AlbumsFeatured albumsRecensies

Flume – Palaces (★★): Een verplicht nummertje met positieve randjes

Om maar meteen met de deur in huis te vallen: we moeten fans van Flume teleurstellen want nee, hij lost de torenhoge verwachtingen voor zijn nieuwste plaat niet in met Palaces. Dit vierde album moest de volgende stap worden in de carrière van de succesvolle Australiër, die meer dan tien jaar geleden doorbrak met het album Flume. Sindsdien klom de producer, die eigenlijk Harley Edward Streten heet, in sneltempo omhoog in de popwereld. In 2017 was daar de kers op de taart in de vorm van een Grammy voor Skin.

In de jaren sinds Skin, die vrij conventioneel aanvoelde voor de normaal gesproken ietwat chaotische Flume, zocht de Australiër toch weer het experimentelere op met zijn mixtape Hi This Is Flume uit 2019. De muzikant kon met Palaces dus twee kanten opgaan: voortbouwen op dat experimentele geluid dat hem groot maakte en waarin hij excelleert, of afzwakken naar een flauwer conventioneel popalbum om zo een breder publiek (en wellicht nog een Grammy?) aan te spreken. Met de aankondiging van Palaces beloofde Flume ons een album in die eerste categorie, geïnspireerd op de Australische flora en fauna, maar helaas blijkt de realiteit iets meer aan te sluiten op de tweede beschrijving.

Dat wil niet zeggen dat het allemaal kommer en kwel is op Palaces. Vooral de nummers waarin de Australiër ongelimiteerd zijn gang kan gaan – zoals op “Love Light”, “DHLC” of “Get U” – springen in het oog en roepen herinneringen op naar de oude Flume, waar experimentele maar toch melodieuze chaos overheerst. Het zijn vooral deze nummers die deze plaat kleur geven.

In “Love Light” weet Streten bijvoorbeeld met zijn typische zware synthetische ondertonen en veel chaotische melodieën toch een samenhangend geheel te vormen. Een onbekende zachte stem gidst je als luisteraar gemoedelijk doorheen de grillen en incoherente uitspattingen van de Australiër. “Love Light” heeft veel weg van de Flume die in 2012 doorbrak, en valt qua opbouw en compositie misschien nog het best te vergelijken met “Sleepless”, het eerste nummer dat hij ooit uitbracht. Ook het eigenwijze “DHLC”, dat verrassend vrolijk en lichtvoetig start, roept herinneringen op naar tien jaar geleden.

Met “Jasper’s Song” brengt Flume dan weer een onverwacht meeslepende pianoballade die na veertig seconden de eerste typische stuiptrekking begint te vertonen. Even later vallen ook de kenmerkende rollende ondertonen in, wat het geheel een zeer dromerig effect geeft. Het is een verrassende combinatie tussen de kenmerkende toon van de Australiër en een klassieke ballade. Een mix die heel subtiel, teder, emotioneel en dus geslaagd uitpakt.

Een dikke valse noot op Palaces zijn helaas de samenwerkingen. Zo is er bijvoorbeeld het openingsnummer “Highest Building”, een samenwerking met de Franse zangeres Oklou. De Française komt helemaal niet tot haar recht, grotendeels door het overmatige en kitscherige gebruik van autotune door Streten, Die laatste rijgt bovendien de ene valse, schreeuwerige en opdringerige noot aan de andere in een kakofonie van gemakzuchtige keuzes. Vooral de keuze om het album te openen met een nummer als deze, is teleurstellend. ‘Laat ik de lat zo laat mogelijk leggen,’ moet Flume gedacht hebben.

In datzelfde rijtje vinden we ook “Only Fans” terug. Het nummertje is een boeltje goedkope ruwe platvloerse pornografie van de Spaanse DJ Virgen Maria, en een enorme stijlbreuk met de rest van het zacht voorbijglijdende album. Met een tekst die weinig aan de verbeelding overlaat en een melodie die met haken en ogen aan elkaar hangt, brengen de vurige Spaanse en Flume een geforceerd geknutseld geheel, dat eerder aanvoelt als een lucratieve deal tussen twee platenlabels dan een oprecht nummer.

Dat is een tendens die in mindere mate ook terug te vinden valt bij de andere samenwerkingen, met onder andere singer-songwriter Caroline Polachek en popzangeres Emma Louise. De Australische producer staat de schijnwerpers al te vaak af aan de gefeaturde zanger(es), en fabriceert zelf rond die stem een redelijk gemakzuchtig deuntje. Op een album van Flume valt het omgekeerde te verwachten.

Kun je alle samenwerkingen op Palaces dan over één kam scheren? Nee, absoluut niet. Zo spat “I Can’t Tell” (feat. Laurel) na een dikke minuut uiteen in wat wel de beste apotheose moet zijn die de Australiër in de laatste jaren heeft voortgebracht. Het is een orgelpunt dat door merg en been gaat, organisch rauw en verbitterd aanvoelt. Het lijkt alsof een overweldigde Streten bijna stokt in zijn eigen emoties. Hier vormt de samenwerking met Laurel – bekend van haar hit “Scream Drive Faster” – een welkom rustpunt tussen het emotionele geweld dat Flume uit zijn mengpaneel perst.

Ook het slotnummer “Palaces” kan zeker bekoren. Het nummer is een bijna vijf minuten durende intense aanloop, op smaak gebracht met de indringende stem van de Brit Damon Albarn, bekend van Blur en Gorillaz. Daarnaast zijn ook enkele verwijzingen naar de Australische fauna en flora te horen, die verder helaas schaars zijn op Palaces. Enkel de apotheose van de aanloop mist, want dan is het album gedaan. Het resultaat is een titelsong die aanvoelt als een ongewenst aanhangertje.

Doorheen Palaces wordt duidelijk dat Flume nooit heeft kunnen kiezen tussen zijn twee opties: voortbouwen op dat experimentele geluid uit zijn mixtape Hi This Is Flume of weer afzwakken naar een flauwer conventioneel popalbum, zoals Skin was. Op sommige nummers danst hij naar de conventionele pijpen van zijn samenwerking, en probeert hij zijn achterban te verzoenen met die van zijn partner. Het levert vaker wel dan niet een geforceerd en geknutseld geheel op, dat geen van beide kanten echt tevreden zal kunnen stellen.

Maar dan zijn er ook de experimentelere individuele nummers zoals “Love Light”, “Jasper’s Song”, of “Go”. Het zijn zij die deze plaat rechthouden, en bovendien kleur geven. Ze klinken organischer, vertrouwder, oprechter, meer begeesterend en dus: beter. Deze strijd tussen conventionele samenwerkingen en experimentele vrijheid maakt dat het album vis noch vlees is, en een beetje tussen de mazen in het net van Flume’s repertoire dreigt te vallen.

Het is vooral wachten op de volgende stap in Flume’s carrière, eentje die hopelijk wel overtuigend richting het experimentele zal zijn. Verder is het uitkijken naar Flume’s passage op Dour, waar hopelijk de typische schoonheid vol chaos van de Australiër iets prominenter in beeld zal komen.

Facebook / Instagram / Twitter / Website

Ontdek nog meer muziek op onze Spotify.

Related posts
Nieuwe singlesOude Bekenden

Nieuwe single Sycco - "Ripple" (feat. Flume & Chrome Sparks)

Het kan soms snel gaan in de muziekwereld, vraag dat maar aan Sash McLeod. De twintigjarige zangeres kon tot voor kort niet…
LiveRecensies

Dour 2022 (Festivaldag 2): Op automatische piloot

Na een veredelde opwarmingsronde op woensdag was het gisteren tijd om de hele DOUR-weide open te gooien voor het publiek. Muzikaal kwam…
InstagramLiveRecensies

MØ @ Botanique (Orangerie): Plankgas door een popuniversum

De Deense popfee MØ scoorde al enkele wereldhits, maar toch lijkt de interesse rond haar muziek wat afgezwakt. Terwijl ze tijdens haar…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.