyrische en poëtische scherpte. Nu wordt dat talent zonneklaar bevestigd op Office Overdue. Wie zijn werk chronologisch beluistert, merkt een subtiel, maar betekenisvol groeiproces op. Stoop Kid blijft trouw aan zijn genre en zijn dromerige signatuur, maar de nummers voelen preciezer uitgewerkt aan, als een kloppender totaalplaatje. Hij vindt soelaas in zijn droge humor tussen thema’s als uitputting en zelfreflectie, zonder ook maar een greintje eigenzinnigheid te verliezen.
Stoop Kid vangt op Office Overdue aan met “Well Oh Well”, een knaller van een nummer dat het album mag inleiden met een fuzzy gitaarsolo van formaat, om vervolgens het tempo om te gooien naar dansbare surfrock. De cynische toon is meteen gezet met de openingszin: ‘I’m in the market for a killswitch for my brain, can someone tell me where to get one?’ – een queeste naar de ideale balans tussen het uit- en aanzetten van de wereld. Dat gevoel van ongemak keert terug in “New To Me”, het volgende nummer van het album. Wat begint als een geruststellend gitaardeuntje, slaat langzaam om: instrumenten lijken nét naast de maat te vallen, waardoor een subtiele vervreemding ontstaat die onder de huid kruipt.
Dat sentiment van vervreemding overheerst de volledige plaat. Toch schuilt er in de meest ontheeme nummers een merkwaardige beweeglijkheid. “New To Me”, “The Lesson Is” en “Diet Coke” delen een tempo dat stilzitten vrijwel onmogelijk maakt. Het genre balanceert hier op troebele grenzen ergens tussen indierock, iets wat gepercipieerd kan worden als garage met een cowboyhoed en fuzzy surfrock. Die specifieke combinatie van klankkleuren doet ons meer dan eens denken aan de sixties bubbelgumpop à la Tuff Guac. Rechtstaan en dansen lijkt hier haast een overlevingsstrategie; een manier om ons dagelijkse functioneren te vrijwaren en de angst voor het onbekende van ons af te schudden.
Op “In Knot We Trust” dwalen we door de obstakels die toenadering verhinderen. Het gevoel van een maag in de knoop en een krop in de keel wordt ondersteund door een gitaarlijn die zich gaandeweg in het achterhoofd nestelt. Het nummer ademt een zachtere indiepop dan zijn voorgangers, die hier en daar een lichtje doet opgaan in de sfeer van Big Thief of Benny Sings. Dat indiepopbelletje rinkelt ook zachtjes bij het luisteren naar “Up Next”, een ode aan het rommeltje dat voormalige geliefden in onze bovenkamer achterlaten. Het nummer zweeft zachtjes in een dromerig landschap dat herinnert aan Mac DeMarco: weemoedig, licht ironisch en doordrenkt van bijtende nostalgie. Eenzelfde sfeer vinden we ook terug in “Slump”, de afsluiter van het album, dat delireert in een wijdverspreide, haast genormaliseerde verdoving van gevoelens.
Bijzonder noemenswaardig is het hartverscheurende “Left Confined”, dat mijmert over verloren liefde en spijt om wat onaangeroerd bleef, of toch het melancholische residu daarvan. Het nummer stelt het kwellende vraagstuk hoe het zo ver heeft kunnen komen, hoe één enkel moment een volledig plot aan diggelen kan slaan. “Left Confined” wordt ondersteund door een gitaarklank die eerst doordrenkt voelt van nostalgie en zachte herinneringen en vervolgens volledig openbarst in een samenspel van instrumenten dat op even melancholische wijze ons nekhaar overeind doet springen, bijna water in de ogen doet opwellen. Dit is een nummer dat nog mijlenver blijft nazinderen, en live ongetwijfeld een catharsis belooft voor wie het aandurft.
Office Overdue is een collage van pogingen om overeind te blijven staan in een wereld die dreigt te bezwijken, en net daarin schuilt de kracht van de plaat. De tien nummers zijn stuk voor stuk uitgebouwd op gevoel; ongepolijst door de homestudio-opname vormen ze samen een ruwe diamant. Het album verscheen op 13 februari, en de releaseshow staat op de planning voor 7 maart in Trix.
Facebook / Instagram / Website
Ontdek “Left Confined”, ons favoriete nummer van Office Overdue, in onze Plaatje van de Plaat-playlist op Spotify.






