Interview IF HI en ET!KET Records: “Labels? In 2019? Tuurlijk zijn die nog even relevant als vroeger”
Features, Interviews, Uitgelicht

Interview IF HI en ET!KET Records: “Labels? In 2019? Tuurlijk zijn die nog even relevant als vroeger”

Twee decennia geleden waren platenfirma’s onontkoombaar, in 2019 zijn ze voor de meeste mensen een onbeduidend detail. Toch zagen vorig jaar twee onafhankelijke Belgische platenlabels het levenslicht: IF HI en ET!KET. En ze zien het groots. “Als mensen zeggen dat ze sowieso naar onze artiesten luisteren omdat ze in ons geloven, dan zijn we in onze missie geslaagd.”

Neen, platenfirma’s zijn nog lang niet dood. Al kan het zo wel lijken door de steeds groeiende streamingplatformen die de fysieke markt een hak zet. Om alles in perspectief te plaatsen: volgens de International Federation of the Phonographic Industry (IFPI), een organisatie die de globale muziekindustrie vertegenwoordigt, is streaming alomtegenwoordig. In een jaarlijks verslag van de organisatie blijkt dat 86% van muziekconsumenten in 2018 muziek on demand streamt, terwijl cd’s op weg zijn om, net als vinyl, een nichebusiness te worden.

Welke rol spelen labels nog in een tijd waar artiesten rechtstreeks in contact staan met een breed, divers publiek die landen en genres overschrijden wanneer ze naar muziek luisteren? Voor de intrede van digitale muziek was de rol van een platenfirma nog kristalhelder: ze waren de geknipte partners om artiesten financieel te ondersteunen en munt te kunnen slaan uit hun creatieve producten. Het was onmogelijk om muziek uit te brengen zonder dat die op een cd of vinylplaat stond. Vandaag is een artiest haast een paar muisklikken verwijderd om op slag miljoenen mensen te bereiken. Om voorbeelden te vinden hoef je niet eens de landgrens over te steken: kijk maar naar Angèle, Tsar B, WWWater, Milow, of Roméo Elvis.

Misschien is Angèle het beste voorbeeld uit onze contreien om aan te tonen dat het traditionele businessmodel van een label vandaag compleet verouderd is. Angèle, in 2016 niet veel meer dan een schattig Instagramgezichtje met een pittige stem en een puik gevoel voor humor, was nog voor ze zeven nominaties van de MIA’s in de wacht sleepte een succes op sociale media. Een bescheiden succes met een tienduizendtal volgers, nota bene, maar toch. Met een geniale marketingstrategie, een zelf samengestelde entourage van managers, creatievelingen, strategen en/of uitgevers wist ze met slechts twee nummers podia uit binnen- en buitenland uit te verkopen. De Morgen verwoordde het bondig: ‘Een platenfirma kan een onderdeel van zo’n team zijn, maar ze werken steeds meer in opdracht van de artiest, niet langer omgekeerd.’

Labels moeten zich anno 2019 herdefiniëren, met nieuwe technologieën leren om te gaan.

Kortom: de fysieke verkoop keldert, download- en streamingplatformen nemen steeds meer de bovenhand, en de macht ligt nu definitief in het kamp van de artiesten. Betekent dit dan het einde van platenlabels zoals we het vandaag (nog) kennen? “Tuurlijk niet,” lacht Julien Tanghe, mede-oprichter van het Brusselse onafhankelijke label ET!KET, wanneer we hem en zijn collega’s Staf Nys en Wout Vermijs ontmoeten in Brussel. “Vandaag heb je geen grenzen meer door het internet. Er bestaan wel globale subculturen van muziek, maar de stroom van muziek op internet betekent vooral een extra moeilijkheid om te filteren. Om het kaf van het koren te scheiden.” “Labels zijn daarom geen gedateerde organisaties,” vult Nys aan. “Ze moeten net als andere spelers in de sector zichzelf herdefiniëren en met nieuwe technologieën leren omgaan.”

Ook het duo Gill Princen (beter bekend achter de synths bij Portland) en Arthur Coppens (een grafisch illustrator) van het kersverse IF HI beaamt die laatste uitspraak. “Iedereen krijgt kop noch staart aan de streaming wereld,” vertelt Princen. “Slechts enkelen hebben de sleutel tot de magische toegangspoorten van de massive playlists. Voor de massa blijft dat vaak een verzegelde piste. Waar ik tegenop kijk is het moment wanneer Spotify zijn eerste eigen artiesten gaat tekenen en de markt volledig op zijn kop zet.”

Synergie

Maar daar zijn we nog niet. Al haalt Princen wel een goed punt aan. Hoe de heren van IF HI (van meet af aan een internationaal label gezeteld in Gent en Londen) en ET!KET met moderne streamingdiensten willen omgaan, is licht verschillend. Princen: “Naast streaming in Vlaanderen blijft airplay op de radio onmisbaar om naamsbekendheid te verwerven. Veel steengoede Belgische bands bereiken een (semi-)professioneel niveau vanwaar ze niet hogerop geraken of op verder kunnen bouwen zonder airplay. Radio is dus een medium waarop we zeker gaan inzetten.”

Tegenwoordig kunnen ook aspirant-musici met een aantal muisclicks hun eigen muziek op Spotify uploaden. “Hoe wij precies het verschil dan kunnen maken als label voor een nieuwe generatie muzikanten?” vraagt Coppens zich af. “Wel, eigenlijk spookte die vraag heel lang door onze hoofden. Uiteindelijk was het antwoord simpel: we gebruiken onze eigen skills en creatief netwerk om artiesten naar een hoger niveau te tillen. Gill met zijn productievaardigheden, ik met mijn kennis als grafisch designer.”

ET!KET wil het iets anders aanpakken. Het Brusselse indielabel schoot op 30 november officieel uit de startblokken tijdens een concertenavond in Madame Moustache, waar de vijf bands van het label voorgesteld werden. “Wij willen alles meer organisch laten verlopen,” vertelt Nys, zelf een voltijds redacteur bij een literaire uitgeverij. “Er zijn op zich nog geïnteresseerde bands van buitenaf, maar het zou kunnen dat we die niet bij ET!KET nemen en er toch iets mee willen doen. Bijvoorbeeld een concertenavond organiseren waar we bands uitnodigen. We willen vooral nieuwe methodes en promotiemiddelen verkennen om onze artiesten naar een breder publiek te brengen.”

“Momenteel verzorgen we vijf bands die we als de kern van ons label beschouwen, en daar willen we eerst verder mee experimenteren. We zijn bovendien niet alleen een label, we zijn ook ons eigen booking- en managementbureau,” vertelt Tanghe, en daar komt best wel wat werk bij kijken. “Als er ooit een band bijkomt voor bookings en management, dan is dat voor ons al een heel grote stap. Zonder al te veel ervaring te hebben in dat gedeelte van de muzieksector, willen we eerst proberen om onze huidige bands te onderhouden: concerten los te wrikken, ep’s en albums uit te brengen, ideeën uit te wisselen. De essentie van het label is dat we bestaan als onafhankelijk platform dat te allen tijde – zeg je dat zo? – willen behouden. Wij gaan bijvoorbeeld nooit tegen een artiest zeggen om zijn muziekstijl aan te passen om op een bekende afspeellijst van Spotify te geraken, of om tegen een bepaalde datum zéker een nieuw nummer klaar te hebben. Wij denken meer vanuit de visie: ‘wij vinden jullie shit leuk en wij willen jullie werk uitgeven.’”

Vermijs, een student architectuur en het visuele brein achter ET!KET, benadrukt vooral de vrijheid waarvan bands kunnen genieten bij het label. “Ik heb het sowieso al vrij druk, en een label runnen maakt het er niet minder druk op. Maar ik zie het label vooral als een platform waar artiesten ideeën kunnen uitwisselen en nieuwe dingen met elkaar kunnen delen. Ik ben bijvoorbeeld vooral bezig met het design van ons label. Dat slokt enorm veel tijd op, maar het is niet dat ik ‘enkel bezig kan zijn met studeren’, daar zijn we momenteel nog iets te klein voor.”

We hebben lang ons hoofd gebroken over hoe we met IF HI wilden starten. De oplossing was simpel: onze skills combineren om artiesten naar een hoger niveau te tillen

Basketbal

Vermijs, Nys en Tanghe zijn niet alleen eigenaars van hun onafhankelijke label, ze zijn ook muzikanten in de bands van hun label. Dat heeft vooral te maken met de manier waarop ET!KET ooit begonnen is, vertellen Tanghe en Vermijs. “Julien en ik hebben elkaar leren kennen door in een club basketbal te spelen, en via via zijn we te weten gekomen dat we allebei met muziek bezig waren,” lacht Vermijs. “En zo zijn we dan beter met elkaar bevriend geraakt en is alles eigenlijk begonnen.” Nys ontmoette Tanghe drie jaar geleden tijdens eens les van Culturele Studies. “Ik herinner me nog dat we naast elkaar zaten en we meteen over muziek aan het praten waren,” grijnst Nys, terwijl Tanghe grinnikend zijn bril op zijn neus duwt. “Ik was toen zelf ook bezig met mijn eigen soloproject Gustav Leo en hij ook met Tangerine. Het klikte gewoon tussen ons. Iets later gaf Julien mij ook een vinyl mee van Denali Wrench, een zijproject van hem, en ik meen me te herinneren dat ik Denali zeer graag op een podium wou brengen.”

Tanghe: “Tijdens die eerste les moesten Staf en ik elkaar voorstellen, we moesten dan zeggen waarom we de richting volgden. Ik denk dat Staf en ik allebei iets hebben gezegd in de trant van: ‘Ik wil later graag in de muzieksector werken en misschien een label opstarten.’ Dat idee speelde dus toen al in mijn achterhoofd. Staf en ik bleven contact houden tijdens onze studies omdat we elkaars muziek apprecieerden. Daarna heb ik ooit eens op Bandcamp een pagina aangemaakt onder de naam ‘ET!KET Records’, omdat ik muziek met Denali Wrench en JAKOMO maakte en dat ergens onder wilde brengen. Maar ik had geen zin om twee individuele pagina’s aan te maken, dus bracht ik ze onder in een, euh, nou ja ‘fake label’ met twee artiesten.”

Ook bij IF HI ontstond het plan om een label op poten te zetten uit een langzaam gefermenteerde vriendschap. “Met een label beginnen, daar zaten we al langer mee in ons hoofd,” vertelt Coppens. “We zitten allebei al een tijdje in de industrie; Gill als muzikant en ik als grafisch vormgever. Afgelopen zomer, met mijn verhuis naar Londen in het vooruitzicht, wisten we dat we iets nodig hadden om ons in contact te houden. Iets dat ons dagelijks aan de praat kon houden ook als we beiden aan het werk waren. Iets dat onze vriendschap niet alleen zou rechthouden maar ook kon versterken. Zo is IF HI geboren.”

Opvallend: de eigenaars van IF HI en ET!KET stonden voor de geboorte van hun zielskinderen al met beide voeten in de muzieksector. Princen, Nys, Tanghe en Vermijs waren al muzikanten voor ze hun labels oprichtten. “Mijn eigen label hebben, was altijd al een droom,” peinst Princen. “Onbekend talent samenbrengen met de juiste factoren om het plaatje compleet te maken geeft me een soort voldoening. Daarnaast kan je als muzikant nooit genoeg weten over de businesskant van het wereldje. Die kennis zorgt voor beter inzicht in de businesskant, je leert hoe je de ontplooiing van je eigen project het best uitstippelt, maar je waarschuwt tegelijk ook voor de gevaren of verboden zones van het muzikantschap. Dankzij mijn band Portland heb ik het geluk omgeven te zijn door professionele spelers uit de muzieksector waar ik enorm veel uit leer. De ervaring als muzikant helpt me in die zin dat ik een objectief oordeel kan vellen over de kwaliteit van de muziek die we doorgestuurd krijgen. Ik kan uiteraard niet het resultaat van een release voorspellen, maar ik hoor wel snel wat een band of producer in huis heeft.”

Keurmerk

De grootste motivatie om niet alleen als muzikant of creatieveling bezig te zijn, komt vooral vanuit het verlangen om keurmerken te worden. Niemand heeft bovendien tijd om elke dag tienduizenden nieuwe nummers van artiesten te beluisteren, en precies daarom kunnen labels vandaag broodnodige poortwachters zijn. Tanghe: “om een voorbeeld te geven: De Brusselse indielabels Sentimental Records en Le Pacifique zijn labels die wij volgen, en als zij een nummer uitbrengen van een artiest waar we niets van kennen, gaan we die sowieso beluisteren omdat zij een goede muzieksmaak hebben. Alles wat ze uitbrengen vinden we meestal leuk. We gaan nooit kijken welke genre iets is, omdat we weten dat we al heel veel goede dingen hebben ontdekt via dat label.”

