LiveRecensies

Michel Polnareff @ Vorst Nationaal: Bombastisch afscheidsfeestje

Tachtig is prachtig, en nog een laatste keer op tournee gaan op je tachtigste is nog een stuk prachtiger. Michel Polnareff heeft het geluk dat te kunnen doen in tal van grote zalen, en hier en daar zelfs een voetbalstadion. Voor het enige Belgische concert van zijn afscheidstournee viel de keuze vanzelfsprekend op het Brusselse, en bijgevolg op Vorst Nationaal, waar ook zijn vorige twee passages in ons land plaatsvonden. Er werd, ook heel gebruikelijk voor een artiest wiens fans inmiddels de pensioenleeftijd al voorbij zijn, gekozen voor een zittend middenplein. Vorst Nationaal oogde daardoor, zij het wel met een gesloten bovenste ring, mooi volgepakt voor een laatste avond met de Franse legende.

Voor we aan het grote afscheid van Polnareff konden beginnen, kregen we nog een twintig minuten durende opwarming van Mado. De jonge Franstalige zangeres bracht, bijgestaan door een gitarist en meelopende beats, erg dansbare nummers die zowel body hadden als makkelijk binnen gingen. Als er dan toch iets op aangemerkt moet worden, is dat er visueel, los van haar gedans, niet veel te beleven viel. Je hoeft dat van een voorprogramma dat maar twintig minuten speelt misschien ook niet verwachten, maar het had de toch licht voelbare kloof tussen de jonge Mado en het oudere publiek wel wat kunnen dichten. Tof was het zeker, maar iedereen zat toch vooral op monsieur Polnareff te wachten.

Om kwart voor negen was het dan eindelijk zo ver. ‘Polnareff’ werd in grote witte letters geprojecteerd op een van de vele schermen, terwijl zijn voornaam door het gehele publiek geschreeuwd werd. In de donkerte werd de set op gang gebracht met een gemoedig hammondorgel en slidegitaar. “La bal des Laze”, met een erg aanwezige maar geweldige baslijn bloeide op een mooie manier open. Een prachtig strijkkwartet werd de muzikale ontknoping, terwijl we voortdurend bleven staren naar het bewegende scherm dat zich boven Polnareff bevond. De Fransman werd op die manier omringd door gigantische virtuele diamanten, die maar bleven draaien. Een afscheidsfeestje mag al eens decadent zijn.

Met de synthrocker “Tam tam (l’homme préhisto)”, flirtten we al snel met de kitsch, maar dat is iets dat de Fransman met zodanig veel charme en coolheid doet, dat het gewoon goed wordt. Op dat moment hadden we zelfs zijn opvallende outfit nog niet gezien, want de hij verscheen pas voor “La poupee qui fait non” voor het eerst op een van de talrijk aanwezige schermen. Met zijn cowboyhoed, zonnebril en glitterjas zag hij er wat uit alsof hij net van een verkleedactiviteit in het woonzorgcentrum kwam, maar ook dat was met een ferme scheut coolheid. Dat de ‘non non non non’ uit het refrein door zowat een geheel publiek werd meegeschreeuwd, versterkte enkel het beeld van monsieur Polnareff als geniale entertainer.

Wat nog opvallender was, was de manier waarop de Fransman dat deed, namelijk voortdurend van achter zijn piano, die hij maar met één hand bespeelt. Verbale communicatie was dus het enige dat erin zat, maar dat deed hij dan wel op zo’n manier dat je er meteen om moest lachen. Tijdens “L’amour avec toi” maakte hij van ‘j’aimerai fair l’amour avec toi’ ineens ‘j’aimerai fair l’amour avec vous tous’ en voegde daar aan toe dat dat hem wel veel tijd zou kosten. Het werd hem meteen vergeven dat het nummer instrumentaal te druk werd gebracht en zo een deel van de charme van de studioversie verloor.

Na het licht plakkerige “Je t’aime” waarbij een jong kussend koppel in de gietende regen werd geprojecteerd, had iedereen op het middenplein het wel gehad met zitten.  Het dansbare “La mouche” zorgde dan ook voor de ideale gelegenheid om op te veren en vlak voor Polnareff aan het podium te gaan staan. Ook voor hen moet hij niet altijd zichtbaar zijn geweest, want de soms te bombastische schermen en bijhorende visuals stonden soms pal voor de zanger en zijn piano.

De Fransman teerde niet enkel op zijn hitjes in Vorst, al had hij dat zeker wel kunnen doen. Vorig jaar bracht hij nog Un Temps Pour Elles uit en dat is simpelweg een erg knappe plaat, zeker wanneer je Polnareffs leeftijd in rekening houdt. Een van die geweldige nummers op die plaat is “Tu m’entends pas”, dat een episch gehalte heeft en zijn hoogtepunten bereikte toen de zanger in het refrein de titelzin zong in zijn nog altijd kenmerkende falsetstem. “Kama-sutra” kabbelde dan weer verder, zij het wel op een mooie manier.

Polnareff werd blijkbaar al vaker verweten enkel zijn rechterhand te gebruiken bij het piano spelen, maar wedde dat hij het publiek net zo goed uitzinnig kon krijgen met enkel zijn linkerhand. Hij kreeg zijn gelijk, al wisten de meesten ook wel dat het moeilijkste is om beide handen op hetzelfde moment te gebruiken; een beeld dat we deze avond toch niet te zien kregen. Zijn pianokunstje mondde uit in de intro van zijn grootste hit, “Love Me, Please Love Me”, intussen alweer met rechterhand gespeeld. De Fransman zong het enkele tonen lager dan hij net geen zestig jaar geleden deed, maar dat maakte de falsetuithalen er niet minder indrukwekkend op. Er werd nog even gejamd als slot van het lied, waarna in één beweging het korte maar volop meegezongen “Tout, tout pour ma chérie” werd ingezet.

Ook “Sexcetera” is een van die fantastische nummers van op zijn vorig jaar verschenen plaat en bleek live als een huis te staan. De pianomelodie is er eentje die volgende maand nog in velen hun hoofd zal zitten en het publiek dat eens niet standaard meeklapte maar om de vier maten dubbel klapte gaf het nog wat extra’s. Polnareff was dan ook dankbaar voor dat laatste en moest zich haast inhouden om het geen tweede keer te doen. Tot slot werd “Lettre à France” nagenoeg a capella gebracht, waarbij we met de smartphonelichtjes het zoveelste cliché van de avond omarmden en Polnareff zijn falset nog een laatste keer in de verf zette met het toepasselijke “Goodbye Marylou”. Na een laatste keer meekwelen gingen de schermen een laatste keer dicht en vormden die een krantenkop over het afscheid van Polnareff, met zowaar al een lovend geschreven recensie eronder.

Polnareff was dus op voorhand zeker van zijn stuk over de kwaliteit van zijn show, en dat was niet meer dan terecht. Met zijn ferme catalogus aan hits entertainde hij voor het laatste keer een publiek dat vol enthousiasme was afgezakt voor diezelfde hits. Het kon eigenlijk niet misgaan.

637 posts

About author
Ik moet dagelijks 'ok boomer' aanhoren
Articles

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *