Live, Recensies

Rock Herk: Festivaldag 2

Met kleine oogjes en een blik bier in de hand begaven de aanbidders van de gitaar zich gisterenmiddag richting de festivalweide van Rock Herk. Dag één had duidelijk zijn tol geëist maar gelukkig bracht het festival verfrissing.

Rustig op gang komen kennen ze blijkbaar niet in Herk-De-Stad. Op de main stage greep SONS ons bij de schouders om ons vervolgens compleet door elkaar te schudden. Net als op Rock Werchter enkele weken terug, bevestigde de De Nieuwe Lichting winnaar gisterenmiddag hun enorme talent. Spijtig genoeg reikte het geluid niet altijd even kwalitatief tot op de laatste rijen van de tent. Echter bij Black Keys’ cover “Lonely Boy” kregen de jongeheren zelfs het publiek dat buiten de tent stond wakke. Doorbraakhit “Ricochet” ramde stevig in op onze borstkas en met single “Tube Spit” werden we een laatste keer in ons gezicht gespuwd. Of rock and roll dood is? Helemaal niet. Of SONS volgend jaar festivals headlinet? Graag.

Na de stevige opener van de dag konden we even bekomen bij Six Hands. De Limburgers speelden op de street-stage en wij zetten een sprintje in van de main stage naar de straat om een glimp van deze band op te vangen. Eenmaal aangekomen was het drietal net begonnen met hun debuutalbum JXTA voor te stellen. Op het eerste zicht zagen ze eruit als casual festivalgangers maar wanneer ze hun instrumenten lieten spreken, creëerden ze volle mathrock vol interessante tempowisselingen en verrassende baslijnen. De jongens houden het geheel boeiend met ambient en spoken word breaks waarbij we even aan het lo-fi genre moeten denken. Six Hands bewees hoeveel je wel niet kan met slechts zes handen.

Hoewel Rock Herk steevast vasthoud aan zijn concept en zoveel mogelijk alternatieve gitaarrock op ons los liet, is een beetje afwisseling altijd welkom. Die verfrissende afwisseling vonden we gisteren bij Blackwave.. Openen deed het duo zoals gewoonlijk met monsterhit “Big Dreams”. Als R&B artiest een publiek vol leren vesten en combat boots overtuigen is geen sinecure. Echter sloeg Blackwave. hier vrijwel meteen in. Waar er eerst wat spottende hip-hop imitaties in het publiek te zien waren, volgde al snel bewondering. Ook de live jazz band bewees zijn meerwaarde tijdens een wel vijf minuten durende instrumentale jamsessie. Blackwave. sloot af met hun recentste single “Whasgood?!” en om de retorische vraag te beantwoorden: Blackwave., that’s good.

R&B was niet het enige genre waar we doorgeloodst werden. Veertig minuten na Blackwave. mochten we een hele hoop aan genres verwelkomen op het podium. STUFF. valt het beste te beschrijven als elektronische jazz maar is vooral een indrukwekkende live-ervaring. Het ensemble speelt een dikke veertig minuten met slechts enkele kleine onderbrekingen om het publiek te bedanken. Met een combinatie van strakke discipline en puur speelplezier wist de band rond Lander Gyselinck iedereen omver te blazen. En die Lander zelf, daar keken we met grote bewondering naar. Elke onmogelijke ogende tempowisseling of drumlijn waar een normaal mens acht handen voor nodig zou hebben, was voor deze band geen enkel probleem. Naast ons hoorden we iemand, bij de zoveelste epische break, zeggen dat net alle meisjes op de eerste rij zwanger waren geraakt. Wij hielden het zedig op een betoverende natural high.

Na bekomen te zijn van het euforisch gevoel waar STUFF. ons mee opzadelde, pikten we nog het laatste deel van Wiegedood’s set mee. Deze performance was als een kettingzaag die slashermoviegewijs door het publiek werd gejaagd. Wiegedood bracht dit jaar ep nummer drie uit, getiteld De Doden Hebben Het Goed III. En als we de tent uit zijn dak zien gaan kunnen we inderdaad bevestigen dat ze het goed hebben. Enige minpuntje was alweer de povere geluidsmix. Hoe goed de band ook klonk vanop de eerste rij, vanachter hoorden we een mengelmoes van geluiden en buiten de tent bleven enkel de bassen over. Rock Herk had deze editie al een paar keer te kampen met slecht geluid maar vooral bij bands als Wiegedood en Raketkanon overheerste dit probleem net iets teveel de beleving.

In de achtergrond zagen we Kevin Morby in overall de main stage beklimmen maar wij besloten om eens een kijkje te nemen op het vierde podium. Dansbaar verzorgde twee dagen lang de gehele namiddag de betere house en dance. Palmbomen II leek ons de beste artiest om ons onder te dompelen in deze andere kant van Rock Herk. Palmbomen a.k.a. Nederlander Kai Hugo bracht lo-fi house. Zoals zijn artiestennaam doet vermoeden, bracht hij ons al snel in zuiderse sferen met ambient invloeden. De letterlijke palmbomen die hem vergezelden op het podium werden al snel door het publiek de lucht ingehouden. We dansten op een Perzisch tapijt onder de vele discobollen en even waanden we ons op Ibiza.

Gelukkig was er al snel Equal Idiots in de aanpalende tent om ons eraan te herinneren dat we op een rockfestival waren. Het Kempens duo mag dan slechts twee jaar geleden hun doorbraak gehad hebben, veel hebben ze niet meer te bewijzen qua live-beleving. Ook gisterenavond wisten ze vlak na zonsondergang hun status te bevestigen. Thibault Christiaensen en Pieter Bruurs rammen met een bedeesde je m’en fou op gitaar en drum. Foutloos spelen doen ze zelden, maar wie deert het? Deze heren brengen rechttoe rechtaan garagerock en veroveren daarmee elk hart in de tent. Thibault ging aan het crowdsurfen en zorgde daarmee eigenhandig dat ook het publiek achteraan aan het springen ging. Equal Idiots was de perfecte representatie van het Rock Herk publiek: zichzelf niet te serieus nemen, veel bier drinken, stevig rocken en vooral geen enkele fuck geven. Met een uitgebreide versie van “Put My Head In The Ground” lieten ze Rock Herk al headbangend achter. Om het met de woorden van Christiansen te zeggen: “Alles kapot eh!”.

Headliners van de avond waren het laatste overblijvende lid van The Ramones of een, intussen legendarisch, Belgisch producersduo. Wij kozen voor Arsenal op de main stage en betreurden die keuze geen seconde. Na een overload aan fuzzpedalen en geschreeuw was het even wennen aan de dansbare wereldmuziek en ook het publiek kwam als een diesel op gang. Arsenal leidde ons als een sneltrein door het nieuw album In The Rush Of Shaking Shoulders. Hoe verder de set vorderde, hoe meer beweging er in zowel het publiek als de band kwam. Naar het einde toe week de bedeesdheid plaats voor een uitbundig feest. Hendrik Willemyns fluisterde het publiek “I wanna make love to you in the sweet night” toe en het publiek deed gewillig mee. “Melvin” was een feest van meer als tien minuten waar ook nog eens “Love Of The Common People” in verwerkt werd. Arsenal bracht niet enkel wereldmuziek, ze fungeerden ook als een wereldband. Rock Herk veranderde in een soort utopie en voor ons mocht de acht-koppige band nog even doorgaan.

De tweede festivaldag van Rock Herk was er eentje om in te kaderen. Artiesten die één voor één thuis gaven en het beste van zichzelf toonden. De enigen die niet altijd thuis gaven waren de geluidstechnici. We vroegen ons luidop af of het door de hoge tenten, het gebrek aan speakers of een lack of skill kwam. Achja, op quasi geen enkel moment kon dit kleine minpunt de sfeer verpestten. Rock Herk was een festival zoals een festival hoort te zijn. Eentje met een gevarieerde line-up, een gezellige setting en een overvloed aan moshpits. Dat alles zonder één moment af te wijken van hun algemeen concept. Shameboy, gevolgd door Murdock verzorgde nog een stevige afterparty en wij verlieten tevreden de wei met pompende drum and bass in de achtergrond en mooie herinneringen aan de stevige gitaren en het uitgelaten Limburgs publiek.

22 juli 2018

About Author

Simon Van Herzele


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief