Albums, Recensies

Bright Eyes – Down in the Weeds, Where the World Once Was (★★★½): Weemoedig klagen over het leven

Bright Eyes - Down in the Weeds, Where the World Once Was

Bright Eyes, de indiefolkband rond de charismatische melancholicus Conor Oberst, is terug. De groep bereikte midden jaren nul haar creatieve en commerciële piek met het fantastische I’m Wide Awake, It’s Morning (hitje “First Day of My Life” blijft tijdloos), maar daarna ging het langzaam bergaf. Oberst besloot in 2012 dan ook een pauze in te lassen en zich aan zijn solowerk en zijprojecten te wijden, waaronder Better Oblivion Community Center met Phoebe Bridgers. De man werd ook veertig, een leeftijd waarop je al eens mag terugkijken op wat je bereikt hebt in het leven.

Redenen genoeg tot tevredenheid, zou je denken in het geval van Oberst, maar niets is minder waar. De man worstelt nog altijd met de melancholie die hem al zijn hele leven achtervolgt, en Down in the Weeds, Where the World Once Was (die titel alleen al) houdt de droevige reputatie van Bright Eyes hoog. Oberst verloor zijn broer in 2016 en scheidde amper een jaar later van zijn vrouw, wiens stem te horen valt op de opener van de plaat. Het zijn littekens die duidelijk nog niet genezen zijn.

Het goede aan al die ellende is dat de bezieling intact gebleven is. Oberst zingt zich met zijn kenmerkende trillende en lichtjes lispelende stem een weg door zijn verdriet, met teksten als ‘You clenched your fist / And threw the dish / And called me Peter Pan / Your aim’s not very accurate / And I thank God for that’ – uit afsluiter “Comet Song”. Hilarisch én wrang, in de beste Bright Eyes-traditie.

Het lukt Oberst op deze plaat echter niet altijd zich zo slim uit te drukken en de man vervalt soms in irritant zelfmedelijden. Oberst was nooit een vrolijke frans, om het zacht uit te drukken, maar de band wist zijn geweeklaag in het verleden succesvol te omkaderen met vrolijke arrangementen. Bright Eyes probeert op deze plaat te evolueren en experimenteert met strijkers, synthpartijen en zelfs doedelzakken, maar het gevolg is dat die tegenstelling in de muziek is verdwenen.

Daarmee is ook een deel van de charme van de band weg. Hoewel de meeste nummers zich individueel staande weten te houden, is Down in the Weeds… als geheel een zware zit. Songs als “One and Done”, “Dance and Sing”, “Comet Song” en “Persona Non Grata” (het doedelzaknummer) zijn elk zeker oké, maar verdwijnen in de sleur van de plaat, die maar weinig variatie kent. We betrapten ons er dan ook enkele keren op de aandacht te verliezen bij al die ellende.

De meeste nummers zijn in hetzelfde tempo opgenomen, gaan over dezelfde miserie die Oberst in het leven ervaart, en lijden onder een gebrek aan echt originele ideeën. Geen liefdesliedjes, subtiele politieke statements of nummers over vliegtuigcrashes deze keer, alleen pure grijze eentonige malaise: ‘Life’s a solitary song / No one to clap or sing along / It sounds so sweet and then it’s gone / So suddenly’ (uit “Tilt-A-Whirl”). Je zou voor minder een scheiding aanvragen.

Dat betekent echter niet dat Down in the Weeds… een slechte plaat is. “Mariana Trench” is het popnummer van de plaat, “Just Once in the World” heeft een iets opbeurender refrein – nu ja – en in “To Death’s Heart (In Three Parts)” zit een zeldzame leuke gitaarpartij. ‘Agotante / Agotante / Agotante’, zingt Oberst op dat nummer; zonder enig zelfbewustzijn. Het is Spaans voor vermoeiend. Meteen het tekort van deze plaat. Bright Eyes bewijst hier nog altijd goede nummers te kunnen schrijven, maar hamert te veel op dezelfde nagel.

Facebook / Instagram / Twitter

21 augustus 2020

About Author

Max De Boeck Ik stel altijd alles uit.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief