Features, Interviews, Uitgelicht

Interview Tom Rosenthal: ‘Je toekomstige zelf is veel beter in het afmaken van dingen dan je huidige zelf’

Een heel woordenboek is nodig om de muziekstijl van Tom Rosenthal uit te leggen. Hij gaat van grappige, gemakkelijke en zeer meezingbare liedjes, zoals “Watermelon”, tot diepgaande liedjes met gesproken tekst, “You Might Find Yours”. Als je de rest van je leven naar één muzikant zou mogen luisteren, zou je waarschijnlijk genoeg hebben met de liedjes van Tom Rosenthal, hij heeft er veel van. Nog niet zo lang geleden hebben we met Tom gepraat, terwijl hij in Brussel zijn aanstaande optreden op 13 februari in de AB promootte.

Mijn eerste opmerking is – waar is je watermeloenenpak?

(lacht) Ja! Nou … ik heb het tot nu toe eigenlijk nog maar één keer gedragen. Het is vrij groot … je kunt er niet echt liedjes in spelen, dus ik moet het tijdens de encore dragen. Ik zou er ook geen vliegtuig in kunnen nemen – de beveiliging zou er niet zo blij mee zijn.

Met of zonder watermeloenenpak ben je van harte welkom in Brussel, Tom. In juni 2019 deed je een show in De Roma in Antwerpen die helemaal uitverkocht was. Wist je dat je zoveel Belgische fans had?

Nee! Het is altijd een verrassing. Ik heb net een paar uitverkochte shows gespeeld in Spanje, ik weet niet hoe!? Misschien moet ik dit tijdens mijn optredens aan het publiek vragen… maar dat lijkt een wat zelfingenomen vraag.

Je schrijft al jaren muziek, maar je eerste show was pas in maart van vorig jaar in Londen. Waarom besloot je om live te gaan spelen?

Ik denk dat het een combinatie was van verschillende zaken. De angst om dit te doen – ik was niet helemaal zeker dat ik het wilde doen -, het idee dat ik er misschien niet klaar voor was en het feit dat ik op vrij jonge leeftijd aan kinderen begonnen ben. Ik had kinderen op mijn zesentwintigste en ik wilde een aanwezige vader zijn. In plaats van shows besteedde ik meer tijd aan videos, want ik wilde geen al te verre figuur zijn.

Denk je dat je videos je optredens hebben geholpen? Je lijkt wel een forse fanbase te hebben, die tijdens je shows luidkeels met je meezingt.

Dat zou ik wel zeggen, ja. De muziekvideo’s helpen absoluut om mijn muziek wat meer bereik te geven, maar ik weet niet wat de relatie is tussen iemand die me ziet rondspringen in een muziekvideo, en daarna daadwerkelijk naar mijn liveshow wilt komen kijken. En ja, mijn fans zingen vaak goed mee tijdens de show, maar om eerlijk te zijn, heb ik ook veel gemakkelijke meezingliedjes. Ik heb één nummer, genaamd “Red”, waar mensen gewoon het woord ‘red’ moeten roepen. Toch blijft het wel indrukwekkend dat ze kunnen meezingen, want ik heb toch wel een aantal songs.

Je hebt veel nummers. Ze blijven maar komen.

Waarschijnlijk te veel.

Ze hebben nochtans allemaal een heel verschillende sfeer. Je gaat van “YOLO” (een grappig, uptempo, sarcastisch lied over het gebruik van ‘YOLO’) en “It’s OK” (een motiverend liefdesliedje) naar “The Boy” (een fantastisch magisch verhaal). Is dit hoe het in je hoofd is?

Hoe het in mijn hoofd is, is “It’s OK”. Ik heb een paar serieuzere nummers geschreven, maar die zijn eigenlijk niet mijn favorieten. Ik schreef “It’s OK” in zekere zin om contact te maken met verschillende mensen. Het is een gemakkelijke taal en de thema’s zijn vrij duidelijk. Ik hou er ook van om alle mogelijkheden te benutten. Een van mijn stukken heet “You Might Find Yours”, dat is een lied met gesproken tekst. Ik vind het leuk om alles eens te proberen… want ja, je weet nooit hoe iets zal zijn. Alles kan iemands verbeelding aanspreken.

Komt je inspiratie daar vandaan – dat je alles wil proberen, of raak je ook geïnspireerd door specifieke dingen? Je kinderen bijvoorbeeld?

Dat is zo’n moeilijke vraag omdat het geen eenvoudig antwoord heeft. Het kan vanalles zijn. Je zou nu een grappige zin kunnen zeggen, waardoor ik plotseling aan iets zou denken. Ik begin vaak met titels. Ik hou ervan een framework te hebben voordat ik een nummer schrijf. Ik wil graag beslissen waarover het lied zal gaan, zelfs voordat ik met de muziek begin te spelen. Beginnen met een titel werkt echt voor mij.

Op welke nummers ben je het meest trots?

Waarschijnlijk ben ik het gekst op een nummer met de titel “As Luck Would Have It”. Ik heb er geen enkel dat echt moeilijk te schrijven was, of waarvan ik blij was dat het afgelopen was. Als iets supermoeilijk gaat, denk ik dat dat een teken is dat het even niet zo moet zijn. Ik geloof er niet in om aan een idee voor het leven weg te hameren en te denken: ‘Dit zou moeten lukken’. Het beste is om even weg te gaan, wat volgens mij voor de meeste situaties in het leven geldt. Je komt erop terug als en wanneer de tijd rijp is. “Hugging You” is daar een mooi voorbeeld van. Ik had ongeveer de helft al geschreven, en moest het dan wat laten liggen. Ongeveer drie of vier jaar geleden kwam ik er weer toevallig op doordat ik naar oude stemopnames aan het luisteren was en ik dacht: ‘Oh wauw, dat was cool. Waarom heb ik daar niet eerder aan gedacht?’. Je toekomstige zelf is vaak veel beter in het afmaken van dingen dan je huidige zelf.

“Swarm Swamp Swim” met Cosmo Sheldrake kwam enkele maanden geleden uit. Met wie zou je nog willen samenwerken?

Het was geweldig om met Cosmo Sheldrake te kunnen werken. Hij maakt geweldige geluiden. Ik zou eigenlijk ook heel graag een liedje willen schrijven met Keaton Henson, maar dat komt omdat het waarschijnlijk ook kan gebeuren. We zijn vrienden. Keaton kennende zal hij het waarschijnlijk onder een pseudoniem willen doen. Hij heeft een zeer karakteristieke stijl. Ik moet proberen om hem gelukkig te doen klinken.

Voor iedereen die je muziek niet kent, welke nummers raad je hen zeker aan? ‘Het beste van Tom Rosenthal … tot nu toe’? 

Als we ergens moeten beginnen zou ik “P.A.S.T.A” zeggen. Je weet heel snel dat het een goed geschreven muziekstuk is, maar het gaat over iets heel doms – dus daar heb je twee vliegen in één klap. Daarna, crikey, zou ik geen van de grotere aanbevelen. Ik denk dat “P.A.S.T.A” goed werkt. Misschien een levendiger muziekstuk zodat ze weten dat ik uptempo dingen kan doen, hoewel “P.A.S.T.A” dat ook wel is. Ja. Luister naar “P.A.S.T. A”. Ik speel dat ook tijdens de liveshow.

Voor mensen die nog op zoek zijn naar een perfect cadeau voor Valentijnsdag, er zijn nog tickets voor het concert van Tom Rosenthal in de Ancienne Belgique op 13 februari. Tickets zijn hier beschikbaar.

3 februari 2020

About Author

Suzanna Walton


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief