‘Als stof zijn we geboren, als stof zullen we wederkeren’. Kerala is een Indische deelstaat met als hoofdstad het quasi onuitspreekbare Thiruvananthapuram. Kerala Dust is een Londense band waarvan enkele leden uitgevlogen zijn naar Berlijn en Zürich. In den beginne in 2016 een trio, maar ondertussen een kwartet. We stellen de artiesten eerst even voor: Edmund Kenny aan de zang en allerhande elektronica, Lawrence Howarth aan de gitaar, Pascal Karier aan de drums en Tim(othy) Gardner aan de synthts. Nu we dit achter de rug hebben, kunnen we ook melden dat de Britse groep al twee albums heeft geproduceerd: Light, West uit 2020 en Violet Drive uit 2023. Er wordt best wel inventieve, originele muziek gecomponeerd omdat het vierspan graag blues, folk en americana combineert met veel synthgeluiden waardoor er een dansbare technosound wordt gecreëerd. De band noemt het zelf ‘krautrock voor achter de uren’.
Bij Kerala Dust wordt een sfeer gemaakt die lijkt alsof je ’s avonds een groezelig bruin café binnenstapt waar americana wordt gespeeld en ’s ochtends weer buiten gaat helemaal stijf van de endorfines door de techno die nog door je kop jaagt. Bij Kerala Dust heerst er een bepaalde werkethiek en planning die als volgt verloopt: opstaan, honden en katten verzorgen, ontbijten, mediteren, acht uur musiceren en opnieuw mediteren, dit alles in combinatie met sterke koffie doorheen de dag en ’s avonds hier en daar wat bier. Dat programma heeft er dus voor gezorgd dat we nu getuige zijn van een vers album, An Echo Of Love. De nummers hebben al een hele reis achter de rug langs streken en steden zoals Toscane, Austin (Texas), Berlijn, Zürich en ten slotte Rome. Het typeert zelfs de muziek van het viertal, want Kenny vindt dat het album vooral beweeglijkheid moet demonstreren, vooruitgang en evolutie, en zeker stilstand moet vermijden. We verklappen graag nu reeds dat de band hierin geslaagd is.
We starten straf met “Echoes Of Grace”, een krautrocknummer dat in het begin lijkt op Kraftwerk tot Kenny begint te zingen. De man zingt zelfs opvallend accentloos in het Frans. Het blijft beperkt tot drie zinnen die de verder Engelstalige refreinen inleiden, maar het is een fijn idee om zo aan te vangen. De kenmerkende, spaarzame noten die gitarist Howarth laat horen, zullen een flinterdunne, ijzersterke rode draad blijven voor alle volgende songs. “How The Light Gets In” is al snel een lied waar we op kunnen dansen. Kerala Dust maakt composities die verschillende muziekgenres combineren en hier is de song lekker groovy en jazzy, maar uiteraard met die elektronische sound erbovenop die uitnodigt tot een cool dansje. Als je geen idee hebt hoe je nu je lijf en leden moet laten bewegen op de muziek van de Britten, check dan zeker de clips eens van “Bell” en “I Remember You a Dancer”. Kenny bewijst dat je met héél weinig moves verdomd nice kan bewegen. Veel heeft het echt niet om het lijf: gewoon blijven staan, hoofd lichtjes naar beneden knikken en de handen lichtjes op en neer bewegen.
Sommige mensen durven de muziek van Kerala Dust nogal eens monotoon te noemen, maar dat woord wordt dan als synoniem voor ‘saai’ gebruikt en dat moeten we toch terdege tegenspreken. Luister eens naar “The Orb, TX”; het gebruikelijke minimalisme wordt volgestouwd met geluiden die ook eens uit de mouwen worden en werden geschud bij bands zoals The Chemical Brothers of de vroege Daft Punk. De symbiose tussen muziekstijlen zal steeds een constante blijven bij de band, we vallen in herhaling en beseffen dat goed, maar het is wel heel opvallend bij Kerala Dust. Zoals op “Eden To Eden” waar een zachte countryvibe opgevolgd wordt door een hele set zware powerrockakkoorden. Kenny laat de song niet uitbarsten, ondanks het orgel op de achtergrond dat gevoel wel kan oproepen bij de luisteraar.
“Love In The Underground” heeft dan weer een exotische, Caraïbische basissound en we zien Kenny en de rest van de band op een zonovergoten, hagelwit strand staan, maar dan wel strak in een zwart pak met bijhorende das en glimmende, leren puntschoenen. In vele songs steekt Howarth steengoede bluessolo’s die steeds back-up krijgen van die pompende beats. Akkoord, het is misschien voor een heel aantal mensen een beetje wennen, maar daar is de band zich wel van bewust. Voor Kerala Dust is dit nochtans een plaat waarmee ze dichter bij hun publiek wil staan, meer zelfs, pal naast of tussen hun publiek. Zonder dikdoenerij van de groep zien we hen wel gewoon hun muziek keihard door de boxen laten schallen terwijl ze gewoon meedansen met het publiek. Dit is zeker niet om als een stel bluffers uit te pakken en complimenten te krijgen, maar omdat ze oprecht deelgenoot willen zijn van de (atmo)sfeer in de zalen samen met hun fans. Op “Remember You A Dancer” klinken de artiesten dan ook het meeste als een ravecollectief dat optreedt in reusachtige magazijnen waar decennia geleden reusachtige passagiersvliegtuigen werden geparkeerd. De muren zweten, de steunbalken bewegen vervaarlijk en enkel hysterische strobelights verlichten de grauwe gezichten van het publiek. Er ontstaat een individualistische vibe van in zichzelf gekeerde dansers die uitmondt in een reusachtige spin met acht poten van gelijkgestemde zielen die vergeten dat er naast hen ook nog leven bestaat.
Kerala Dust laat de plaat terecht eindigen met “The Bay”, een rustiger nummer dat – wanneer we het niet te luid zetten – lijkt op een slaapliedje. Het vierspan heeft ons meegenomen op een bijna letterlijke en figuurlijke trip en laat zichzelf en ons dus eindigen in schoonheid. We hebben in een muzikale cocon gezeten, maar nu wachten de huisdieren weer voor spijs en drank en moet er tijd gemaakt worden voor meditatie en koffie drinken. De kleren moeten gestreken worden, er moeten boodschappen gedaan worden, er ligt nog wat administratie op de salontafel te wachten en de kinderen moeten nog van school gehaald worden. Het zijn de dingen des levens, de normale gang van zaken. Kerala Dust heeft voor ons een plaat uitgebracht waarin eclectisch escapisme de bovenhand heeft genomen. We zijn er dankbaar voor omdat we nu af en toe in een andere zone kunnen terechtkomen.
We willen het zeker ook live eens meemaken en dat kan op 10 september in de Melkweg in Amsterdam en op 5 oktober in Trix in Antwerpen.
Facebook / Instagram / Website
Ontdek “Bell”, ons favoriete nummer van An Echo Of Love, in onze Plaatje van de Plaat-playlist op Spotify.