Ook uit kleinschalige agentschappen als Kontzert. halen de mannen van ET!KET heel wat inspiratie om de muziekindustrie een tweede leven te geven. Tanghe: “Ze organiseerden bijvoorbeeld vorig jaar eens een concert waarvan de line-up niet bekend was. Dus kochten we daar – ook al wisten we dat we er toen niet naartoe konden gaan (Nys en Tanghe speelden toen als Denali Wrench op Theater Aan Zee, GvM) – spontaan tickets voor omdat we echt geloven in zo’n organisaties.” Diezelfde werkwijze willen we ook bij ET!KET toepassen en we hopen dat mensen ook in ons project gaan geloven, vult Nys nog aan.

Princen beaamt de werkwijze van het Brusselse onafhankelijke label. “Als je winst wil maken moet je niet in de label business stappen. We doen dit uit één gigantische brok ambitie. De insteek van ET!KET is zeer mooi en zal volgens ons ook een langdurig en trouw resultaat boeken. Inzetten op community is dan ook zeker onze goal. Dat is één van de redenen waarom we zeer streng moeten zijn in onze selectie van artiesten. Onze identiteit als label moet zeer duidelijk gereflecteerd worden in de muziek die we uitbrengen. Enkel zo leg je de basis van die community.”

Ook bij IF HI ligt de focus op talent ondersteunen, vertelt Coppens. “Met onze persoonlijke vaardigheden en eigen creatief netwerk willen we onze artiesten koppelen aan de juiste videomakers, fotografen, vormgevers, etc. Samen met de artiest bouwen we hun plaatje verder uit om dan een waardige release te plannen. ” “We willen gewoon paraat staan voor onze artiesten,” vertelt Princen er nog bij. “We springen enkel bij waar de artiest dat nodig vindt. Zo denken we bijvoorbeeld een visueel concept uit voor de sociale media van een artiest en zorgen wij ervoor dat die content in-house gemaakt en bewerkt wordt. Zijn er twijfels over artwork of een videoclip dan moet dit niet via ons doorgestuurd worden naar een externe speler maar kan Arthur dit zelf afhandelen. Alles wat de artiest ons in handen wilt geven, nemen wij persoonlijk onder onze vleugels. Of dat nu op muzikaal of visueel vlak is – maakt niet uit.”

Fanbase

“Op zich zijn wij mensen die gewoon graag ‘graven’ in het gigantische muziekaanbod van vandaag,” vertelt Tanghe. Ze hebben er zelfs een term voor: diggers. “Wij graven vaak heel diep naar nieuwe muziek. Staf kent bijvoorbeeld extreem veel Belgische muziek en dingen die volledig onbekend zijn. Die bands blijven vaak onbekend en onbemind omdat ze nauwelijks kansen krijgen.” En daar wil hun label iets aan doen: “Er bestaat een soort open markt in de muzieksector waar die bands eindelijk wel ondersteund kunnen worden. Als mensen binnen vijf jaar tegen ons zeggen dat ze sowieso naar onze artiesten luisteren omdat ze in ons geloven, pas dan zijn we in onze missie geslaagd. Trouwens: hoe mooi zou het niet zijn als we ooit een inter-labelfestival zouden kunnen organiseren in België en muziekliefhebbers kunnen samenkomen?”

Ook IF HI droomt groots. Princen: “Ik wil met IF HI behoren tot één van de gevestigde waarden binnen de (Vlaamse) indielabels. Naast het ontwikkelen en uitbreiden van een trouwe fanbase, hoop ik dat we met ons label binnen vijf jaar de financiële middelen en mankracht hebben vergaard om onze artiesten al de nodige faciliteiten te kunnen bieden.”

Zijn collega Coppens vat het mooi samen: “Momenteel kijken we, denk ik, eerder vooruit naar waar we staan binnen vijf maanden of zelfs vijf weken, aangezien het label echt nog in zijn kinderschoenen staat. Ik hoop vooral de komende jaren nog veel mooie projecten te kunnen maken die mensen even doen stilstaan, of het nu gaat over een muziekstuk of een videoclip. Want geef nu toe: bestaat er iets mooiers dan iemands aandacht volledig te kunnen grijpen door iets waar je uren aan gewerkt en gesleuteld hebt?”

18 februari 2019

About Author

Glen Van Muylem Muzikale beer met een voorliefde voor rock, indie, hiphop en elektronica.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Newsletter